
Vandaag was aan mij. Sinds ik de F1 begon te volgen, eind jaren ’70, met vele hoogtepunten en en absoluut dieptepunt op 1 mei 1994, mocht ik vandaag getuige zijn van een historische overwinning. Nog nooit eerder won een Nederlander een Grand Prix, tot vandaag, toen Max Verstappen de GP van Spanje op zijn naam schreef. Ongekend. Dit was pas zijn derde dag in de auto van zijn nieuwe team. Ik zie lang niet meer elke race, maar deze zag ik van begin tot eind. Twee Mercedessen reden elkaar van de baan, en toen was de weg vrij voor kersverse Red Bull coureur Max, die ik vaak per ongeluk Jos noem. Omdat Jos, zijn vader, tot vandaag de succesvolste Nederlandse autocoureur was. Maar nu niet meer. Nu is het Max. En alles wijst erop dat hij zijn vader ver gaat overtreffen.
Twee maanden geleden stond hij nog op hetzelfde circuit met Nederlands grootste sportheld tot nu toe, Johan Cruijff. Was het een aflossing van de wacht? De legendarische nummer 14 is niet meer. Max is pas 18. Hij debuteerde als jongste F1 rijder ooit en is nu ook de jongste F1 winnaar ooit. Deze bescheiden jongeman is nu al groots.


