Kluizenaar

Er was iets met een banaan die aan de muur was bevestigd met ducttape. Dat was best grappig. Je moet er maar opkomen. Maar om het kunst te noemen, dat gaat mij wat ver, maar ik ga daar niet over. In elk geval, iemand had 130.000 euro neergeteld voor deze flauwekul. Ik ben heel benieuwd naar die iemand. Volgens mij ben je dan labiel en niet meer in staat om eigen keuzes te maken. Gelukkig was er ook iemand die de banaan had opgegeten. Weg 130.000 euro. Hij noemde deze opeet actie ook een kunstwerk, dat vind ik dan weer terecht. Ik vind dat kunstwerk zeker 140.000 euro waard, en als ik het had zou ik het zeker kopen, die opgegeten banaan.

Gelukkig zijn er ook nog normale mensen, al zien we ze steeds minder. Ikzelf bijvoorbeeld laat mij steeds minder zien. Gisteren was ik uitgenodigd voor een housewarming party, maar ik weet niet wat zo iemand denkt, dat ik op zaterdagavond na een dag zwoegen nog zin heb om me tussen anderen te begeven en sociaal wenselijk gedrag ga vertonen? Ik was kapot! Ik was blij dat ik samen met zoon en ook dochter de wedstrijd van PSV kon kijken. Dat is wat me blij maakt, die high fives die we elkaar na een doelpunt geven. Linda was wel naar de housewarming, het arme kind.

Ze is wel bang dat ik langzaam een kluizenaar word, en helemaal ongegrond is die angst niet. Ik hou niet van gezelligheid, tenzij ik het zelf gezellig vind. Ik heb een beetje geklust gisteren en vandaag, en ook dat vind ik wel leuk. Ik ben er niet heel goed in, maar ik kan een uurtje liggend voor een keukenkastje doorbrengen om uit te vinden waar en waarom de draaideur vastloopt. Ik ben meer denker dan doener. Ik wil eerst de situatie overzien en mij langzaam naar de oplossing toe werken. Als ik mijn zoon overhoor dan druk ik hem op het hart dat hij moet nadenken in plaats van klakkeloos leren. Als ze de vraag net anders stellen dan het in het boek staat, gaat het al mis. Alsof ik mijn vader hoor praten. Die kon er ook wanhopig van worden. Hij was ook een huismus trouwens. Zijn gezin, vakantie in Frankrijk, auto, werk, het bos, dat waren wel de belangrijkste dingen in zijn leven. Goh.

Opschepper

Net als velen ken ik ook het verschijnsel midlife crisis. Alleen bij mij openbaart het zich niet door middel van een motor of een snelle auto, maar door het zuinig zijn op mijn lichaam. Ik ben vijftig, en ook ik heb dat niet schadevrij doorstaan, maar ik sport nog en ik loop einden met de hond. En dus trap ik wel eens in een valkuil. Dat gebeurde een jaar of vijf geleden toen ik in een opschepperige bui beweerde dat ik de 100 meter nog wel in vijftien seconden kon lopen. Op de Havo liep ik de afstand immers in 12,9 seconden, maar daar is geen bewijs van, en misschien is mijn herinnering fout. Maar ik werd niet geloofd. En dus ging ik destijds een beetje trainen als ik de hond uitliet. Ik ging als de gesmeerde bliksem vond ik zelf, alleen binnen de kortste keren had ik hielspoor en was ik een maand of negen bezig om daarvan te herstellen.

Inmiddels sport ik weer, en deze week was er weer een dergelijke discussie en benoemde ik weer mijn Havo tijd. Dan zie je ze al kijken, die lult uit zijn nek. En dus zei ik ook dat ik het nog wel in 15 seconden zou kunnen. Dat zette helemaal kwaad bloed merkte ik, want opscheppen, daar houden mensen eenmaal niet van. Er werd al een stuk afgemeten van 100 meter, en mijn opschepperij werd achter mijn rug doorverteld aan andere collega’s. Men kan het eenmaal niet goed hebben als iemand van vijftig nog dergelijke dingen beweert, zelf zijn ze inmiddels behoorlijk uitgezakt. Maar goed, ik ga natuurlijk niet op een industrieterrein lopen en mezelf voor lul zetten, dat leek me wel rechtvaardig.

Maar ik voelde me toch niet op mijn gemak, dus vanochtend in het bos heb ik even een poging gewaagd. Met gewone kleren, jas, leesbril op, telefoon in mijn linkerhand en in de rechter de lange looplijn haalde ik twee keer 23/u en een keer 24/u, door Waze gemeten. Ik acht mijzelf dus niet kansloos met een hardloopoutfit en een weekje trainen. Maar ik riskeer blessures door mijn grote mond. En stel dat ik het nu wel bewijs, dan zet ik alleen maar meer kwaad bloed bij dat stelletje uitgezakten. Maar beter voortaan alleen claimen wat is gemeten.

Moe in het najaar

Ik was er even helemaal klaar mee. Alles wordt te donker en te zwaar, behalve mijn werk, kennelijk kan ik daar mijn zinnen verzetten. Ik doe tegenwoordig ook nog wat aan vrijwilligerswerk voor de voetbalclub, maar dat is eigenbelang, want ik houd boek. Boekhouden is een vorm van therapie. Het is als schilderen of beeldhouwen, alleen wordt het niet als kunst erkend. Ik kan er uren zoet mee zijn, met het scheppen van orde in de chaos. Momenteel heb ik geen beroep. Ja, ik ben in loondienst en ik werk veertig uur, maar de job title klinkt zo belachelijk dat ik hem liever niet uitspreek. Ik werk voor een Amerikaans IT bedrijf zeg ik dan meestal, al denken mensen dan dat je IT’er bent. Wat IT’ers precies doen weet ik ook niet, maar voorwaarde om het te zijn is dat je op bepaalde gebieden kunt toveren met computers. Ik niet dus. Mijn werk houdt het midden tussen verkoop en administratie, maar ik duik het liefst diep in de systemen en de historie om de gegevens op te diepen die de klant wil zien. Ondertussen is aan mijn job title het woord “lead” toegevoegd, wat zoveel wil zeggen als dat anderen mij vragen stellen en ik die beantwoord. Want leiden doe ik niet. Ik moet er niet aan denken. Mijn manager, een Duitse, moet maar constant vechten tegen Amerikanen, zorgen dat de budgetten gehaald worden, en af en toe moet ze onzin verkopen. Zoals gisteren, toen er iets gebeurde dat ik een week geleden voorspelde, en waarvan zij toen zei dat we het niet zouden laten gebeuren. Ze liet het toch gebeuren onder druk van het budget. Ik zei er maar niks van, het lijkt me al lastig genoeg om zo’n abstracte baan te hebben.

Het is inmiddels zaterdag, de koper heeft zich nog niet bedacht binnen de wettelijke bedenktermijn, en ze pakt het adequaat aan, gezien het feit dat ze gisteren een taxateur op ons afstuurde. Ons huis is wel pas getaxeerd, maar het ene taxatierapport is het andere kennelijk niet, dus nu moet het weer opnieuw. Maar het ziet er allemaal goed uit. Vanavond gaan we ondanks de financiële misère weer een keer uit eten met z’n vieren. Vanochtend heb ik bijna tien kilometer gelopen met de hond, gewoon omdat hond en vooral ik ervan opknappen. Oktober en november, het zijn vaak geen makkelijke maanden, al weiger ik te geloven dat ik najaarsmoeheid heb. Ik ben dan wel moe en het is najaar, maar hallo zeg, wat een stress met die twee huizen.

Muurverf

Ondertussen zitten wij maar te wachten tot ons huis een keer verkocht wordt. Dat huis waarvan de makelaar en de bank zeiden: dat ben je zo kwijt. Nou, mooi niet. We zitten in de dubbele lasten, en doen al maanden niks meer dan droog brood eten. We gaan niet uit eten, we kopen niks meer, we staan in de overlevingsmodus.

Vandaag heb ik de wc en de badkamer onder handen genomen. Ik had al eens de gaatjes in de muren gedicht, maar de verf die ik gebruikte bleek niet helemaal wit te zijn. Er zaten dus wat gelige plekken op de muren. Bij de bouwmarkt ging ik op zoek naar het goedkoopste potje muurverf. Meer dan twintig euro! Ik zag een andere muurverf staan, die was 13 euro, maar er stond geen kleur op vermeld. Navraag leerde me dat dat muurverf om te mengen was, daar moest dus nog kleur doorheen. Nu was hij wit. Precies wat ik nodig had.

Voor 13 euro heb ik de muren in de wc weer wit gemaakt, ik heb de stortbak ermee geverfd, de leidingen en ook nog het plafond van kunststof. Ook in de badkamer heb ik de muurverf gebruikt voor het plafond van kunststof. Een geel geworden plastic rooster heb ik ook meegepakt. Rollers en kwasten had ik allemaal nog van de vorige keer. (17 jaar terug) Schuren, grondverven, voorstrijken, aflakken met speciale verf, allemaal onzin, gewoon muurverf. Het hoeft maar te zitten tot een volgende kijker zich meldt en denkt: dat ziet er nog lekker fris uit!

Voor 13 euro en een zaterdag heb ik de badkamer een de wc een upgrade gegeven. Ik heb wel eens 13 euro slechter besteed.

Vorderingen

Ik begin nu het principe van elektriciteit door te krijgen. Fase, nul, aarde, schakel. Nooit geweten, maar best eenvoudig. Behalve dan de aarde. Wat de aardedraad doet begrijp ik, maar hoe het werkt, geen idee. Ik heb duidelijk niet goed opgelet op school, want dit moet ik toch gehad hebben. Ik mocht evengoed toch niet aan de stroom komen vroeger, daar ben ik vaak voor gewaarschuwd. Mijn allereerste experiment vroeger was het verbinden van de blauwe en de bruine draad. Bam. Stoppen door, vader kwaad naar boven, of ik nu helemaal gek was geworden.

Veel verder ben ik niet gekomen. Ik had vriendjes die alles uit elkaar haalden en er weer nieuwe dingen van maakten. Een elektromagneet of iets dergelijks. Ze hadden weerstandjes, voltmeters, ohms, amperes. Ik had amper ooms. Wel veel weerstand. Maar goed. Nu sluit ik ook de lampen aan zonder de stroom eraf te halen. Gewoon de schakelaar omzetten en de stroom is eraf. Terwijl mij altijd verteld was dat er dan op de andere draad nog stroom stond. Onzin. Nou ja, ik wil niet te nonchalant overkomen, want ik test het altijd nog wel even met de spanningszoeker, en bovendien ben ik een beginneling. Maar, al doende leert men. Dus sloot ik vandaag drie fittingen aan, en maakte ik een schakelaar op de muur. Morgen moet ik een stopcontact vervangen. Dan gaat wel de stroom eraf, overigens.

Dus nu kan ik boekhouden, bloggen en stopcontacten vervangen! Who is your daddy now?

Broer

En toen had Linda mij uitgeleend aan een vriendin, die net een ander huis had waar een paar lampen opgehangen moesten worden. Hoe moeilijk kan het zijn? Ze komt net bij ons om de hoek wonen, maar ik ging er met de auto heen, want al mijn gereedschap moest mee. Ik belde aan op zaterdagmiddag half twee en na een korte rondleiding begon ik met de eerste lamp.

Er kwamen twee zwarte draadjes uit het plafond, eentje met een kroonsteentje eraan, de ander was niet gestript. Verder kwamen er 27 andere draadjes uit het plafond die allemaal afgedopt waren. Ik keek op Youtube, want dat is de manier hoe de handige man tegenwoordig een onhandige man afscheept. Vroeger kwam hij nog wel eens helpen, tegenwoordig zegt hij: kijk op Youtube, alles staat erop. Op Youtube komen er drie draadjes uit het plafond. Een blauwe, een bruine en een geelgroene. Een bijdehante praxislul legt het uit en klaart het klusje in 1 minuut 47. Hop, draadje eraan, stroom eraf want je bent zuinig op je haar (hahaha hilarisch, praxislul!) en even een gaatje in het plafond boren, klaar. Geen woord over die 85 andere draadjes, en niks over die zwarte. Compleet waardeloos.

Nadat ik met een spanningszoeker 100 keer had vastgesteld dat er stroom op het zwarte draadje stond, haalde ik de stroom eraf, stripte ik het andere zwarte draadje (wat het enige andere draadje was dat vrij uit het plafond kwam) en sloot het aan. Geen licht. Ik verwisselde ze van positie. Geen licht. In de tussentijd werkte ik aan mijn conditie door steeds naar beneden te lopen en de stroom eraf te halen. Wat ik ook deed, geen licht. Op een andere kamer, waar al een werkend lampje hing, maar dat ook nog vervangen moest worden, bekeek ik de situatie. Een blauw en een zwart draadje kwamen daar uit het plafond. Ik sprintte door de regen terug naar huis, en haalde uit mijn spullen wat blauw en geelgroen draad. Zwart had ik niet. Ik maakte een extra blauw draadje, deed dat in de lasdop, sloot het aan op de lamp, geen licht.

Voordat ik alles finaal naar de filistijnen hielp, dacht ik dat het misschien handig zou zijn om even naar de plaatselijke Hubo te gaan, (het was inmiddels zaterdagmiddag, half vier) om de goede boren te halen, een paar lasdoppen en wat advies. Ik had mijn leesbril niet bij me, dus ik was geheel afhankelijk van de zaterdagmiddaghulpjes. “Tja, een steenboor, ik denk deze. Ik vraag mijn collega wel even. Ja, dit moeten de goede zijn. Lasdoppen? Ja, die hebben we, eh, waar hangen ze nou, even mijn collega vragen. Mijn collega zegt dat deze ook goed zijn.” Ondertussen had ik via whatsapp al naar Linda lopen vloeken en tieren over de Hubo jongens, want zij is op zo’n moment mijn bluswater.

25 Euro verder begon ik te boren in het plafond, wat de praxislul in een vloek en een zucht deed, en na een kwartier boren was ik één centimeter door het Duitse bunkerbeton doorgedrongen en ik zat er ook nog eens naast. Ik had zwaar de tering in, want als je me ergens chagrijnig mee kunt krijgen, is het wel een simpele klus die niet lukt. Ik had ondertussen mijn broer geappt, die is wel handig, maar die reageerde niet. Ik liep naar beneden en vertelde de vriendin tot mijn schaamte, vernedering en woede, dat ik bang was dat ik haar alleen nog maar verder in de shit zou helpen, en dat ze beter iemand anders kon zoeken. Er werkte ook al een stopcontact niet meer, en hoewel ik er niet aangezeten had vermoedde ik dat dat kwam door het gepiel met de draden in het plafond. De vriendin had al tien keer gezegd dat ik moest stoppen als het niet lukte, maar zo simpel ligt het natuurlijk niet. Als ik dat deed zou ik de rest van het weekend niet te genieten zijn.

Toen kwam er een verlossende app van mijn broer.”Ik kom wel even.” Hij kwam binnen, hielp mij door te zeggen dat het met lampen altijd gezeik was. Hij begon aan de eerste lamp, die met die twee zwarte draadjes, en binnen twee minuten brandde hij. Lamp zat er niet goed in, zei hij. Hij zocht in mijn armetierige gereedschap naar een veel kleiner boortje en boorde zich een weg door het adelaarsnest. Daarna pakte hij een grotere en boorde de rest. (mijn nieuwe boren van € 25 werden ongemoeid gelaten)

Na een paar uur had hij alle zes lampen opgehangen. Nooit liep hij naar de meterkast om de stroom eraf te halen. Hij is een held. Hij heeft mijn weekend en de situatie gered. Toen hij klaar was vertrok hij weer even plotseling als hij gekomen was, en ik ruimde mijn spullen bij elkaar. De vriendin had een kleinigheidje voor mij klaarstaan, en moet nu dus weer naar de slijterij om ook iets voor mijn broer te halen. En nu, zondagochtend, zo meteen om half tien, ga ik naar mijn broer, hij heeft ook een klus waar hij wat extra handjes bij kon gebruiken. Ik kijk en leer.

Vijftig

Het is zover. Nou ja, nog een paar uur dan. Ik ben vijftig. En interesseert me dat? Ja! Ik vind het echt niet leuk. Vijftig is onherstelbaar oud. Kun je met 49 nog wegkomen op een feestje, in het woord vijftig zit de ij van grijs. Pas bij zeventig klinkt het weer levendig. Dan ben je een jongere oudere, en wordt je pas definitief oud als je negentig wordt.

Aan mijn verjaardag doe ik nooit iets, ik denk dat ik hem de afgelopen tien jaar twee keer gevierd heb. Morgen dus ook niet. En aan de andere kant, vijftig, ik heb het ook maar mooi gehaald zonder echt grote gezondheidsproblemen. Dat het ook anders kan realiseer ik me terdege.

Ik heb het meeste brood wel op, zoals ze wel eens zeggen. Maar dat zeiden ze tien jaar geleden al. Pas de problème. Wat ik dan wel precies een probleem vind is nog niet helemaal duidelijk. Misschien omdat ik het ouder dan vijftig zijn bekijk door mijn onervaren ogen. We gaan het zien. Misschien is de overgang veel geleidelijker dan ik denk. 1969, toen was ik er al. De wereld was onvoorstelbaar anders. Gefeliciteerd aan mezelf vast.