In verzet.

Ik was wat lamlendig de laatste tijd, door tinnitus vooral, waar ik nogal moe van word. Ik weet inmiddels precies hoe het ontstaat als gehoorschade de oorzaak is, al weet ik niet of dat bij mij ook de oorzaak is. Ik hoor nog steeds scherp en tot 13000 herz ongeveer, waar ik vroeger 19000 haalde. Maar vroeger is voorbij. Vandaag heb ik afscheid moeten nemen van het laatste symbool van mijn jeugdigheid, en dat waren mijn gladde wenkbrauwen. Al een tijdje vragen de kapsters of ze mijn wenkbrauwen moeten bijknippen, maar dan draai ik naar ze toe en vraag triomfantelijk: is dat nodig dan? Dan moesten ze beamen dat het niet nodig was. Ik was de laatste der éénenvijftigers met jeugdige wenkbrauwen. Tot vandaag. De kapster zag een haartje dat een andere richting opgroeide en knipte het weg. Mijn wereld stortte in. (Ja, ik was illegaal bij de kapster vandaag)

Als een verslagen oude man reed ik naar huis. Ik overwoog een Volvo 340 aan te schaffen en wellicht een hoed. Thuisgekomen keek alleen de hond mij nog verwachtingsvol aan. Ik zocht mijn wandelstok maar bedacht me dat ik die nog niet heb. Dan maar zonder naar het bos. Ik liep ver, heel ver. Tenminste, voor een oude man. Ik kwam de mensen met de Huskies van een paar logjes geleden weer tegen, nu waren het er zes, vorige keer vier. De fysiotherapeute die vorige keer een stukje met me meeliep, groette me enthousiast. Dat hielp een beetje.

Ik had alleen ontbeten, het was al vijf uur en ik voelde me hongerig en een beetje slap in m’n benen en moest nog best een eind. Maar omdat het redelijk stil was in mijn hoofd, stiller dan de laatste twee maanden, had ik nieuwe energie gevonden. Ik durfde niet te hopen maar liep door zonder te vertragen om deze flow en stilte vast te houden. Ik was door mijn slapte heen gelopen en kon nu door blijven gaan op reserves. Dat voelde goed, die nieuw aangeboorde energie. De hond liep in hetzelfde tempo mee, trots sjouwend met een grote stok.

Ik had meer dan twee uur gelopen en thuisgekomen ging ik nog even door zonder op de bank te ploffen. Ik gaf de hond eten, ruimde de vaatwasser uit, en stelde voor om Chinees te gaan halen omdat ik Linda’s verbale tegenzin om te gaan koken na twintig jaar feilloos herken. En zo geschiedde. Ik was eerder op de dag nog afgeschreven, maar kennelijk ging mijn diepere zelf daar niet mee akkoord. Waarschijnlijk een stuiptrekking. Een laatste krachtsinspanning om mijn jeugdigheid te behouden. Een protestactie van mijn innerlijke ik.

Rebel

Soms vraag ik me af of ik geestelijk iets mankeer. Want buiten dat mijn verstand het op bepaalde gebieden best goed doet, bekijk ik zaken vaak anders, en daarmee bedoel ik niet te zeggen dat ik ze origineler bekijk en dus beter nadenk. Of out of the box om maar eens een stupide term te gebruiken. Neem nu de rellen van afgelopen week. Die worden door iedereen afgekeurd. En wees niet bezorgd, door mij ook. Maar dat over elkaar heen vallen op social media om te laten zien hoe erg je het afkeurt, daar kan ik niet tegen. Echt totaal niet. Net als dat gelul dat je je laat vaccineren. Val me er niet mee lastig! Ik laat me ook vaccineren, als ik tenminste nog aan de beurt kom, en als iemand anders dat niet doet zal me dat een rotzorg wezen. Of dat eeuwige geëmmer dat we van hulpverleners moeten afblijven. Ja, natuurlijk! Als ik zou zien dat een ambulancebroeder tijdens zijn werk werd lastig gevallen zou ik waarschijnlijk mijn uiterste best doen om zijn belager tegen de grond te werken. Dit zou ik zelfs doen als het een politieagent betrof, en ik heb niet eens een hoge pet op van politieagenten. Maar ik ga ze niet lopen prijzen alsof ze helden zijn. Ze doen ook maar hun werk.

Die constante behoefte van mensen om zich maar te profileren op Facebook, ik hoor daar niet bij. Ik ben een dwarspaal en sommigen denken dat ik het expres doe om dwars te liggen. Echt niet, ik voel pure afkeer. Ik klap voor de zorg, stay home, ik laat me vaccineren, ik ben goed, en als jij niet denkt zoals ik ben jij slecht. Dat is eigenlijk wat er wordt bedoeld. Ik heb er een aantal moeten ontvrienden of hun berichten uit moeten schakelen om het enigszins leefbaar te houden voor mezelf.

Ik begrijp die behoefte tot streven naar een perfecte wereld ook niet. Ten eerste is er niet zoiets als een perfecte wereld en ten tweede zou ik me stierlijk vervelen in een perfecte wereld. Ik gedij juist uitstekend in moeilijkere omstandigheden mits die omstandigheden voor iedereen gelden. Enorme sneeuwval, onbegaanbare paden, mislukte computermigraties, pandemieën, stroomuitval, extreme hitte, afgelast carnaval, alien-invasies, onbegonnen werk, ijdele hoop, dames in nood, nou ja, wat raar wellicht. Ik hoop niet dat ik u afschrik.

Don’t know much…

Dankzij mijn kinderen leer ik weer dingen die ik al vergeten was. Goniometrie bijvoorbeeld, maar vandaag ook hoe het ook alweer werkt met plaatsbepaling op aarde door middel van coördinaten. Noorderbreedte, zuiderbreedte, westerlengte, oosterlengte. Nederlands en economie beheers ik nu waarschijnlijk beter dan op de middelbare school, net als geschiedenis, al nam ik daar snel afscheid van. Geschiedenis is nu trouwens veel zwaarder dan dertig jaar geleden, er is tenslotte dertig jaar bijgekomen. In Engels ben ik véél beter dan dat ik ooit op school was en dat geldt voor Frans ook, zij het in mindere mate. Dat ik wiskunde op Havo niveau heb weten te halen vind ik met terugwerkende kracht knap. Ik ben blij dat mijn kinderen niet op het VWO zitten, anders had ik toch op een gegeven moment moeten afhaken en dat is niets voor mij. Als ik begin met haken, dan haak ik het ook af.

Als ik over mijn huidige werk moet vertellen ben ik altijd beschamend snel klaar. Dan klinkt het alsof het helemaal niets voorstelt. En het mooier maken dan het is, is ook niets voor mij. Toch vergt het soms het uiterste van mijn kunnen. Spitten in archieven, zoeken naar bewijzen, onderhandelen met klanten of met andere afdelingen, zoeken naar contracten, clausules daaruit vinden, procedures begrijpen en volgen, rekenen, veel rekenen. En fouten herstellen, veel fouten herstellen. Incasseren, geen geld maar voornamelijk gezeik.

Soms noem ik het ongeschoold werk, maar dat is omdat ik opgeleid ben om financiële administraties te voeren en daar zit wat frustratie bij. Maar Engels, Nederlands, Frans, Duits, economie, aardrijkskunde, rekenen, recht, maatschappijleer, handelswetenschappen, typediploma, informatica, de hele rimram komt toch weer van pas. Alleen natuurkunde, biologie en scheikunde, daar zie ik niks van terug. Dat voelde ik instinctief aan, dat ik die vakken met een gerust hart kon laten vallen. Daar heeft een beetje boekhouder helemaal niks aan.

Soep met ballen.

Ik heb al wel eens genoemd dat wij gedwongen worden om onze vrije dagen op te nemen. Wettelijk niet toegestaan maar onder dreiging van ontslag. Niet zo fraai maar aan de andere kant ben ik na de zomervakantie al twee weken vrij geweest en morgen gaat mijn derde week in. Nu maakte ik mij al wel een beetje zorgen over het werk dat af moest, maar aan de andere kant, niet mijn probleem. Dan loopt het maar in de soep, het was niet mijn idee.

Mijn baas is deze week vrij, zelfde reden, maar ik ga morgen toch maar werken ondanks dat ik vrij ben. Dan kun je concluderen dat ik plichtsgetrouw ben, of dat ik hart voor de zaak heb, of dat ik ons team niet in de steek wil laten, maar je kunt ook concluderen dat ik de ballen niet heb om het eens goed in de soep te laten lopen. Of dat ik mijn bonus niet mis wil lopen, al is het dat laatste absoluut niet.

De waarheid is dat ik wel blij ben dat ik morgen geen vrij neem vanwege een achterstand. Stel nu dat ik zoveel vrij was en er ontstaat geen achterstand, wat zegt dat over mijn werk? Moet je toch ook niet aan denken.

Dood door schuld

Er lag een roodborstje op de oprit. Dood, dat heeft de kat gedaan. Ik zag het liggen op z’n zijkant, niet zichtbaar gehavend, maar met zo’n spijtige uitdrukking op z’n kopje. Ik moet die kat niet, ze flikt dit elke keer. Pak dan een rat of iets van je eigen formaat.

Ik raapte het beestje op in een papiertje en wikkelde het in. Ik deed de groencontainer open en keek bedenkelijk naar het rottende fruit wat op de bodem lag. Zat het nu nog vol met droog gras, dan had ik het wellicht gedaan, maar ik voelde het dode, zachte beestje in mijn hand, dit kon ik niet over mijn hart verkrijgen.

Ik heb een schop gepakt en hem in de tuin begraven. Ik sloeg nog net geen kruisje. En dacht aan hoe ik wel eens denk over de dood. Dat het toch allemaal niet zoveel uitmaakt hoe je begrafenis verloopt. Dat mensen zich daar enorm druk over maken omdat ze denken dat ze het meekrijgen. Onzin, denk ik soms.

En nu bij dat vogeltje dacht ik: ik zal je netjes begraven, ik wil niet dat je oneerbiedig wegrot in de gft-bak, je bent al dood door mijn schuld, straks ben je dubbel teleurgesteld.

Schaap

Het zijn verwarrende tijden. We hadden de schapen en de gekkies maar die twee groepen zijn al niet meer uit elkaar te houden. De schapen beginnen nu complottheorieën aan te hangen over het al dan niet hebben gehad van Corona door Trump, en de gekkies hangen ineens een wetenschappelijk standpunt over mondkapjes aan. Zelf voel ik me nu een gekkie die zich als schaap gedraagt. Ik zag een oproep van de sporthal waarin vermeld werd dat je in de sporthal een mondkapje op moest. Niet tijdens het sporten gelukkig, maar tijdens het lopen van de ingang naar de zaal via de kortste route, je mocht al niet meer via de kleedkamers. Dus ik moet een mondkapje op bij de ingang, ik loop vijftien meter naar de zaal en doe hem daar af.

Uiteraard had ik een vraag aan de sporthal, of ze dachten dat dat hielp. Linda vond dat provocerend van mij, en die opmerking alleen al laat zien hoe wij allebei zijn veranderd in de afgelopen 20 jaar. Ik vond er niks provocerend aan. Ik had me van de week al ingehouden toen de school van mijn kinderen deze verplichting instelde, maar ook toen vroeg ik me af waar ze mee bezig waren. Ik stelde de vraag die Jaap van Dissel ook stelt, maar op een of andere manier wordt dat als provocerend ervaren. Terwijl ik vond dat ik gewoon tegen deze flauwekul in moest gaan.

De sporthal gaf netjes antwoord, dat het een dringend advies van de overheid was en dat ze zich daar aan hielden, het was even niet anders, zeiden ze. Ik antwoordde dat ik het begreep, me er aan zou houden en Rutte zou bellen. Maar toch voel ik me een schaap nu. Een meeloper. Ik ga me hieraan houden omdat ik anders problemen krijg met de sportclub. Principes van lik-mijn-vestje.

En dan kun je zeggen, draag dat mondkapje, baadt het niet dan schaadt het niet, maar zo ben ik niet getrouwd. Dat het niet schaadt, dat geloof ik wel, maar ook daar worden vraagtekens bij geplaatst. Verkeerd gebruik kan zorgen voor nog meer verspreiding van het virus, en het langdurig inademen van koolstofdioxide, een afvalproduct van je lichaam, kan ook gevaarlijk zijn. En daarbij, het schaadt ook niet om je onderbroek binnenstebuiten te dragen maar dat ga je ook niet doen als de overheid het je vraagt. Nou ja, ik natuurlijk wel nadat ik er eerst een hoop stennis over heb gemaakt. Zo ben ik dan ook wel weer. Schaap.

Van die dagen

Vanochtend was ik een kilo afgevallen. Onverwacht, maar ik was 97,5 kg. Ondanks dat het maar een kilo was voelde ik me lichter. Ik besloot er mijn voordeel mee te doen. Ik sloeg de lunch over en ik at ’s avonds niet teveel. Ik moest die avond badmintonnen. Ik volg sinds dit seizoen de competitietrainingen en leer nieuwe dingen. Ik wilde ze toepassen tijdens het vrijspelen.

Eerst voelde ik me wat slapjes en moe op de baan en dacht dat ik mijn opportunisme te ver had doorgevoerd, maar ineens begon mijn tactiek te werken. Ik kon dansen op de baan. Ik voelde geen vermoeidheid meer en ik stond niet vast. Ik voelde me onoverwinnelijk. En waar ik vorige week nog alles verloor, daar won ik nu elke wedstrijd. (oké, één game niet.)

Ik had ook op YouTube gekeken hoe de profs het deden, en pikte daar iets van mee. Ik ben ervan overtuigd dat het hielp. En nee, ik ben in een week niet beter geworden, het was gewoon de juiste instelling die ik hier koos. En dat werkt. Het was niet die ene kilo, het was mijn geest die mijn lichaam veel beter aanstuurde. Normaal heb ik er een ander voor nodig die me op het goede spoor zet, nu deed ik het zelf. Ik maakte geen probleem van mijn fouten omdat ik gezien had dat de profs ze ook maken en gewoon doorgaan. Ik begon laat te bloeien, maar zal ik gewoon nog prof worden? Ibrahimovic is 39, een jonkie nog, maar in Japan is er een voetballer van 53 die een basisplek heeft op het hoogste niveau. Misschien word ik nu wat overmoedig. Maar er zijn van die dagen dat je boven jezelf kunt uitstijgen. Vandaag was zo’n dag.

Vrij

Ondanks dat er een wet is die een werkgever verbiedt zijn werknemer te verplichten zijn vrije dagen op te nemen, ben ik een weekje verplicht vrij. Zo’n wet is leuk, maar een werkgever die er schijt aan heeft is ook lachen. Oh ja, je mag je best op die wet beroepen, en dan krijg je inderdaad gelijk, maar het kan dan zijn dat er een volgende ontslagronde volgt en we weten niet hoeveel mensen er dan uit moeten. Dat wordt je fijntjes medegedeeld. Dus nu zit ik hier, trekkend aan het kortste eind en bang voor mijn baan.

Er zijn ergere dingen. Aankomend kwartaal kom ik nauwelijks meer aan werken toe, zoveel vrije dagen moet ik nog opnemen voor het eind van het jaar. Het is ook meer een principekwestie die ik hier verloor, dan dat ik het echt erg vind. Gisteren deed ik vast iets leuks, ik deed drie aankopen. Een badmintonracket, want ik ben er nu achter dat het feit dat ik niet de beste van de club ben geheel aan mijn racket lag, een ouderwetse elpee, waar ik nu al spijt van heb want er is niet veel aan, en een nieuwe telefoonhouder voor in de auto.

Het racket kocht ik bij Decatlon, dat is een sportzaak voor snelle jongens en meisjes. Ze hebben daar geen normale kassa’s meer, maar een zelfscanner en een streng kijkende beveiliger. Dus ik scan de spullen die ik daar had gekocht, dat ging echt verbazingwekkend goed, maar thuis kwam ik erachter dat er een hangslot aan mijn racket zat, dat iemand van de Decatlon eraf had moeten halen, als ze daar tenminste een normale kassa hadden. Ik kon dus terug, of de ijzerzaag gebruiken. Dat is geen lastige keuze, het werd de ijzerzaag. Dat ging ook verbazingwekkend goed, zo goed dat ik me afvroeg wat dat slot eigenlijk voor zin had gehad. En dan voel je pas goed hoe licht 73 gram is. Met slot en hoes was dat was lastig. Ik mepte een paar keer in het luchtledige en dacht dat dit wel wat kon worden. De meeste mensen proberen het in de winkel vast uit zo’n racket. Dat lijkt misschien logisch, maar ik zie de logica niet. In zo’n geval zou het mij kunnen gebeuren dat ik een racket van vijftig euro beter vind aanvoelen dan eentje van honderd, en dan moet ik oneerlijk naar mezelf zijn. Bovendien ga je jezelf toch wijsmaken dat die van 100 euro veel beter aanvoelt. Dus om mezelf die flauwekul te besparen neem ik gelijk die van honderd euro.

De Elpee was er eentje van Alanis Morissette, ik dacht, altijd goed, maar nee. Op deze elpee is ze een moaning cow. Had ik toch beter die van Elvis kunnen nemen, dat is altijd goed. Het houdertje voor mijn telefoon heb ik nog niet geprobeerd. Maar dat gaat vast een succes worden. En anders maak ik er een succes van, zoals met alles.

Ik ben een vogel

Zo, ik heb het weer gehaald tot aan de vakantie. Normaal haal ik het ook, en dan sta ik aan de vooravond van twee weken Frankrijk, dan genieten we intens en na afloop gaan we weer 49 weken aan het werk tot aan de volgende. Ja, dat realiseerde ik me gisterenavond ook. Dat is wel een heel leeg leven. En nu Frankrijk er dit jaar niet in zit, zat ik mezelf even vreemd aan te kijken.

Want helemaal duidelijk is het mij niet wat u en ik precies te zoeken hebben op deze aarde. Tenminste, mij is het niet duidelijk wat ik hier doe en mij is ook niet duidelijk hoe u er invulling aan geeft. Mijn leven lijkt misschien wat leeg, maar wat is het verschil tussen mij en een vogel? De vogel heeft niet eens vakantie, die moet 52 weken per jaar werken om te bestaan. En vraagt die vogel zich af waar hij nu eigenlijk mee bezig is? Welnee, die doet gewoon, net als ik vijftig weken lang. De vogel heeft nog het geluk dat zijn medevogels precies eender zijn, in exact hetzelfde schuitje zitten. Het is niet zo dat de ene vogel een dikkere auto rijdt dan de ander, en dat die andere (ik) denkt: hee, waar doet hij dat van?

Gisteren begaf ik mij naar Geleen, een enorm eind weg, om een Alfa Romeo te bezichtigen. Ik ging onverrichter zake weer naar huis, omdat de auto mij niet gelijk de adem benam. Ik zag zelfs een mooiere staan, maar die was al verkocht. Er kwamen een man en een vrouw aanrijden, in een Audi TT, een duur sportmodelletje, om te kijken naar een Alfa 4C voor het vrouwtje, eveneens een duur sportmodelletje. Ze leken van mijn leeftijd, alleen waren het andere types. De man had een staartje, beiden zaten ze onder de tatoeages, ze waren twee maten dikker dan ik, en ze zagen er nogal simpel uit. U begrijpt, ik dacht: waar doen ze het van? Tien keer zoveel geld als ik gingen ze besteden, voor het vrouwtje. Ik ben eenmaal geen ruimdenkend mens die alle vooroordelen aan de kant heeft gezet. Welnee, ik ben een bekrompen burger uit de jaren 60.

Zover rijden voor een auto ga ik niet meer doen. Mijn verouderde navigatie stuurde me zelfs de verkeerde kant uit zodat ik in Duitsland terecht kwam. Ook zoiets debiels! Zonder navigatie zou me dat nooit gebeurd zijn omdat ik dan zelf opgelet zou hebben. Stomme moderne tijd. In de jaren zestig was alles veel beter. En in een volgend leven wil ik huismus worden.

De haperende prostaat

Volgens mijn eigen schrijfsels heb ik de afgelopen vier maanden doorgebracht met het lezen van mijn eigen archieven. Elke avond las ik in bed een maandje van logjes. Ik ben begonnen in 2008, de eerste jaren sloeg ik over. En nu ik aan het einde ben gekomen, en even niet weet wat ik moet, ben ik eens gaan kijken in die eerste jaren. Hier was ik wel een paar dingen van vergeten, en soms ben ik best grappig al zeg ik het zelf, maar toch vind ik het niks. Ik vind dat ik duidelijk geestelijk ben gegroeid. Niet dat ik Nirwana heb bereikt, maar die eigendunk van toen ben ik wel kwijtgeraakt.

Nu kunnen we dit simpel afdoen als het verouderingsproces, maar dat is me te makkelijk. Natuurlijk, het helpt als je grijs wordt en als het plassen wat langer duurt om je te behoeden voor een schaamtevol moment van mannelijk imponeergedrag. Ik zag net een documentaire over een rijke, zielige, dikke en eenzame man die zijn leven sleet op cruiseschepen. Hij was vermoedelijk ouder dan ik, maar hij verstond de kunst om mensen dood te vervelen met verhalen over hoe interessant hij vroeger wel niet was. En niet alleen hem, ook de andere discodansende grijze gasten bekeek ik vol meelij. Zo moet het volgens mij dus niet. Het was denk ik niet voor niks dat mannen vroeger in hun vrije tijd ook een pak droegen en dat er gestijldanst werd. Dat zag er toch net even waardiger uit. Misschien was het uiterlijk vertoon, maar misschien deed zo’n pak ook echt iets met je volwassenheid.

Goed, ik heb dan geen passend pak meer, en stijldansen kan ik al helemaal niet, en waardig als mijn opa’s ben ik nog lang niet. Ik heb hun leeftijd dan ook nog niet, dus misschien hoeft het ook nog niet. Ik plemp ook niet de hele dag mijn mening of overtuiging op internet. Verstandig denk ik. Dus helpt het ouder worden om je te behoeden voor gênante momenten? Niet per se. In mijn geval heeft denk ik het jarenlang getrouwd zijn meer bijgedragen. Als ik mezelf iets verbeeld, wordt dat beeld binnen twee seconden volledig kapot gemaakt. Het huwelijk werkt als een stotterende prostaat. Hopelijk kan ze me nog lang behoeden voor katers en flaters.