Aluminium hoedje

Wat is een complottheorie die je geloofwaardig vindt?

Dat Lidewij Vos eigenlijk een hagedis is. Koudbloedig. En dat de Joden de wereld besturen. Ze hebben een afstandsbediening en we koersen recht op Betelgeuze af. En dan gaan we eraan. Verder hangen er chemtrails in de lucht, dat doet de overheid om ons bezig te houden, zodat we boter, kaas en eieren kunnen spelen in gedachten. En de aarde is plat. Dat heb ik laatst met een waterpas nagemeten. En wat dacht je van de maanlanding? Zeer dubieus en er is ook geen bewijs dat de maan ergens geland is. En we worden omgevolkt. Ze doen iets door ons eten zodat we allemaal zwart worden. En bij de Afrikanen doen ze dat andersom, zodat die wit worden en lekker kunnen heersen over ons.

Pff, wat nog meer? Oh ja, Elvis leeft, is nu 91 jaar en leeft samen met Marilyn Monroe op Hawaii. En de Nazi’s natuurlijk, die zijn ontsnapt en roepen Sieg Heil op de donkere kant van de maan. Joh, er is zoveel dat de wetenschap jou wil doen geloven wat helemaal niet waar is. Heb je het ooit zelf gezien dan? Dat is gewoon een complot van de overheid zodat je bang wordt en geen stikstof meer uitademt. Zonder cola geen boer!

Pissed off

Begin dit jaar kregen we nieuwe bewoners op het hofje. Een jong stel met twee jonge kinderen. Alleraardigste mensen. Toen ze er kwamen wonen stuurde ze de hele buurt een kaartje met hun namen en dat ze even aan het klussen waren voordat ze er kwamen wonen. Tot zover prima, geen klachten.

Twee maanden geleden stuurden ze in de buurt-app een berichtje dat ze de benedenverdieping gingen verbouwen en dat dat wat overlast zou kunnen veroorzaken. De irritante buurmannen appten terug: “prima, veel succes.” Dat was voordat de aardige buurman (ik dus) iets kon appen als: “alweer?”

Twee maanden heb ik overlast gehad. Ik werk voornamelijk thuis en het is een onophoudelijk gezaag, geboor, gebeitel en gegooi van puin in een ijzeren container geweest. Verder stond het hofje dagelijks vol met dieselbusjes en vrachtwagens die hun levering kwamen brengen en hoorde ik zingende bouwvakkers met jankmuziek.

Mag er dan niet geklust worden van jou, Mack? Nee, inderdaad. Dat heeft u goed. De garage is omgebouwd en bij het woonhuis getrokken, waarom? Je hebt godsamme twee kinderen, da’s niks! En waar blijft je auto dan, gek? Die hoort in de garage te staan en die plek hoor jij te verdedigen tegenover je vrouw! Hoever moeten mannen nog zinken, schrielkip? En waarom twee maanden lang? Ga gewoon wonen Truus! Doe een verfje en klaar! En waar halen ze in hemelsnaam het geld vandaan om al die lui te betalen? Ik raak er gefrustreerd van, want iedereen om mij heen barst van het geld. Zelfs Linda en de kinderen.

Ik zou dit niet geschreven hebben als ik vandaag niet een gesprek opving vanuit mijn openstaande raam. De betreffende buurvrouw sprak met iemand van de gemeente en ze bekeken twee bomen. Dan gaan bij mij alle alarmbellen af en ik stuurde een opvolgmail naar de gemeente. Daar had ik in januari een gesprek mee gehad, ze zouden me nog verdere info en antwoorden over bomenkap sturen maar dat hebben ze nooit meer gedaan. Een uurtje later kwam de volgende gemeenteman al naar de bomen kijken. De grootste boom van het hofje is een van de vermeende slachtoffers.

Mocht het nu nog een keer gebeuren dat hier een boom neergaat zonder vergunning, of binnen de bezwaartermijn, of als zogenaamde noodkap om alle procedures te omzeilen, dan ga ik pas echt door het lint. Dan rij ik met mijn Volvo elke trekker van de snelweg die ik zie. En ik zaag alle verboden toegang bordjes in het bos om. En ik blaas de pui van het gemeentehuis eruit! Ook aan mijn idee van de rechtsstaat zitten fascistische grenzen. En die zijn bijna bereikt.

Da gebemoei!

Inmiddels zijn alle losloopgebieden hier verboden voor loslopende honden vanwege de zogenaamde zombiewolven. Dat is een naam die men geeft aan een wolf met schurft om hem enger te maken. Wolven met schurft zullen een hond eerder benaderen is de redenering en dat is gevaarlijk. Toen ik erachter kwam klom ik boos in de pen vanwege deze onzin, maar drie weken later heb ik nog geen reactie. Toen las ik een stuk in de krant over het afsluiten van de losloopgebieden en tussen de regels door las ik dat het om de verantwoordelijkheid voor een eventuele aanval door een wolf ging.

De dag erop ging ik vlak naast het losloopgebied lopen met de hond, letterlijk vijf meter ernaast, en kwam twee boa’s tegen. Ze groetten mij vriendelijk en reden door. Immers, dit viel net buiten hun verantwoordelijkheid, dus geen probleem als mijn hond hier zou worden aangevallen. Er zitten daar ook helemaal geen wolven trouwens, hooguit trekt er in het donker een keer een wolf door, maar dat gebeurt in mijn straat ook.

Voor mij is het allemaal nog niet zo’n probleem, ik ging toch al vaak op een andere plek lopen dan het losloopgebied. De boswachter sprak me een keer aan en zei: het is hier geen losloopgebied hè? Ik antwoordde dat ik dat wist, het was hier buiten de bebouwde kom en er stond geen bord dat de hond vast moest, dus mocht ze hier los. Hij sputterde eerst nog wat tegen en zei dat mensen wel eens bordjes weghaalden, maar ik zei dat dit een doorgaande weg was en dat hier nooit een bord gestaan had, en dat er in alle zijpaadjes duidelijk een bord stond, dus daar deed ik haar vast conform de regels. Daar kon hij niks tegen inbrengen maar zei dat ik wel de zwijnen in de gaten moest houden want die waren knorrig. Doe ik!

Dit was nog met mijn vorige hond, inmiddels ben ik vijf jaar verder en ben niet meer zo begripvol. Gisteren liep ik daar weer en een eenzame oude man op een elektrische fiets, hij ging gekleed in korte broek en had een hoorapparaat, bemoeide zich met mij. Mijn hond mocht hier niet los, riep hij. Ik draaide mij om, vroeg waar hij zich mee bemoeide en hij fietste door. Ik stuurde mijn hond achter hem aan, Lori vloog hem naar z’n schouder en trok hem van z’n fiets. Ik liep naar hem toe en vroeg of er soms wat was. Hij zei dat mijn hond hier niet los mocht en ik vroeg of hij dat zeker wist. Hij wist het niet meer zeker. Ik legde hem uit dat hij in mijn bos fietste en dat als hij dat wilde blijven doen het beter was als hij zich niet met anderen bemoeide. Hij mocht eventueel wel zijn excuses aan mij aanbieden en dan zou ik overwegen om die te aanvaarden.

Oh, ik zie dat ik wat afdwaal. De man fietste door en reageerde helemaal niet meer op mij. Het zal z’n hoorapparaat geweest zijn. Mensen zonder hond, of met van die Fifi’s denken allemaal maar dat honden vast moeten. Dit klopt niet. Buiten de bebouwde kom, in onze gemeente mogen ze los mits er geen bord staat dat het verboden is en dan lijkt het mij logisch als een hondeneigenaar zelf inschat dat de hond niemand lastigvalt. Als honden niet kunnen rennen worden het net zulke dikke mormels met gedragsproblemen als die fietser. Loslopende honden voelen zich minder bedreigd en zijn zoveel vriendelijker dan aangelijnde. Bovendien, da gebemoei! Da geëmmer da gezoag en da gezever!

Een complot waar ik in geloof

Ik heb vaker geschreven over de Bende van Nijvel, maar toen ik door België rijdend een Delhaize supermarkt zag sloeg ik aan het denken en heb ik het mysterie opgelost. Opgelost in de zin van, ik weet hoe het zat, wie de betrokkenen waren en wat het motief was. Ik heb geen bewijzen, dus het blijft een complottheorie.

De Bende van Nijvel sloeg in de jaren ‘80 toe met uiterst gewelddadige overvallen op Delhaize supermarkten, waarbij veel slachtoffers vielen en waarbij zeer weinig geld werd buitgemaakt. Na 40 jaar heeft de Belgische politie het nog altijd niet opgelost en dat op zich is een aanknopingspunt. Het bestaat niet dat onder normale omstandigheden zo’n zaak niet zou zijn opgelost, zeker met de huidige DNA technieken. Er zou allang iemand tegen de lamp zijn gelopen, en de enige reden waarom dit niet gebeurd is, is omdat de Rijkswacht zelf achter deze misdaden zit.

Bewijs is op mysterieuze wijze verdwenen, DNA-materiaal is er niet, verdachten zijn licht verhoord maar niet doorgezaagd. De aanslagplegers waren militair getraind, er verdwenen wapens bij de politie en de bende leek ook op de hoogte van de politie-acties.

Er is één rijkswachter geweest die op zijn sterfbed heeft verklaard dat hij “de Reus” was. Hij voldeed exact aan het signalement en hij bleek vrij te zijn geweest op de dagen van de aanslagen. Bonkoffsky was zijn naam en hij was een van de daders. De politie heeft deze verklaring niet serieus genomen omdat hard bewijs ontbrak en ze zonder bewijs niks konden. Vrijwel alle verdachten uit die tijd zijn inmiddels overleden, sommige zijn uit de weg geruimd omdat ze op het punt stonden verhoord te worden, alles wijst erop dat het de Rijkswacht zelf was. Ook toen bij een overval in 1985 één dader hoogstwaarschijnlijk is geraakt door een politiekogel is dat spoor nooit onderzocht. Administratieve ziekmeldingen uit die tijd zijn verdwenen.

Het motief is wat lastiger, maar ik hou het op Rijkswachters met banden in extreemrechtse organisaties die belang hadden bij destabilisatie in het land, zodat de Rijkswacht meer bevoegdheden zou krijgen.

In elk geval, dit dossier is zo vervuild dat het niet meer opgelost gaat worden, bij een niet vervuild dossier zou er op zijn minst een aanknopingspunt zijn na 45 jaar. Case closed.

Onverantwoord

Ik deed iets waarvan ik dacht dat ik het niet zou doen en het was zwaar onverantwoord. Voor het eerst gaf ik op de terugweg het stuur over aan Linda. Normaal rij ik het hele stuk zelf, maar omdat we nu om 16:00 vertrokken in plaats van wat we normaal doen, 8:00 uur, heb ik om 00:00 gewisseld, toen waren we net voorbij Dijon en ik probeerde nog wat te slapen voordat ik het stuur weer zou moeten overnemen. Dat lukte praktisch niet, maar soms kan vijf minuten genoeg zijn om je weer fit te voelen.

Toen ik mijn ogen opendeed reden we in Luxemburg en net op dat moment wist Linda niet waar ze heen moest. Ik keek snel op het bord en zei direct: “daarheen” en ze vervolgde de goede route. Dat is zo’n beslissend moment in je mannelijke leven, dat je exact op het juiste moment wakker wordt, je binnen twee seconden de juiste richting aangeeft aan je vrouw, en dat ze beseft dat ze zojuist gered is maar jij daar verder niet op terugkomt en je door vanaf dat moment wakker te blijven aan haar laat weten dat ze weer veilig is. Dat onthoudt ze de rest van haar leven, al is het onbewust. Net als al die keren dat ze bewust onthoudt dat je fout gereden bent.

Ze reed door tot een laatste tankstop in Limburg, waar ik het stuur weer overnam. Niet omdat ze moe was, maar omdat ze mij de kans wilde geven. Ik was wel moe en de opkomende zon maakt het er dan niet beter op. Het laatste stuk was afgesloten en ik kon niet over de A50, waar mijn geest rekening mee had gehouden als zijnde het laatste stuk. Nu werd het nog langer en moest ik omleidingsborden volgen door nauwelijks bekend terrein. Het onverantwoordelijke waar ik het eerder over had sloeg dus niet op het stuur over geven aan Linda even na middernacht, maar op het zelf blijven rijden het laatste half uur. Ik vocht tegen de slaap en besefte dat ik waarschijnlijk met drie Duvels achter elkaar op beter zou rijden. Linda sprak mij twee keer op harde en onaangename toon aan zodat ik schrok. Waarschijnlijk omdat ze me stoorde in mijn slaap. In elk geval, ik was blij dat we de oprit op reden, ik stapte uit en ging naar bed en werd vier uur later wakker. Het was 11:00 en ik was nog steeds moe.

Uitzicht

Ik zat net op de veranda en besloot dat het uitzicht dat ik had het mooiste uitzicht was dat ik ooit had, misschien op de borsten van een klasgenote op de havo na. De zon was net onder en Venus stond boven het middelgebergte te stralen. Het zag er ongeveer zo uit, al geeft de foto het slecht weer.

Als je zo zit op een ijzeren klapstoeltje en je ziet dit dan staat de tijd even stil en denk je niet aan het uitzicht dat je thuis hebt, namelijk op het huis van de overbuurman. Als ik thuis in de veranda zit is het iets beter dan dat, maar het komt nog niet in de buurt van wat je hier ziet. Dat geldt ook voor het rijden hier, ik rij vaak twee keer per dag de berg af en weer op. Laatst deed ik het zonder het gaspedaal te beroeren en de rem zo weinig mogelijk. Als een zeepkist ga je naar beneden maar een stuk minder gevaarlijk. Ik zwaai naar mensen die me voorrang geven en ze zwaaien terug. Sowieso zijn ze hier veel en veel beleefder dan bij ons. Ik loop laatst met de hond door het dorp, staat er een jongetje van een jaar of 13 tegen een muur aangeleund, zegt hij tegen mij in het Frans: “U heeft een mooie hond meneer, goedendag.” In Nederland zou ik op zijn best verwachten, “wat een mooie hond heeft u” maar meestal is het: “dat is een mooie hond!” Dat meneer en goedendag kennen wij sowieso niet meer, wat ergens best jammer is.

Mijn opa werd altijd een uitslover genoemd door mijn moeder als hij op de camping liep en iedereen in het Frans groette. Monsieur-dame! Maar dat was gewoon hoe het vroeger hoorde en nog steeds gebruiken ze een soortgelijke beleefdheidsvorm. In Nederland zou je zeker zestig jaar in de tijd terug moeten om hetzelfde te horen. Welke afslag hebben wij toen genomen?

Wat ik fout doe in mijn leven is dat ik maar twee weken per jaar leef zoals ik dat wil, en de overige vijftig zoals dat van me verwacht wordt. Hoe verander ik dat?

Frankrijk

Wat ik vrij apart vind nu ik het zie is het zwembad hier. Als je er niet bij bent zul je het niks bijzonders vinden maar toen we aankwamen was het zwembad wat groenig. Ik zag aanslag op de bodem en tegen de zijkanten en er stond iets in de Franse handgeschreven instructies over dat je er iets in moest gooien. Chloor waarschijnlijk. De eigenaars, een wat ouder stel, zeiden dat ik niks hoefde te doen. En inderdaad, we zijn nu een week verder en het zwembad is helder blauw. De aanslag op de bodem weg is weg, alles weer blauw, echt een vakantieplaatje. De kracht van een filter met chloor.

Het nadeel is wel dat ikzelf ook helemaal wit uitsla. Nog geen spatje bruin ondanks bloedverzengende temperaturen. Maar ik kom ook niet veel in de zon. Scheelt weer zonnebrandcrème. Volgend jaar zoeken we een minder hete plek. Niet eens voor onszelf, maar wandelen met de hond is er amper bij. In de buurt is geen riviertje, tenminste niet deze zomer, dus het is zes kilometer rijden om haar even te laten spelen in het water. Ik wil eventueel wel suggesties maar reacties die iets buiten Frankrijk suggereren worden direct verwijderd. Zeker als het Turkije, Kroatië, Griekenland of Thailand betreft.

Het dorpje met de winkels ligt 300 meter lager. Een genot om erheen te rijden, je auto op het plein te parkeren, een beetje Françaises kijken een boodschap te doen en op de klanken van Enter Sandman weer naar boven te scheuren. Ik weet ik ben er al iets te oud voor en ik weet niet hoelang dit nog door kan gaan zonder finaal voor lul te staan, maar tegen die tijd ga ik wel naar Kroatië.

Bakker

Ik zocht een andere bakker omdat Linda de croissantjes van degene waar we kwamen niet lekker vond. Ik stuurde mijn auto door centre ville en spotte een boulangerie, maar geen parkeerplaats. Ik reed iets door, een overvolle kleine parkeerplaats op maar er was geen plek. Ik draaide om en hoorde een klap. Een stoeprand die ik niet had gezien had een stuk spatbord van mijn auto losgetrokken. Chagrijnig gaf ik er een trap tegenaan en schopte het weer vast. Lichte schade, hoge kosten.

Toen ik een betere parkeerplaats had liep ik naar de bakker. Maar na een kilometer zag ik die nog niet, dus ging ik weer terug. Ik had 100 meter de andere kant op gemoeten. Deze bakker was nog kleiner en ik kocht brood. Zeven euro tachtig. Ik pakte mijn pasje maar de bakker gaf aan dat hij geen pinautomaat had. Ik had een vijfje en wat losse munten maar niet genoeg. De bakker zei dat er een pinautomaat op 35 meter zat. Dat zal ik verkeerd verstaan hebben want het was 350 meter. Ik ging terug, rekende af en reed huiswaarts. Het brood werd in elk geval gewaardeerd, dat was dan nog iets.

Frankrijk is niet geschikt voor Volvo’s. Ze komen de helling niet op en ze waarschuwen niet voor stoepranden. En je kunt ze niet keren op smalle weggetjes zodat ik elke keer 500 meter de verkeerde kant op moet om om te keren. Ik moet een andere.

Bordezac

Ik vraag mij af hoe het leven hier in de winter is.

Het uitzicht is hier prachtig, maar het dorp zelf heeft niks. Ik moet zes kilometer rijden voor een bakker en ook om met de hond water op te zoeken. De riviertjes hier zijn compleet drooggevallen en daar waar ik met Lori heenga staan waarschuwingsbordjes voor sterke stroming. Niet in juli in elk geval, want het water staat ondiep. Aan het strand eromheen zie ik dat het soms een meter hoger staat. Maar misschien wel meer.

Ik heb de helling opgegeven, ik dacht dat ik en de auto er wel aan zouden wennen, maar de stank die de auto voortbrengt als hij naar boven moet komt van de versnellingsbak, en die hou ik liever heel. Hoe ze zulke hellingen hier verzinnen is me een raadsel.

Verder is het weggetje hiernaartoe zo smal dat je niet kunt keren. Ik probeerde het maar ik ramde al een steen met de trekhaak. Het is hier geen omgeving voor Volvo’s. Ik moet weer een Franse auto met handbak hebben. Of een vierwielaangedreven auto, dat lukt ook wel.

Met mijn schouder gaat het goed. Ik heb een hardnekkige blessure waardoor ik lang niet kon badmintonnen, maar de pijn is nu bijna weg. Over twee weken zal ik de mannen op de club die overmoedig waren geworden door mijn afwezigheid weer even op hun plek zetten. Ik doe hier conditie op door te lopen met Lori, dus ze kunnen hun borst natmaken.

Maar in de winter is het hier koud, ligt er sneeuw en kun je hier alleen per sneeuwscooter komen. Toch zou ik het wel willen proberen. Er is hier alleen geen wifi dus werken wordt lastig, maar verder is het hier ideaal voor een kluizenaar. Wat nog beter zou zijn, een huis in een uitgehakte rots, dat hebben ze hier ook. Hoe ze het allemaal doen is me een raadsel, maar ze bouwen hier op de hoogste berg.

Helling

Eigenlijk is het vreemd. We maken een reis van 1200 km en ik bereid het amper voor. Het enige wat ik deed was één bandenspanningscheck en de auto wassen en uitzuigen. Dat is traditie maar het heeft weinig zin. Na een dag is de auto van binnen één grote zwijnenstal.

Vroeger peilden we olie, controleerden we de verlichting en de vloeistoffen en kenden we de regels in het buitenland en stippelden we de route uit. Niks van dit alles. Rijden zoals de Navi aangeeft zodat je je onderweg begint af te vragen waarom je deze weg eigenlijk volgt.

Na 1200 km kwamen we aan, een piepklein dorpje, een smal weggetje waar maar één auto tegelijk door past, en tot overmaat van ramp een enorm steile helling waar m’n auto met grote moeite tegenop komt. Geen asfalt, veel geslip, veel ingrepen van het tractieconrolesysteem, bijna stilvallen en ternauwernood kom ik boven. Linda gaat hier niet rijden. Maar ik ga hier niet geheelonthouden. Dat betekent dat ik alleen de laatste helling stomdronken het stuur moet overnemen. Nou ja, dan is het waarschijnlijk ook minder spannend.