We gaan eraan! (3)

Ondertussen begin ik hem toch wel te knijpen. We krijgen al bijna de sleutel van het nieuwe huis, maar denk maar niet dat het huidige al verkocht is. Welnee. De dubbele lasten komen er dus aan. De adviseur van de bank deed er nogal luchtig over en zei dat we dat makkelijk een jaar vol konden houden. Hoe die mannen redeneren begrijp ik soms helemaal niet. Denkt hij nu echt dat we 1000 euro per maand + de rest zomaar even dragen?

Vorige week zat ik al te rekenen waar we nog verder konden besparen om het faillissement af te wenden. Nog maar twee keer per dag doortrekken, ventilatoren uit, douchen bij de sportclubs, halve rantsoenen, kinderen in het bos achterlaten, maar nog steeds kwam ik niet aan het benodigde bedrag. Dan moet Linda maar full time gaan werken, zij heeft ons in deze ellende gestort tenslotte. Nou ja, het zal wel loslopen. Vanochtend belde ze me alweer dat er eindelijk weer iemand komt kijken. Alle zeilen bijzetten dit weekend! Alles blinkend schoon, tegels oppoetsen, rode loper uit, tegen elk aannemelijk bod.

Gemiddeld duurt het drie maanden. Wij zijn pas twee maanden onderweg, en er zat vakantie tussen. Komt vast goed.

Knalvuurwerk

Ik las iets interessants. Ik had het al eens gelezen, maar zulke dingen vergeet je dan weer, al doende in je drukke leven. Het ging over supernova’s. Supernova’s zijn exploderende superzware sterren. Weet u wat een lichtjaar is? Een lichtjaar is iets meer dan 9 biljoen kilometer. U vindt misschien 20 kilometer op de fiets al ver, dit is 9000 miljard kilometer.

Als u dat getal vermenigvuldigt met 500, dan pas bereiken we de afstand (500 lichtjaar) waarop we niet al te veel schade zullen ondervinden van zo’n supernova. Met andere woorden, als er zich zo’n ster binnen deze afstand van de aarde bevindt, en hij ontploft, wat vroeg of laat gebeurt bij zo’n knoepert, dan zijn wij de klos. Het kan dan nog 500 jaar duren voor we het merken, maar het kan ook al 490 jaar geleden gebeurd zijn, in welk geval we over 10 jaar de klos zijn.

Een supernova, of een hypernova, is een ontploffing waarbij een lichtkracht vrijkomt die gelijk is aan ongeveer een miljard keer de lichtkracht van onze zon. Niet in de flits kijken dus, als het gebeurt. Maar misschien dat u dan iets anders aan uw hoofd heeft.

Er is ook goed nieuws. Volgens de geleerden bevindt er zich binnen deze kritische grens geen ster die een supernova kan veroorzaken. Ik geloof dat het aantal supernova’s dat in onze jaartelling is waargenomen op één hand te tellen is. De dichtstbijzijnde was 166.000 lichtjaar weg.

Supernova’s altijd buiten afsteken. Houdt de supernova niet in de hand, maar op de grond leggen. Steek de lont aan met een aansteeklont en bewaar een veilige afstand.

Samba pa ti

Ik ben een beetje in paniek. Dat komt door de bosbranden in Brazilië. Als het niet op het nieuws was geweest had ik het niet geweten, en was er niks aan de hand. Maar nu staan de longen van de wereld in brand. Ik weet van Niki Lauda dat het niet goed is als je longen in brand staan.

Het schijnt zo te zijn dat er elk jaar wel bosbranden zijn in Brazilië. Dan fikken er stukken bos af ter grootte van een gemiddelde provincie. Ik hoorde vroeger al dat er dagelijks stukken bos ter grootte van 10 voetbalvelden verdwenen. Erg zuinig gaan ze er daar allemaal niet mee om. Hier mag je nog geen braam plukken.

In elk geval, moeten we ons nu zorgen maken? Krijgen we straks 20% minder zuurstof binnen? Zijn alle maatregelen die genomen zijn om de CO2 te reduceren in één klap ongedaan gemaakt en hebben we de strijd tegen het smeltende ijs definitief verloren?

Ik zag het kaartje waarop aangegeven stond waar de bosbranden woeden. Overal. Heel de Amazone staat in de fik volgens de krant. Ik maak me ernstig zorgen. Over twee weken hoor je er niks meer over, want dan zijn we dit nieuws weer moe.

Guantanamera

Het is een prachtig lied, dat vond ik altijd al. Zeker als Nana Mouskouri of Julio Iglesias het zong. Maar dat was voor ik er ooit iets van begreep. Door de serie “la casa de papel” zocht ik het op en vond ik tientallen verschillende uitvoeringen. Het gaat over een vrouw uit Guantanamo en over het verzet tegen de bezetter in Cuba.

Ineens sloegen de versies van Mouskouri en Iglesias nergens meer op. Laat staan Rob de Nijs met z’n Anna Paulowna. Dit lied dient gezongen te worden door een oude Cubaan met een sigaar. De mooiste versie naar mijn mening is deze, al wordt deze niet slechts gezongen door één oude Cubaan.

Zo’n lied hebben wij Nederlanders niet. De passie die van de dansende mensen afstraalt al helemaal niet. Dansen is daar anders dan bij ons. Daar ziet het er niet onnatuurlijk uit, waarschijnlijk omdat ze het kunnen. Zo’n lied moet ook haast uit ellende voortkomen, vandaar dat wij zoiets niet kennen. Viva Hollandia is ons strijdlied. Ik zal u de link besparen.

Wandelingen

Morgen moet ik weer werken, maar de laatste vier, vijf dagen heb ik flink met de hond door het bos gestruind. Het valt me nog tegen, de afstand die je aflegt in een kleine twee uur, een kilometer of acht slechts, maar we staan af en toe stil om wild te kijken, (ik kijk, de hond trekt als een gek aan de lijn en verjaagt het) en het gaat af en toe door los zand en heuvel op.

Verbazingwekkend, de gedeeltes die ik nog niet ken hier na 35 jaar. Nu zwierf ik westen van Gortel, voor mij vrijwel onbekend terrein. (nog geen tien kilometer van mijn huis) Op de Veluwe kun je overdag vrijwel niet verdwalen, maar je kunt wel de verkeerde richting oplopen en zodoende ver van je vertrekpunt (waar de auto staat) terugkomen. Na twee uur lopen heb je geen zin meer om nog eens een uur terug te moeten naar de auto. In het bos is geen data ontvangst, dus met je telefoon kun je je niet redden. Alleen het kompas weet wel steeds de weg. Probleem is wel dat als je een aantal keren een zijpad hebt genomen, je niet meer goed weet in welke richting je bent gegaan en dus weet je ook niet precies in welke richting je terug moet. Na wat zweten, van warmte en van spanning of ik wel goed liep, kwam ik toch weer op een punt dat ik herkende, binnen twee kilometer van waar de auto stond.

De wolven hebben zich nog niet laten zien aan mij. Wel naderde ik zwijnen en herten tot op een meter of tien voordat ze me zagen. Ik leerde tevens dat reeën kunnen blaffen als een hond als ze schrikken en wegrennen. En ik leerde iets meer respect te hebben voor vierdaagse lopers. En voor soldaten die altijd precies weten wat de coördinaten zijn van de plek waar ze zich bevinden.

Wat een hoogteverschil!
Nooit eerder gezien.

We gaan eraan! (2)

Omdat het nog vakantie was en ik bedacht dat ik in geen tijden meer in de stad (Apeldoorn) was geweest dacht ik dat het wel leuk zou zijn om eens te kijken hoe het met de stad was gesteld. Nu is Apeldoorn altijd een onbeduidende stad geweest (geen rivier) maar ik vond het vroeger toch wel leuk om er op donderdagavond heen te gaan. Er was een Kijkshop, een V&D, een Free recordshop, een boekhandel, een noten- en wijnhandel waar het altijd lekker rook, er was een C&A en we parkeerden op de grote parkeerplaats achter de Hema. Je kon dan via de achteringang van de Hema in de stad komen. Omdat ik er op school zat, kwam ik ook vaak bekenden tegen. De orgelman tikte altijd tegen zijn pet als je hem wat gaf.

Vandaag de dag is er niks meer van over. Honderd kledingzaken, verschillende opticiens, juweliers en talloze vreettenten. Dat is wat er over is. Wat is nu een stad zonder V&D waar je drie kwartier kunt struinen voor je lol? Helemaal niks. Rokende puinhopen zijn het, van wat ééns de minst bruisende stad van Nederland was. Maar het bruiste tenminste nog! Wat een bagger! Zelfs de bakkers gaan failliet omdat iedereen salades zit te eten en vervolgens wegens gebrek aan kracht een elektrische fiets nodig heeft. De hele technologische vooruitgang ziet erop toe dat we eraan gaan. Het hele internet moet zo spoedig mogelijk ingeperkt worden, alleen het bloggen moet blijven want dat is de enige nuttige toepassing waarin je niet op een andere manier kunt voorzien. Ik voorspel dat de digitalisering zijn langste tijd heeft gehad en dat alles op den duur vervangen wordt door mensenhanden.

Een eigen heuvel of rivier.

De jaarlijkse uittocht naar het mooie Frankrijk zit er weer op. Ik ben verliefd op dat land, maar daar vertel ik niks nieuws mee. Of ik een Francofiel ben dat betwijfel ik. Volgens mij houdt een Francofiel ook van Franse kaas en van wijn, maar dat valt in mijn geval erg mee. Twee flessen wijn heb ik gedronken in twee weken, ik ben toch meer een 1664 man. Maar de schoonheid van het land, die ligt besloten in de chaos erachter, vind ik een wonder. Ik hou wel erg van de taal, maar verder moet het er wel zomer zijn, en liefst zinderend heet. Nou ja, zo tussen de 30 en de 35, daar doe ik het voor.

Dan hoor je de krekels, zie je de hagedissen, duizenden vissen, joekels van sprinkhanen, en soms een schorpioen. Je ziet rare scooters op de snelweg, motorrijders in korte broek, wielrenners in noodgang van een afdaling en overal die zelfde dorpjes met een pleintje waar jeu de boules wordt gespeeld. Op een of andere manier denk ik ook altijd dat Fransen intelligenter zijn dan Nederlanders, maar dat heeft vooral te maken met dat ik hun domme gelul niet versta.

Wat ik misschien het mooiste vind zijn de heuvels, die van niemand zijn, waar niemand woont en waar de bomen nog volop groeien. Er zijn er daar zoveel van dat het niet anders kan of er gebeuren daar op de toppen dingen waar niemand weet van heeft. Als ik over de A31 rij, tussen Nancy en Dijon, en ik zie zo’n heuvel, dan zou ik er eentje willen bezitten. Gewoon, van mij. Dat daar niemand mag komen, en dat er een wereld op zichzelf is waar geen Trump is, geen Poetin en geen Rutte. En een klein riviertje, dat zou ik ook willen hebben. Snelstromend, met duizenden vissen en rotsen erin. Een eigen heuvel en een eigen rivier, is dat nu teveel gevraagd?