De cavalerie is onderweg

Ik kan het leuk vertellen vind ik zelf. Het vorige logje was best komisch en positief. Het zegt alleen helemaal niks. Het is een momentopname. Vlak na dat logje waarin het zo goed ging met de oorsuizingen, ging het alweer minder en begon de paniek toe te slaan. Want wat gebeurt hier nu? Is het nu echt zo dat mijn leven hier ophoudt? Tenminste, het leefbare deel ervan? Dramatische gedachten maakten zich van mij meester. Niet veel later was ik in paniek, in angst, tegenwoordig noemen we dit angstaanvallen.

En zo is het ook, je wordt aangevallen door angst, door paniek en je kunt je niet weren. Ik kon niet meer rustig nadenken en niet meer praten. Ik had nog ontspanningsoefeningen geprobeerd, maar daar was het al veel te laat voor. Nu hielp niks meer en moest ik volledig door het dal om op het diepste punt te gaan liggen wachten op hulp. Ik had de huisarts gemaild en een uur later belde hij me. Eindelijk hem, hij die mijn angstklachten vaker heeft behandeld. Niet een van de twee huisartsen die mij eerder hierover hadden gesproken, maar de grote baas zelf. Ik kon amper een woord uitbrengen, maar hij begreep het dus hield hij een monoloog. Hij zei dat hij me naar de KNO-arts zou doorverwijzen. Dit omdat het probleem me dusdanig ontregelde, dat er ingegrepen moest worden. Hij had het over buisjes, of over een maskeerapparaatje, of weet ik veel wat, er moest in elk geval even door een KNO-arts naar gekeken worden. Dat ik een uitnodiging zou krijgen, dat er een wachtlijst was maar dat er door corona nog wel eens iemand uitviel, in elk geval: hou nog even vol, de cavalerie is onderweg. En toen hing hij op. Ik kon toch niets zeggen. Maar ik vond het mooi gezegd, ondanks mijn ellende. Cavalerie, voor mij.

Zemelaar

Mijn leven is een grote sinusgolf. Pieken en dalen. Tenminste, ik laat mij meeslepen. Zo kan ik de ene dag voor de spiegel staan en mezelf trots aankijken. Ondanks mijn 51 jaar sla ik iedereen van de baan met badminton (iedereen zijn drie tegenstanders op een avond) en loop ik tien kilometer, heb geen rugproblemen meer, geen blessures, mijn hersenen doen het goed en ik voel me fit. De volgende dag zie ik een oude, vermoeide man, met dun, grijs haar, leesbril, wallen, klein buikje, hangende oogleden, en nog een paar dingetjes die me niet bevallen. Het kan hard gaan. Sinds een paar dagen heb ik er een nieuw ongemak bij. Ik noem het maar voorzichtig tinnitus. Een hoogfrequente pieptoon in mijn hoofd. Het schijnt in je hoofd te zitten. De pieptoon komt me niet onbekend voor, ik ken dit al heel lang. Alleen stond er dan meestal een televisie aan ergens. Of het was eventjes en het verdween weer. Maar nu houdt het al dagen aan. En waar het van komt? Ik heb nooit (zelden) concerten bezocht. Weinig in disco’s geweest. Heel weinig met een koptelefoon op naar muziek geluisterd. Alleen de afgelopen maanden heb ik wel dagelijks oortjes in gehad. Om YouTube filmpjes te bekijken voor het slapen gaan. Maar op zeer laag geluidsvolume. Dat kan het haast niet zijn.

Ik heb altijd gezegd dat een mens niet gemaakt is om ouder dan veertig te worden. Dan is het beste ervan af, en kun je je in de natuur niet meer redden. Maar we leven niet in de natuur, wij leven in gevangenschap. Daar kun je oud in worden. Ik ben alleen niet zo goed in oud worden. Die klachten die ik noem, behalve tinnitus, zijn normaal en ik vind ze al storend. Ik was altijd blij met mijn goed werkende lichaam en mijn zintuigen. Zeuren over ouderdomskwalen is ook gezeur. Wees eerder blij dat je oud wordt, schijn je dan te moeten denken. Zit best wat in. Maar als het in dit tempo gaat dan ben ik over vijftig jaar finaal op! En alleen de eerste veertig deden ertoe. Nou ja, gelukkig heb ik de foto’s nog.

Net niet

En nu net, een dag voor ik dacht het gehaald te hebben, schoot het weer in mijn rug. Die lockdown was niet goed, ik deed wat ik kon, lopen, fietsen, maar dat badminton maakte mijn rug losser. En mijn rug kon sinds ik weer speelde best wat hebben. Maar vier maanden niet spelen was net een dagje teveel. Vanavond konden we weer, maar nu kon ik niet.

Zo denk ik dat het zit. Het hoeft niet te kloppen natuurlijk, feit is ook dat ik ergens lang geleden, ik schat op mijn 35e, ben gestopt met badminton juist vanwege rugproblemen. Het is niet heel ernstig, ik heb het stukken beroerder meegemaakt. En als ik eerlijk ben was het zich al een tijdje aan het aankondigen in de vorm van pijn in mijn bovenbeen. Ik had eerder de fysiotherapeut moeten bellen. Nu ben ik waarschijnlijk over drie weken aan de beurt.

Geen nood, ik ken mijn rug inmiddels. Morgen zal het al wel beter gaan. Maar die Corona lockdown richt ook schade aan, het is niet alleen maar goed. Maar alleen maar goed bestaat niet, er is altijd een gedeelte slecht of er is een groep die het goede als slecht ervaart. Je kunt het dus nooit helemaal goed doen, behalve bij wiskunde.

Wenen

Ik moet aankomende week naar Wenen. De anderen uit mijn team zouden waarschijnlijk zeggen: ik mag naar Wenen. Want voor hen is het een leuk uitje, behalve voor eentje die niet komt wegens vliegangst. Waarom heb ik ook geen vliegangst verzonnen gelijk in het begin? Nee, ik moet het altijd afzwakken, en uiteindelijk hik ik er weer tegenaan. Nu is het wel zo dat er een Nederlandse collega meegaat die niet in mijn team zit. Mijn manager weet van mijn angst en nodigde daarom deze collega ook uit, zodat ik niet alleen hoef.

Ik vroeg me al wel af of mijn rug het zou houden, want ik kan niet ontkennen dat er een patroon is tussen stress en mijn rug. Volgens mijn eerste fysiotherapeut was dit niet mogelijk, waarmee hij waarschijnlijk bedoelde dat het nooit wetenschappelijk is aangetoond. Maar elke keer als ik stress heb, ook al voel ik het zelf niet zo, is het raak. (maar in de vakantie ook, moet ik eerlijk zeggen) Dus afgelopen maandag dacht ik nog dat het goed ging, totdat het bij het tanden poetsen ineens in mijn rug schoot. Ik kan dan twee dingen doen, me overgeven en op bed gaan liggen en het rekken tot na de reis naar Wenen, of me weer omhoog sleuren en verder gaan. De eerste optie is geen serieuze optie, want ik meld me alleen ziek als ik ziek ben. En pijn in je rug is niet ziek, vind ik nog steeds. Eikel die ik ben. Ik belde de fysio en legde uit dat ik volgende week naar het buitenland moest en dat ik geholpen moest worden. Normaal kun je bij deze tovenaar pas een afspraak maken over twee of drie weken, maar hij kent me inmiddels en hij maakte de volgende dag een kwartiertje vrij voor me.

Die avond ben ik naar het bos gegaan met de hond; de eerste 200 meter met een van pijn verwrongen gezicht, maar later loop ik het een beetje los. Totdat je weer thuis op de stoel ploft, dan is het weer mis. Die avond liep ik de trap op en toen ik boven was, deed een pijnscheut me neerstorten en ik kon niet meer overeind. Het heeft een minuut of tien geduurd eer ik weer stond, en strompelend ging ik naar de wc en poetste mijn tanden. De volgende dag naar de fysio, hij maakte zich zorgen over het feit dat er nu voor de derde keer dit jaar was, want hij vond het een indicatie dat er een hernia zit aan te komen.

Nou ja, of je nu niet kunt lopen van een hernia of door gewone pijn in je rug maakt ook niks uit. Ik heb inmiddels twee hernia’s gehad, en ook dat gaat weer over. Hij deed zijn gebruikelijk sloopwerk en ik voelde me al iets beter. Dat was dinsdag en donderdag was ik klachtenvrij. Heb zojuist in de tuin gewerkt. Wenen, ik kom er aan.

Dry needling

Lag ik gisteren op de behandeltafel bij de fysiotherapeut, wegens stekende pijnen in mijn linkerbeen, had ik er al drie dagen geen last van. De therapeut testte mijn heuprotatie aan de linkerkant, en die was niet best. Amper beweging in te krijgen. Tevens was de spierspanning in mijn linkerbeen tien keer zo hoog als in mijn rechter, al moet hier worden aangemerkt dat tien keer zo hoog waarschijnlijk gewoon ‘hoger’ betekende. Ik had van dat alles niets gemerkt. Met een niet roterend been kun je kennelijk prima leven. Ik loop dagelijks met de hond, en kan gewoon een bocht nemen.

Tevens zit er een s-bocht in mijn wervelkolom. Dat wist ik natuurlijk wel. Het is geen haarspeldbocht, maar toch, recht is anders. De therapeut rekte de boel wat op en binnen de kortste keren bewoog mijn heup al beter. Echter was mijn musculus quadriceps femoris aan de linkerkant wel een stuk korter dan aan de rechter. Dat verontrustte me wel een beetje, ook nadat hij het had uitgelegd. Die moet ik nu oprekken van hem, met oefeningen. Die doet zo´n therapeut dan voor, jij slaat ze aandachtig op, en vervolgens doe je er thuis niks meer mee. Zo gaat dat bij mij tenminste.

Hij stelde een dry-needling behandeling voor. Dan moet je eerst een verklaring tekenen dat als je overlijdt op de behandeltafel, je hem niet als geest zult “haunten”. En dat je er allerlei bijverschijnselen van kunt krijgen met als meest waarschijnlijke, een blauw plekje op de plek van de naald. Ik heb nog niet gekeken, want mijn heup mag dan beter draaien, ik kan nog steeds niet op mijn kont kijken. Ik heb niet het gevoel dat het ergens toe dient, maar weg is weg.

In voor- en tegenspoed…

Een heupoperatie bij mevrouw Mack verder zijn we inmiddels. Het hakt er allemaal best in. Sinds ik haar ken heeft ze al een hartinfarct, een galblaasoperatie en kunstknie en nu een kunstheup achter de rug. Maar ze rookt al vier weken niet meer. In voor- en tegenspoed zeiden ze geloof ik toen we trouwden. Of iets met dat ik beloofde altijd voor haar te zorgen zolang het huwelijk duurde. Een belofte van niks natuurlijk. Als je niet meer wilt zorgen, kap je er gewoon mee. Slaat nergens op, zo’n belofte. De afgelopen week viel ook niet mee toen ze in het ziekenhuis lag. Om half zeven ’s ochtends moest ik op en vanaf dat moment was het volgas tot ’s avonds laat om alles voor elkaar te krijgen. En dan hadden we de was en de hond nog wel uitbesteed. Maar de kinderen moesten naar school, en mijn werk is een gekkenhuis. Ik was blij dat ze weer thuis was en weer iets van het denkwerk kon overnemen.

Mijn verjaardag probeerde ik stilletjes voorbij te laten gaan, en dat is ook wel grotendeels gelukt. Maar niet helemaal. Ik ben ineens achtenveertig en verre van waar ik ooit hoopte dat ik zou zijn op deze leeftijd. Maar toch ook wel weer precies daar waar ik wilde, afhankelijk van mijn stemming. En ondanks dat ik gezegd had dat ik er niks aan wilde doen, had mevrouw Mack toch weer een cadeautje geregeld. Ik keek al bedenkelijk toen ze ermee kwam, maar ik was toch enthousiast toen ik zag wat het was. Twee kaartjes voor een concert van Julien Clerc in Carré. Achtenveertig. De meesten van achtenveertig gaan nog naar dancefestivals. Maar ik, en ook mevrouw Mack vinden Julien Clerc toevallig goed, geheel onafhankelijk van elkaar. En Carré is natuurlijk ook een belevenis.

Het goede nieuws is dat mijn rug deze ellendige periode weer gehouden heeft. Ik begin goede hoop te krijgen dat ik het nu onder controle begin te krijgen, mijn rug. Nu die idiote buitenwereld nog.

Oud

Nu ik wat ouder ben (47, red.) heb ik ook wat blijvende lichamelijke schade opgelopen. Mijn haar ging er als eerste aan. Ik was 27 en verdorie, daar ging mijn kans om een knappe oude man te worden al in rook op. En het lijkt wel of het de voorzienigheid was die me in de steek liet, want net toen ik het nodig had, verdween het. En toen ik het niet meer nodig had, bleef het zitten. Dus ik loop met een uitgedund bosje rond, al vanaf mijn 27e.

Net toen ik er aan gewend was en de hoop kreeg dat het niet erger zou worden, hoorde ik iemand zeggen: jij wordt ook al grijs! Klap op klap heb ik te verduren gekregen. En grijs kan wel mooi staan, zie George Clooney, maar niet als je ook al kaal bent.

Ik begon voor het eerst gaatjes te krijgen, ik was verdorie al veertig geweest! En nu begeven mijn arendsogen het. Lezen uit een boek doe ik al met een leesbril, de rest gaat nog wel zonder. Ik heb na twee hernia’s een kramp in mijn linkerbeen overgehouden, die er op momenten dat het niet uitkomt, inschiet.

Ik maak van binnen geluiden. Als ik lig hoor ik mijn vrouw soms lachen om mijn geluiden. Ik kan ze niet wegkrijgen, behalve door op mijn andere zij te gaan liggen, dan gaat het weg. Iets met lucht. Plassen. Laten we het daar niet over hebben, maar alleen als ik flink bier heb gezopen kletter ik nog keihard tegen het porselein. Verder wordt het genant en moet ik er minimaal één keer uit ’s nachts.

En dan zegt de leuke kapster altijd tegen me dat ze me helemaal niet oud vindt. En dat helpt echt! Ik voel me dan weer groeien en denk dat ik nog heel wat klaarspeel. Totdat ik in bed lig en de lucht in mij weer rare geluiden begint te maken en mij eraan herinnert dat de kapster geen gelijk heeft. En dat ik me vooral niks in mijn hoofd moet halen, anders gaan er nog veel meer genante klachten optreden.

Titel

Ik ging naar de huisarts wegens benauwdheidsklachten. Af en toe na het hoesten krijg ik geen lucht meer. Mijn luchtpijp lijkt dan dicht te zitten, en het is alsof ik door en rietje moet ademhalen. De huisarts leek niet erg onder de indruk van mijn verhaal, mat mijn zuurstofgehalte, dat op dat moment 98% aangaf, luisterde mijn longen en testte mijn bloedwaarden die ook prima waren.

Enigszins opgelucht verliet ik de spreekkamer met het afdvies te wachten tot het overging. Het duurt nu al een maand, en langzaam werd het erger. Vanochtend na een hoestbui kreeg ik 20 seconden bijna geen lucht, en maak ik het geluid van een zware roker die nog maar één long heeft. Ik liep rood aan en de tranen stonden in mijn ogen.

Het is alsof mijn luchtpijp zich afsluit en na tien seconden pas weer opengaat. Tien lijkt niet veel, maar als je net uit een hoestbui komt, is het best lang. Het gaat wel weer over, maar nu begrijp ik wel hoe de Feyenoord supporter zich momenteel voelt. Go Ahead legt Ajax geen strobreed in de weg, en zelf staat Feyenoord 2-0 achter met nog een half uur te gaan.

Mijn allerliefste liefie

Dochter en ik zijn al een maand aan het kwakkelen. Zij net een weekje langer. Hoesten, overgeven, koorts, ellende. Vandaag ging ik met haar naar de huisarts. Ze had al antibiotica, prednison en puffers gekregen, het hoesten is er nu bijna onder, maar ze kreeg weer koorts en moest overgeven. Onze eigen huisarts was met vakantie dus kregen we een invaller. Aardige man, en Tammar had hele verhalen, hetgeen de dokter wel amusant vond.

Een uurtje later moest ze bloedprikken. Ze was wat nerveus en vroeg aan mij of ik haar dusdanig kon knijpen om te laten voelen hoeveel pijn het deed. Ik gaf haar een kneepje van niks, om het niveau van pijn aan te geven. We moesten een nummertje trekken, nog zes wachtenden voor ons, en ze was aan de beurt. Een aardige vrouw vertelde haar wat er ging gebeuren, Tammar vroeg hoeveel prikken ze kreeg, en dat was er gelukkig maar één. Tijdens het prikje hield ze haar ogen dicht, en de vijf of zes buisjes bloed waren in een mum van tijd gevuld. Toen de spuit er al uit was, vroeg de mevrouw of Tammar het watje even vast wilde houden, en ineens reageerde ze niet meer en kieperde achterover. Weg was ze. Ik schrok me een hoedje, want die zag ik niet aankomen. Binnen een paar seconden was ze weer bij, en nam ik mijn allerliefste liefie -zo noem ik haar vaak- weer mee in de auto naar huis.

Ze heeft er weer een medicijn bij, deze week moet ze nog thuisblijven, daarna heeft ze vakantie en over een week is ze weer de oude, volgens de huisarts. Moeten we nog wel even bellen voor de uitlslag natuurlijk. Pfeiffer, kinkhoest, dat soort onheilspellende dingen hoorde ik hem zeggen. Ik kinkhoest zelf ook nog even door. Ik kreeg laatst midden in de nacht geen lucht en moest even wachten voor ik kon inademen. Waardoor weet ik niet precies. Met een onheilspellend geluid zoog ik ineens mijn longen halfvol, want vol lukte haast niet, en dat was al genoeg om mevrouw Mack rechtop in haar bed te doen zitten. Daarna hoestte ik me weer leeg, en toen ik uit de hoestbui was, ging ik uitgeput weer liggen. Kinkhoest, hoe verzint hij het!

Hodofobie

Nadat op mijn 17e de eerste angstaanvallen zich openbaarden, zijn ze eigenlijk nooit meer weggegaan. Een dozijn huisartsen en psychologen verder moet de conclusie zijn dat ze bij mij horen en niet meer weggaan. Vanaf mijn 17e ging ik dus ook vermijdingsgedrag vertonen en zo ben ik gaan doen wat ik ben gaan doen. Heel wat hartkloppingen en kalmeringspillen later ben ik nu 47, en had het afgelopen week weer. Totaal in de war, niet meer in staat tot normaal functioneren, slapeloosheid, een steen op mijn maag en de neiging tot overgeven. Reden, ik moest naar Londen.

Ik heb geen vliegangst, maar reisangst die zich pas de laatste jaren is gaan openbaren. Ik ben bang voor het vliegveld, voor treinen, voor hotels en voor het dagenlang met collega’s opgescheept zitten. Ik moet elke dag weer vechten om er weer door te komen, en ik tel de dagen af tot aan het einde. Heb het een paar keer moeten doen, maar beter wordt het er niet van, het wordt juist erger. En ik ben niet bang voor het in de trein zitten, ik heb geen vliegangst, en geen hotelangst, het is meer het vinden van de juiste trein, het vliegtuig, het je goed houden bij je collega’s terwijl je weg wilt, het is de angst voor de angst.

Ik was er klaar mee vanochtend na vanaf twee uur vannacht niet meer geslapen te hebben. Als een dood vogeltje lag ik in bed, te hopen dat de tijd vast liep. Ik vond de aanslag die ik pleegde op mezelf en mijn gezin te groot, en belde mijn manager en vertelde haar het probleem. Ik zei dat ik wel een andere baan ging zoeken, want ik kon niet een paar keer per jaar finaal uitgeschakeld worden alleen omdat ik bij een internationaal bedrijf terecht ben gekomen.

Terwijl ik nog niet eens echt ben begonnen in mijn nieuwe functie, gaat het nu al mis. Maar mijn manager smste later: it’s no showstopper for me, I am sure we’ll make a great team. Geen nieuwe baan dus. Wel 400 euro naar z’n grootje. Maar ja, ik doe het ook niet met opzet.