Lef

Hans verkocht een game-laptop, 3 maanden oud, via marktplaats, afgesproken prijs was 1000 euro. Er waren twee geïnteresseerden, maar de eerste was iemand uit Den Haag. Ik had me nergens mee bemoeid, maar Hans vroeg mij of we diegene even bij de bushalte op konden halen. In de auto zei Hans dat hij niet het idee had dat de ander heel goed Nederlands sprak, en dat klopte. En ook geen Engels, alleen Turks zei hij. Hij vertaalde met z’n telefoon. Hij kwam uit Syrië en was hier zeven maanden.

Het riep bij mij wat vragen op, maar vooral hoeveel lef deze jongeman moest hebben om zonder kennis van de taal bij vreemden in de auto te stappen en mee naar hun huis te rijden. Ik vertelde dat we een hond hadden en of dat een probleem was. Toen hij het vertaald had zei hij geen probleem. Maar toen hij de hond zag deinsde hij achteruit en durfde niet naar binnen. Ik deed de hond in de tuin waarop hij binnenkwam. Ik verwachtte een korte inspectie maar Hans had de boel gereset waardoor er opnieuw geïnstalleerd moest worden en dat nam zomaar drie kwartier in beslag. Hij merkte kleine beschadigingen op en vroeg om de factuur en de doos. De doos had Hans niet meer en hij wist ook niet hoe de krasjes erop kwamen. Dat is wel typisch Hans, lekker slordig met je spullen omgaan en de doos weggooien.

Ik dacht dat de prijs al overeengekomen was maar ik dacht ook dat de laptop in nieuwstaat was. Ik zei Hans om er 100 euro vanaf te doen maar op de telefoon van de man stond: staat u mij toe hem voor 850 te kopen. Heel netjes, maar nee. Hans maakte het hem ook nog duidelijk, 900 of niet. Linda zat zich sowieso al te ergeren aan de andere kant van de kamer en ik vroeg haar het aan mij over te laten. De situatie werd een klein beetje ongemakkelijk en de man zei dat hij nog een half uur nodig had om de installatie te voltooien. Hij en Linda stonden op het punt hem eruit te werken maar ik zei, hij komt helemaal uit Den Haag, geef hem even.

Toen hij klaar was wilde hij betalen met 850 euro. Toen was Linda er klaar mee en zei dat hij op moest houden waarop de man 900 betaalde. Ik bracht hem terug naar de bushalte, en als hij niet zo had zitten zeuren had ik hem naar de trein gebracht. Maar ik bleef het bewonderenswaardig vinden, ik zou zoiets toch nooit uithalen, en al helemaal niet in een ander land, uit angst dat ze me zouden vermoorden en ergens in een container achterlieten.

Nikita

Ik ben ergens ingetrapt maar ik weet nog niet waarin. Dat komt vast nog. En niet dat ik niks vermoedde, integendeel, al mijn alarmbellen gingen af, maar tot nu toe speel ik mee. Een Russische mailde mij dat haar zoontje graag ansichtkaarten uit het westen zou ontvangen. Hij had alleen kaarten uit voormalige Sovjet-landen maar uit het westen was lastig. Hoe deze Russische aan mijn e-mail kwam is mij niet duidelijk en heb ik ook niet gevraagd. Ik schreef alleen terug: “geef me zijn naam en adres.” Dat beantwoordde deze Russische, haar zoon had een typische Russische jongensnaam maar door Elton John denken wij dat het een meisjesnaam is. Ze gaf een adres op in volgens haar een kleine stad, maar qua inwoners toch groter dan Utrecht, en ze bedankte me.

Ik zocht het adres op en na enig denk-en vertaalwerk vond ik het op Google maps. Ik vond op Facebook ook een mevrouw met die naam in de betreffende plaats. Duidelijk nep, want ze was veel te mooi en had maar enkele mannelijke vrienden uit het westen. Maar misschien was haar naam wel het Russische equivalent van ‘Karin de Vries’ en zijn er meerdere van. Hoe dan ook, ik dacht: “wat kan mij in godsnaam gebeuren met een vrouw zoals jij aan mijn zij?” Met Hans de Booij ging het ook niet heel lekker nadat hij zichzelf deze vraag stelde. Kennelijk gebeurde er toch iets onverwachts.

Goed, een kleine kans dat het echt was, en ik zag niet waar dit fout kon gaan dus reed ik tussen de middag naar het postkantoor, haalde drie ansichtkaarten en postzegels voor het buitenland, betaalde een tientje en schreef de kaarten. Dear Nikita. Het enige dat ik kan bedenken is dat ik straks een bedankje per e-mail krijg en dat ze zo mijn vertrouwen probeert te winnen en ik straks 1000 euro overmaak. Ik zal toch niet voor dat tientje opgelicht zijn?

Nou ja, ik ben in elk geval op mijn hoede, maar misschien had ik dit al niet moeten doen en heeft de KGB nu mijn handschrift en vingerafdrukken. Want daar zullen ze vast achteraan zitten. Wordt vermoedelijk vervolgd.

Geduld

Mijn vrouw prijst mijn geduld wel eens. Terwijl ik echt wel ongeduldig ben. Maar wat zij bedoelt is je ergens niet bij kunnen neerleggen en maar doorgaan totdat de puzzel is opgelost. Ik zie dat niet als geduld, het is een innerlijke drang, een instinct, een stem van boven, het niet willen opgeven. Gisteren viel de wifi weg nadat ik klaar was met de bedden van de kinderen in elkaar te zetten. Ik was er al helemaal klaar mee, dus ik tyfte wat af, al heb ik geen idee wat dat betekent. Maar drie kwartier later werkte het weer, dacht ik.

Vandaag om een uur of vier, ik was nog aan het werk, viel internet uit. Geen idee wat daar nu aan de hand was, maar vier uur later, na eindeloos resetten, gebruiksaanwijzingen lezen, trappen lopen, snoertjes verwisselen en afwachten had ik alles weer werkend. Ik weet nog steeds niet waar een experiabox voor dient, ik weet alleen wel wat de knipperende lampjes en de knopjes betekenen. Hetzelfde geldt voor het modem.

Achteraf denk ik dat het van kamer wisselen van de kinderen er mee te maken had. Die hebben al hun tv-, internet- en wifi-aansluitingen eruit getrokken en er op een foute manier weer ingedaan, zonder dat ik het wist natuurlijk. Zelfs een adapter paste niet meer in het tv-kastje om een hele mysterieuze reden. Maar ook die reden vond ik.

Het is een kwestie van steeds een beetje verder komen en steeds meer begrijpen. Toen ik na het eten de hond uitliet begon het me te dagen dat er boven wel eens iets mis kon zijn. Dat steeds dichterbij de oplossing komen is de motivatie om maar door te gaan. Het is geen kwestie van geduld. Het is een kwestie van intelligentie. En dwangneurose.

Los!

Ik sla nooit geliefden, maar vandaag moest ik een uitzondering maken. Ik heb Tammar in haar meest dwarse bui ooit wel eens een trap gegeven, en nog veel vroeger mijn zusje in net zo’n dwarse bui, maar het geeft alleen maar een slecht gevoel. Misschien deed het mij wel meer pijn dan hen. Wat dat betreft begrijp ik niet dat er vroeger zo lustig op los werd geramd door vaders.

Degene die vandaag de klos was, was Lori. Ook zij zit in haar puberteit en neemt het ineens niet meer zo nauw met mijn gezag. Ik speel altijd met haar tijdens het uitlaten, maar als ik “los” zeg, moet ze loslaten. Tot nu toe lukte dat, maar gisteren liet ze het touw waaraan ik trok niet meer los. Ik trok aan haar oor, draaide haar nekvel om, ik deed zelfs een nekklem, maar niets hielp. Ze hield vast. Het enige dat mij nog restte was haar aan de lijn te doen en linea recta naar huis te gaan. Klaar met het spelen. Thuisgekomen vroeg ik me af of ze dat nu begrepen had. Nee natuurlijk niet! Aan de lijn en niet meer spelen is geen straf.

Vandaag probeerde ik het opnieuw. Zelfde touw, zelfde rondje, en zelfde situatie. Ze liet niet los. Ik gaf haar een ram met de leren riem. Bij de tweede liet ze los. Even daarna liet ze weer niet los, maar nu hoefde ik alleen maar te dreigen met de riem, en ze liet los. Ik was weer de baas.

Die laatste zin, die meen ik totaal niet, want ik laat mijn hond luisteren door te slaan of te dreigen en ik ben er helemaal niet trots op. En waarom ik het zo belangrijk vind dat ze loslaat als ik dat zeg weet ik eigenlijk ook niet. Alsof ze een politiehond is. Misschien moet ik er minder een punt van maken als ze een keer niet luistert. Ze luistert toch al beter dan alle vorige honden bij elkaar.

Een geliefde slaan is in het algemeen geen goed idee. Dat moet je niet willen. Zelfs als je dat nooit doet, geef je ze onbedoeld al wel eens een klap in het gezicht. Honden zijn wat dat betreft minder gevoelig. Gelukkig maar. Anders kon het nog wel eens een lastige zaak worden.

Tijden veranderen

We zijn in een hotel in Kijkduin. Hond mee, kinderen thuis. Heeft Linda geregeld voor mijn verjaardag morgen. Zij vindt er niks aan, dat strand, een spelende hond, eten aan een strandtent en een overnachting in een hotel. Maar ze offert zich op voor mij. Dat is wel lief.

Ik word dus 55. Ik ben bijna op de helft. Tegenwoordig worden we veel ouder en mijn generatie begint daarmee. Ik heb mijn hele jeugd smerige groenten moeten eten, dat krijg ik niet meer ongedaan gemaakt, met geen 100 dönerschotels. En appels, elke dag wel twee, maar die vond ik wel lekker. Mayonaise kregen we niet, want dat was ongezond, net als frisdrank. Een dropje per dag, dat kreeg ik, en in het weekend een glaasje goedkope cola en een klein bakje chips. Feest!

Dat alles heeft er voor gezorgd dat mijn binnenste in superstaat moet zijn. En ja, ik merk nog niet zo veel van ouder worden, behalve dan die leesbril. Nou ja, er zijn heus nog wel wat dingetjes die niet meer zo gaan als toen ik dertig was. Toen was ik op mijn top. Maar bijvoorbeeld spierpijn na het sporten, heb ik niet. Zelfs niet de eerste keer na de vakantie. Er zijn zelfs dingen beter geworden. Mijn rug bijvoorbeeld, geeft veel minder klachten als toen ik in de dertig was.

Goed, geestelijk is het allemaal wat lastig. Ik kan er nog steeds niet mee omgaan dat de tijd verstrijkt. Zat er gisteren nog met de huisarts over te praten. Die zei dat ik toch echt niet jonger ging worden. En ja, daar heeft hij waarschijnlijk een punt. Je weet het niet helemaal zeker met de huidige wetenschap, want ook het verouderingsproces van cellen heeft hun aandacht. Maar zelfs als ze dat lukt weet ik niet of we daar blij van moeten worden. Als ik de enige was, dan wel, maar als niemand meer ouder werd, wat is dan nog de waarde van het leven?

Ik begreep door het lezen van een paar artikelen over Nietzsche dat ik dezelfde denkwijze heb. Alleen 100 jaar later, maar daar kan ik ook niks aan doen. Was ik 100 jaar eerder dan Nietzsche geboren, had ik nu met de eer gestreken. Hoewel, dan had ik het waarschijnlijk niet opgeschreven omdat er geen weblog was. Hoe dan ook, ik heb hier dingen geschreven die op hetzelfde neerkwamen.

Overigens, voor één nacht in dit hotel betaal ik hetzelfde bedrag als voor één maand huur voor mijn flatje in 1995. Maar toen was ik zesentwintig. Ik verdiende denk ik 2800 gulden bruto, dat verdient mijn 18 jarige zoon nu netto in euro’s. Goed, inclusief reiskosten. Maar toch. Tijden veranderen. Ik niet. Ik blijf altijd hetzelfde.

Kwakkel

Ik lig hier alleen in de veranda. Ik heb meer dan twee uur gelopen met de hond, en er staat een duvel speciaalbier naast me. Ik heb een korte broek aan, op deze voorlopig laatste dag van de zomer. Hij kwam wat moeizaam op gang, en hij was niet zo heet als bij onze oosterburen, maar toch, hij was fijn.

Vanaf morgen gaat het regenen en wordt het kouder. Je hebt er niks over te zeggen maar van mij mocht het nog wel even door. De zon, onze ster, maakt alles schoon wat vies is. Met een beetje hulp van onszelf uiteraard. Hij geeft warmte die we nodig hebben, ik klaag er zelden over. Als we water hebben kunnen we de zon verdragen en ik vind hitte fijn. Tenminste, als ik niks hoef. Dan span ik me graag in, zweten voelt gezond, of ik zoek de schaduw op, ik kan zelf kiezen. Het liefst lig ik in het gras, al dan niet met de hond naast me.

Sneeuw heeft een soortgelijk effect. Als het sneeuwt geeft me dat ook energie. Dan kun je maar door blijven lopen, de kou trotserend, in de wetenschap dat er een warm huis op je wacht. Ik gedij eigenlijk prima in Nederlands extremen. Nu nog leren om alle kwakkeldagen door te komen.

Goed

Toen ik drie weken terug in Frankrijk met de hond op een berg liep, voelde ik mij voor het eerst in maanden weer goed. Ik had een inspanning geleverd, het was heet, ik had water bij me maar het belangrijkste was dat ik in vrijheid liep met Lori. Ik had zoveel vertrouwen in Lori op de bergpaadjes dat ik haar los liet lopen. Een paar dagen eerder durfde ik dat nog niet maar aan de lijn, daar werd het niet veiliger van. Het was een genot om te zien hoe ze voor me uitliep en als ze even uit zicht was stond ze te wachten tot ik eraan kwam. Leven noem ik dat.

Een paar dagen geleden zag ik filmpjes van katten die met slangen aan het spelen waren. Als de slang aanviel ontweken ze hem makkelijk. Ik had dit ook al eens gezien bij een leeuwin die haar welpen rustig bij een giftige slang liet omdat ze wist dat de reflexen van de welpen veel sneller waren dan die van de slang. Lori staat wel eens onze kat Kiwi uit te dagen, en Kiwi haalt dan uit met haar poot. Lori’s kop is vlak bij de kat maar de kat slaagt er geen enkele keer in haar te raken. Bliksemsnelle reflexen.

Vandaag liep ik in het bos en zag een adder. Mijn eerste adder ooit. Ik ben alle andere soorten die in Nederland voorkomen al tegengekomen, maar de adder nog nooit. Lori kwam kijken en ik maakte me geen zorgen. Het instinct is feilloos. Ze onderzocht, ze snuffelde en bij de eerste dreiging nam ze afstand. En ok, een adder is ook geen cobra. Maar wat ik maar zeggen wil, ik word blij van deze hond. Van haar intelligentie, haar behendigheid, haar volgzaamheid, haar gehoorzaamheid. Nu moeten we nog zorgen dat alle bossen opengesteld worden voor loslopende honden, en dat er tienmiljoen Nederlanders verhuizen naar een ander land, dan denk ik dat ik me voortaan weer prima voel. Of, maar dat is wel heel ingrijpend, ik verhuis zelf naar Zuid-Frankrijk.

Sportsokken

Ik zeg wel eens gekscherend dat je nooit moet doen als ik, want ik maak steevast verkeerde keuzes. Ik heb dit een paar maanden terug beschreven in een logje waarin ik Jaap Stobbe noemde, de plaaggeest. Het is ook niet dat als ik de andere keuze gemaakt zou hebben dat het dan wel goed zou zijn uitgepakt want dat is niet zo. Dan zouden de omstandigheden wijzigen, en zou die andere keuze verkeerd zijn uitgepakt. Dat is wat de plaaggeest doet.

Zo badminton ik al jaren met witte sportsokken. Ik heb vorig jaar nog twee paar besteld op de psv-fan store. Maar het begon me toch op te vallen dat de meesten geen witte sportsokken meer hadden. Een medespeler, die ik qua kleding altijd een beetje in de gaten hou had hele korte sokken aan, die nauwelijks boven de schoen uitkomen. Dus die bestelde ik laatst ook, 4 paar en een nieuw shirt, dus ik voelde mij weer het heertje.

Gisteren viel mij ineens op dat de betreffende speler witte sportsokken aanhad. I’ll be damned, denk ik dan. En vanochtend lees ik in de krant, dus dan is het waar, dat witte sportsokken weer helemaal hip zijn.

Dus ja, er is niet tegen te vechten. Het maakt niet uit wat ik doe. Ik leg me erbij neer. Het enige voordeel is dat ik anderen uitstekend kan adviseren. Gewoon tegengesteld doen van wat ik doe.

Frustraties.

Wat mij deze week ook nog bezighield waren twee klusjes. Eentje was het zwembad dat ik opgezet had voor de vakantie weer afbreken. Toen ik hem opzette voor Hans de thuisblijver, zag ik in de bodem een groot gat. Muizen waarschijnlijk. Ik plakte het met een stuk plastic van een luchtbed en Hans was gered. Nu, tijdens het afbreken, vond ik dat ik het iets beter moest plakken en ging aan de gang. Schuurpapier, een ander luchtbed opgeofferd, lijm en het plakte voor geen meter. Lang verhaal kort, ik was met mijn engelengeduld twee uur bezig voordat ik het opgaf en het hele zwembad naar de stort deed.

Een dag later, Hans had een andere fiets gekocht omdat die van hem gejat was. Niet op slot gezet, dan is het je eigen schuld, niet die van de dief. De andere fiets was 50 euro en de voorlamp deed het niet, of ik daar even naar kon kijken. Natuurlijk. Ik pakte de fiets en voelde dat die veel te zwaar liep. Na een snelle inspectie vond ik dat de rem niet goed vrij liep. Of hij dat niet gemerkt had? “Jawel maar ik dacht dat zo hoorde.” Ik ging aan de gang, ik haalde de hele boel uit elkaar en kreeg het niet meer in elkaar. Ik fietste (mijn auto stond weer eens bij de garage) met een wiel in mijn hand en een uit elkaar gehaalde trommelrem naar de fietsenmaker. Of hij me kon helpen.

De fietsenmaker was bepaald geen Wheeler Dealer want hij zag mijn onderdelen en zei dat hij een rem nooit zover uit elkaar haalde. Hij kon me dus niet helpen, maar na lang zoeken vond hij nog een gebruikte trommelrem. Die mocht ik voor tien euro hebben. Ik fietste naar huis, om er daar achter te komen dat er een bepaald hoekje miste waardoor je de rem niet kon afstellen. Ik fietste weer terug naar de fietsenmaker, die gaf mij gelijk, en gaf me instructies hoe ik dat kon oplossen. Hij maakte zelfs met zijn slijptol iets (een onderdeel) op maat zodat ik de rem wel kon afstellen. Ik moest dan alleen nog het kabeltje inkorten.

Eenmaal thuis wilde ik aan de gang, bleek dat het op maat gemaakte onderdeel niet meer aan de fiets zat. Zo goed op maat was het dus niet als het van de fiets kon vallen. Ik had niets gehoord, maar dat kan kloppen omdat mijn rechteroor al sinds de vakantie dicht zit. Uren was ik al bezig, twee keer naar de fietsenmaker gefietst toen ik het opgaf en besloot weer een nieuwe fiets te gaan regelen.

Kijk, ik ben blij dat ik veel geduld heb, maar als dat dan niet beloond wordt met resultaat, en het alleen maar verspilde tijd is, nee, dan krijg ik de pest in. Terwijl ik lang geleden al geheel autodidactisch te weten kwam dat ik voor het beste resultaat gewoon beter gelijk iemand kan inhuren in plaats van zelf aan de slag te gaan, uren kwijt zijn, de boel gesloopt te hebben en alsnog iemand kunnen inhuren om het weer te repareren. Ondanks deze kennis pijnig ik mezelf elke keer weer. Misschien moet ik mezelf eens honderd strafregels opleggen. “Ik moet niet zelf aan klussen beginnen maar een handig persoon inschakelen.”

Waar haalt-ie het vandaan.

Op Hemelvaartsdag had ik mij ingeschreven voor een badmintontournooi, maar in de klasse waarin ik viel waren te weinig aanmeldingen dus werden ik en mijn medespeler een klasse hoger ingedeeld. Ook hadden we niet begrepen dat het een landelijk tournooi was, en toen wij aan de beurt waren moesten we tegen Lee Chung Wei en Lin Dan, beiden in hetzelfde flitsende tenue en wij in ons bij elkaar geraapte kloffie, voelden we ons lichtjes geïntimideerd en verloren we alle partijen. Ik ben er een week down van geweest en afgelopen maandag zat het nog in me. Ik overwoog zelfs te stoppen en over te stappen op bridgen.

Vandaag keek ik op YouTube een wedstrijd tussen vier badmintontoppers. Ik sloeg goed in me op hoe zij het deden en was van plan dat vanavond in de praktijk te brengen.

Ik had vanmiddag ook een afspraak met de praktijkondersteuner, bloed- en urineonderzoek, bloeddrukmeting etc. Ik had al wat uitslagen bekeken en volgens mij waren ze niet helemaal goed. De pko was een jonge, enthousiaste vrouw die net haar diploma had en alles met me doornam. En ze vond alles perfect! Mijn cholesterol was iets te hoog, maar niks zorgelijks, suiker prima, nierfunctie uitstekend, bmi goed, urine goed, bloeddruk goed, ze straalde helemaal. Ze vroeg naar mijn alcoholgebruik en ik gaf schoorvoetend toe dat ik dagelijks twee glazen wijn drink. “Vooral mee doorgaan,” zei ze letterlijk. Gezien alle waarden was er geen reden om iets te veranderen, en als dat wel zo was konden we daar altijd nog naar kijken. Ik werd helemaal enthousiast van het mens en ik kijk nu al uit naar de volgende controle volgend jaar.

Ik ging er heen met het gevoel dat het allemaal wat beter moest en ik kwam terug als een 35-jarige. Ik voelde me weer een man. En dat hebben ze geweten vanavond met badminton. Alle partijen gewonnen. Zo zwak eigenlijk dat alleen een enthousiaste jonge meid die met complimenten strooit mij naar dit niveau kan tillen.