Badminton

En nog eentje dan, over het ouder worden. Er gaan ook dingen goed. Oh ja, wat dan Mack? Nou, bijvoorbeeld kan ik nog steeds intens genieten van autorijden. Laatst, ik moest eerst tien centimeter sneeuw van mijn vooruit vegen, maar toen ik eenmaal onderweg was, de stoelverwarming op de hoogste stand, en ik merkte dat mijn tien jaar oude auto nog geen krimp geeft, ja dan vind ik dat gaaf. Comfortabel over verkeersdrempels zonder irritant gekraak, rustig warm rijden waarna je heer en meester bent over het besneeuwde wegdek. Heb ik nog niet eens winterbanden.

Maar verder! In november ben ik begonnen met badminton na een pauze van een jaar of 13. Ik was log en zwaar en ik had geen conditie. In een single was ik blij dat ik twee sets verloor, zodat ik geen derde hoefde. Maar inmiddels ben ik verder. Ik ben nog niet aan mijn einde! Ik probeer één keer per week te gaan, maar meestal is het twee keer.  Ik ben nog steeds zwaar, maar niet meer zo log. Mijn reactiesnelheid wordt beter en mijn inzicht neemt toe. Ik pak shuttles die ik twee maanden geleden nog als aan de grond vastgenageld aan mij voorbij zag vliegen, ik drijf sterkere tegenstanders soms terug tot op de achterlijn, en het belangrijkste, ik ben blessurevrij. Maar dat je nog progressie kunt maken op je 49e, dat is toch verdorie mooi. traantje wegpinkt

Voetbal is oorlog en karma is a bitch.

Dat voetbal oorlog betekent werd me vanavond weer duidelijk. PSV speelde gelijk tegen het nietige Emmen en dat veroorzaakte mijn chagrijn. Een eigen doelpunt van Emmen werd afgekeurd na ingrijpen van de VAR wegens buitenspel van een PSV’er, wat volgens mij helemaal niet kan. Maar goed, daar zijn we inmiddels aan gewend. Mijn vrouw maakt daarna een opmerking over mijn chagrijn en dat moet je nooit doen als de wond vers is. Daarna kreeg mijn zoontje van zijn neefje dat voor Feyenoord is, behalve als ze verliezen, dan is hij voor Emmen, een pesterig whatsappje, iets wat wij die van ons verbieden. Wij kunnen al niet tegen ons verlies, dus gaan we een ander ook niet lopen zieken, tenzij diegene dat uitlokt.  Eroverheen kreeg ik een facebookberichtje van zijn vader, die voor Feyenoord is behalve als ze verliezen, dan is hij voor Emmen, en toen was ik nog chagrijniger. Zo chagrijnig dat ik een afspraak om iets bij ze op te halen heb afgezegd. En dan is het oorlog hier in huis.

Op de PSV site van Facebook plaatste ik een berichtje dat Lammers (een huurling van PSV) ons wel zou redden. Een Ajacied (wat moet hij op de PSV site?) moest mij jennen. Maar Karma is a Bitch, Ajax beging ook een misstap, en inderdaad was het Lammers die daar een groot aandeel in had. En ondanks dat Heerenveen een zuivere penalty werd ontnomen, maar goed, daar zijn we inmiddels aan gewend, was het meer dan waar ik op had mogen hopen. Van de Ajacied is daarna niets meer vernomen. En omdat Karma helemaal een Bitch is, was er nog een Ajacied die mijn vrouw had lopen jennen. Zij houdt helemaal niet van voetbal, behalve als Ajacieden haar jennen en ze krijgen de kous op hun kop. Dus nu is alles weer goed. Twee punten voor, en de oorlog is weer voorbij dankzij de gezamenlijke vijand.

Ja, ik ben een slecht verliezer, en ik weet het. En omdat ik het weet, jen ik ook niemand als PSV wint. Behalve als ze het uitlokken. Maar dan moet de wond nog vers zijn. Volgende week doe ik het al niet meer.

Harm

Ik was gisteren bij de afscheidsdienst en begrafenis van de vader van mijn zwager. Mijn zwager (van mijn zus) verloor een aantal jaar geleden zijn moeder, en nu dus zijn vader. De man was 77, niet piep en niet stok. Maar de band tussen zoon en vader was wel de sterkste die ik kende, in elk geval op die leeftijd. Hij woonde zijn hele leven in het kleine dorp waar hij was geboren, en waar hij ook zijn landbouwmechanisatiebedrijf was gestart. Harm, zo heette hij, was er een aantal jaar geleden uitgestapt en had het overgedragen aan zijn zoon, mijn zwager. Doordat zijn bedrijf zich achter zijn huis bevond, liep hij er nog dagelijks even rond, en sprak hij dus ook dagelijks met zijn zoon.

Wij zagen Harm altijd op verjaardagen en vooral Linda was weg van hem. Een sympathieke man uit het buitengebied die zijn zaakjes goed voor elkaar had. Harm en zijn vrouw zijn hier nog op kraamvisite geweest, en ze nodigden ons uit op hun veertig-jarige huwelijksfeest. Kan ook vijftig geweest zijn, dat weet ik niet meer zeker. Mijn zus was ook helemaal weg van haar schoonvader, en eigenlijk kan ik me helemaal niet voorstellen dat iemand een hekel aan deze man had.

Op de condoleance waren 800 mensen afgekomen. Harm lag opgebaard in de nieuwe hal van zijn bedrijf, tussen het nieuwste type trekker dat net was binnengekomen en dat hij nooit zag, en de eerste die ze ooit verkochten, een open modelletje uit de jaren vijftig. Het was prachtig. Uit alles sprak een diepe waardering voor deze man, uit de woorden van zijn zoon, die soms nauwelijks verstaanbaar waren door de emotie, en ook uit de woorden van een werknemer, die sprak voor zijn ex-werkgever.

In de rouwadvertentie stond: “ik heb een mooi leven gehad”, maar dan in het plaatselijke dialect dat hij sprak. Het waren woorden die hij kort voor zijn overlijden uitsprak. Ik geloof dat het waar is.

Trouw

Ik zag de laatste twintig jaar wel eens vage berichten van marketeers met hun wijsheden. Over hoe bedrijven tegenwoordig hun best moesten doen om goed personeel te krijgen. En wat ze moesten doen om het te houden. Ik ben uit de tijd dat het andersom was. Als werknemer moest je je best doen om bij een bedrijf te komen.

Ik werd benaderd door een (mij bekend) bedrijf om daar eens te komen praten. Ik heb het beleefd afgeslagen. Want kennelijk zit er toch iets in wat die marketeers allemaal te mekkeren hadden. Ik zie even niet in hoe dat bedrijf mij los zou moeten weken van mijn plek. Ten eerste heb ik interessant werk. Ten tweede heb ik vrijheid. Ten derde heb ik een fijne manager die mij nog een persoonlijke kerstkaart stuurde vanuit Duitsland waarmee ze liet blijken dat ze blij met me was. En het Amerikaanse bedrijf waar ik zit heeft goede arbeidsvoorwaarden. Nadelen zijn er ook, het blijven Amerikanen die snelle winsten willen, ik zit niet meer in finance, al reken ik meer dan ooit, en de situatie nu is zo goed dat die niet gaat blijven, want zoiets blijft nooit.

Maar dat is geen reden om nu al te gaan uitkijken naar een ander bedrijf. Maar dat is Linkedin. Daar gooi je al je lijnen uit in de hoop dat je een grotere vis vangt. Bij mijn profiel staat dat ik nog bij mijn vorige werkgever werk. Ik vind mijn vis groot genoeg momenteel. Ik gooi mijn lijnen wel uit op het moment dat men mij niet meer waardeert. Want voor mij blijft dat de grootste drijfveer, waardering van mensen die je respecteert.

Promovendus

Ik was uitgenodigd om de openbare verdediging van het proefschrift van een kennis/vriend bij te wonen. Ik was vereerd met de uitnodiging en vanochtend mocht ik het schouwspel gadeslaan. Ik zat in de zaal te wachten, tot gebonk met een stok klonk, en er een stuk of tien doodgravers achter elkaar de zaal binnenkwamen. Hoog- en zeergeleerde heren kwamen binnen om de promovendus het vuur aan de schenen te leggen. De promovendus wordt begeleid door paranimfen, vroeger een echte functie, tegenwoordig ceremonieel.

Er is de “beklaagdenbank”, waar de promovendus achter staat, links van hem, rechts voor de kijkers zitten zijn medestanders van de universiteit, en rechts van hem, links voor de kijkers, zit de oppositie. Achter de promovendus zitten de paranimfen. De oppositie bestaat uit doctoren en professoren die het proefschrift hebben gelezen en er wat kritische vragen over stellen. Wat heet kritisch, eentje was ronduit agressief. Die vond het een mooi proefschrift, maar had wel enkele kanttekeningen, waarbij hij het woord waardeloos gebruikte. Hij was zeer cynisch over een bepaald onderwerp, maar de promovendus liet zich niet uit het veld slaan, en gaf er een mooie draai aan. Dank u wel voor de mooie woorden, hooggeleerde heer, en dank u wel voor de mooie vraag. En vervolgens een onbegrijpelijk betoog. Ik begreep de vraag al niet eens. De agressieve hoogleraar was echter niet tevreden en zei dat de vraag die hij had gesteld niet beantwoord was. Nee logisch dacht ik, stel je vraag dan in begrijpelijke taal. Nou ja, het bleek een spel te zijn, omdat de promovendus uit het bedrijfsleven kwam en ze hem wel even wilden laten merken dat alleen academische waarden tellen, en dat het bedrijfsleven er maar een potje van maakte. De andere vier uit de oppositie waren een stuk schappelijker, alleen wel net zo onbegrijpelijk.

De agressor stelde als laatste nog een vraag, maar toen hij klaar was met zijn vraag werd hij bruut onderbroken door de man met de stok, die de rector meedeelde dat de tijd om was. Dan lopen de doodgravers in een rij naar buiten, gaan zogenaamd even overleggen, en komen tien minuten later terug met de mededeling dat ze hem de graad van doctor hebben toegekend. Het was voor mij de eerste keer ooit dat ik een universiteit had betreden, en gelijk mocht ik toeschouwer zijn van een mooie poppenkast, zonder dat negatief te willen laten klinken. Het is een mooie traditie, indrukwekkend zelfs. Het lijkt me ook een geweldige baan om in de oppositie te mogen zitten. Aan de andere kant, ik zou beter de man met de stok kunnen spelen. Kwestie van de tijd in de gaten houden. Dat kan ik.

Surprisestress editie ….

Qua surprises maken ben ik bijna klaar. Mijn kinderen snappen er zelf niks van, ik steek mijn hand in eigen boezem, dus het maken van een surprise voor school is mijn taak. Ik weet niet meer wat ik allemaal in elkaar geknutseld heb, maar ben er ook wel een keer klaar mee. Dit zou de eennalaatste moeten zijn. Ik werd wat baldadig. Maar het resultaat mag er zijn. Als u het niet ziet, het wordt een eenhoorn. Een mannetje.

Zo, dan. Ik vind het mooi, de bijdrage van Tammar was het kopen van de cadeautjes.  Mwah. Nou ja, ik moest het vroeger zelf doen, maar dan werd het gewoon een grote doos vol propjes. Ze vroeg wel gelijk of die piemel er wel afkon. Ik stelde haar gerust. Dit is slechts een prototype. 

De klok rond

Ik heb de klok rond geslapen. Niet omdat ik moe was, maar omdat ik ziek was. Nou ja, ziek, ik heb geen idee wat ik heb, maar als ik inadem heb ik pijn in mijn zij. Alsof ik aan het hardlopen ben en steken krijg. Zomaar ineens, sinds vrijdagavond.

Irritant. Want als je hardloopt kun je vaart minderen. Minder inademen is een stuk lastiger. Ik zit me maar af te vragen wat dit kan zijn. Internetdokteren levert een tal van mogelijkheden op, van onschuldig tot ernstig. Stress wordt niet genoemd, dus dat kan het niet zijn. Er staat ook niet dat het niks kan zijn, dus niks kan het ook niet zijn. Twee oorzaken uitgesloten. Het kan volgens mijn ook geen achillespeesontsteking, alzheimer of een gebroken sleutelbeen zijn. Zo komen we toch al dichter tot de oorzaak.  In werkelijkheid maak ik me wel zorgen, maar dat zit in mijn aard. Meestal is het niets, en mijn Opa zei altijd: wat vanzelf gekomen is, gaat ook vanzelf weer weg. Er is geen speld tussen te krijgen, alleen de tijdspanne kan soms langer zijn dan een mensenleven. Te laat dus. Maar goed, vroeger kon je zulke dingen nog makkelijk zeggen. 

Ik bedoel maar, Freddie Mercury heeft ook geen aids meer inmiddels. En de dinosaurussen zijn er ook niet meer. Mijn Opa ook niet. Goed. Het blijven vervelende ongemakken. Maar we gaan er maar vanuit dat het weer over gaat. Want dan pas ben je weer gerustgesteld.