Soms gaan je gedachten met je aan de haal en bevind je je ineens in een dolkomische situatie. Het raakt eigenlijk kant noch wal, want vrijwel iedereen zit zo vaak in deze situatie en ik moet haast de eerste mens ooit zijn die er de lol van inzag.
Ik reed namelijk als zo vaak op de snelweg samen met enorm veel medeweggebruikers. Ik haalde in, of ik werd ingehaald, dat weet ik niet eens meer, maar bij het naar rechts gaan gaf ik, of de vermeende inhaler, richting aan. Ik dacht terug aan de tijd dat terug naar de rechterbaan gaan een vanzelfsprekendheid was, en je voor die handeling geen richting hoefde aan te geven. Ik weet niet wanneer het veranderd is, maar op een gegeven moment moest je ineens richting aangeven bij elke verandering van rijbaan.
Ik zat het zo eens te bekijken en vond het vreemd dat als er zo’n regel komt, we het ook opvolgen en braaf aan onze medeweggebruikers laten zien dat we weer naar rechts gaan. Bij de eerstvolgende die knipperde zag ik ineens het absurde van dit gedrag in, en schoot in de lach. Gewoon, om een richtingaanwijzer. Je moet jezelf vermaken op weg naar kantoor.