13 juli 1985

Het was een historische dag, de dag van Live Aid. Iets groters is er niet meer geweest. Ik was erbij, dat wil zeggen, ik zat voor de tv en ik herinner het me. Ik had zelfs live door dat Queen de show stal, terwijl ik normaal gesproken daar pas een paar jaar later achter kom. Het moment was aan Freddy, dat kon niet anders. Als je met afstand de beste was, niemand kwam maar in je buurt, ondanks de aanwezigheid van Mick, George, David, Paul, Phil, Sting, Bono, Madonna e.v.a., dan was er wel iets aan de hand. Achteraf bleek het de aanstaande dood van Freddy te zijn. Hij wist daar al dat hij aan aids leed, maar het was nog niet wereldkundig. Het was het hoogtepunt van de dag, maar ook van al die jaren Queen.

We hadden de DVD aanstaan vandaag, en ik ben nog altijd onder de indruk. En zelfs meer dan ooit van de beelden van de hongerende kinderen. Wie tweede was vind ik een stuk moeilijker te bepalen, maar dat is ook niet aan mij. Madonna trad op, en was pas net bekend. Ze werd aangekondigd als de vrouw waar iedereen de laatste zes maanden over praatte. Ik besefte ineens, door die aanblik van die jonge Madonna, wat ze eigenlijk heeft betekend in mijn jonge jaren. Of beter, welk gevoel ze losmaakte want het was er ineens weer. Die stoere, sterke jonge vrouw die ineens de baas van de wereld leek. Iedereen wilde met haar, en wie er daadwerkelijk met haar waren geweest, werden afgunstig bekeken. De meisjes van mijn tijd aanbaden haar niet minder, voor hen was ze een voorbeeld. Voor de jongens was ze een manier om dichter tot de meisjes te komen. Dat is wat Madonna was. Ze was geweldig.

Looking for Space

Soms kom je zo’n vergeten plaat tegen. Ik ben nog steeds op zoek naar een klassiek stuk waarvan de melodie in mijn hoofd zit maar verder geen informatie. Ik heb wel eens gehoord dat het van Haydn moet zijn, maar het lijkt ook wel veel op een Strauss Polka. Ik weet ook niet precies waarom die melodie in mijn hoofd zit, het moet te maken hebben met dat mijn vader het wel eens draaide. In mijn speurtocht door de LP’s van mijn ouders draaide ik John Denver. Niet dat ik het klassieke stuk daarop verwachtte, maar John Denver heb ik altijd al geweldig gevonden. Ik heb een DVD en een CD van hem waarop hij zijn grootste hits ten gehore brengt, maar één nummer is niet meegekomen tijdens de reis van analoog naar digitaal. Het is het nummer “Looking for Space.” En al zou momenteel “Leaving on a jetplane, oh babe I hate to go” toepasselijker zijn, hakte dit “Looking for Space” er als een grote verrassing in. Hoe kon ik dit nu vergeten zijn? Ik draaide het een aantal keren achter elkaar, en ja, ik zong iets te hard mee.

Tussen de middag -wat een vreemde uitdrukking trouwens- liep ik met de hond onder het herfstig oktober zonnetje. Ik zong zachtjes het door mij herontdekte nummer en ik concludeerde dat het toch echt wel een mistroostig scenario was. Ik loop bij herfstig daglicht in het dorp waar ik ooit ben komen te wonen, ik herontdek een prachtig nummer van een LP van mijn vader en ik denk aan alle mensen die een najaarsdepressie hebben. Ik had het soms ook zo erg dat ik dacht dat ik er niet meer uit kwam. En toch had het ook wat moois, dat je in staat was tot die mistroostigheid. Niet iedereen kan dat. Maar goed, daar heb je alleen achteraf iets aan. Van mij mag het voorgoed wegblijven. Dat is gewoon veel beter.

Onbeantwoorde liefde

Ik was vroeger kortstondig maar hevig verliefd op een jonge vrouw. Ze was donker, knap, en sprak vloeiend Italiaans. Als ze over het strand liep met haar pups, haar wollen trui, haar dikke donkere haar dansend in de wind, werd ze onweerstaanbaar. Soms keek ze peinzend voor zich uit, en soms glimlachte ze naar me. Ik wilde al haar zorgen wegnemen, de eenzaamheid die ze uitstraalde laten verdwijnen, maar dan moest ze eerst snappen hoeveel ik voor haar voelde. Daarvoor moest ze mijn gedachten kunnen lezen, mijn gelaatsuitdrukking herkennen, maar dat kon ze niet. Ik vroeg me af of die glimlach van haar wel gemeend was, of dat ze die soms tegen iedereen opzette.

Het bleef alleen van mijn kant komen. Ik begreep later dat zij meer bezig was met ene Marco, een Italiaan natuurlijk, die ze van school kende. Ze had eens moeten weten wat Marco voor een gladjakker was, maar net als alle mooie vrouwen voelde zij zich meer aangetrokken tot een gladjakker. Laura, zo heette ze. Pausini volgens mij met haar achternaam. Het bleef bij een cd die ik van haar kocht, en die een tijdje op mijn nachtkastje heeft gestaan.

La Solitudine

Nana Mouskouri

Omdat het bedrijf waar ik werk wat kantoorruimte moet afstaan, werd er grote opruiming gehouden. Stiften, bureau’s, computerschermen, laptoptassen en allerlei troep waar ze vanaf moesten. Ik hoefde niks.
Toen ik naar huis ging pikte ik toch snel de cd van Nana Mouskouri mee voor op de terugweg. Only Love vond ik altijd wel een mooi nummer.

Maar mijn hemel, wat is dat slecht zeg! Covers van wereldhits waar werkelijk elke emotie vanaf gezongen wordt. Yesterday van the Beatles gaat er compleet aan. Love me Tender van Elvis, helemaal aan gort gezongen met die dunne stem. And I love you so van Don McLean, kapot! Bridge over Troubled water, schande! Dat dat mag zeg! Hoe heeft dat mens ooit een ster kunnen worden? Ik dacht dat ze kon zingen. Het lijkt echt nergens op.
Dat komt dan bij mij terecht, die CD die zo veelbelovend begon met Only Love. Iedere volwassene was gek op dat nummer, vroeger. Vooral mijn wiskundeleraar.

Het zal wel weer Nederland van de jaren 70 zijn geweest, dat een artiest uit een exotisch land op tv wilde brengen. Zo hebben we ook kennis gemaakt met Ivan Rebroff, een Duitser die deed alsof hij Rus was. Kon allemaal in die tijd. Maar wat viel me die Mouskouri tegen zeg. Pijn aan mijn oren. Why Worry, die heeft ze ook nog naar de kloten geholpen. Misschien had ik mijn dag niet.

Stereotoren

Ik kreeg een ouderwetse, maar toch nog best moderne stereotoren. Het waren de laatste versies van de stereotoren, al redelijk compact, met compact disk en dubbel cassettedeck. Een platenspeler zat er al niet meer bij, maar die had ik nog. Ik kreeg er ook een handleiding bij, maar een stereotoren heeft voor mij geen geheimen. Alleen de afstandsbediening ontbrak, maar de gulle gever kennende, gaat hij nu gelijk zoeken.

Maar verder dan dit had het nooit hoeven komen, wat mij betreft. Spotify is leuk, Sonos is aardig, maar er gaat toch niks boven ouderwetse luidsprekerboxen, een versterker en een cassettedeck. Ik heb nog bandjes van vijfentwintig jaar geleden, en het is leuk te horen wat ik toen zoal opnam. Het merendeel zijn opnames van cd’s, omdat ik toen kennelijk nog geen cd-speler in de auto had. Maar de van de radio opgenomen nummers zijn het het leukst. Kent u bang van the Riders nog? Ik had hem in geen twintig jaar meer gehoord. Niet te geloven dat ik dat opnam. I swear, van John Michael Montgomery, later nog hopeloos gecoverd door een waardeloze boy-band. En Casser La Voix, hoorde ik ook voorbij komen.

Oude cd’s die al jaren ongebruikt op zolder staan getuigen ook niet bepaald van een verfijnde muzieksmaak. Maar als je van Elvis houdt kun je nooit meer afgaan is mijn motto, dus vooruit, iets met greatest hits waar Tarzan boy op stond. Niet om aan te horen. Waarschijnlijk had ik hem gekocht voor het nummer: better of Alone van Alice DJ, of DJ Jurgen, daar wil ik even vanaf zijn.

Ik hou ook veel van Coldplay, maar ook dat wordt door mijn collega’s die wel een verfijnde muzieksmaak hebben, volledig afgebrand. Ik verbaas me over het lage aantal neuronen verbindingen in hun hersenen. Volgens hun is het slaapverwekkende muziek van lage kwaliteit, maar ze moeten nog een lange weg gaan eer zij ook volledig vrij in hun hoofd zijn en gewoon mooi vinden wat ze mooi vinden. Ik heb tussen mijn cd’s van vroeger ook nog wel spul staan dat ik niet voor mezelf kocht maar om indruk te maken op degene die in mijn platenkast keek. Bob Dylan, Oasis, en als ik ga kijken kom ik vast nog wel meer artiesten tegen die er niks van konden. The Doors, ook zoiets. De meest overschatte band aller tijden, als je het mij vraagt. Muziek. Je raakt er niet over uitgepraat.

Hélène

heleneJulien Clerc trad op in Carré en wij waren erbij. Een zanger van de oude stempel uit de tijd dat je nog moest kunnen zingen om door te breken. En hij kon het nog. Zijn zang was hard, helder en zuiver. Hij was knap, slank, donker en nog steeds vitaal. Het publiek was gemiddeld wat ouder dan wij, en aan het eind werd het een beetje gênant. Overrijpe vrouwen spoedden zich richting de bühne om daar hun danskunsten te tonen aan Julien, die ze overigens perfect negeerde door de zaal in te blijven kijken. Aan het einde had hij nog wel een handje over voor de bijna in katzwijm vallende dames.

Maar…wat zingt die man mooi. Al zijn liedjes zitten vol met liefde en pijn, daarvoor hoef je geen Frans te verstaan. En vanachter zijn piano keek hij steeds lachend de zaal in, met zijn pretogen. Zijn laatste verovering is de dertig jaar jongere Hélène, die hoop ik niks te maken heeft met zijn hit Hélène uit 1987. Dat zal wel gewoon toeval zijn. Of een voorgevoel. Of hij trekt zoveel vrouwen aan dat het onvermijdelijk was dat er eentje Hélène zou heten.

Amy

Ik reed naar mijn werk en een DJ haalde het in zijn hoofd om een nummer van UB40 te draaien. Als er iets net niet muziek was, dan was het UB40 wel. Talentloos geklungel. Ik schakelde snel over naar radio 1, de zender die je luistert als je geen leven meer hebt wat iemand nog eens zou willen verfilmen. Dan luister je naar een item over een varkensboer met een nieuwe machine, of over een dijkgraaf die vertelt over de overlast van muskusratten. Totaal oninteressant. Soms vraag ik me af waar ik mee bezig ben in mijn niet aflatende drang iets saais van mijn leven te maken.

Maar nu dan! De presentator draaide ineens een plaatje van Amy Winehouse. Tears dry on their own. Een jaar of twee geleden werd het nummer ook al tijdens het radio 1 journaal gedraaid. Ik vroeg me af of de presentator dat zelf nog wel wist. In elk geval, ik was de andere DJ dankbaar dat hij die bagger van UB40 draaide zodat ik wel moest overschakelen. Amy Winehouse, die schiet haar pijlen dwars door je hart. Wat een vrouw was dat, als ze niet gezopen had. Die wekte tenminste de indruk dat haar leven wel één groot dal van pijn was. En pas als je dat kent, kun je er geloofwaardig muziek over schrijven. En dit gaat over liefdesverdriet in de zomer. Da’s de ergste van de vier soorten liefdesverdriet.