Er kan er maar één de allermooiste zijn, hoewel je daar weer ernstig aan zou kunnen twijfelen als je hem goed bekijkt. Want hij heeft geen mooie rondingen maar is hoekig, met voornamelijk rechte lijnen. Hij heeft eigenlijk een achtervleugel nodig voor meer optische stroomlijn, maar zonder waren zijn rijeigenschappen beter. Zijn omhoogslaande deuren zorgden voor nog meer bekijks en zijn twaalf cilinder motor snerpte luid op verschillende toonhoogten. Achteruitrijden moest met de deur omhoog omdat de spiegels geen zicht naar achter boden. De achterbanden waren van een breedte waar geen enkel ander merk maar bij in de buurt kwam. Het interieur was meestal licht crèmekleurig, het was één en al de overtreffende trap van indrukwekkend. Ik had er nog nooit eentje gezien, tot aan 1986, Liechtenstein. Een ivoorwitte wurmde zich achteruit van een parkeerplaats af. Hij trok veel bekijks, zelfs daar. Vanuit alle hoeken indrukwekkend. Ik was 16 en stond paf. Alsof er zojuist een ufo voor ons was geland. Het fototoestel was nog niet uitgevonden, tenminste volgens mij niet, dus heb ik er geen foto van. Meer indruk heeft een auto nooit op me gemaakt dan deze. Dus moet het de mooiste aller tijden zijn. De Lamborghini Countach.
Tuinlamp
In mijn tuin staan drie lampen. Die stonden er al toen we hier kwamen wonen, en het heeft even geduurd voordat ik wist hoe ze aan moesten. Er hangt trouwens ook nog een lamp in de tuin die aangaat als het donker wordt en waarvan ik geen idee heb hoe die uit moet, maar dat is niet zo’n probleem. Één van de drie lampen was omgevallen, zo leek het, maar bij nadere inspectie was hij afgebroken. Een dikke kabel die onder de grond naar de lamp liep hield hem nog vast. Ik toog naar de DHZ winkel die precies één soort geschikte tuinlamp had, maar ik hoefde er ook maar één. Ik rekende 40 euro af en spoedde weer naar huis. De stroom was eraf, dus ik kon veilig aan het werk.
Maar wat was dit nu weer voor onzin? Aan de lamp zat een snoer met stekker. Die je zo in het stopcontact moest doen. Dat was niet de bedoeling! Er komt een kabel uit de grond, en daarop moet hij aangesloten worden. Omdat ik niet voor één gat ben te vangen, knipte ik de snoer door en maakte hem met kroonsteentjes vast. Ik zou later wel kijken hoe ik dit waterdicht moest maken. Ik deed de stekker in het stopcontact en bam, de andere twee lampen brandden, maar de nieuwe niet. Ik pakte mijn enig overgebleven en armzalige spanningszoeker maar zag diens lampje niet gaan branden. Ik testte de spanningszoeker in het stopcontact in de garage en omdat het daar wat donkerder was zag ik een heel vaag lampje. Maar buiten in de zon was het onmogelijk waar te nemen. Toch kreeg ik het idee dat er geen stroom op de kabel meer stond. Had ik die afgebroken lamp nu toch maar eerst even getest.
Ik riep hulptroepen in, want ik kwam er niet uit. Als er geen stroom op de kabel stond had ik een groter probleem. Want hoe liep die kabel wel niet helemaal tot achter in de tuin? De hulptroepen konden niet dus ik dacht verder. Een loze kabel zo uit de grond kon ook wat gevaarlijk worden. Ik zette er in elk geval weer een kroonsteentje op. En toen kreeg ik een ingeving. Wat als dit nu een 12-volts kabel was? Dat kon toch haast niet? Die zijn toch niet zo dik? Ik propte het kleine halogeenlampje met de twee lange pinnetjes in de andere kant van het kroonsteentje. Ik deed de stekker erin en had een prachtig licht. Raadsel opgelost. Ik zocht op internet en bestelde een tuinlamp op 12 volt. Vijfentwintig euro. Die andere veertig naar de gallemiezen.

Vlucht
Ik was een beetje beroerd na een late avond en veel drinken bij vrienden. Laat is tegenwoordig half twee en veel drinken is drie biertjes en drie glazen wijn. Om een uur of zeven werd ik wakker met een lichte hoofdpijn. Ik zocht een aspirientje en ging weer naar bed.
De hele dag hield die dufheid aan. Ik kon mijn ene voet amper voor mijn andere zetten. In elk geval niet zonder te zuchten. Het weer was ook veel te mooi, de hond moest er ook nog uit. Ik zat te denken waar ik nu kon gaan lopen zonder te struikelen over wandelaars en fietsers, want elke doorgaande weg op de Veluwe wordt overspoeld door wandelaars en fietsers in deze tijden van corona en mooi weer. Had ik geen zin in. Ik bedacht een plek waar ik vroeger wel eens kwam. Het is net buiten de kroondomeinen, hier niet ver vandaan. Ik reed er met de auto heen, op de parkeerplaats was al niemand, een uitstekend voorteken, dus ik pakte het pad en liet de hond los. Een haast mysterieus pad, dat leidde langs het grondgebied van afgelegen huizen die je helemaal niet kunt zien vanaf de weg en aan de andere kant de hekken waarmee het wild van de bewoonde wereld wordt gescheiden. Een glooiend weiland met daarin een paar runderen met enorme hoorns, en in de verte een huis. Een huis boven op een heuvel dat zo afgelegen ligt dat je niet snapt hoe je er met de auto kunt komen. Ik zag er geen mens. Ik zag helemaal geen mens op mijn ronde. Pas toen ik weer terugkeerde bij mijn auto zag ik een paar fietsers. Het was me wederom gelukt. Het was maar een kleine drie kilometer, maar met deze warmte en in mijn toestand genoeg voor hond en mij.
Het is een vrijwel vergeten gebied. Het is alleen via een doodlopende zandweg te bereiken met de auto, dus veel volk komt er sowieso niet. Als ik er zou wonen, zou ik elke avond in het donker de bossen in vluchten. Wat wel niet is toegestaan, maar als je tuin grenst aan het bos, dan moet je wel. Dan kun je je niet aan dergelijke trutregels houden.

Friends Reünie
Ik zag de reünie van Friends. Ik volgde Friends niet toen ik het had moeten volgen, maar heb het later een keertje ingehaald. De mannen en vrouwen van Friends hebben ongeveer mijn leeftijd. Op mijn leeftijd kun je al behoorlijk wat schade door de tand des tijds hebben opgelopen. Overgewicht, kaal, grijs, gele tanden, rimpels, vlekken op je huid, lichaamsbeharing, noem het maar op.
Maar daar is gelukkig veel aan te doen tegenwoordig. Zo had Chandler ineens hagelwitte tanden, zo wit dat het pijnlijk was om naar te kijken. Ross had z’n ogen wijd open door een facelift, Monica zag eruit als Marijke Helwegen, en de knapste van het stel, Rachel, was haar eeuwige schoonheid verloren door Botox. Ze was toch ooit de aantrekkelijkste vrouw van deze planeet. Alleen Phoebe en Joey, die zagen er nog goed uit. Phoebe was amper veranderd, en Joey had het gewoon laten gebeuren. Hij is al jaren grijs, en hij weegt vijfentwintig kilo teveel. Maar zijn lach stond hem goed en hij was relaxed.
Ik zie het bij mezelf ook. Mijn herinneringen gaan met gemak meer dan 45 jaar terug, maar mijn lichaam niet. En ik was best ijdel, maar als straf voor mijn ijdelheid werd ik snel kalend, werd ik grijs, kreeg ik een onderkin, haar op mijn rug en mijn lenigheid verdween. Mijn tanden waren nooit heel wit, en mijn handen krijgen zichtbare poriën. Als ik geld had, zoals de Friends cast, liet ik het allemaal oplossen door een plastisch chirurg. Het ziet er zo goed uit, dat gesleutel aan de koppen, dat geverfde haar bij die mannen, niemand die ziet dat het niet echt is.
Zoals Joey en Phoebe. Zo verstandig moeten we worden. Dat is voor iedereen het beste.
Zoekende
Toen ik nog jonger was dan dat ik nu ben, laten we zeggen, ik was een jaar of 18, zat ik op school en vanwege problemen die ik had, had ik wekelijks een gesprek met de decaan. Zij zag in mij een talent om leraar te worden, iets wat mij vreselijk leek. De angst om voor de klas te staan weerhield mij. Tegenwoordig zegt mijn vrouw hetzelfde, maar haar neem ik niet serieus. Waarom zou ik ook, ze werkt immers op een school en leraren zijn haar collega’s, wat weet zij ervan? Zij baseert het op de rustige manier waarop ik dingen aan mijn kinderen kan uitleggen als ze iets niet begrijpen. Psycholoog, dat leek me eerder bij me passen, bovendien, met al die wappies tegenwoordig loop je dan binnen.
Misschien ben ik ook wel geschikt als mediator of relatietherapeut al heb ik moeite dat als beroep te zien. Ik heb er momenteel twee onder behandeling, een collega die ik probeer te laten inzien dat haar relatie reddeloos verloren is en een vriendin die een punt achter haar relatie wilde zetten heb ik kennelijk op andere gedachten gebracht. Bijna twintig jaar getrouwd en ineens kwam de shit naar boven. Al anderhalve week leefden zij en haar man gescheiden. Ze leek er klaar mee, en had dat al min of meer door laten schemeren naar haar man en naar haar familie. Ik hoorde in haar verhaal iets wat me vertelde dat ze er nog niet klaar mee was. Inmiddels hebben ze weer gepraat en is er een opening. Waarom ik in hemelsnaam boekhouder was geworden, vroeg ze zich af.
Was ik nog maar boekhouder denk ik dan. Al vijf jaar doe ik iets anders. Iets onbetekenends. Dat houdt ook een keer op, dat red ik niet tot aan mijn pensioen. Dan moet ik weer iets anders zoeken, en kan ik dat wel? Ik doorzie tegenwoordig zoveel bullshit dat ik bijna niet meer mee kan acteren in het toneelstuk wat het bedrijfsleven is. Soms moet ik bijna overgeven als ik LinkedIn lees.
Voor een ander weet ik het allemaal prima, maar zodra ellende mijzelf treft zie ik het allemaal niet zo helder en beland ik onherroepelijk in een spiraal van negativiteit. Dan blijft er weinig van me over.
Avontuur
Als ik een film zie die zich in Amerika afspeelt, het liefst in de tijd van de cowboys, maar anders in het pré DNA/cameratoezicht/gezichtsherkennings-tijdperk, dan heb ik het idee dat daar meer geleefd werd dan hier en nu. Natuurlijk, onze levens zijn makkelijker, gemakzuchtiger wellicht, maar dat leek mij toch het echte leven. Een enorm groot land, dunbevolkt en niet overal winkels tot je beschikking. Je trok op je paard door de woestijn en je moest je maar zien te redden. Soms kwam je dagen niemand tegen. Je vroeg je niet af wat je vanavond zou eten, maar of je vanavond zou eten.
Omdat ik ook gemakzuchtig ben zou ik dan kiezen voor de jaren zeventig of tachtig. Dat je met je dikke V8 over de highway toert, en dat je kan stoppen bij zo’n typische hamburgertent. En dat je dan niet zou hoeven werken, tenminste niet in vaste loondienst, maar dat je allerlei mensen ontmoette waar je verder niks aan verplicht was, en dat je ’s avonds in een motel sliep en dat je geen idee had waar je de volgende dag terecht zou komen.
Om het echt een leuke film te maken moet je natuurlijk wel in een gevecht terechtkomen, en een barkruk op iemands hoofd kapot slaan. En zelf door de ruit heen naar buiten worden geslagen. Of als je er een thriller van wilt maken, schiet je er eentje dood en begraaf je hem in het bos. Vandaar dat ik begon met het tijdperk vóór Dna, gezichtsherkenning en cameratoezicht, anders zou het avontuur al afgelopen zijn voordat het begon. Zoals wij nu in Nederland leven eigenlijk. Ik begon goed hoor, als kind in de jaren zeventig. We bouwden hutten op geheime plekken en we rookten stiekem de weggegooide shag van anderen. Het avontuur was wel begonnen, maar het duurde tot aan de middelbare school. Toen was het wel over.
Tussenstand bij 51 jaar.
Krijg ik vandaag een appje van mijn zoon of hij bij de boekhandel een passer kan kopen. Dit omdat hij volgende week wiskunde examen heeft, en gehoord heeft dat hij een passer nodig heeft. Kennelijk heeft hij de passer nooit gemist, ook niet toen ik hem al eerder tijdens uitleg vroeg of hij een passer had. Van zijn rekenmachine heeft hij geen idee hoe die werkt. Het geheugen bedienen bijvoorbeeld is onmogelijk volgens hem. De jongen is aartslui. Geen zin om zich ergens in te verdiepen. De tactiek is niet de som aanvallen, ontleden en stap voor stap oplossen, nee de tactiek is de som zo snel mogelijk doorlezen, invullen wat je denkt te weten, een paar getallen door elkaar delen zonder je af te vragen of de uitkomst klopt en zo snel mogelijk afraffelen. Het is een wonder dat hij tot nu toe een voldoende staat.
Mijn dochter is al niet veel beter. Tijdens corona heeft ze online lessen, die om een of andere reden zo worden ingekort dat ze nog een spel kan spelen op de computer. Als ze Frans krijgt haakt ze gelijk af omdat de vraag in het Frans is en ze geen idee heeft wat er staat. En dat ligt niet aan haar, dat ligt natuurlijk aan de leraar. En verder heeft ze op alle argumenten een bijdehand antwoord. Je moet haar de mond snoeren anders is de discussie eeuwigdurend.
Mijn kat is een kutbeest want ze vermoordt vogeltjes en muizen. Zojuist lag er een koolmeesje dood onder een nestkastje, dus nu mogen we hopen dat dit niet vader of moeder was, en alle jonge koolmeesjes verhongeren. Of in het beste geval, dat de eieren niet uitkomen. Je hebt helemaal niks aan katten. Dit is de laatste ooit.
Mijn hond heeft een gebruiksaanwijzing en kan onverwacht de aanval inzetten. Ze is zo sterk dat mijn kinderen haar niet kunnen uitlaten. Aan de lijn is het het ergst, dan begint ze al te rochelen zodra je de oprit af bent. En verder vreet ze van de grond. Paardenvijgen het liefst.
Over mijn vrouw ga ik het maar niet eens hebben.
25 jaar na Jetske’s afkondiging
Ik pakte bij wijze van uitzondering een willekeurig cassettebandje en deed dat in de speler. Het was een goede greep want er stond fantastische muziek op. Dit moet ik opgenomen hebben van radio 2, 1996, dat leidde ik af uit mijn geheugen. Gladys Knight & The Pips, Mocedades, France Gall, Herb Alpert, Beatles, Drifters, The Moody Blues, een tikkeltje melancholiek. Nou was dat niet zo vreemd, ik had een enorme hang naar lang geleden destijds, eigenlijk naar de tijd dat mijn vader er nog was. Vooral op een doordeweekse dag als ik thuis was, had de muziek zijn effect. Ik was toen anderhalve maand thuis omdat ik nog geen nieuwe baan had, en ik weet nog dat ik toen een triest gevoel kreeg van overdag thuis zijn. Ik was tenslotte alleen ’s ochtends en ’s avonds thuis geweest, dus dat overdag thuis zijn paste niet in mijn wereld en klopte niet.
Als het donker was ging dat over. Dan klopte het allemaal weer in mijn hoofd. Dan was het allemaal niet zo erg meer. Dan was het eigenlijk weer goed. Ik daar op dat flatje met mijn muziek, mijn tijdschriften, mijn studie en mijn videobanden. Als ik in de auto zat luisterde ik vaak naar Jetske van Staa. Zij was zo goed op de radio vond ik. Helaas mocht ze maar heel kort onder ons zijn. Op haar 34e overleed ze.
Nu hoorde ik haar net op het bandje een plaat afkondigen. Dat vond ik de charme van de cassettebandjes, dat de platen in een vaste volgorde voorbij kwamen en dat zich in je hoofd geheugencellen vulden met die specifieke volgorde, of met een stukje van de aan-of afkondiging van de presentator of DJ. Ik herkende Jetske’s stem helemaal niet meer. Ik wist wel dat ze het was. Haar stem was lager dan ik me herinnerde. Ze kondigde Georgie Girl van The Seekers uit 1966 af in haar programma Van Staa tot zeven. Ze praat verder over het Atlanta spel, en ze heeft het over de Duitse dressuurrijdster Nicole Uphoff en haar paard Rembrand. Het moet dus inderdaad 1996 zijn, toen waren de Olympische Spelen in Atlanta. Wat klinkt ze anders dan ik in mijn hoofd had. Ingetogen, triest bijna. Alsof ze al wist wat haar te wachten stond.
Frustratie 1 tot en met 6
Frustratie 1: ik schreef laatst over het verwachte Co2 record voor 2021 en 2022 veroorzaakt door opwekking van elektriciteit door kolencentrales. Dit is de grootste veroorzaker, veel meer dan verbranding van bezine of diesel. Wie rijden er op elektriciteit? Juist, elektrische auto’s. Daar kunnen elektrische auto’s niet zoveel aan doen, maar zolang er niet genoeg capaciteit is door zonne- en windenergie, en dat is er niet, zijn de elektrische auto’s grotere veroorzakers van co2 uitstoot dan auto’s met verbrandingsmotor. Een wethouder uit Amsterdam wilde desondanks toch een verbod op reclame voor fossiele brandstoffen, alleen nog reclames voor elektrische auto’s werden toegestaan. Met als gevolg dat de CO2 alleen nog maar toeneemt.
Frustratie 2: ik schreef een paar dagen geleden over het record aan spaargeld dat op Nederlandse bankrekeningen stond. Ik had daar al mijn vraagtekens bij. Vandaag in het nieuws -nog geen week later- “Een grote groep huishoudens beschikt over te weinig direct beschikbaar spaargeld, waarschuwt het Centraal Planbureau.” Wat is het nu? Hebben we meer dan ooit, of hebben we te weinig? Of hebben we het de afgelopen week allemaal uitgegeven? Ja, ik snap ook wel dat er gewoon rijke mensen zijn die nu nog meer hebben, zo gaat het altijd, maar vertel dat er dan gelijk bij in plaats van voor deze verwarring te zorgen.
Frustratie 3: Het Forum voor democratie maakte een verkiezingsposter die volgens velen de kwalificatie “walgelijk” verdiende. Men is geschokt, tot in het diepst van zijn ziel, men spreekt zijn afschuw uit. Het gaat hier over het bagatelliseren van de gruweldaden van de nazi’s, werd er gezegd. Hypocriet, volgens Baudet, om volledig onduidelijke redenen. Ja, ik snapte wel wat hij bedoelde, maar dat sloeg werkelijk nergens op. De enige reden waarom dit hypocriet is, is dat als Wilders met nazi’s wordt vergeleken, je “men” niet hoort. Ook dit is het bagatelliseren van gruweldaden van de nazi’s, omdat Wilders nog niet eens in de buurt gekomen is van wat de nazi’s deden. Als je dan vindt dat je de betekenis van deze donkere periode niet mag afzwakken tot iets onbeduidends, zodat je een vergelijking kunt maken met iets wat je in deze tijd niet bevalt, wees dan consequent en benoem het alletwee.
Frustratie 4: De VAR. Ik wil niet ingaan op details, maar er klopt geen ene klote van. Deze dient snel afgeschaft te worden, desondanks roepen sommigen (à la de wethouder uit frustratie 1) dat het wedstrijdverloop eerlijker is geworden omdat ze in een leugen zijn gaan geloven. Eerlijker, nee, pertinent niet!
Frustratie 5: Verkeerde mensen lopen met de eer te strijken. Ik kan het niet zijn, want ik strijk nooit met eer. Als ik met eer strijk, dan kun je er donder opzeggen dat de eer daags erna in elkaar stort.
Frustratie 6: Dit blog was grotendeels een herhaling van zetten vandaag, want ik schrijf hier frustraties van mij af, maar dat lukt slechts als u mijn gelijk bevestigt of mijn ongelijk beredeneert. Zwijgen op dit soort bepalende momenten komt op mij over als: ach, laat hem maar even uitrazen en koop die Tesla! Voor het milieu! Neem die Mack vooral niet serieus. En dan moet ik het onderwerp volgende week weer aansnijden. Vergeet niet dat toen ik nog jong en ambitieus was, ik dictator van dit land wilde worden. Laten we dat zien te voorkomen!
De onhandige zoekterm
Ik vertelde mijn collega een verhaal dat ik ooit eens op tv gehoord had, en dat ik ongelofelijk vond. Ik vond het zo ongelofelijk dat ik er hier eens over geschreven heb. Maar het verhaal was waar, het speelt zich af in de natuur en werd verteld door een bioloog. Mijn collega vond het ook ongelofelijk. Wat dat betreft liggen we op één lijn.
Wat doet mijn collega? Die gaat googelen op wat ik hem vertelde en de eerste hit was bam, zo mijn weblog. Een blog uit 2015. “ Inderdaad, hier staat het”, zegt hij, en hij las aandachtig. Dat ik er naast stond op de foto ontging hem volledig, of hij liet het niet merken. “Ja, het klopt, kijk hier staat dat, en dat, precies wat je vertelde! Hier, kijk nou, haha, hoe dat er staat! Haha.”
Ondertussen kneep ik hem. Zou ik nog lijken op die foto? Had hij de tegenwoordigheid van geest om die link te leggen? Ik besloot niks te zeggen, en maar te zien wat er gebeurde. Als hij me ontmaskerde, dan ontmaskerde hij me maar. Hij is tenslotte mijn beste collega sinds vorig jaar mijn beste collega werd ontslagen. Zo erg is dat niet meer. In 2008 ben ik compleet van weblog veranderd toen ik opeens ontdekte dat mijn weblog openstond op het scherm van mijn baas.
Hij liep even weg en ik keek op zijn pc. Die stond nog steeds op mijn weblog, maar nu was hij zich kennelijk aan het verdiepen in de reacties. Ik zag Dyhan, Fien, Laurent, Margo, Rob Alberts, en nog iemand, maar die is hier verdwenen. Ik liet niks merken. Van de week stuurde ik hem ook al een screenshot en zag later dat er een tab op zichtbaar was van mijn weblog. Ik heb liever niet dat collega’s hier lezen. Ik begon over zijn nieuwe motor. Volgens mij is zijn aandacht verslapt en heeft hij het nooit gemerkt.