Kind

De afgelopen weken waren nogal stressvol. Ik begon het te merken doordat ik elke ochtend om vijf uur wakker werd. En aangezien ik pas om half één slaap zijn de nachten dan behoorlijk kort. Maar ik geloof dat ik er doorheen ben. Ik werd vrijdag alweer wat later wakker en één goede nachtrust doet al wonderen. Vanochtend was ik na half negen nog aan het dromen, ik had een gesprek met mijn vader, hij was al die tijd niet ouder geworden en ik was mijn huidige zelf. Hij wilde onze relatie beter maken, maar ik wilde hem laten zoals-ie was, vader-kind.

Gisteren deed ik iets doms, over vader-kind gesproken. Ik was aan het stoeien met de kinderen en ik dreigde ze vast te binden. Doe ik wel vaker, niet voor straf maar omdat ze dat leuk vinden. Het heeft ook niets met “Vijftig Tinten” te maken. Ik pak dan de ceinturen van de ochtendjassen en bind die om hun polsen. Zodra ze dan los zijn hebben ze de grootste lol. Gisteren bond ik Hans aan handen en voeten. Maar hij stond op van de bank en ging springen. Totdat hij viel en hij zich dus niet met zijn armen kon opvangen, want die zaten achter zijn rug gebonden. Hij huilde heel hard en ik schrok me dood. Ik tilde hem snel op en legde hem op de bank, en haalde de knoop los. Hij bleef maar huilen en klaagde over pijn in zijn schouder en zijn wang. Een kwartier lang heeft hij me in de waan gelaten dat zijn schouder was gebroken. En dat zou mijn schuld geweest zijn. Hij had al zijn tanden uit zijn mond kunnen vallen. Kinderbescherming zou waarschijnlijk zijn ingeschakeld. Hoe dom kan een vader zijn? Of is dit zo dom dat het alleen de stomste overkomt? Ik was zo opgelucht dat hij uiteindelijk niks mankeerde. Je zult zoiets op je geweten hebben. Vanochtend in het zwembad drukte ik hem nog even stevig tegen me aan. Hij snapte niet waarom ik dat deed en probeerde zich los te wurmen. Ik liet hem snel gaan.

Het laten varen principe

Ik ben benieuwd welke principes ik nog heb, als ik 65 aan mijn pensioen toe ben. Vroeger, toen ik me dat nog kon veroorloven had ik heel veel principes, maar ik moet ze langzaam laten gaan. De oorzaak is voornamelijk mijn werk en dan vooral de inkomsten die dat genereert. Ik schaam me een beetje om het te zeggen, maar als ik tien miljoen op de bank had kon ik me veroorloven om er hele andere meningen op na te houden. Ik moet op mijn werk bijvoorbeeld veel Engelse termen gebruiken tegen mijn Nederlandse collega’s, anders begrijpen ze me niet. Terwijl ik toch een voorvechter ben van het gebruik van Hare Majesteit’s Nederlands. Dus geen kids, maar kinderen en geen shoppen maar boodschappen doen. Ander voorbeeld, morgen loop ik rond op een event van ons bedrijf. Normaal zou ik daar erg tegenaan schoppen, nu heb ik dat amper gedaan. Goed, ik heb me openlijk afgevraagd of zo’n event de kosten wel waard is, maar vroeger zou ik toch luidkeels geprotesteerd hebben tegen zoveel verspilling voor een event waar niemand vrijwillig heen komt, maar waar de bezoekers werkelijk gesmeekt moesten worden om de zaal op te komen vullen, om de aanwezige sprekers niet in verlegenheid te brengen. Nu ga ik er braaf heen en voer morgen mijn beleefdheidsgesprekjes. Het dieselstation-principe heb ik kort na de geboorte van Hans al laten varen, maar waar gaat dit eindigen? Rij ik ooit in een Volkswagen?

Tikketak

Ik reed vandaag in de file en ik haalde een Mercedes met Duits kenteken in. Achter het stuur zat een aantrekkelijke vrouw, maar ik deed alsof ik daar geen acht op sloeg. Maar dat werkt op één of andere manier niet, want dat doe je wel. En ze heeft het ook feilloos in de gaten, al denk je van niet. Want toen ik haar later rechts voorbij ging, met mijn achteloze blik, kon ik het toch niet laten even naar links te kijken. En ja hoor, ze zat opzij te kijken. Naar mij. Dingdingedong. Gelukkig moest ik toen de afslag hebben want tja, ik kan me best even cool voordoen, maar niet erg lang, want dan val ik door de mand. Toen ik de afslag nam, zwaaide ze. En weet je wat? Ik zwaaide terug. Bloody.

Tussen de middag vertelde ik het verhaal aan mijn collega’s. Een vrouw reageerde teleurgesteld dat haar dat nou nooit overkwam en de salesmanager, wie anders, vroeg zich af of ik wel echt teruggezwaaid had of dat ik een suggestief gebaar had gemaakt. Hij deed het voor, waarop iedereen, inclusief ik, dubbel lag. Maar nee, ik had slechts even gezwaaid. Waarschijnlijk herkende ze me nog, van Berlijn. En anders had ik gewoon dikke vette sjans, aan de vooravond van mijn grijze tijdperk.

De grote vier




Een paar korte filmpjes van vier charismatische mannen van wie ik stuk voor stuk heel enthousiast word en waarvan ik rustig durf te zeggen dat ik ze dank verschuldigd ben. Ik werd fan door hun talent, maar ik bleef fan door hun karakter. Als je het charisma van een man voelt dan wil je graag over hem vertellen. Je vindt het geen enkel probleem dat je voor hem onder doet en je gunt hem zijn succes, in tegenstelling tot de man die succes heeft maar wiens charisma je niet voelt. Als je het charisma van een vrouw voelt noemen we dat verliefdheid. Maar dat slaat doorgaans door in aanstellerig gedrag.

Held

Willem Holleeder is de volgende gast bij College tour van Twan Huys. Ik schrok er ook even van, maar ik bedacht dat ik het wel wilde zien. Wat heeft hij te vertellen, en welke goede raad kan hij de studenten geven? Wellicht wat tips voor een goede ontvoering? Wat afpersingspraktijktheorie? Wellicht iets over hoe hij de laatst overgeblevene werd uit het Amsterdamse gangstercircuit? Er kleeft toch wel een bezwaartje aan deze gast, want hij verdiende zijn sporen in de criminaliteit. Maar Holleeder is bij uitstek de goede crimineel. Wij hoeven hem niet te verafschuwen want hij deed slechts geldzaken aan de andere kant van de wet. Toch heel anders dan Marc Dutroux, die wij allemaal een monster vinden. Holleeder is de stiekeme held. Wij kunnen immers zelf wel bepalen welke delen van het wetboek overtreden mogen worden, en welke niet, en vooral, of het vonnis van de rechter wel klopte.

Dit heeft waarschijnlijk alles te maken met aangeboren charisma en een hoge intelligentie. Daarmee pak je iedereen in. Zeker de kritische Nederlandse student. Hij gaat er waarschijnlijk een hoop aanhangers bij krijgen. Want de ontvoering en de afpersingszaken speelden ver van ons bed. En de afrekeningen in het criminele circuit gaven toch weer wat sjeu aan onze enigszins saaie hoofdstad. Een politieke partij kan het waarschijnlijk niet maken, maar anders zou ik hem vragen als lijsttrekker. Ik had het beter gevonden als Holleeder hier niet voor zou zijn gevraagd, maar nu hij te gast is, wil ik het wel zien. Alleen al het applaus dat hij zal krijgen bij binnenkomst. Misschien, om alles in het juiste perspectief te zien, moet de volgende gast Ab Doderer zijn. Of Freddy Heineken’s dochter, Charlene, die ons dan kan leren hoe het is om een ontvoerde vader te hebben. Zoniet, dan hebben we er straks een weer een held bij.

Dieren

Vroeger was ik een enorme bepaalde-dierenliefhebber. Niet elk dier had ik lief, wespen, muggen en vliegen voerde ik het liefst aan de spinnen, die ik wel weer mocht. Maar het waren toch voornamelijk de honden die ik leuk vond. En parkieten. Katten ook wel, maar net iets minder. Tegenwoordig is er iets veranderd. Ik vind beesten lastig. Wij hebben twee katten, ik heb er alleen maar last van. Wij zorgen voor een konijn, het beest bijt me als hij de kans krijgt. Wij zetten voer voor egels neer, als dank schijten ze de tuin onder. De vogels eten twee potten pindakaas per week leeg, de hele muur zit onder de vogelpoep. De guppies maken mij angstig omdat ze zich vermenigvuldigen. Alleen de honden van de buren, die vind ik nog leuk. Zodra ze mij zien in de keuken gaan ze gebiologeerd naar me zitten kijken, omdat ze weten dat ik het raam opendoe en ze een koekje geef.

Maar ik kan het niet over mijn hart verkrijgen een keer niet voor de beesten te zorgen. Geen egel die hier de tuin verlaat met een lege maag, geen kat die zijn zin niet krijgt, geen vogel zonder pindakaas en als straks de guppies te groot worden moet ik er óf een paar vermoorden, of een grotere bak kopen. Maar het konijn baart me de meeste zorgen. Hij heeft een deel van onze tuin ingepikt, dus hij kan een beetje rondlopen. Vorige week, toen ik alleen thuis was en het niet aandurfde om hem de hele dag zonder toezicht rond te laten lopen, ging ik na mijn werk eerst naar huis om het konijn nog even los te laten, voordat ik naar mijn moeder ging om te eten. (kuch) Maar nu komt straks de winter eraan, ik weet nu al dat ik niet zorgeloos slaap als het min 18 is en het beest zit ’s nachts in zijn hok. Even hoopte ik dat de eigenaren, zij wonen tijdelijk in Curaçao, vervroegd terugkwamen vanwege de staatsgreep daar. Maar dat bleek slechts een storm in een glas water. Dus ik ben voorlopig niet verder gekomen dan het idee van een deken over zijn hok tijdens koude winternachten. Misschien hebt u suggesties?

Ik ben er maar mee behept, met deze vervelende eigenschap om voor dieren te zorgen die ik liever kwijt dan rijk ben. Maar als ze hier eenmaal zijn, dan blijven ze ook. Ik moet eens van te voren nee leren zeggen. Keihard.

De natuur is van slag

Diep in Italië, daar waar Linda is geweest, is een huis waar je verzorgd wordt en verder niks moet. Er heerst stilte en rust. Een hond begeeft zich tussen de gasten en de katten slenteren om het huis. De hond heeft een naam, de katten hebben een nummer. De reden daarvan was, vertelde Linda, dat de katten regelmatig werden gegrepen door een roofvogel. En dat irriteerde mij. Ik vind dat roofvogels geen andere roofdieren als prooi zouden moeten pakken. Bovendien vind ik dat het andersom moet zijn; de kat pakt de vogel. Zo gaat het hier tenminste wel. Ik vind het ook zielig voor de kat. Kijk, als hij onder een auto komt, of een hond grijpt hem dan vind ik dat een beroepsrisico. Maar een roofvogel, daar hou je toch geen rekening mee, kat zijnde? Ik weiger dit dan ook te accepteren en vind dat katten beter opgeleid moeten worden tegen aanvallen uit de lucht. Zodra de kat gegrepen wordt dient hij bliksemsnel te reageren zoals onze katten dat ook doen als ik ze oppak. Slinger je achterlijf omhoog en sla je achterpoten om de kop van de roofvogel. Krab zijn ogen uit. Of beter nog, ga in een hinderlaag liggen en besluip de roofvogel en ruim hem preventief. Of haal je neef, de Italiaanse bergleeuw erbij. Stel in elk geval orde op zaken, want de kat staat in de voedselketen boven de vogel. Maar goed, de mens staat in de voedselketen boven het varken, maar varkens in Amerika houden zich daar ook niet altijd aan. Een boer is verdwenen, alleen zijn kunstgebit werd teruggevonden tussen zijn veestapel. Ik zou voorlopig maar geen varkensvlees eten, want dat staat nu even gelijk aan kannibalisme.

Welja joh.

Ik ben momenteel niet geheel tevreden over de manier waarop onze overheid functioneert. Ik bedoel, wij zijn de burgers, om ons draait het. Zij zijn de overheid, zij moeten onze dienaar zijn. Wat valt mij op, de laatste uit de hand gelopen decennia? De overheid probeert alle kosten die zij maakt, te verhalen op de burger. Nu gaan bijvoorbeeld de administratiekosten bij verkeersboetes omhoog van 6 naar 7 euro. Het is de omgekeerde wereld. Sinds wanneer gaat de overheid uitrekenen hoeveel bepaalde handelingen kosten? Ze sturen de majesteit toch ook geen rekening als ze een reis heeft gemaakt? Nee, terecht niet. Maar waarom ons dan wel? Ik zal even uitleggen hoe het moet. De overheid moet, stel even dat we akkoord zijn over het opleggen van verkeersboetes, een legertje ambtenaren aannemen, die krijgen allemaal maandelijks salaris, en zij zorgen ervoor dat wij onze boete thuis gestuurd krijgen. Verder niks. Administratiekosten zijn in het salaris verdisconteerd. Nog een voorbeeld. Haren. De politie waarschuwt relschoppers zich te melden anders worden ze van hun bed gelicht. Nee, nu nog mooier! De politie wordt potverdorie te lui om zelf fatsoenlijk opsporingswerk te doen en stuurt daarom een blufboodschap de media in? Ik zal even uitleggen hoe het moet. Je bent van onbesproken gedrag, je hebt een blauwe pet op, en dan ga jij zelf achter je pc zitten en de hele dag filmpjes bekijken van relschoppers om ze te identificeren. En als dat gelukt is, ga je naar het huis van de relschopper en arresteert hem. Zo moet het. Verwende kereltjes. Laatste voorbeeld: Friesland. Duizenden mannen werden opgeroepen om even hun DNA af te komen staan zodat de politie alleen nog maar even de match hoeft te zoeken en de moordenaar te pakken kan nemen. Nog even en ze liggen met hun voeten op het bureau te twitteren dat de moordenaar zich moet komen aangeven. Bah. Horst Tappert zou zich omdraaien in zijn graf bij zoveel gemakzucht. Maar goed, die was dan ook van oorsprong boekhouder, en presenteerblaadjes zijn de boekhouder een gruwel.

Ons kent ons

Vorige week ging ik eens naar de winkel voor wat nette kleding voor mijn werk. Ik had geen zin om naar de stad te gaan, dus deed ik de modewinkel van Vaassen aan, waartegen ik toch een paar vooroordelen had omdat ik bang was voor een ietwat achterhaald aanbod. Maar volgens mij viel het mee. De verkoopster was een vrouw die iets jonger was dan ik. Hoe ik dat weet? Ik heb haar vroeger eens naar huis gebracht na een feestje, maar ze had volgens mij geen idee meer. Ik hou wel van een voorsprong. Ik heb me twee Italiaanse pakken laten aansmeren, maar niet voordat ik alles goed gepast had. Broek in die maat, jasje moest misschien groter, andere verkoopster erbij, kijken hoe het staat, twijfel, andere maat bestellen. Toen ik een pak aanhad ging een andere mevrouw zich ermee bemoeien. Jasje moet groter zei ze, en ze kwam naar me toe en begon aan me te plukken. Ik moest me even omdraaien, broek was goed, maar het jasje moest echt groter volgens haar. Ze maakte een soort van excuus dat ze aan vreemde mannen stond te trekken, maar ik hield de opmerking voor me gelukkig. Humor is wel een kwestie van timing, maar soms is het beter even je mond te houden. De verkoopster die ik ooit thuis had gebracht gooide ook wat charmes in de strijd, en dat is veruit de beste manier om te verkopen.

Vandaag kwam ik terug om de grotere maat te passen, en heb ik alles zorvuldig gepast en afgewogen. Tammar was mee, die werd wat ongeduldig en was met mijn telefoon aan het spelen. Hoe ze het allemaal klaarspeelt weet ik niet, maar op een gegeven moment had ze een foto van Linda te pakken. “Dit is mijn mama,” zei ze tegen de verkoopster terwijl ze in de kleedkamer op een stoeltje zat. Haar zoontje, die ook in de winkel aanwezig was had Tammar al herkend als het zusje van Hans, en met Hans had hij eens gevoetbald, zei hij. De verkoopster was nieuwsgierig en vroeg aan Tammar of ze de foto nog eens wilde laten zien. Ze kende Linda van gezicht, zei ze. Waarop ik zei dat ze een echte Vaassense was, omdat ze alles wilde weten. Daarop verschoot ze van kleur en had ik mijn voorsprong uitgebouwd. Na mijn aankoop mocht ik een paar sokken uitzoeken, een bos bloemen, (waarvan ik hoop dat Linda morgen niet in de gaten heeft dat die niet speciaal voor haar gekocht zijn) en kreeg ik nog een taartje en een paraplu mee. Ja, het is hier een geweldig dorp, waar ons ons kent.

Ideaalbeeld

De ING heeft momenteel een opvallend reclamespotje. (Kan ik nog zeggen “reclamespotje” of zit ik dan tegen beter weten in vast te houden aan wat was terwijl ik ook wel weet dat het “commercial” moet zijn?) Hoe dan ook, dit refrein kan niet alleen mijn aandacht getrokken hebben. Muziek, zeg ik altijd, is niet een kwestie van smaak, maar van interpretatie. Dit nummer is goed. Hoe ik dat weet? Omdat het via je oor binnen komt en via neuronenverbindingen een vloeiende, golvende weg naar het binnenste van je hersenen aflegt. Nergens hoeft er plotseling bijgestuurd of hard geremd te worden. ABS en ESP hoeven niet in te grijpen. Het is als de achttrapsautomaat van BMW. Aangenaam als The Carpenters.

Maar goed, daar gaat het niet over. Het gaat om die twee mensen in het spotje. En vooral die jongen. Die heeft alles mee. Mooi donker haar, krullen en een knap gezicht. Een glimlach die harten verovert. Daarbij is hij avontuurlijk want hij is ergens alleen aan het backpacken in Argentinië of iets dergelijks. Jaloersmakend. Zijn vriendin is uiteraard knap, in blijde afwachting van zijn terugkomst en hoeft haar hele leven nooit naar de wc. Kortom, ik zou nooit in zo’n spotje kunnen figureren, want ik heb niet zo’n hartveroverende glimlach.

Het kan nog erger hoor. Je kunt ook kalend zijn, een redelijk dikke kop hebben, je schedel kaal scheren en een grote zwarte vierkante bril opzetten. Echt, helemaal niet erg als je dat hebt, maar dan kun een hoofdrol in zo’n spotje helemaal wel vergeten. En da’s toch jammer. Gelukkig hebben wij zo’n spotje niet nodig en hebben we Facebook om de indruk te wekken dat we nooit naar de wc gaan.