Fly away

Hoe kan het dat wij mensen een stem kunnen herkennen? Waarom kan ik Elvis onderscheiden van een imitator, waarom herken ik Mick Jagger als hij meezingt bij Carly Simon en waarom herken ik de stem van Olivia Newton John uit duizenden? Dat zijn van die dingetjes die geheel vanzelfsprekend lijken maar het niet zijn. Want er zijn miljarden stemmen op de wereld en geen twee klinken hetzelfde. Dat betekent dat ons gehoor in staat is om uit miljarden te herkennen. Dat geldt niet alleen voor het gehoor, maar ook voor gezichtsherkenning. Er zijn miljarden gezichten in de wereld, maar allemaal hebben ze neus, oren, mond en ogen op dezelfde plek. Zouden sommigen op de plek van hun ogen hun oren hebben zitten werd het makkelijker, omdat je een aantal onjuiste combinaties zou kunnen elimineren, maar dat is niet het geval. Onze hersenen maken er geen wiskunde van, en toch kunnen ze dit beter en sneller dan een computer, die wel moet zoeken naar een geldige combinatie.

Hoe dit werkt, geen idee. Meestal als ik met zoiets aan kom kakken heb ik er net een boek over gelezen en weet ik ook het antwoord. Tenminste, ik vat dan even in één zin samen waar de onderzoeker tien jaar aan heeft gewerkt. Maar opvallend is het wel. Als je honderd Rottweilers naast elkaar zou zetten zou je ook je eigen hond eruit kunnen pikken. En dan gebruik je niet eens het reukzintuig. Kennelijk hebben onze hersenen aan één oogopslag of aan één geluidsfragment genoeg om te kunnen herkennen wat ze al eerder opgeslagen hebben. En handig is het, want zonder zou je nooit weten of je onder vrienden of vijanden bent. Elk mens zou eenzaam zijn tussen zijn soortgenoten en je zou niemand vertrouwen. Iedereen zou een vreemde voor je blijven. We zouden dement lijken doordat we iemand die we net nog gezien hebben, niet herkennen. Met hoge mate van zekerheid zou de soort niet overleefd hebben, als hij al opgestart was. Een Alzheimerpatiënt moet zich vreselijk eenzaam voelen.

…

En toen overleed er vannacht plotseling een jongetje dat op school zit bij mijn kinderen. Door een ongelofelijk naar toeval zat zijn moeder aan de andere kant van de wereld en die maakt nu een hel van een reis door om terug bij haar zoon te keren om hem morgenochtend pas voor het laatst in haar armen te nemen. De impact die zoiets heeft. Het is een verschrikkelijk drama. Ik wil niet op de details ingaan, omdat dat mijn taak niet is, en er is ook niet precies bekend wat er gebeurd is. Het was in elk geval een natuurlijke dood, als je daarvan kunt spreken bij een jongetje van negen.

Huilende ouders op het schoolplein is een teken dat de ouders van de jongen er niet alleen voor staan, maar dat kan hooguit een klein deel van het verdriet van de ouders wegnemen. Volgende week gaan onze levens door, terwijl er daar een gat is geslagen wat niet meer gedicht wordt. Een kind te verliezen slaat de ouders lam. Onze kinderen huilden ook vanavond toen we terugkwamen van een bijeenkomst op school. En wat kun je doen? Praten, dat is het enige. Of je wat zinnigs zegt maakt waarschijnlijk niet uit, want wat valt er te zeggen? De angst proberen weg te nemen, dat kun je doen, je baseert je dan maar op statistieken, die geen zekerheid bieden.

Ik ken de moeder alleen van een kort praatje op het schoolplein, en zodoende weet ik ook wie de jongen is. En na vandaag heeft ze geen reden meer om op het schoolplein te komen. Mijn gedachten zijn bij vader, die er vannacht alleen voor stond, en bij moeder die nu nog in het vliegtuig zit voor de zwaarste reis uit haar leven.

Ziel

Het zijn de afgelopen maanden niet de beste maanden uit mijn geestelijke gezondheidsgeschiedenis geweest, maar hoe anders is dat met mijn lichamelijke! Ik denk dat ik de hond moet bedanken, met wie ik elke ochtend een half uur loop direct nadat ik opsta. Vorst, regen, de hond moet er eenmaal uit. Ze is momenteel loops en ontsnapt af en toe aan mijn gezag. Dan sprint ze er vandoor en zal ik er rennend achteraan moeten, want reuen gaan onmiddellijk tot actie over als ze de kans krijgen. En aangezien de hond, zo zag ik vanochtend, haar staart uitnodigend aan de kant doet, kun je haar geen drie seconden uit het oog verliezen.

Door al die rondjes gaat het met mijn rug goed, volgens schema had ik allang weer plat moeten liggen. Vanavond ben ik zelfs, omdat de hond zo onrustig was, drie kilometer gaan hardlopen met haar aan de riem naast me. Het is dankbaarheid van drie kanten. Van Linda, omdat ik dat al maanden ’s ochtends volhoud, van de hond, maar dat spreekt voor zich, en van mezelf, voor mijn algehele conditie. Lichamelijk gaat het niet uitsluitend achteruit als je wat ouder wordt. Ik ben dit jaar sterker dan vorig jaar, en vind dat een hele prestatie van mezelf. Mijn boekjaar loopt overigens van juni tot mei, dat u niet denkt dat ik nu al de dag prijs eer het avond is. Nu de ziel nog harden, want met een gehavende ziel begint zelfs het meest getrainde lichaam niks.

Krant

In het kader van “ik heb wel genoeg aan zelfkastijding gedaan in mijn leven” werd er vandaag en Foxsport abonnement aangeschaft. Heel makkelijk, je klikt het aan op je tv en je kunt kijken. Kost geloof ik wel 17,50 per maand maar ik denk dat ik die ga compenseren door de krant eruit te doen. Van de krant lees ik al jaren niet meer dan 5%. Ik ben nog opgevoed (door mijn leraren) met het idee dat je een krant moest hebben. Toen ik door kreeg dat ik mijn informatie ook wel van de radio en tv kreeg, wilde ik de krant gaan opzeggen, alleen heeft Alexander Klöpping mij hier nog jaren van weten te weerhouden. Deze jongeman, destijds nog een melkmuil, beweerde namelijk dat kranten ‘niet meer van deze tijd’ zouden zijn. Een jeukopmerking natuurlijk, maar hij voegde er aan toe dat de huidige pretgeneratie het nieuws altijd gelijk wil weten en niet alleen ’s ochtends nieuws wil lezen wat al een dag oud is. Dus als Klöpping wat vindt, doe ik automatisch het tegenovergestelde.

Maar het is echt zonde, zo’n krant is duur en als hij dan toch nauwelijks gelezen wordt, op de voorpagina en de sport van maandagochtend na, dan kun je hem net zo goed wegdoen. Want waarom zou ik de enige moeten zijn die niet de makkelijkste weg kiest? Donder op, ik heb ook het recht op een makkelijker leven! Lekker op de bank hangend voetbal kijken met een krat bier erbij, dat wilde ik altijd al! Trouwens, wat heb je aan al die verdieping uit de krant? Je komt toch nooit iemand tegen met wie je het daar over kunt hebben. Voetbal wel, dat verbroedert. Alleen even een oplossing zoeken voor wat ik nu onderin de kattenbak moet leggen.

Een winterbandenhufter

Ik heb de laatste jaren nogal zitten afgeven op winterbanden. En eigenlijk niet op de winterbanden zelf, maar op de gekte die erover ontstaat en op het afsluiten van de bloedtoevoer naar de hersencel die informatie over winterbanden heeft opgeslagen. Maar dat was allemaal vóór gisterenavond toen ik voor het eerst in mijn leven profijt van mijn winterbanden had. Maar voordat iemand denkt dat ik om ben, dat ben ik niet. Ik zou gisterenochtend op de ijzel en ’s avonds door de sneeuw ook veilig aangekomen zijn, omdat ik dat eenmaal ook al deed in de ijstijd van de vorige eeuw en er nog geen winterbanden bestonden.

Ik herhaal nog even wat ik tegen winterbanden heb. Meer dan 99% van de tijd zitten ze onder je auto tijdens omstandigheden dat zomerbanden je op dat moment meer grip bieden. Denk aan kortere remwegen op niet besneeuwd wegdek en aan betere grip in korte natte bochten. En vergeet niet dat dit land overwegend vlak is.

Op ijzel merkte ik nog niet echt verschil, maar ik geloof dat dat er wel was, als ik de paniekerige bewegingen van de auto achter mij zag toen mijn ABS mij rustig tot stilstand bracht. Maar gisterenavond in de sneeuw….wat een genot. Alsof er geen sneeuw lag. Ik leek wel een echte hufter zo relatief dicht reed ik op mijn voorganger. En toen die er bij de eerste de beste rotonde vanaf slipte, draaide ik om hem heen, hem achterlatend, achterstevoren op de rotonde en ik ging er vandoor alsof ik in een race zat. Kortom, je wordt er ook nog eens overmoedig en een hufter van, dus ik pleit voor een verbod op winterbanden in Nederland omdat ze niet tijdens 99% van de omstandigheden onveiliger zijn, maar altijd.

Zoon

Gisteren, in het half uurtje voordat Hans naar bed moest, vroeg hij of hij mocht tekenen. Normaal zou ik geen bezwaar hebben, maar nu een heel klein beetje. De tekenspullen waren namelijk opgeborgen sinds de uitruim van een kast die we weg hadden gedaan, maar hij wilde per se tekenen. Ik moest een werkkast in en onder een grote stapel onbekend gewicht de tekenpapiertjes weghalen. Ik pakte er een paar, en hij ging tekenen.

Ik stond in de keuken koffie te zetten (of heet dat anders bij een Senseo?) en hij vroeg me hoe je gefeliciteerd schreef. Ik dicteerde het zonder er verder acht op te slaan. Ook toen hij tegen ons zei dat we niet mochten kijken, wekte hij geen enkele argwaan. Waarschijnlijk was ik iets teveel met mezelf bezig. Vanochtend liet hij zijn tekening zien en ik realiseerde me hoe erg het geweest zou zijn als hij niet had mogen tekenen omdat ik het teveel moeite vond om dat papier op te duiken. Ik vond het eigenlijk al erg dat ik het gisteravond niet door had. Maar wat een zoon hebben wij.

Trouwdag
Trouwdag

Niemand heeft gelijk

Ik geloof dat ik het wel eens vaker heb geschreven, ik ben jaloers op mensen met een mening. Een standpunt dat zij uitdragen en waar zij voor staan, ongeacht wat. Mijn mening kan stevig zijn en soms hard klinken, maar ik kan door redelijke standpunten van een ander aan het wankelen gebracht worden. Dus ben ik totaal ongeschikt voor de politiek waar je soms tegen beter weten in, in je eigen standpunten moet blijven geloven. Geloof betekent trouwens ook dat je het gelooft, niet dat het bewezen kan worden, want op het moment van het bewijs is het geloof weg, zowel bij het geloof in God of hogere machten, als bij het geloof in een standpunt. Dus mocht iemand van u of ik na zijn dood verder leven in de hemel, beweer ik dat zijn geloof of ongeloof op dat moment voorbij is.

Met standpunten is het probleem dat je er aards bewijs voor denkt te kunnen vinden. Echter, degene die het niet met jouw standpunten eens is, denkt precies hetzelfde en zo kom je dus nooit verder, behalve als je blijft geloven in je eigen standpunten, wat er ook gebeurt. En misschien was het helemaal niet zo gek om in een bepaald nest geboren te worden en dat daar de basis voor de te varen koers gelegd werd. Ging je over west, dan kwam je in Amerika, maar over oost kwam je er ook. Dit laatste voorbeeld laat wel feilloos zien dat het ene standpunt je eerder brengt waar je zijn moet dan het andere. Tenminste, als je in Nederland woont. Woon je in Rusland, dan kan de weg over oost wel eens de betere zijn. Terwijl wij hier dan zeker denken te weten dat Rusland over west moet varen omdat dat nu eenmaal korter is. Maar misschien wil men helemaal niet in Amerika eindigen, dat kan ook nog om het nog lastiger te maken.

Ik geloof dat wel kan constateren dat ik doorgaans voor de underdog ben. Waardoor het dus kan voorkomen dat ik de ene week keihard tegen iemand inga die over west wil, en de volgende week hetzelfde doe bij iemand die zegt dat oost de beste weg is. Ik ben dus niet eens een diplomaat. Ook geen meeloper. Eerder een eeuwige twijfelaar.

Klassieker

Hans en ik keken via een geleend Fox account de wedstrijd Ajax-Feyenoord. Ik weet nu al dat ik zo’n abonnement nooit ga nemen, want elke minuut liep de pc vast. Gisteren tijdens PSV hadden we daar maar drie keer in de hele wedstrijd last van. Ik verdenk het aantal mensen dat de wedstrijd wilde zien ervan. Klopt ook precies dat het aan het eind beter werd, want Ajax supporters staan erom bekend dat ze de wedstrijd vroegtijdig verlaten als het niks is. En het was niks van Amsterdamse zijde, hoewel, knap verdedigd. Eindelijk zag ik Cillessen in een rol waarin ik hem graag zie, een beetje van zich afbijtend, in plaats van dat schuchtere mannetje dat hij altijd is. Hij is toch de keeper van het Nederlands Elftal, en dan zie ik graag wat uitstraling.

Feyenoord had het beste van het spel en domineerde vrijwel de hele wedstrijd. Maar zij hadden de pech om niet te scoren ondanks enkele 100% kansen. De roep om een echte spits klinkt in Rotterdam, en zij denken dat ze met een echte spits dit jaar kampioen zouden worden. Ik riep vorig jaar ook dat als PSV betere verdedigers had, ze kampioen zouden zijn geworden. Je moet iets roepen om in te geloven. Vorig jaar had Feyenoord die echte spits en lieten ze het ook afweten, dus 1+1 is niet zomaar twee. De ballen die Feyenoord  nu miste, hadden er in gemoeten, spits of niet. PSV ligt nu wel op koers, speelden gisteren niet sprankelend, maar domineerden wel de lastige wedstrijd. Genee en van Halst staan weer even met twee benen op de grond, maar dat gaat nooit lang duren, de beide heren kennende.

Ik kijk heel weinig tv

Als ik mensen vroeger hoorde zeggen dat ze heel weinig tv keken, dat was dat voor mij niet alleen een feitelijke constatering, maar ik verbond er ook een paar conclusies aan. Het was een beetje afhankelijk van wie het zei en in welke context het gezegd werd, maar vaak oordeelde ik al dat ik te maken had met iemand die boven het niveau van de Nederlandse televisie stond. Iemand die niet echt belezen was maar dat wel graag zo wilde laten overkomen, of iemand die zijn tijd nuttiger besteedde dan ik, en dat mij op die manier ook even fijntjes mededeelde. Toen ik daarmee in de problemen kwam kreeg ik van mijn psychiater te horen dat ik dat soort conclusies niet moest trekken omdat het een vooringenomen standpunt was. Mijn psychiater, daar verbind ik ook al allerlei conclusies aan als iemand dat zegt, ook geheel afhankelijk van wie en in welke context. Maar dit is een zijspoor dat nergens toe leidt, al kan het leuk zijn om te zien hoever een trein uiteindelijk komt zonder rails.

Het ging mij erom dat ik inmiddels ook zo iemand geworden ben die weinig tv kijkt. En al helemaal geen Nederlandse programma’s waar op een of andere manier een associatie met “Mol” is. Behalve ‘De reünie’ mits het door Kamphues wordt gepresenteerd. Oh ja, vanavond keek ik wel tv. Een programma genaamd “etters achter de tralies” Echt iets voor mij. Een stel pubers dat de wet heeft overtreden wordt geconfronteerd met de verschrikkingen van een Amerikaanse gevangenis. Dus komen er een paar neger-gevangenen in beeld, die toevallig vooraan stonden toen er vrijwilligers werden gezocht om de etters eens een lesje te leren. Wat een acteertalent! You ain’t no fucking nobody in here! You think you’re tough, huh? You wanna hit me, come on, hit me! De agenten staan er bij als de ordebewakers van Jerry Springer, het is één grote verschrikking. Je vraagt je af wie er eigenlijk de baas is in zo’n gevangenis. Nou zou het programma wat mij betreft ook echt veel leuker worden als zo’n etter zo’n gevangene ook echt eens k.o. slaat als die daar om vraagt. En daarna voor de camera nog een cipier. Dat lijkt mij nu mooi en goed voor de kijkcijfers.

Zo denk ik ook niet dat toen Mike Tyson de gevangenis in moest, hij het erg moeilijk had. De man kon met één klap de schedel van een stier verbrijzelen. Die kon met een gerust hart gaan douchen. Ook zoiets onbegrijpelijks, waarom worden alle stoere mannen homo als ze in de gevangenis zitten? Zo raar! Ik las trouwens in een boek van een krijgsgevangene van de nazi’s dat het in de concentratiekampen niet voorkwam. Daar was genoeg eten krijgen de grootste zorg. Waar je als je niet uitkijkt ook weer hele rare conclusies over homoseksualiteit aan kunt verbinden, dus daar waag ik me maar niet aan. Misschien zijn er in de gevangenis ook wel gedetineerden die tegen hun medegedetineerden zeggen: ik kijk heel weinig tv. En dat zo’n medegedetineerde dan denkt: homo!

Dak

Vanavond reed ik iets anders terug dan normaal omdat ik Hans moest oppikken van het voetbal, en reed door de weilanden waar ik vroeger op uit keek als ik op de nok van het dak zat. Ik bracht geregeld tijden door op de nok van het dak, zonder dat mijn moeder daar van wist. Mijn vader was net overleden, en dat was voor dit aspect maar goed ook, want zou hij erachter zijn gekomen dat ik mij op het dak bevond dan zou er wat gezwaaid hebben. Maar misschien zou ik er anders niet gezeten hebben, je weet het niet. Mijn kamer was op zolder, en via het raam van het dakkapel klom ik op het dak en ging op het dakkapel zitten. Omdat ons huis precies aan de rand van het dorp stond, keek je prachtig uit over de weilanden. Het zal zomer zijn geweest, ik kan me toch niet voorstellen dat ik daar in de winter ook zat, hoewel ik het ook niet helemaal uitsluit, en ik kon me precies weer achter de nok verschuilen als er mensen door de straat liepen. Eigenlijk was het levensgevaarlijk, maar op een of andere manier was ik op mijn zestiende zo flexibel dat ik inschatte zo’n val wel aan te kunnen.

Ik heb ook wel eens met het stofzuiger op het dak een wespennest belaagd, en dat ging vrij goed, maar toch wist een enkele wesp aan de zuigkracht te ontsnappen en mij te steken. Held die ik toen was, raakte ik niet in paniek maar liet mij steken en ging door met het werk dat gedaan moest worden. Levensgevaarlijk. Als ik erover nadenk heb ik best veel dingen gedaan vroeger die ik nu niet meer zou durven. Mijn gevoel van onkwetsbaarheid is verdwenen, maar soms laat het weer van zich spreken en ik dan kan ik het niet negeren. Dat loopt meestal uit in iets dat kneust maar leren doe ik er niet van.

Waarschijnlijk om tot rust te komen en om het gevoel te hebben op een plek te zijn waar nooit iemand komt, begaf ik mij op het dak met uitzicht over de weilanden. Totdat de achterbuurvrouw mij zag en het aan mijn moeder rapporteerde. Ik moest bekennen omdat het eenmaal onwaarschijnlijk was dat het Sinterklaas was die op het dak zat. Straf kreeg ik niet voor zover ik mij herinner, ik geloof niet dat ik ooit nog straf kreeg vanaf het moment dat mijn vader overleed. Misschien was ik er te oud voor, misschien had het geen zin meer of misschien was ik al gestraft. In elk geval, ik ben er nog! Een stuk ouder een wijzer.