Heb me vandaag enorm lopen ergeren aan de juffrouwen. Zij hadden een item op Facebook over het fenomeen studiedagen. Dan krijgen ze bijscholing en zijn alle kinderen vrij. Grote paniek bij de ouders, want die komen ineens in de knoei met hun werk. Vroeger had je geen studiedagen, en was de onderwijzer er gewoon elke dag. Nu weet ik wel dat tijden veranderen. Dus ik vind het allemaal niet zo erg. Maar dat de dames onderwijzeressen het nodig vinden om op Facebook de ene na de andere d/t dt fout te maken, maakt mij wanhopig. Wat ze dan uitvoeren op die bijscholing, wilde ik weten. Eentje ging nog aanvoeren dat haar fout goed was, want het was tt, zei ze. (wordt bepaalt) Ik maakte een soort wanhoopsopmerking en even later had ze haar opmerking verwijderd.
Ik weet, Nederlands is lastig. Ik ben ook geen Neerlandicus, en behalve Neerlandici hoeft ook niemand dat van mij te zijn, maar ik vind het ook weer niet teveel gevraagd als onderwijzers gewoon weten hoe “’t kofschip” werkt. En als ze het niet weten, dan gaan ze het maar leren op bijscholing. Ik maak me er ernstig zorgen over. Mijn onderwijzers wisten wanneer het een t, d, of dt was. En niet alleen zij wisten dat, iedereen in die tijd wist dat. Pak een willekeurige voetballer uit die tijd, als hij lagere school had gehad, kon hij schrijven. Zelfs Sjaak Swardt.
Een politieagent mag niet te hard rijden, een dokter mag niet ziek worden en een onderwijzer mag geen taalfout maken. Was het leven maar zo overzichtelijk. Alleen was het dat ooit wel. Of bestond dat alleen in mijn hoofd? En zo ja, wie heeft me de waarheid bijgebracht terwijl het sprookje mooier was?

