De winterbandengeneratie

Ik maak mij een beetje zorgen, al weet ik niet goed waarom. Ik weet wel waarover, maar niet waarom. Het gaat namelijk over de codes rood en de weeralarmen. Mijn zoontje moest naar school maar gisterenavond waren wij al in rep en roer. Dus werd er groot alarm geslagen onder de ouders van de schoolkinderen en werd er gezorgd dat de arme schapen met de auto werden gebracht. Al snel kregen we een mailtje van de school dat de schapen eerder naar huis mochten, want het onheil zou om een uur of twee losbarsten.

Ik werkte thuis vandaag, want er was immers gewaarschuwd voor een landelijke ontwrichting. Nu werk ik tegenwoordig op maandag altijd thuis, maar toch. Het naderend onheil van twee uur maakte dat ik het zo plande dat ik voor die tijd de hond had uitgelaten, stel dat je overvallen wordt door de sneeuw, ze vinden je toch nooit meer terug? Ja, over driehonderd jaar als goed bewaard gebleven lijk. De man met hond van Vaassen, zo zal ik dan heten en mag ik een plekje naast de Tollund man en Otzi. Mij niet gezien.

In werkelijkheid erger ik mij kapot. Het sneeuwde een beetje vandaag. Een dun laagje ligt er. Mijn zoon en zijn klasgenootjes moesten gebracht en gehaald worden. En morgen weer! Ze hebben niet eens fatsoenlijk leren fietsen met hun opoefietsen met kratje. Wij achtervolgden elkaar op de fiets en al slippend reden we elkaar klem. We joegen door de modder en als er sneeuw lag gooiden we onze fietsen plat door de bocht als waren we Boet van Dulmen. En toch heeft onze generatie het toegelaten dat het nu zo geworden is. De winterbandengeneratie. Ik erger me aan de gewatteerde maatschappij, maar ik weet niet waarom. Waarschijnlijk omdat mijn generatie voor Jan Lul nog hard werd opgevoed.

De tijden rond kerst.

Die sneeuw, die bevalt mij wel. Er moet nodig meer van komen. Ben net met mijn dochter en de hond een grote ronde gaan lopen. Dochtertje had haar nieuwe zaklamp mee, en de hond had haar lichtgevende halsband om. Allemaal onzin, want het was door de sneeuw helemaal niet donker. De zwarte hond zag je zelfs prima. Maar sneeuw is mooi. Veel mannen -ik neem aan dat het mannen zijn- geven wat extra gas om hun wielen aan het spinnen te krijgen. Dan voelen ze zich toch de baas over de techniek en de elementen. Vrouwen vinden dat minder interessant volgens mij. Ik ben natuurlijk geen uitzondering. Weinig zo mooi als door maagdelijke sneeuw te rijden en de grenzen van de grip op te zoeken.

Overigens valt de sneeuw natuurlijk weer drie weken te vroeg. Zo gaat het altijd. Met kerst is het waarschijnlijk 15 graden en regenachtig. Kerst devalueert. Alleen de weg er naar toe is nog leuk. Kerstliedjes, vrolijke etalages, kerstbomen worden opgezet, overal lichtjes buiten en misschien wordt A Christmas Carol wel uitgezonden. De nachtmis brengt je helemaal in kerstsferen. Maar dan kerst zelf. Regenachtig, modderig, de leuke liedjes hoor je om een of andere reden niet meer, het valt eigenlijk een beetje tegen. Een verplicht nummer is het. Wij slaan het waarschijnlijk over dit jaar. We zijn er niet. We zitten in een uithoek. Ik denk waarschijnlijk heel even aan de geboorte van Jezus. Want uiteindelijk ging het daar allemaal om. Oh ja, da’s waar ook.

De dagen tussen kerst en oud en nieuw vind ik wel altijd mooi. Op een of andere manier is het een soort reservetijd, met de top 2000 op de radio. Geen stress, weinig verkeer op de weg, weinig collega’s aanwezig dus rustig kunnen werken. Hoewel ik dit jaar vrees voor de jaarafsluiting. In finance werd het vooral spannend na 31 december, in sales, waar ik nu onder val, moeten ze zoveel mogelijk scoren voor 31 december. Het begin van het nieuwe jaar is ook altijd een waardeloze tijd. Niks om naar uit te kijken, en allerlei vreemden de beste wensen wensen. Onzin. Alle kerstversieringen hebben nu iets treurigs gekregen. Weghalen die troep. Kaal, koud en nat. Ging het maar vriezen. Dan kon ik het gevecht met de elementen weer aan.

Wie zoet is…

Ik ging met de honden naar het bos en klapte de kofferbak dicht op de staart van de leenhond. De kofferbak zat dicht maar de staart stak er nog uit. Het beest gilde en ik maakte de kofferbak snel weer open. De geschrokken hond sprong er weer uit, en mijn hond sprong er achteraan. De schade aan de staart leek er niet te zijn, dus hij was snel uitgepiept. Maar ik had wel twee loslopende honden ineens. Op dat moment stopte er een auto waaruit drie zwarte pieten stapten. Dat vonden de zwarte honden niet zo’n goed idee. Ze vlogen blaffend op de pieten af, en ik kon nog net de mijne bij haar halsband grijpen. De andere, die met die staart, vloog op een Piet af en sprong tegen hem op. De Pieten stonden stijf van schrik en met moeite kon ik de andere hond ook weer in bedwang krijgen.

En dat is precies wat er mis is met het Sinterklaasfeest. Zowel Sint als Piet hebben geen autoriteit meer. Wie nog wel in Nederland, vraag ik me wel eens af. Sint moet zich in allerlei bochten wringen tegenwoordig om uberhaupt nog te mogen aanmeren in dit land. Nee, geen kinderen meer in de zak, de Pieten mogen geen knecht meer zijn, de roe is afgeschaft, en iedereen mag z’n schoentje zetten. Je hoeft helemaal niet zoet meer te zijn geweest.

Nou, dan verlies je wat mij betreft je bestaansrecht. Net als de koning die zich als een flapdrol gedraagt. Het wordt tijd dat hij zijn onderdanen weer eens in het gareel krijgt. En Sinterklaas, die moet eens ophouden met al die genderneutrale, politiek correcte apenkool. Gewoon wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe. Nee, geef iedereen lekkers, dat is een goed voorbeeld. En straks al die kinderen de maatschappij in, werken ho maar, en wel om loonsverhoging vragen! Met dank aan Sinterklaas. Klaar met die man.

Johan Cruyff trui

Mijn nieuwe Johan Cruijff trui is binnen. Ik vind hem erg mooi. Hij stinkt alleen nog een beetje naar een of ander chemisch goedje. Om de goede maat te kiezen is onbegonnen werk, dat moet je op gevoel doen. Ik heb precies alle maten nagemeten op een overhemd dat me goed zat, en dan zou ik een maat M moeten bestellen. Maar M past me niet, dus ik heb 3 x XL genomen ondanks dat die dus veel te groot zou zijn. Hij past prima. Je kunt echt niet van die maten op aan. Of ik had geen overhemd moeten nemen als referentie maar een trui. Misschien was dat het wel. Maar ik denk dat de Amerikanen in de war zijn.

Hij was niet duur hoor. Veertig dollar of zo. En ik kon zelf de kleur uitzoeken. Legergroen met Johan Cruijff erop. Alleen de Amerikanen schrijven Cruyff. Omdat ze anders geen idee hebben hoe je het uitspreekt. Wij wel, wij weten dat een i na een u een ui wordt. En die j erna die spreken we niet uit. En precies dat doen ze nu weer wel in Spanje. Crojf. Die snappen het misschien beter. Maar de juiste uitspraak is dus Krui-jf. Verzin ik ook net hoor, trouwens. Het leukste aan de truij is dat ik de kleur kon uitzoeken met een plaatje. Je ziet dus elke keer de oranje beeltenis op een andere kleur verschijnen. Liefst had ik ze allemaal genomen, maar dat werd een beetje duur, bovendien was het afwachten of de maat goed was. Maar prima. Misschien had 4 x XL ook nog wel gekund. Het ging tot 5 keer XL. Ik dacht dat die voor die superobesitas Amerikanen zou zijn, dus zou een M prima bij mij passen met slechts 7 kilo overgewicht. Maar deze is goed. Altijd je gevoel volgen. En anders na de aanschaf de boel rechtpraten. Altijd doen.

Bekoren

Bij die idiote surprise van laatst, moest ik ook een gedichtje maken. Doet je dochter ook nog iets zelf? Neen. Ze heeft mijn handgeschreven gedicht blind overgetypt. Ze zit op typcursus en kan het al beter dan ik het ooit heb gekund. Maar het had nog al wat voeten in de aarde. Want het begon ongeveer zo: Moet je nu eens horen, dat kan de Sint niet bekoren. Gelijk werd ik afgeschoten door mijn vrouw. Dat woord bekoren vond ze belachelijk en kon echt niet in een kindergedicht.

Ik was ouderwets en uit de vorige eeuw. Ze had nog nooit van bekoren gehoord. Nou ja, wel van gehoord, maar ze had het nog nooit horen gebruiken. Ik dus wel, in mijn kringen gebruik ik het regelmatig, voerde ik aan. Op mijn werk ook, daar vinden we het een zeer bekoorlijk woord. Vervolgens kon het mij niet zo bekoren dat er nu net gedaan werd of ik een ouwe zak aan worden was, puur omdat ik een woord gebruik, dat de familie niet kent. Of het toetje ze kon bekoren en leidt ons niet in bekoring, amen.

Nu vergeten ze het nooit meer. Akward, dat kennen ze wel. Maar bekoren nu ook.

Alain Delon

In mijn jacht naar weemoed klikte ik op een filmpje over Alain Delon. Wat mij betreft de mooiste naam ooit uit de filmgeschiedenis, al komt James Dean in de buurt.Ik ken geen enkele film van de beste man, of het moet een latere bijrol in Asterix zijn geweest, maar zijn naam die klinkt als een klok. Zo had ik dus ook wel willen heten.

De man maakt zijn naam ook waar. Zeker op oude zwartwitfoto’s waarop hij een achteloze blik naar de camera werpt, liefst met een sigaret tussen de lippen, uit de tijd dat roken nog mooi was. Zuid Frankrijk uiteraard, the place to be in de jaren vijftig tot en met de jaren tachtig. Destijds moet de aantrekkingskracht ervan gelijk zijn geweest aan die van een zwart gat. Maar ook op recente foto’s staat hij als oude man zijn mannetje, met zijn nog steeds lange haar.

Ik was er ook, in Saint-Tropez in de jaren zeventig, ik rookte nog wel niet en ik had nog geen cabrio, maar ik voelde wel mijn potentie. (als in: die gaat het nog ver schoppen) Helaas liep het allemaal anders en werd ik een nobody, maar het had weinig gescheeld of ik was de Alain Delon van de lage landen geworden. Nou ja, het heeft best wel wat gescheeld. Eigenlijk was ik de enige die het zag.

Hou je bek en knutsel!

Ik heb wel eens eerder over surprisestress geschreven, en ik begrijp werkelijk niet waarom een minderheid het voor elkaar krijgt om de meerderheid die stress te laten ervaren. De minderheid is de onderwijzer en de meerderheid zijn de kinderen plus hun ouders. Bij ons thuis vroeger vierden we Sinterklaas in zijn essentie. Pakjesavond thuis, er werd op de deur gebonkt, er stonden twee manden met cadeautjes, Sinterklaas beloonde ons met mooie cadeautjes en gedichtjes, en wij beloonden onze ouders met blije gezichten. Iedereen was blij.

Maar toen mijn vader overleed en ik al een lichtbepuiste puber was, vond mijn moeder toch dat we surprises moesten gaan maken voor elkaar. Hel. Wat is er mis met Sinterklaas te laten aan kinderen die erin geloven, of misschien net niet meer maar nog wel ontzettend blij zijn met cadeautjes? Nee, volwassenen moeten gewoon door met hun infantiele feest en ondertussen neemt de stress bij de overige gezinsleden toe.

Ik moest altijd luidkeels protesteren, en dat doe ik nu nog zoals u merkt, maar ik ben nooit een kerel geweest hierin. Hou of gewoon je bek en knutsel, of doe gewoon niks en laat ze allemaal verrekken. Nee, ik protesteerde maar vervolgens maakte ik mij er niet met een Jantje-van-Leiden vanaf. Ik maakte de mooiste auto’s, honden, trommels, voetbalshirts en dit jaar een zwembad. Voor mijn dochter. Die is alleen meegeweest om wat nutteloos knutselspul te kopen. Voor de rest mocht ze niet meehelpen van mij, want dan zou ze maar in de weg zitten.

Ik protesteer niet meer de laatste jaren. Mijn vrouw -die houdt niet van verrassingen- is allang blij dat ik deze taak op mij heb genomen. En ik kan het net niet goed genoeg om te doorzien dat een kind dat niet gedaan kan hebben, dus prima zo.
zwembad

Pampertime!

Vroeger had ik het af en toe. Dat iemand tegen me praatte en er iets in mijn hoofd begon te tintelen en ik helemaal rustig werd. Nu heb ik het nog zelden, de laatste keer alweer meer dan een jaar geleden dat ik mij herinner. Sinds kort weet ik dat dit ASMR ervaringen waren. Een afkorting waar je verder niks mee opschiet, maar waarvan de uitwerking wel extreem rustgevend kan zijn.

Op youtube staat het vol met vrouwen die je een ASMR ervaring willen geven. Ze fluisteren, tikken met hun nagels, maken geluidjes in de microfoon, het is bijna erotisch. Maar toch niet helemaal. Ik schaam mij een beetje dat ik mij heb laten vertroetelen door zo’n meid die zegt dat ze er helemaal voor jou is en die al je klachten in een rollenspel serieus neemt. Zo kan ik makkelijk een halfuurtje liggend op de bank doorbrengen. Het lijkt wel ontrouw, maar deed Bob Ross al niet precies hetzelfde?

Maar ach, niets menselijks is mij vreemd, en zo’n mooie, zacht in je oor fluisterende vrouw op je koptelefoon, die je nou eens een keer geen aansteller vindt, zoals je eigen vrouw dat na al die jaren wel vindt, da’s toch wel een verleiding. Want zo zijn vrouwen. In het begin ASMR-en ze er lustig op los, maar later worden er wel resultaten van je verwacht. En als je dat niet aanvoelt, wordt je dat op anti ASMR-achtige wijze duidelijk gemaakt.

Spanning en sensatie

We deden een poging tot het kijken van een film, Dustin Hofman speelde er een soort kerstman in, maar na tien minuten gaf ik het op. Wat een langdradig gezever. Mevrouw Mack was het er niet mee eens en vond dat ik het een kans moest geven. Maar dat had ik al tien minuten gedaan. We gingen naar de volgende, maar na een halve minuut zag ik dat ik hem al gezien had. Prima film was dat, maar ik hoef geen film te zien die ik al ken. Daarna nog eentje geprobeerd, maar ik werd helemaal gek van de camera, die gehanteerd werd om de suggestie te wekken dat het niet-geregisseerde beelden waren, alsof je naar je vakantiefilmpjes zat te kijken.

Ik verlang naar een spannende film. Of een boeiende. Maar ik heb geen zin om het een kans te moeten geven. Die acteurs krijgen verdorie miljoenen! Is het dan teveel gevraagd dat ze me vanaf minuut één boeien? Ik schrijf dit allemaal gratis, en ik probeer u ook te blijven boeien. Als je houdt van je ergens doorheen te moeten worstelen, kun je net zo goed een boek van Simon Vestdijk gaan lezen.

Misschien ligt het wel aan mij. Ik ben nu een misdaadthriller aan het lezen, 33 miljoen exemplaren verkocht staat er trots op de omslag, maar ik vond de Donald Duck vroeger spannender. Als ik ’s avonds begin met lezen lijkt het wel of ik dement ben geworden. Geen idee meer wie al die personen zijn waarover het gaat. Dan sla ik maar weer een bladzijde terug om het weer op te pikken. Dat had ik bij Kruistocht in Spijkerbroek nu nooit. Ik lees net zo makkelijk het telefoonboek.

Zak er maar in

Ik ging friet halen, bij een andere frietzaak dan normaal, en parkeerde mijn auto voor de deur. Voor me stond al een auto die nog wel iets verder had gekund, waardoor ik met mijn achterkant een oprit half blokkeerde. Maar het was een dubbele oprit, en bovendien: hoe groot was de kans nu helemaal dat precies degene die daar woonde er in de komende vijf minuten aan zou komen of eruit zou moeten?

Ik was nog niet uitgestapt of daar kwam ze al aan. Moeilijk manoevrerend, alsof ze geen ruimte genoeg had en driftig gebarend dat ik in de weg stond. Ik maakte haar met mijn blik duidelijk dat ze niet kon rijden. Dat ik misschien wel half voor haar oprit stond, maar ze nog anderhalve oprit had om erop te rijden. “Zak er maar in,” dat dacht ik. Ik ging friet halen.

Toen ik terugkwam was ze weg, en ik keek nog eens naar de oprit. Hadden ze snel de boel verbouwd en nu was er nog maar één, die ik half blokkeerde. Dat hadden ze wel bijzonder snel gedaan, want net waren er nog twee. Nou ja, dan moest ze een beetje over de stoep, big deal. Maar waar ik me het meest aan erger is dat altijd als ik zoiets doe, er gelijk iemand aankomt die op mijn schuldgevoel gaat werken terwijl die kans statistisch nihil is. Ze doen het er gewoon om. De hele week als er niemand voor die oprit staat hoeft daar geen auto in of uit. In de vijf minuten dat dat wel gebeurd, wel. Dat is dus een complot. En dus dacht ik: zak er maar in. Ze werd het slachtoffer van degenen die haar voorgingen en het wel voor elkaar kregen dat ik mijn auto ging verzetten. Maar deze keer was ik voorbereid, dus liet ik hem staan.