Ayrton Senna da Silva

Ik keek vandaag een dvd die ik onlangs in mijn schoen vond. Het ging over de opkomst en ondergang van Ayrton Senna. Ademloos heb ik zitten kijken. Ik herinnerde me weer hoe de formule 1 ooit was, toen er nog echte helden waren. Ik beleefde vroegere emoties opnieuw en ik zag hoe een jonge coureur in opkomst in een kansloos team bijna een race won. Ik zag hoe zijn ouders zich zorgen maakten om hun zoon, zo gevaarlijk als zij de sport vonden. Ik zag Senna’s gedrevenheid, zijn opstand tegen de racebazen, zijn opstand tegen collega coureurs, maar vooral de grote rivaliteit tussen hem en Alain Prost. Ik zag de angst in zijn ogen na het bijna fatale ongeluk van collega Donnely en ik zag zijn onwankelbare geloof in God, waarmee door sommige anderen de spot werd gedreven.

In zijn laatste seizoen, 1994, voelde hij zich niet comfortabel met de auto. Tijdens zijn laatste grandprix weekend, waarin nóg een coureur, Ratzenberger, dodelijk verongelukte, en waarbij zijn Braziliaanse collega Barrichello een zware crash meemaakte en bovendien in het publiek ook een dode viel door rondvliegende brokstukken, sprak hij met zijn vriend, de racedokter over stoppen. Die ochtend had hij nog met zijn zus gebeld en zei dat hij God’s hulp had gevraagd. Die kwam er in een passage uit de bijbel waar zijn oog op viel, waarin stond dat hij de grootste gift tot nu toe zou ontvangen, God zelf.

Een paar ronden op weg in de race, hij lag op kop, vloog hij er op een volgaspositie af. Hij had zoveel pech dat een stang van de ophanging zich door zijn helm boorde. Was dat niet gebeurd, dan had hij de wagen wandelend verlaten. Hij had geen blauwe plek en geen gebroken bot. Zijn vriend, de racedokter verklaarde dat toen hij de zwaargewonde Ayrton behandelde hij hem op zeker moment zijn lichaam zag ontspannen en een tevreden zucht hoorde slaken. Hoewel de dokter niet religieus was zei hij dat hij dacht dat dat het moment was dat Ayrton’s geest zijn lichaam verliet. Een paar uur later werd hij officieel doodverklaard. Ik huilde destijds toen het bekend werd. De beste en meest gedreven coureur ooit had het leven gelaten en liet zijn geboorteland Brazilië in diepe rouw achter…

Onmacht

Laat ik vooropstellen, ik sla mijn kinderen niet. Ook niet als ze vervelend zijn, het bloed onder mijn nagels vandaan halen of zelfs als ze mij slaan, gewoon niet, daar ben ik heel principieel in. Of ze moeten er het zelf naar gemaakt hebben, dan natuurlijk wel. Maar in principe niet.

Gisteren bemoeide ik me met een trending topic (ja ja) over de corrigerende tik. Sommige mensen vinden het een teken van onmacht, als je slaat. Nou, dat moet u dan nog maar eens aan Mike Tyson vragen, maar ik ben het er niet in alle gevallen mee eens. Soms is het gewoon beter ze eens een stevige mep te verkopen. Bijvoorbeeld als ze zich in je borst vastbijten, wat mij wel eens gebeurd is -ander kind, de mijne doen dat niet- dan moet je hem zo snel mogelijk van je af meppen want mijn hemel, wat doet dat zeer. Ik ben dan inderdaad niet mij machte om de conversatie aan te gaan.

Kinderen een tik geven, ik weet het niet. Ik heb altijd gezegd dat ik niet kan beloven dat ik het volhou tot ze 18 zijn. Als ik een tik uitdeel dan is mijn geduld op. Ja, daar kunnen die kinderen toch niks aan doen, hoor ik u denken. Nee, dat kunnen ze ook niet maar ze moeten ook leren wanneer iemand’s geduld op is. Gisteren had ik het er nog over en ik wist toen nog niet dat ik diezelfde avond al de fout in zou gaan. Tammar moest in bad, maar rende na elk kledingsstuk dat ik bij haar uittrok weer weg, richting ons bed om onder de dekens te gaan liggen en zich te verstoppen. Na een keer of drie nam ik haar onder mijn arm en tilde haar richting douche. Onderweg hield ze zich aan elke deur vast. Een klein tikje met een kam op haar pols volstond.

Ze huilde, gaf me een klap en zei dat ik haar auw had gedaan. Voor de zekerheid gaf ik mezelf even een tikje met die kam. Auw, dat deed nog best zeer. Nee, het is beter geen gepast geweld te gebruiken. Soms luisteren kinderen gewoon niet, daar moeten we ons bij neerleggen.

Waterdoop

Weinig dingen vind ik zo mooi als droog blijven terwijl het regent. Dat begon al in mijn vroegste jeugd; mijn opa had een afdak over zijn terras waardoor hij ’s zomers gewoon in de regen buiten bleef zitten. Dat gekletter boven je hoofd was geweldig. Een soortgelijk effect had ik hier van de zomer. Een zwembadje, een opblaasboot erin en toen het ging regenen een plastic afdekzeil over de boot zodat de kinderen droog zaten. Ik weet niet waardoor deze fascinatie veroorzaakt wordt, maar ik heb hem.

In de auto treedt het effect alleen op als het keihard regent. Zo hard dat de ruitenwissers op de snelste stand moeten, en dat je de radio niet meer hoort door het gekletter, dat is pas genieten. Maar goed, dat is een gevaren schip. Alhoewel de eerlijkheid mij gebiedt te zeggen dat Linda mij de auto meegeeft als ze hem niet per se nodig heeft. En ze heeft mij een gloednieuw regenpak cadeau gedaan. Een “ademend” regenpak dus ik mag wel zeggen dat ik luxe leef.

Dat regenpak wilde ik graag uittesten maar het regende steeds niet. En toen het van de week ’s ochtends hoosde moest ik met de auto! Het lijkt mij geweldig om in een stortbui droog te blijven op de fiets. Vanavond toen ik naar huis wilde, het was al aardedonker, bulderde de wind maar het regende niet. Of toch wel? Ik voelde één miezerig druppeltje op mijn gezicht. De Heer zij geloofd en geprezen, ik heb mij in mijn regenpak gehesen. Wat een trots. Had ik ook nog de wind mee. Ik ben maar een bofkont.

Held

Een “collega” (geen echte) neemt altijd de telefoon op met “lieverd”. Tenminste, als het zijn vrouw is. Ikzelf zeg altijd “hoi” als het Linda is, maar mijn collega’s wilden weten welke koosnaampjes ik gebruik. Ik kan daar kort over zijn, geen. Gewoon Linda. Linda wil mij nog wel eens iets noemen, afhankelijk van haar bui, maar als ze Mack zegt is er meestal iets aan de hand. Gelukkig noemt ze me nooit Mack.

De lieverdzegger is een metroman met een gladde schedel, en een vrij onzeker type dat zijn onzekerheid overschreeuwt. Dat moet hij natuurlijk geheel zelf weten, maar ik deel zijn verhalen altijd maar door twee. En soms wijs ik hem op een onvolkomenheid in zijn relaas, waar hij zich altijd weer uit weet te redden. Hij is ook duidelijk de man in huis. Zijn vrouw is de afhankelijke die allang niet meer in leven zou zijn zonder zijn wijze raad. Hij vertelde vandaag in de pauze -elke dag heeft hij wel iets- dat er tijdens de zwangerschap van zijn vrouw een wespennest in de tuin zat, en dat hij tegen zijn vrouw zei: alles goed en wel, maar jij gaat in de voorkamer slapen in jouw zwangere toestand. Hij redde haar en de ongeborene dus van een eventuele wespensteek. Zijn vrouw gehoorzaamt hem. Als ik het op die manier zou brengen zou Linda juist expres in de achterkamer gaan slapen. Met het raam open en fles ranja op haar nachtkastje.

U leest het waarschijnlijk wel tussen de regels door; ik ben jaloers. Ik wou dat ik mijn vrouw zo afgericht had dat ik dit soort epen over de lunchtafel kon blazen. Maar nee, dat is niet zo. Bij ons zijn we gelijkwaardig, zolang we tenminste geen meningsverschillen hebben.

Als de pauze voorbij is haalt een andere collega altijd koffie. Hij zegt dan: “ik zal ook even koffie voor die kale halen, want die zal wel een droge bek gekregen hebben van al die sterke verhalen.”

Inleven

Ik maakte een opgave over het ijzeren-voorraadstelsel. Dat heb ik ooit wel gehad, maar het was toen meer een bedrijfseconomische benadering voor de grootte van de voorraad. De betekenis was mij een raadsel. Als je het fiscaal benadert vallen er ineens dingen op zijn plaats. Maar even ging ik in mijn geheugen terug naar de Meao, naar het moment dat ik een opgave over dat stelsel maakte. En dat deed ik zo overtuigend dat ik nu voor elk getal het f-teken plaatste in plaats van het €-teken.

Mijn inlevingsvermogen is prima, maar ik kan herinneringen soms niet van de huidige werkelijkheid onderscheiden. Daar moet je enorm mee oppassen. Voor mij is het bijvoorbeeld gevaarlijk om terug te denken aan de tijd dat ik nog in mijn bed plaste, nu toch alweer 20 jaar terug. En wat kan er allemaal nog meer misgaan? Honderden dingen. Stel dat ik me achter het stuur inbeeld dat ik veilig achterin de auto zit terwijl mijn vader stuurt? Levensgevaarlijke situaties kunnen er ontstaan. Wat dat betreft is het wel handig dat ik momenteel geen auto meer heb. Nee, zo’n inlevingsvermogen is een gevaarlijk wapen dat alleen onder deskundige begeleiding gebruikt mag worden. Straks ga ik nog gebeurtenissen door elkaar halen, dan is helemaal het hek van de dam. When I snap my fingers…

Voldoende

Vorige maand deed ik examen Loonbelasting en ik was als eerste klaar. De surveillant zei dat je de beschikbare tijd hard nodig had, maar ik was een half uur te snel. Nu kan dat erop duiden dat je het of heel goed hebt begrepen, of dat je antwoorden te kort zijn. Natuurlijk hoopte ik op een uitschieter in de vorm van een negen. Maar het werd een zes. Die had ik ook nog niet. Ik ben nu voor vier vakken geslaagd van de zeven. Het is zwaar, maar als het goed is doe ik in juni mijn laatste vak. Als ik er nog drie zessen bij haal, is het goed. Maar helemaal lekker zit het me niet, die zes. Ik was niet voor niks zo snel klaar. Ik heb de uitwerkingen er nog eens bijgepakt om te zien waar het nu fout ging. Ik noemde niet overal de termen op waarvoor je punten kon krijgen. Ik ging te snel naar het juiste antwoord. Dus mensen, als u ooit nog eens examen doet, haastige spoed is zelden goed, maar wel voldoende. En het scheelt drie euro in de parkeerkosten.

Op bezoek bij oma-oma

Tammar met haar overgrootmoeder. Meer dan 90 jaar verschil in leeftijd. De één staat aan het begin, de ander aan het eind. Dit was pas de tweede keer dat ze elkaar zagen, maar Tammar behandelde mijn vader’s moeder net als dat ze mij, mama of sinterklaas behandelt, alsof ze elke dag over de vloer komt. Kleine kinderen en oude mensen, die liggen elkaar goed. Oma’s korte termijn geheugen laat het wat afweten, dus stelt ze een keer of vier dezelfde vraag, maar hoe Utrecht er 80 jaar geleden uitzag, daar hoef je haar niet aan te herinneren. Zij is de jongste uit een groot gezin, en tevens degene die het oudst geworden is. Het lijkt mij vreemd, om de enige nog overgeblevene van al je broers en zussen te zijn. Dan ben je onherroepelijk de volgende. Maar ach, op een gegeven moment zul je ook wel klaar zijn met het leven. In september 1917 begon zij ermee. Ik ben haar oudste kleinkind. Ze kent mij al 42 jaar.

Films die ik gezien moet hebben.

We keken een film, Wanted, waardeloze film voor de kritische filmliefhebber, maar voor de zaterdagavond wel grappig. Mensen die kunnen schieten terwijl ze van een flat af springen, mensen die om de hoek kunnen schieten, mensen die in een bad gaan waardoor binnen een dag al hun verwondingen en breuken zijn genezen, kortom, vuil.

Waar valt Linda over? Over het feit dat een bus een Corvette bijhoudt in de stad. Dat kan toch helemaal niet! Nee, dat klopt, dat kan niet.

Valt het u trouwens wel eens op dat als je het met een liefhebber over films hebt dat dan altijd hetzelfde rijtje opgedreund wordt? Pulp fiction, the Green Mile, Shawshank Redemption, Godfather, Heat, Saving Private Ryan, Meet Joe Black, et cetera.

Kunt u zich nu een film voor de geest halen die niet in dit rijtje past, maar die u persoonlijk ongelofelijk goed vond -schaamt u zich niet- en waarvan u denkt: die moet Mack zien? Dan geef ik u Phenomenon met John Travolta en Falling in love met Merryl Streep en Robert de Niro.

Gelijk

Ik ben daarnet ernstig aan het denken gezet door mijn vrouw. Zij vindt dat ik niet altijd mijn gelijk moet halen. En ja, dat is heel grootmoedig als je dat kunt. Ik kan dat absoluut niet, als ik gelijk heb, dan hou ik dat net zolang vol tot iemand mij met betere argumenten overtuigt en mijn argumenten ontkracht. Maar dat kan niet, want dan zou ik immers geen gelijk hebben. Maar ik ben niet te beroerd om mijn ongelijk toe te geven, want ik leer graag. Desondanks kon ze het zich voorstellen dat anderen mij arrogant vinden als ik mijn gelijk haal.

Nu bestaat het beroemde verschil tussen gelijk hebben en gelijk krijgen. Gelijk krijgen is belangrijker dan gelijk hebben. Dus als je ongelijk hebt, maar je krijgt gelijk, dan heb je daar meer aan. Als je gelijk hebt, maar je krijgt het niet, dan heb je daar niks aan. Ik weet niet of ik zo verder kan leven in deze schijnwereld. Degene die het hardste schreeuwt krijgt gelijk. En mij wordt aangeraden om diegene gewoon te laten kletsen. Het is de wereld op zijn kop. Maar goed, het spel moet eenmaal meegespeeld worden, het is niet anders. Ik stop maar met kennis vergaren want ja, wat heeft dat nog voor nut?

Breach

Naar aanleiding van een film die wij keken, zat ik eens te zoeken op internet naar het waarheidsgehalte van de betreffende film. Het ging over een FBI-agent die verdacht werd van spionnage voor de Russen. En ja, hoor, ik vond het hele verhaal terug op Wikipedia-engels. Robbert Hanssen, zo heette de spion, zit een levenslange gevangenisstraf zonder kans op vrijlating uit, waarbij hij 23 uur per dag in de isoleercel zit. Door medewerking te verlenen aan het onderzoek tegen hem heeft hij de doodstraf kunnen ontlopen. Gelukkig is hij al bijna 70, dus hoeft hij niet meer zo lang. Maar je vraagt je toch af of dit een goede onderhandeling was.

Wat ik jammer vond was dat de spion het uitsluitend voor geld deed. Dat maakt het verhaal toch weer een tikkeltje minder romantisch. Er zijn ook weinig mensen meer die zich geroepen voelen tot een ambt. Zelfs de agent die hem ontmaskerde werd daarna advocaat. Zogenaamd omdat hij zijn vrouw niet het leven wilde geven van vrouw van een FBI-agent. Dus werd hij advocaat.

Mijn gedachten dwaalden af naar mijn dode en reeds lang overleden buurman, die piloot was. Hij vloog eerst F-16’s en later Boeings, maar dat vond hij weinig anders dan de bus besturen. Hij was arbeidsongeschikt geworden, verslaafd geraakt aan de jenever en leefde compleet langs zijn gezin door zich vaak op een kamer op te sluiten om urenlang de BBC op de radio te horen. De man wist verschrikkelijk veel, en als hij niet teveel op had, zei hij vaak aansprekende dingen.

Ik zat indertijd op het MEAO, dat natuurlijk best iets voorstelde als je alles snapte, maar als je zoals ik, ging voor de voldoende, dan stelde het weinig voor. Maar hij zag het als een uitgelezen mogelijkheid om accountant te worden. Om me vervolgens vast te bijten in de mafia. Mijn bezwaar dat dat levensgevaarlijk was, vond hij niet zwaarwegend. Wat dan nog als je geliquideerd wordt? Dan heb je in elk geval bijgedragen aan de bestrijding van het onrecht.

Ik las daarna wel eens verhalen over in olievaten ingemetselde mensen, maar mij leek het leven op de zeebodem weinig aantrekkelijk. Anders was ik zeker bij de Fiod gegaan.