Dopamine

De kerstboom is weg. Dan kan ik dat laten rusten, ik raakte er nogal van van streek dat iemand zijn kerstboom nog had staan. Verder begint het hier op zijn plek te vallen. Ik heb momenteel geen klussen in mijn hoofd die volgens mijn hoofd acuut dienen te gebeuren. Nou ja, eentje dan. Maar die is niet tijdrovend en hoeft niet te wachten tot het weekend.

Dat betekent volgens mij dat ik kan gaan luieren. Al heb ik geen idee meer hoe dat ook al weer ging. En of ik daar wel zin in heb. Natuurlijk, nu kan ik eindelijk eens beginnen met de tuin en de oprit te vegen of de auto wassen. Vervolgens is het wachten op het mooie weer. Of op het slechte weer, wat maakt mij het uit. De veranda is waterdicht en er hangt een heater. Wat een ongelofelijke luxe hier eigenlijk he? Ik moest er wel eerst vijftig voor worden, maar dan heb je ook wat.

De vakantie naar Frankrijk slaan we over dit jaar. Merde. Eerst ga ik naar Boedapest (zogenaamd werken), dan naar Duitsland (zogenaamd motorweekend) en tot slot staat een paar dagen Schotland op de planning (zogenaamd zomervakantie) Dus om nu te zeggen dat ik niet op vakantie ga slaat ook nergens op. Het hele leven is tegenwoordig vakantie. Vroeger, toen moest er pas gewerkt worden. Ik kom meestal mijn bed niet uit voor half acht, mijn opa had er dan al een halve dag op zitten. Verder hoef ik geen pak aan naar mijn werk, daar ben ik niet belangrijk genoeg voor, dat is ook wel relaxed.

En verder ben ik wel trots op mezelf. Ik heb vanaf zondag tot maandag een tochtstrip vervangen. Dat was best lang, maar de vorige tochtstrip had meer weg van een ventilatierooster, dus die moest vervangen worden. Toen ik de nieuwe had erop had gingen de klemmen niet meer goed dicht, dus die moest ik iets verplaatsen. Toen de klemmen dicht gingen, draaide de deur niet meer op slot, dus ik moest het gat van het slot verder uithakken. En toen ik dat goed had, trok de deur zichzelf niet meer in het slot, je moest veel te hard aan de deur trekken en hij bleef al een paar keer openstaan als iemand anders dan ik de deur achter zich dicht trok. Omdat mij dat niet lekker zat heb ik het gisteren allemaal opnieuw gedaan. En nu is het goed. Dopamine in mijn hersenen!

Veluwse inborst

Die kerstboom van laatst, die staat er nog steeds. Het is 31 januari, en hier nog geen 100 meter vandaan heeft iemand zijn kerstboom nog staan. Moet ik niet eens alarm slaan? Waarschijnlijk liggen de bewoners met een koolmonoxidevergiftiging dood op hun bed. Het zal nu toch wel de laatste dag zijn? Je moet zo’n boom in je huis toch onderhand spuugzat zijn?

Verder liet ik net de hond uit, en er kwam een mevrouw met een teckel aan. Dan blaffen beide honden naar elkaar, ze trekken aan de lijn en ze wisselen een paar onvriendelijkheden uit. Maar, weet ik uit ervaring, hoe dichter je ze in de buurt van elkaar laat komen, hoe minder onvriendelijk het wordt. De mijne was al in de verkenningsmode gegaan en haar snufferd zat al bijna aan het achterste van de teckel. De voorkant van de teckel liep nog een meter verder en nog daarvoor liep zijn vrouwtje. Het vrouwtje zei ineens: Ga jij aan de andere kant lopen of moet ik het doen? Dat was tegen mij, ik moest dus opzouten. Vriendelijk type. Vast geen Veluwse. Op de Veluwe zijn we achterbaks, dus zullen we nooit rechtstreeks in iemands gezicht zeggen dat hij moet opzouten. Nee, dan doen we vriendelijk en als we thuis zijn zeggen we: wa’k noe weer heb met e’moak!

Ik ben zelf helaas geen geboren Veluwenaar, daarvoor kwam ik hier 13 jaar te laat. Aan de andere kant, kent u een interessante Veluwenaar? Volgens mij is de bekendste boswachter van Nederland niet eens een Veluwenaar. Veluwenaren treden niet graag op de voorgrond. Vandaar dat de bekendste boswachters van Nederland uit de omgeving van Amsterdam komen. Ko en Arjan. In de wijde omgeving geen bos te bekennen maar toch lukt het ze. Die mensen treden van nature net iets makkelijker op de voorgrond. Dat zit daar in het water of zo. Soms ook geheel onterecht hoor, dat ze op de voorgrond treden. Maar ja, niemand daar zegt er iets van. Lil Kleine bijvoorbeeld, geheel onterecht begaf deze jongeman zich op een podium, hij vond zelf wel dat hij daar iets te zoeken had, en niemand hield hem tegen. Kijk, dat zal hier op de Veluwe nu nooit gebeuren. Als je vanuit hier doorbreekt, nou, dan kun je ook echt wat.

De Abba chronologie

Ik heb een cd van Abba in mijn auto, de beste popgroep die de ik ooit gehoord heb. Natuurlijk kun je met allerlei andere bands aan komen zetten, maar als poging om mij van iets anders te overtuigen is dat zinloos. Hun hoofden moesten op het hakblok volgens een jonge frontman van U2, om daar later spijt over te betuigen en diep voor ze te buigen. De CD, het zal een greatest hits zijn, bevat hun hits in chronologische volgorde. En daar wilde ik iets over zeggen.

Ik wil even benoemen dat wat mij opviel, al lang en breed bekend is, dus u mag hier rustig stoppen met lezen. Maar ik dacht ineens, héé!

Abba drong door bij het grote publiek begin jaren zeventig met hun nummer Waterloo, een vrolijk en melodieus nummer dat de loop van de geschiedenis van het songfestival heeft veranderd. Het gaat over het verliezen van de vrolijke strijd tegen verliefdheid. Dan komt “I do I do I do”, over vroegere eenzaamheid die nu vergeten kan worden door een nieuwe liefde. De volgende is Fernando, een wat zwaar aangezet nummer waar een heel leven wordt doorgenomen, maar nog altijd die positieve inslag. De hitmachine is goed op gang en er volgen nog de wereldhits “Dancing Queen” en “Money Money.” Abba was een wereldact.

Maar dan is daar ineens “Knowing me, knowing you” in 1976. “Breaking up is never easy I know, but I have to go.” Een stijlbreuk. Nou ja, dat kan een keer gebeuren. Het is in elk geval een prachtig nummer. Daarna komt “The name of the game”, over een mooie liefde maar toch ook over de onzekerheid over hoe de ander die liefde voelt. Moesten we ons ergens zorgen over maken?

1978 was een vrolijk jaar, en er was weer niets aan de hand voor de fans, en ook niet voor de jaren 70 zelf. “Take a chance on me”, “Thank you for the Music” en “Summer night city.” Iedereen kon opgelucht ademhalen, Abba was Abba en het leven was mooi.

Maar dan komt 1979. Chiquitita. Iedereen zat er klaar voor en iedereen was het er over eens dat Abba weer een wereldhit ging scoren. En dat klopte. Alleen klonk dit anders. Droevig en de wanhoop nabij, maar het refrein blijft refereren aan geluk wat toch nog ergens is. Onverwacht kondigen Bjorn en Agnetha hun scheiding aan. De fans in alle staten. Abba stelde ze gerust. De scheiding zou geen gevolgen hebben voor de groep. En dat leek te kloppen. Als vanouds kwamen daar weer hits, discohits zelfs zoals “Does your mother know”, “Voulez-Vous,” “Gimme Gimme Gimme,” en de zorgen waren weg. Als dan nog “I have a dream” volgt zijn de fans euforisch.

1980. The winner takes it all. Het begin van het einde? ” I don’t wanna talk about the things we’ve gone through…” Was het een verwijzing? Super Trouper kon de geruchtenstroom niet meer stoppen en daar eindigde het huwelijk tussen Benny en Frida. We zijn in 1981. Een tweede scheiding zou de group niet overleven werd gevreesd, hoezeer de band nog probeerde de crisis te bezweren.

“One of us” en “the day before you came.” Ze konden ons nog meer wijsmaken, maar deze nummers waren geen verwijzingen maar rechtstreekse verklaringen dat het binnenkort over zou zijn. Het tij was niet te keren met deze depressieve nummers over het einde van een relatie en de leegte na een beëindigde relatie. Het was gedaan met ze. Een tijdperk van tien jaar werd door Abba kleur gegeven. Van zonnige opkomst tot droevige ondergang. En wij voelden het mee.

Veertig jaar later en ze zijn er nog allemaal. En ze beloven binnenkort terug te komen met een paar nieuwe nummers. We wachten er nog steeds op.

Bovenstaand verhaal is door mij bij elkaar gezocht naar aanleiding van de afglijdende vrolijkheid die ik hoorde op de CD. Het kan fouten bevatten, maar die heb ik dan even gladgestreken. Ik doe net of ik er bij was, maar ik was kind in hun tijd en ik vond hun muziek mooi, maar begrijpen waar het over ging deed ik niet. Dat doe ik dan nu, ruim veertig jaar later. Ik kom overal te laat achter.

Verborgen krachten

Vorige week, met badminton, was het helemaal niks. Ik startte verkeerd dus bleef ik in het groepje met de beginners zitten. En niet dat ik het erg vind om een keer met beginners te spelen, maar als ze niet luisteren naar simpele instructies en lopen te lanterfanten dan ben ik er snel klaar mee. Ik ging dus vroeg naar huis.

Vanavond was het anders. Ik was in geestelijke topvorm, en dus kan mijn lichaam niet anders dan volgen. Ik speelde met min of meer gelijkwaardige tegenstanders (dan druk ik me vriendelijk uit richting hen) en ik verbaasde mezelf. Dropshots? Ik had ze. Wilden ze me laten lopen? Ik liep. Op mijn backhand? Harder dan ooit sloeg ik ze terug. Ik pakte zelfs een onmogelijke korte bal en retourneerde die een halve centimeter boven het net terug. En ik was snel. Met een paar passen was ik waar ik wezen moest. En tijdens dit alles was ik onvermoeibaar.

Ik won alle partijen. Wilskracht. Gewoon omdat ik mijn oude trainingspak weer had gevonden. Mijn dochter begon te lachen toen ik beneden kwam. “Is dat je chillpak,” vroeg ze? Nee, dat was niet mijn chillpak. Dat was mijn oude trainingspak. Een pak met verborgen krachten. Een superheldenpak, zou ik bijna willen zeggen. Ik ga het vaker aantrekken vanaf nu.

Uiterlijkheden

Vanochtend in het bos, het uitlaatgebied, liep ik op met een stel dat ik niet kende, en dat kon wel kloppen want ze liepen er voor het eerst. Ze hadden twee honden en vier kinderen waarover ik van alles te horen kreeg. Het hele rondje vertelden ze van alles, alsof ik ze al jaren kende. Dus ik vertelde hen ook gelijk maar alles wat er te vertellen viel. Aardige mensen, ik kon niet anders zeggen. Ik vertelde anekdotes van meer dan dertig jaar geleden. Over een hond die door het glas sprong, en dat de volgende dag nadat de ruit gerepareerd was, nog een keertje deed. Het was eenzelfde hond als zij hadden, vandaar. Zo lul je zo een half uurtje makkelijk vol. Ondertussen waren mijn hond en die van hen achter elkaar aan aan het rennen, dus ook die konden het goed vinden, al hadden ze wat aanloopproblemen.

Ik kom daar ook wel eens mensen tegen die ik liever mijd omdat ze ook onophoudelijk praten, maar dan interesseert het me niet zoveel. Eén man heeft een tactiek ontwikkeld om ergens te blijven wachten en als je dan langskomt gelijk over iets te beginnen zodat je wel moet antwoorden. Daar hou ik dus niet van. Zo kwam ik een keer aanlopen met iemand, hij stond op het pad te wachten en toen we langskwamen zei hij dat er kort geleden zwijnen waren geweest omdat je ze nog kon ruiken. Oh ja joh? Leuk voor je. Of die vrouw die je dan tegenkomt en die ongevraagd omkeert en met je meeloopt. En dat zijn nooit de Doutzens die dat doen hoor.

En volgens mij ligt het daar ook gewoon aan, want het stel dat met mij meeliep was van de vlotte terwijl die man die ik net beschreef zo mee zou kunnen in Debiteuren/Crediteuren en de vrouw die ongevraagd omkeert, loopt met haar armen te zwaaien alsof ze ze elk moment “de paden op de lanen in” kan inzetten. Als je niets van iemand weet dan moet je op het uiterlijk afgaan. Aan de hand daarvan maken we razendsnel een inschatting van iemands persoonlijkheid. Ons reptielenbrein werkt nog steeds.

Ik schrijf maar wat

Ik liep net een rondje met de hond(en) en ik zag dat iemand zijn kerstboom nog had staan. Terwijl ik vorige week dacht dat ik de laatste gespot had die werd opgeruimd. Ik vond het vorige week al veel te laat, nu verslikte ik me in mijn eigen speeksel. 19 januari en de kerstboom stond nog in de huiskamer! Ik moet er niet aan denken. Die van ons was 1 of 2 januari weg! Maar dat kwam ook omdat wij verder moesten in ons nieuwe huis. Ik zal u op de hoogte houden tot hoe lang de kerstboom er nog staat. Ik raak er een tikkeltje nerveus van, iemand die om deze tijd zijn kerstboom nog heeft staan. Daar is iets niet goed, denk ik dan. Goed, ik kende ook iemand die had in juli zijn kerstboom nog staan, die zei dat hij dat leuk vond, maar die verdacht ik ervan dat hij het vooral leuk vond om aan anderen te kunnen vertellen dat hij in juli zijn kerstboom nog had staan. Studentikoos.

Over studenten gesproken, ik heb er eentje in huis. Een puber op de Mavo. Ik ben ook een puber op de Mavo geweest, maar ik ben nu een man op leeftijd die al vindt dat hij de dingen veel beter begreep op school. Maar dat kan niet zo geweest zijn want ik leerde me ook snel door het eerste kwartier heen om daarna te kunnen lanterfanten. Daarna volgde een zesje en kon ik alles weer vergeten. Toen vond ik dat vergeten wel nuttig, nu vind ik het vooral zonde. Hij wil Frans laten vallen, de lapzwans. Een superbelangrijk vak vind ik. Eigenlijk het enige vak dat ik nog wel eens gebruik als ik op vakantie ga. Maar het is misschien maar goed ook, want in drie Mavo heb je kennelijk geen idee wat “voiture” betekent. Ook nooit gehad ook, dat woord. Vanavond hielp ik hem met wiskunde. En dat viel me dan weer mee. Goed, hij paste een formule toe zonder dat hij snapte wat hij aan het doen was (de coördinaten van de top van een parabool aan het berekenen) maar hij deed het wel goed! Nu hoop ik hem toch dat kleine zetje te hebben gegeven waardoor alles ineens op zijn plek valt. Zoals ik dat had toen ik na Havo handelswetenschappen en Meao bedrijfsadministratie ging werken en eindelijk begreep wat een grootboek was.

Over grootboek gesproken, we zijn hier door de ergste financiële crisis heen. Het oude huis is overgedragen, en de eerste maand zonder dubbele woonlasten komt eraan. Nu lijken de euro’s in mijn portemonnee door een supersterke elektromagneet te worden aangetrokken, want ik kan ze nog steeds niet op hun plek houden. Maar er is weer perspectief!

Over perspectief gesproken, ik zag iemand die zijn kerstboom nog had staan…

Rentenieren

Mijn toekomstplannen zijn danig in de war geschopt. Ik lag precies op schema, op mijn vijftigste zou ik gaan rentenieren. Ik had berekend dat ik met twee miljoen gulden makkelijk rond zou kunnen komen de rest van mijn leven. In 2001 kwam er die idiote euro die alles verpest heeft. Ik moest nu ineens 5 miljoen euro hebben om rond te komen, want alles werd twee keer zo duur. Daarbij, vroeger had ik op mijn 50e nog een levensverwachting van 25 jaar, nu is dat een paar jaar geleden ineens nog 900 jaar geworden. (de eerste mens die 1000 wordt is reeds onder ons)

En nu, nu ik die vijf miljoen eindelijk bij elkaar heb krijg ik ineens geen rente meer. Rentenieren betekent tegenwoordig terugbetalen aan de bank. Komt nog bij dat mijn eindloonregeling is gewijzigd naar een middelloonregeling, en het zit er dik in dat dat vlak voor de eindstreep nog wijzigt naar een beginloonregeling.

Kortom, onze overheid houdt zich niet aan mijn spelregels. Ik kan dus niet anders dan een staatsgreep plegen. En dan gaan we wat beleven, ha! Het eerste dat we doen is een no deal Nexit. Per direct. En dan sturen we troepen naar Amerika om ze te bevrijden van de bezetter. Dan is die rekening ook vereffend. En daarna fuseren we met Belgie en sturen Suriname een brief dat het gedonder afgelopen moet zijn of herkolonisatie volgt. Gesodemieter.

Klusser

Ik was in de kluswinkel zoals zo vaak de laatste tijd. Mijn schoonvader had een ophangsysteem gehaald, alleen was er nog maar één plankje terwijl we er twee nodig hadden. Gewoon een simpel plankje, wit, 30 x 120 cm. Niks aan de hand. Morgen zouden er weer twee binnenkomen (2!) Ter plekke zagen behoorde kennelijk ook niet tot de opties.

Voor ik verder ga moet ik even melden dat als je een beginnend klusser bent, zoals ik, het een prima winkel is. De gevorderde klusser (halve bouwvakker) heeft er echter niks te zoeken. Mijn broer vindt het er maar niks. Mijn schoonvader begreep mijn broer volkomen.

Vandaag stuurde ik mijn vrouw langs die winkel om het plankje op te halen. Ik wilde immers het rek aan de wand in gebruik nemen. Kreeg ik een appje dat het hout wat binnengekomen was nog niet was uitgepakt. Ik begreep het niet helemaal want ik zou denken, dan pak je het toch uit, maar zo was het kennelijk niet. Dus ik ging vanavond zelf naar de kluswinkel. Ik ging het niet vragen, ik liep recht op mijn doel af, maar het enige wat ik zag dat aan mijn wensen voldeed was een kar vol hout, onuitgepakt!

Een beetje pissig liep ik naar een medewerker en vertelde hem dat ik al twee eerdere pogingen tot het verkrijgen van een plankje had gedaan, maar tot dusver onsuccesvol. De medewerker vertelde me dat het nog niet uitgepakt was, want hij had een liesbreuk en mocht van de dokter nog niet tillen. Drie weken ziek thuis geweest, de lapzwans. Dus ik zeg: “dus?” Dus, ik kon het plankje vanavond niet meekrijgen. En als ik het er nu zelf af stapel? Ja, dat is veel werk, ik weet niet of je daar tijd voor hebt. Ja, dat had ik wel.

De man riep een jonge jongen om mij te helpen. Daar had ik dus helemaal niks aan. Die snapte nog niet hoe je plastic los moest snijden. Kon drie woorden zeggen. Hij bleef eerst al twee minuten weg om een duimstok te zoeken. Waar ze die slome types toch vandaan halen in een kluswinkel, het is mij een groot raadsel. Terwijl hij aan de totaal verkeerde kant in het plastic aan het snijden was, had ik het plankje al gelokaliseerd. Ergens onderop. Ik heb twee minuten hout af gestapeld, en toen had ik het al. Geen enkele zweetdruppel heeft het me gekost. Ik zei tegen liesbreuk dat me dat ook met een liesbreuk nog wel gelukt was.

Goed, nu vind ik het dus ook een ballentent. Ik ben nu immers een licht gevorderde klusser.

De baas der bazen

Ik kom tijd te kort de laatste tijd. Voor mijn gevoel moet ik nog zoveel doen in huis, dat twee dagen weekend veel te weinig is. Het is niet alleen dingen doen, het is ook rust nemen dat erbij inschiet. Dus val ik ’s avonds in slaap op de bank. Oudejaarsavond? Om één uur zat ik bij de visite op de bank te slapen.

Mijn baas had gezegd om het kalm aan te doen deze week. Volgende week moeten we er weer zijn. Afgelopen donderdag heb ik het programma waarmee ik werk vier keer opgestart, en vier keer heeft het zichzelf weer afgesloten wegens inactiviteit. Gisteren werkte ik thuis, maar ondertussen deed ik mijn privé administratie. Geen enkel probleem, we hebben genoeg gewerkt het afgelopen jaar. 2020 begint volgende week wat haar betreft en ik ben het daarmee eens.

Maar dan komt in mijn droom mijn eerste werkgever langs. Een oude registeraccountant aan wie ik veel te danken heb. Hij was niet boos, want dat werd hij nooit, hij was ook niet teleurgesteld, het was nog erger. Hij kon je op je plek zetten en je laten voelen dat je zojuist zwaar je taak verzuimd had. Dat je een nietsnut was waarmee je de oorlog niet kon winnen. En zonder dat hij dat benoemde, wist je dat hij dat bedoelde. En precies hij kwam langs in mijn droom om me duidelijk te maken dat wat ik de afgelopen twee dagen had gedaan, niet kon. In de hiërarchie staat hij ver boven mijn huidige baas, en ik weet niet eens zeker of hij nog wel leeft. Als hij nog leeft is hij nu ongeveer 90. Hij leerde mij na te denken over wat ik deed. Hij leerde mij op te houden met zomaar iets te doen.

Nu moet ik volgende week dus weer aan het werk van hem. Nauwkeurig, efficient en resultaatgericht. Op zo’n manier dat mijn huidige baas ook tevreden kan zijn. Weekenden en vrije dagen komen er nog genoeg.

2020

Ondanks een paar nare berichten in het nieuws, miljoenen dode dieren in Australië, dode apen door een brand in Duitsland, een vader en een zoon omgekomen bij een brand en talloze vernielingen door vuurwerk, zijn wij het nieuwe jaar goed begonnen. Milo is weer naar zijn baasjes -binnenkort komt hij weer een weekje- dus konden we uitslapen. Ons vuurwerk was gratis, net als mijn autoreparatie.

We hebben geen oudejaarsconferences gezien, geen schansspringen, geen nieuwjaarsconcert. We hebben verder opgeruimd in ons nieuwe huis, ik heb de hond uitgelaten in het bos, ik zit nu aan een La Chouffe biertje -lang niet meer gehad- en we hebben shoarma besteld.

Vuurwerk mag van mij per direct worden afgeschaft, geen enkel probleem, maar dat geldt niet voor het slimmere deel van de Nederlanders, die laten zich deze traditie niet afpakken. Ik vind overigens de hele jaarwisseling een beetje overtrokken. Jonge mensen op straat met champagne die het afgelopen decennium een geweldige Journey vonden, en die zin hebben in 2020. Och, wat verandert er eigenlijk? De tijd heeft een andere naam, dat is alles.

Ik wens jullie allemaal goede omstandigheden in 2020, dan kun je er zelf van maken wat je wilt.