Tijdens de terugweg is het mijn taak om mijn gezin snel en veilig thuis te krijgen. Ze zijn het dan zat en willen naar huis. Het kost me nog steeds weinig moeite om 1300 km achter elkaar te rijden. Er is zoveel te zien en te overdenken op de terugweg. Ik vertrok met een halfvolle tank en het leek me handig die eerst zover mogelijk leeg te rijden zodat ik daarna nog maar één keer zou moeten tanken. Toen ik nog 850 km moest, moest ik tanken en het zou krap worden. Vol beladen en met dakkoffer rijdt de auto minder zuinig. In het begin ging het nog wel goed en bleef de actieradius boven de nog af te leggen afstand, maar in Luxemburg veranderde dat bereikte ik het omslagpunt. En toen kon ik ineens 10 km minder ver dan dat ik nog zou moeten. Ik ging langzamer, ik hield de cijfers in de gaten, maar het zag er steeds slechter uit. Totdat ik op het idee kwam om de cruisecontrol eraf te halen, toen won ik langzaam weer kilometers. Je zou zeggen dat een cruisecontrol zuiniger is dan een rechtervoet, maar dat is een fabel.
Ik moest nog 130 km en ik kon nog 130 km. Ik moest nog 120 km, en ik kon nog 130, ik moest nog 110 en ik kon nog 120. Ik moest nog 100 en ik kon nog 120. Uiteindelijk kon ik nog tachtig km en moest ik er nog zestig. Dan gaat mijn reservelampje branden en geeft mijn computer niks meer aan. Ik besloot dat ik het zou halen. En ik haalde het. En zo hou ik mij bezig tijdens een lange rit.