Felicitaties

Geachte fiscaal adviseur,

Mede namens de examencommissie feliciteer ik u hartelijk met het behalen van het diploma voor de opleiding Fiscaal Adviseur (FA)
Diploma en cijferlijst worden ondertekend door de examencommissie. U kunt het diploma op de bijeenkomst op 7 september in Utrecht ( of op 27 september in Leeuwarden) op komen halen of de stukken thuisgestuurd krijgen. Graag hoor ik van u waar de voorkeur naar uit gaat.

Het meest waardeloze EK sinds mensenheugenis.

Nederland heeft het nog best aardig gedaan door op dit waardeloze EK zo snel mogelijk uitgeschakeld te worden. Want hier wil je toch niet lang verblijven. Wat is er met het voetbal aan de hand? Het leek wel of elk team 22 spelers in plaats van 11 op het veld had staan. Er waren wedstrijden bij waarbij elke aanval bij voorbaat al in de kiem werd gesmoord door de tegenstander. Of dat de velden misschien kleiner waren want er werd toch praktisch geen aanval tot een subliem eind gebracht.

Spanje was in de finale oppermachtig tegen een gehavend Italië, in de groepswedstrijden en de knockout-fase waren ze dat toch zeker niet. Hun veel geroemde spel van twee jaar geleden was nu gedegradeerd tot een saai overtikspelletje op het middenveld.

Toch denk ik te weten wat er aan schortte. De verdedigers waren dit toernooi beter dan de aanvallers. (Even afgezien van de Nederlandse verdedigers) En dat zegt meer over de aanvallers dan over de verdedigers. Nooit zag je een keer iemand een man voorbij gaan, het was zoeken, zoeken en nog eens zoeken naar de vrije man. En soms, als de verdediging moe was, werd die gevonden. We misten mensen als Ronaldo (de echte) of Bergkamp die gewoon hun man uitspeelden of -kapten en zo de kans afdwongen. Ik vraag niet eens om Maradona. Types als Overmars of Bergkamp waren genoeg geweest om dit Spanje de baas te kunnen en om het toernooi niet te laten afzakken naar de status van meest waardeloze EK sinds mensenheugenis.

Amsterdam

Op mijn werk zijn ze niet vies van een feestje. Was er vorige week nog een beach-event met hotelovernachting voor het personeel, afgelopen donderdag was er een personeelsuitje in Amsterdam, ook met hotelovernachting. Het was nog ter gelegenheid van de goede resultaten over het eerste kwartaal. Drie maanden geleden, ik was nog niet eens in dienst, werd ik uitgenodigd voor een diner in een sterrenrestaurant ter gelegenheid van het goede resultaat over 2011.

Maar het tweede kwartaal gaat ietsjes moeizamer. Vandaar dat we in Amsterdam een bootje huurden en een patatje aten. Als dorpeling sta je toch wel even te kijken in Amsterdam. Wat een leven in de brouwerij! Het was wel leven, maar niet zoals wij het kennen. Normale mensen kom je er vrijwel niet tegen. Pluk een willekeurig persoon van de straat, zet hem in Vaassen en hij valt op. Ik kijk tenminste op van twee Marokkaantjes ’s avonds laat die om de vijf meter een vreemde gil geven, alsof ze een ander riepen, en zich niks aantrokken van het andere publiek. Ook keek ik op van de vreemd lopende neger met ontbloot bovenlijf waar ze tegenaan liepen, en even om elkaar heen draaiden alsof de rangen moesten worden bepaald. De vreemd lopende neger met het ontblote bovenlijf bleef natuurlijk stil staan bij onze groep van tien personen, duidelijk niet onder de indruk van onze meerderheid, terwijl wij dachten: laten we ons maar gedeisd houden. Hij liep vreemd door. De mensen zijn echter over het algemeen wel gastvrij, want ik werd diverse malen gewenkt door een mevrouw die me haar sfeervolle huis wilde laten zien.

Afgezien van het vreemde volk, is Amsterdam wel een prachtige stad. Vooral gezien vanaf een bootje op de gracht. Oké, er ontploft eens een woonboot, maar de grachtenpanden staan er strak bij. En er staan werkelijk schitterende gebouwen, maar u bent er waarschijnlijk vaker geweest dan ik, want dit was misschien de vijfde keer dat ik in Amsterdam was. Al met al had Wim Sonneveld misschien toch wel een beetje gelijk toen hij zong dat Amsterdam de mooiste stad van het land is. Al kan een geboren Utrechter zoiets natuurlijk niet maken.

Pinkeltje

Pinkeltje is een heel klein mannetje, niet groter dan een eenjarige koe, hij is heel oud, hij kan met de dieren praten en geen mens heeft hem ooit gezien behalve Dick Laan. Dick Laan is de schrijver van het verhaal Pinkeltje, maar het is geen verzonnen verhaal. Pinkeltje bestaat namelijk echt want regelmatig brengt hij Mijnheer Dick Laan een bezoek en vertelt hem zijn avonturen.

Het is natuurlijk een leuk grapje van Dick Laan, maar het had wel vérstrekkende gevolgen. Want je verzint een figuur en daarna doe je alsof hij echt bestaat. Dat is nog onwaarschijnlijker dan dat iemand beweert dat hij de zoon van Elvis is. Na Dick Laan volgden enkele beroemdheden zijn voorbeeld door zichzelf een rol toe te delen in hun eigen verhaal. Ik noem een Hitchcock, een Tarantino, een Stephen King.

Pinkeltje echter, gaat zijn eigen gang. Al neemt de natuur nog wel eens een loopje met hem en komt hij op plekken waarvan hij helemaal de bedoeling niet had om heen te gaan. Maar aan de andere kant, is dat niet kenmerkend voor avontuur? Dat je komt op een plek waarvan je het bestaan niet wist? Hieruit volgt dat aardrijkskundeleraren de minst avontuurlijke mensen ter wereld zijn. En mensen die hun dagen slijten in het dorp waar ze geboren zijn, zijn echte avonturiers als ze een keer naar de stad gaan. Gevoelsmatig vergelijkbaar met Columbus, die Amerika ontdekte. Geschiedenisleraren roepen dan gelijk dat Columbus Amerika niet ontdekt heeft, maar dat de Vikingen dat al eeuwen voor hem deden. Kan zijn, maar dat staat niet in de weg dat Columbus Amerika ook ontdekt heeft.

Kortom, avonturisme is in the eye of the beholder. Pinkeltje die uit zijn muizenhol komt. De baby die geboren wordt. De mens die sterft. Een nachtdier dat overdag waakt. Avontuurlijk zijn de onwetenden.

Elvis has left the building

Het is hier wat stil. Dat komt zo. Ik ben een week op Hawaii geweest om Elvis bij te staan in zijn laatste uren. Hij belde me vorige week.

Morriezz?
Yes E?
I finally saw my flaming star.
Morriezz?
Morriezz, are you still there?
Yes E. I’ll take the next flight, hold on E. I’ll be there tomorrow.

Ik nam het eerste vliegtuig naar Hawaii en trof hem aan in zijn huis, liggend op zijn bed. Hij stak zijn hand uit toen ik binnen kwam en ik pakte hem vast. “Goed dat je gekomen bent, Morriezz.” Ik groette Lisa en nam plaats op een stoel. Hij vertelde me dat hij nu 77 jaar oud was en dat de beginjaren een hoge tol hadden geëist. Maar ook dat het de beste beslissing uit zijn leven was om zijn dood in scène te zetten en in de anonimiteit te verdwijnen. Hier op Hawaii had hij de meest rustige en misschien wel gelukkigste tijd uit zijn leven meegemaakt. Slechts weinig mensen wisten ervan, al gonsde het de laatste tijd van de geruchten.

“Ik had een Godgegeven gave, you know?”
“Ik weet het, E.”
“Take care of Lisa.”
“I will, dad.”

Hierna sloot hij zijn ogen om ze nooit meer open te doen. Na een klein uur blies hij zijn laatste adem uit. Hij is niet langer onder ons. Lisa snikte. Ik begeleidde haar naar haar auto.

Twee dagen later begroeven we hem, in besloten kring. Lisa, Mama, Michael (die zijn voorbeeld volgde) twee ex-leden van the Memphis Maffia, Barack (die het wel wist), de dominee en ik. Ik sprak een paar woorden en gooide een handje aarde op zijn kist. Long live the king. We zongen Amazing Grace. En ja, ik ben zijn eniggeboren zoon, maar ik denk dat de meeste van u dat al wel vermoedden.

Dag E., bedankt voor alles en rust zacht.

Gevaar op de weg.

Wat veel gevaarlijker is dan met een slok op rijden, is rijden met lage rugpijn. Die rugpijn liep ik op tijdens een zogenaamd beach-event van mijn werk, waarbij er tijdens het gladiatorenspel zo hard mogelijk gemept moest worden. Het is nu voortaan kiezen of delen; of ik ga mijn buikspieren trainen, of ik beweeg me de rest van mijn leven alleen nog maar voorzichtig.

Strompelend naar de auto en je dan in de stoel laten zakken, die veel te laag staat zodat je weet dat op dat moment al op je kiezen moet bijten. Maar dan. Koppelen, remmen en gasgeven lukt alleen met veel pijn. De truuk is dan ook om de vijfde versnelling in te schakelen en daar tot aan huis niet meer uit te komen. Met al die reclamecampagnes over het nieuwe rijden moeten de medeweggebruikers zich toch ook wat vloeiender over de weg bewegen, nietwaar? Niet waar. Iedereen duikt in elk gat en iedereen staat plotseling op zijn rem. Alleen het signaleren van de remlichten voor je doet al pijn. Dan moet de voet van het gas, pijnscheut één, voet boven het rempedaal brengen, pijnscheut twee, en dan met halve kracht remmen, lange pijnscheut drie. Wat heb ik gevloekt in de auto als er vlak voor mij weer iemand de weg opdraaide waardoor ik moest remmen. De cruise-control bood iets verlichting, totdat er weer geremd moest worden.

Ik besloot de laatste 15 kilometer niet binnendoor te gaan, zoals ik altijd doe, maar om te rijden via de snelweg, om zo minder te hoeven schakelen. Niet veel later reed ik in een stilstaande file. Een auto in brand op een plek waar praktisch nooit files staan. Ik wou dat ik de binnendoorweg had genomen. Het zweet brak me uit. Daar zou de politie eens wat beter op moeten controleren, mensen met rugpijn die een auto gaan besturen.

Gebeurtenissen op de A28

Ik moest vandaag op voor mijn laatste examen. Ik ga meestal rond kwart voor acht weg om om rond kwart voor tien ter plekke te zijn. Vanochtend was de file op de A28 iets hardnekkiger dan anders. Hij kroop en hij kroop, maar hij werd niet genoemd op de radio. Opeens hoorde ik een klap. Ik voelde een schok door de auto gaan. Ik keek in mijn spiegel. De mevrouw achter mij keek geschrokken, maar zij had me niet geraakt. Maar wat dan wel? Was er iets op mijn dak gevallen? Het leek nog het meest op een ontploffing in de vrachtwagen naast mij. Dat was ook de richting die de mevrouw achter mij op keek. Maar ik zag niks. Misschien backfire in mijn uitlaat? Kan dat bij dieselstations? Bij latere inspectie leek mijn achterspatbord heel licht ontzet, maar dat kon ik terugduwen. Geen idee of het er iets mee te maken had.

Even verderop zag ik de oorzaak van de hardnekkige file. Er fietste een man op de vluchtstrook. Hij zag er heel normaal uit, alsof hij elke dag hier fietste. Alleen buitenlanders willen nog wel eens zo’n stunt uithalen omdat ze denken dat dat mag, maar anders moet het toch iemand met zware psychische problemen zijn. Ik kon het niet aan hem zien, hij keek strak voor zich uit en trapte stug door.

Ik was op tijd voor het examen. Het laaste vak. Als ik het heb gehaald ben ik klaar. Dan kan ik mijn diploma in ontvangst gaan nemen. Bijna twee jaar avond aan avond zitten zwoegen. Het lijkt niet veel, een kleine twee jaar, maar ik doe het nooit meer. Ik ben er klaar mee.

Geef er een draai aan.

Nou, nog maar een keertje dan, over het Nederlands Elftal. Want waar heeft het volgens mij, voor 1/16 miljoenste deel coach, dan aan gelegen? Aan het ontbreken van een middenveld. Tenminste, aan spelers die daar horen te staan. De verdediging was ook erg zwak, evenals de aanval. Eigenlijk was het allemaal niks.

Echter, het hoeft ook niet allemaal negatief bekeken te worden. Want ten eerste, wat stelt zo’n EK nu helemaal voor? Het WK winnen, daar gaat het om. Daarmee krijg je de felbegeerde ster op de borst. En ten tweede, als ik even doorreken breken er over 8 jaar weer gouden tijden aan voor het Nederlands Elftal. Want in 1978 werden we ook tweede op het WK, twee jaar later werden we weggespeeld op het EK. Duitsers stonden toen met 3-0 voor, uiteindelijk werd het nog 3-2 door een van de Kerkhofjes.

Maar het was een beroerde tijd. Na 1980 duurde het tot 1988 voordat we weer mee mochten doen met een eindronde. Al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat we in 1984 wel mee hadden mogen doen, als Spanje Malta niet had omgekocht. Spanje won met 12-1, precies genoeg om Nederland uit het WK te houden. Je zag de verdediging van Malta destijds uit de baan van elk schot van Spanje lopen, en daarna kochten alle spelers een mooie auto.

Nog verder doorgerekend betekent dat dus dat we in 2020 Europees kampioen worden. Hoezee. Ongeveer nu staat er ergens in Nederland een nieuwe Marco van Basten op. De eerste acht jaar hoeft u uw huis niet meer oranje te versieren.

Persvrijheid

Ook in het voetbal moet de bestuursvorm van de toekomst geïntroduceerd worden. De dictatuur. Want wat er nu gebeurt is ten hemel schreiend. Hoe haalt een misbaksel als Bert Maalderink het in zijn hoofd om onze bondscoaches zo te tergen? Niet alleen nu, hij deed het bij Van Basten ook al. En waarom wordt Bert Maalderink niet teruggefloten? Ik weet het antwoord, omdat zijn collega’s anders geen lulprogramma’s over voetbal kunnen maken. Als meneer Van Marwijk zegt dat hij de opstelling niet wil geven, dan geeft hij hem niet. Klaar. Waar haalt Maalderink het gore lef vandaan om in zijn volgende vraag weer naar de opstelling te gissen? Verwijderen uit de zaal, die man. Het Nederlands Elftal werd onder Van Marwijk tweede op het WK, kan er dan iets meer respect zijn van een journalist voor deze grote trainer? En mag een trainer ook een keertje falen, alsjeblieft? Dan spelen we een keer een slecht toernooi, dat overleven we ook wel weer.

Dus voortaan helemaal geen verplichte persconferenties meer, alleen vrijwillige. Vervelende journalisten moeten worden geweerd, en wij, nederig volk, zien op de avond van de wedstrijd wel met welke opstelling het de trainer heeft behaagd te spelen. Alsof het interessant is, de opstelling. Opstellingen zijn alleen achteraf interessant.

De Noorderzon

Ik luisterde net even naar het nummer “De Noorderzon” van Conny Vandenbos, onder mijn aandacht gebracht door een logje van Rob Hamilton. Ik kende het nummer wel, want mijn moeder had een cd van Conny waar het opstond. Ik vond het wel een leuke meezinger toen ik achttien was. Maar hoe anders is dat nu! Het gaat over een man die ongelukkig is in zijn gezinsleven en met de Noorderzon vertrekt. IJsland of Canada was de waarschijnlijke bestemming. Zijn zoontje leek op hem en zijn dochtertje op haar. Niemand had iets in de gaten.

Ik moest slikken toen hij op het vliegveld in zijn zak voelde en een wantje van zijn zoontje aantrof. Want potverdorie, wát een egoist! Hoe kún je het hen aandoen? Kijk, ik heb me gewoon neergelegd bij mijn uitgestippelde leven. Wat zeg ik, ik ben er trots op. Ik ben op niets zo trots als op mijn gezin. Zelfs al haal ik straks mijn diploma, dan nog verbleekt dat bij de aanblik van een net gedouchte Tammar in haar pyjama. Bij de smoezen die Hans verzint om ’s avonds nog even zijn bed uit te komen. Bij Linda die hier zorgt dat niemand iets te kort komt.

En ja, we ruziën ook. Ik verdwijn dan niet, want ik wil dat het weer goed komt. Ik ga dan hinderlijk in de weg lopen om de wiedergutmachung af te dwingen. Linda wil nog wel eens verdwijnen in zo’n geval. Dan is ze in de tuin. Onze bruiloft stelde dan wel niet zo veel voor, het huwelijk is volwaardig. Dus al kunnen we soms de wederzijdse schijt krijgen, niets weegt op tegen de stevige basis waarom het gezinsleven draait.

Dus mocht ik ooit met de Noorderzon vertrekken, dan denk ik dat ik bij de afslag Apeldoorn-Noord alweer rechtsomkeert maak.