Marburg

Ik ben terug uit Duitsland, we zaten in de mooie universiteitsstad Marburg. Het is verbazend hoe dichtbij een totaal andere wereld ligt. Alsof Nederland met een shovel vlak is gemaakt en alle heuvels over de grens geduwd zijn. Het was het jaarlijkse motorweekend waar het onderdeel motor steeds verder naar de achtergrond zakt, en waarbij de nadruk meer op weekend komt te liggen. Zo togen wij met de auto naar Bad Nauheim, de legerplaats van Elvis Presley, een feit waar ze daar erg trots op zijn, en terecht. Ik stond op plekken waar hij had gestaan, en stond voor het huis waar hij had gewoond. Daar woont nu de familie Müller in, die het verbouwd hebben en geen fans toelaten. Er staat een oude Mercedes naast, en het geheel straalt geen rijkdom uit. Toch moet het huis een vermogen waard zijn. Als Elvis er niet had gewoond zou ik een dergelijk huis in Vaassen schatten op negen ton, maar ik denk dat als het te koop komt, het een nulletje meer opbrengt.

Op de terugweg over de autobahn haalde ik 248 km/u. Het is daar toegestaan, en voor me reed een andere auto met dezelfde snelheid. Maar ik besloot dat het eens en voorlopig niet meer was. Ik zeg niet nooit, omdat je dat nooit moet zeggen, maar ook omdat ik het gevoel had dat er nog iets meer inzat en je weet nooit door welke overmoed je nog eens wordt uitgedaagd. Maar ik ben Max Verstappen niet en deze snelheid was me gewoon te veel. Dat merkte ik ook toen ik mijn poging moest staken, aan de snelheid waarmee ik een voorligger naderde. Mijn remweg inclusief reactietijd zou ongeveer 400 meter zijn, en dan gaan ze er vanuit dat je een noodstop maakt. Maar dat doe je niet bij die snelheid, dan raak je de rem slechts voorzichtig aan, uit angst dat je van de weg slipt. Mijn remweg was nog twee keer zo lang.

‘s Avonds in het café dronk ik twee biertjes. Halve liters eigenlijk. Ik bleef aan de bar zitten, kijkend naar de barjuffrouw die allerlei cocktails aan het maken was. Dat is nog hard werken, en dat schudden schijnt boven je hoofd te moeten gebeuren. Ik dacht dat dat was om indruk te maken op de meisjes, maar zij was zelf een meisje dus dat kan het niet zijn. Mij boeien die cocktails sowieso niet, en ik ga zeker niet om sex on the beach vragen aan zo’n meisje. En al helemaal niet aan een mannelijke bartender. Bovendien, in de wijde omgeving was geen strand te bekennen.

De optimist in mij.

Vroeger mocht ik hem niet, Alexander Klöpping, maar tegenwoordig pruim ik hem beter. Maar nu is zijn boodschap weer onheilspellend. Dreigend. AI, en met name AGI, dat schijnt de intelligentere vorm van AI te zijn, gaat ons kapot maken.

Het duurt op zijn minst nog twee jaar en op zijn hoogst nog tien jaar, maar dan is de mensheid klaar. Het enige wat je dan nog kunt doen is niks. Van je basisinkomen. AI neemt de boekhouding over, de computerprogrammeurs, oorlogsindustrie, marketing, film-en entertainmentindustrie, zorg, geneeskunde en weet ik het allemaal. AI is nu al bezig met zichzelf te programmeren. Ja maar, AI gaat ook eerder een geneesmiddel tegen kanker vinden dan de huidige onderzoekers. Hoera, dan kunnen we tenminste nog wat jaren langer niks doen van ons basisinkomen.

Ik heb er wel eens over van mening verschild met een dr. in een vaag vakgebied. Die vond mijn argumenten tegen AI maar niks want zijn leven bestond uit wetenschappelijke artikelen lezen. En met AI kreeg hij de belangrijkste punten mee. Ja, zo kan ik ook wetenschap bedrijven. Vroeger lazen we uittreksels van boeken als je geen zin had het boek te lezen. En waardoor de hele essentie van het boek verdween.

Nee, vrolijk wordt ik bepaald niet van de mensheid. Enerzijds zit er een groot deel met een veel te laag IQ op social media, anderzijds is een klein deel met een veel te hoog IQ dat allerlei levensvreugdbedervende uitvindingen doet. Daartussen zit nog een groot deel dat alleen met zichzelf bezig is, maar voor ons, jij en ik, die verbintenis zoeken is er niks.

Beter was ik in 1945 geboren, dan was ik nu aan het einde en had ik de beste tijd ooit meegemaakt. Nee, ik kwam pas in 1969, dus ik het begin ging het goed, mijn instincten reageerden zoals de maatschappij werkte, maar inmiddels ben ik in een tijd beland waarin ik mijn instinct steevast moet negeren en ik moet handelen naar nieuw aangeleerd gedrag. Ingewikkeld geformuleerd misschien maar om te begrijpen wat ik bedoel geef ik even als voorbeeld dat er tegenwoordig na een ritzege in de tour geen twee mooie vrouwen naast de renner staan die hem op zijn wang kussen, maar een mooie vrouw en een knappe jongeman die naast hem gaan staan klappen. En de bedoeling is dat mij dat niet opvalt, dat er ineens een man bij is.

En dat wordt dan weer opgedrongen door de maatschappij die ik net had ingedeeld in vier groepen, terwijl geen van die vier hierbij gebaat is. Er moet dus nog een vijfde groep zijn. Die alles van groep 1 tot en met vier wil vernietigen.

Als ik straks van mijn basisinkomen maar ESPN kan betalen en twee kratjes Brouwersbier per week, dan komt het wel goed.

Krengen

Het begint knap irritant te worden, die muizen steeds hier binnen. Eerst dacht ik dat de kat ze binnenbracht, maar ik begin te twijfelen. Er gaat hier geen week voorbij zonder dat we zo’n kreng vangen, en ik weet zelfs niet zeker of het niet steeds gewoon dezelfde is die terugkomt. Want ja, de val die ik gebruik is muisvriendelijk, als je hem tenminste regelmatig controleert, anders is het onmuizelijk.

Maar het zijn brutale krengen. Gaan gewoon midden in de huiskamer zitten zodat de hond mij vragend aankijkt wat we daar nu mee moeten. De kat geeft nooit thuis in zo’n geval. Laatst zit er één achter het gordijn in een hoek, die kon geen kant op. Ik had de theedoek gepakt om hem te vangen, ik trek het gordijn weg, gooi razendsnel de theedoek over hem heen, pak het beest op om er in de tuin achter te komen dat ik slechts lucht had gevangen. Maar de muis was verdwenen en ik had hem niet weg zien rennen. Tien minuten later, toen ik alweer iets anders aan het doen was, zie ik hem boven op het gordijn zitten, tegen het plafond aan. Ik ga er weer achteraan, het beest neemt een sprong, belandt op de eettafel, (het equivalent van 60 meter hoogte voor een mens) springt van de eettafel en verdwijnt achter de kast. We proberen hem met een swiffer weg te jagen, maar die ontwijkt hij vakkundig. Ik haal de val, zet hem naast de kast, en na een kwartier trapt hij erin. En dan laat ik hem vrij in de tuin.

Vanochtend, een uur of vijf, ik ga naar de wc en hoor een vreemd geluid. Ik kan het niet direct lokaliseren dus ik loop naar beneden. Het geluid houdt direct op. Ik loop weer naar boven en even later begint het weer. Het komt uit de meterkast. Het geluid is dusdanig hard dat ik op z’n minst een steenmarter vermoed als ik de deur opentrek, maar ik zie niks. Akelig stil. Ik heb de val er maar weer neergezet. En de boer, hij ploegde voort…

Mack the Slayer.

Ik heb een nieuwe sport ontdekt. Powerslap heet het. Het gaat zo: twee deelnemers tegenover elkaar mogen om beurten met de vlakke hand op elkaars wang meppen. Wie het eerste knock out gaat, verliest. Dat klinkt nogal simpel, maar er zijn regels. Zo mag degene die geslagen wordt zijn of haar hoofd niet bewegen. Doe je dat toch, loop je het risico dat je een extra klap moet incasseren. En degene die slaat moet dat aangekondigd doen, dus hij mag twee keer richten en dan “on three” keihard uithalen. Hij moet hierbij met beide voeten op de grond blijven, anders volgt er diskwalificatie en wint de ander.

Het wordt met een speciale camera opgenomen zodat je in slowmotion goed kunt zien hoe het gezicht van de ontvanger vervormt. De ene wang deukt in, de ander flubbert naar buiten zoals je niet voor mogelijk houdt. Zelfs de oren kunnen vouwen als die van een Labrador.

De kunst is dat je niet moet laten merken dat je de klap voelde. Welnee, je gaat staan grijnzen zodat de opponent denkt: oh jee! Tenzij zo’n klap een keer prachtig doorkomt en je knock out gaat. Dan grijns je niet meer natuurlijk. Uiteraard is er vakkundig commentaar van een expert, die uitlegt aan de kijker wat er gebeurt en wat beide klapvechters moeten doen.

Ik ga me binnenkort inschrijven voor de kampioenschappen in de klasse tot 95 kilo. Mack the Slayer. Ja, echt leuk!

Oude man

Vanochtend zag ik een oude man lopen. Hij was 87 of 88. Dat kwam ik later te weten. Hij liep voor me en ik vond er al wat van. Mijn hart ging naar hem uit, want hij liep niet al te snel, maar hij liep deze ronde nog. Een kilometer ongeveer. Ik had mijn ronde juist ingekort wegens mank lopen van de hond. Bij het passeren groette ik hem. Ik liep hem voorbij en nam nog een kleine omweg.

Door de omweg moest ik de man nog een keer voorbij en daardoor raakten we aan de praat. Hij begon met zeggen dat de motor nog draaide maar dat de versnelling kapot was. Waarop ik zei dat dat op zijn leeftijd toch geen schande was. “Jij bent nog jong en vitaal,” zei hij en dat was in zijn ogen ook zo. Ik denk daar zelf anders over, dus ik zei dat we allemaal ouder worden en dat ik ook geen 25 meer was. “De mensen om me heen worden allemaal 92, 93, dus dan zou ik nog vijf jaar hebben, Aan alles komt een einde,” verzuchtte hij.

Hij vertelde mij waar hij woonde, hoe lang, waar hij gewerkt had en waar hij vandaan kwam. Eindhoven. “Dus morgen hebben we misschien feest,” zei hij. Ik keek hem lachend aan en zei dat ik ook voor PSV ben. Ik wenste hem succes morgen en dacht dat ik deze man niet voor niks was tegengekomen. Ik heb respect voor zijn ouderdom en hij liet mij de toekomst zien waar ik op een of andere manier naartoe moet terwijl ik me tevergeefs verzet, maar ook dat hij nog steeds met voetbal bezig was. Aan zijn korte analyse merkte ik dat hij het seizoen goed gevolgd had en nog steeds plezier aan zijn club beleefde.

Ik weet niet of ik verder ben gekomen in mijn zoektocht naar de zin van het leven, maar ik voelde me in elk geval beter door deze man. Wellicht gewoon omdat hij aardig was.

Ben je een leider of een volger?

Ik ben beide en ik ben geen van beide. Ik ben zeker geen geboren leider, pas als het moet neem ik de leiding. Als ik dat doe moet je van mij niet verwachten dat ik met onzinnige initiatieven kom, ik ga zorgen dat de klus geklaard wordt. Ik ga niet vrijwillig uit mijn comfortzone, sommige mensen denken dat daar het leven begint, maar die snappen helemaal niks van het leven. In Gaza, daar gaan ze uit hun comfortzone. Er is trouwens een groot verschil of je aanvoerder bent of manager. Een aanvoerder gaat voorop in de strijd, een manager stuurt anderen de strijd in.

Maar liever ben ik de volger van een goede leider. Maar hoe weet je dat, wanneer iemand een goede leider is? Vroeg of laat valt hij of zij toch door de mand. Ik doe het eigenlijk het liefste alleen. Niet leiden en niet volgen. Omdat ik eenmaal het beste weet hoe mijn werk gedaan moet worden. Niet altijd naar tevredenheid van de bazen overigens, die hebben andere prioriteiten die strijdig kunnen zijn met hoe het werk gedaan moet worden. Maar ja, ik ben geen geboren manager, toneelspeler of leugenaar, zonder dat ik dat laatste negatief bedoel. Maar je moet eenmaal liegen als manager in een bedrijf. Ontkom je niet aan. Bij ons in het bedrijf zijn alle mensen constant opgewonden. Om het minste of geringste. Nou, dat liegen ze. Dat weet ik zeker. Het interesseert ze geen reet namelijk. Nou ja, zo werkt het nu eenmaal. Hou vol mensen!

Maar dat kon toch helemaal niet?

Ik heb wel eens meegemaakt dat PSV tien punten voorsprong verspeelde, het was nog in de tijd dat je nog maar twee punten per gewonnen wedstrijd kreeg. Een supporter op TV zei toen: mijn hart is eruit.

Ik heb 2006/2007 meegemaakt, waar zowel AZ, Ajax als PSV nog kampioen konden worden op de laatste dag. PSV stond er het minst goed voor maar het lukte toch door dat vijfde doelpunt te scoren.

In 2015/2016 werd ik het hele seizoen bestookt met spot en hoon door Ajacieden. Tot het op de allerlaatste dag misging voor hen en PSV er met de titel vandoor ging. Ik zat roerloos in de tuin bij Randi, die vanavond kandidaat was bij “met het mes op tafel”, maar dat terzijde, in een poging het verloop van de wedstrijd De Graafschap-Ajax te bezweren. Toen ik op mijn telefoon het bericht kreeg dat PSV kampioen was (maar dat kon toch helemaal niet) werd ik overmand door blijdschap en omhelsde ik Randi stevig. Of ik gebruikte dat als excuus, dat kan ook.

En wat er nu gebeurt is wederom bizar. Er is nog niks gewonnen maar om met 1 punt voorsprong de laatste wedstrijd in te gaan is meer dan waar ik op durfde te hopen. Ook dit werd onmogelijk geacht, vijf wedstrijden geleden. Op Hans z’n verjaardag kan PSV kampioen worden. Mocht dat lukken gaat deze wederom de geschiedenisboeken in als een van de bizarste ontknopingen ooit. Come on, PSV!

Titelstrijd.

Die Kuip in Rotterdam die door velen als het mooiste stadion van Nederland wordt gezien, die Kuip was behoorlijk stil vandaag. En ik schrijf dit niet omdat PSV won vandaag, maar na de 2-0 voorsprong van Feyenoord, toen ik nog dacht dat PSV zou verliezen, hoorde ik ineens bekende liederen. Ik dacht: “huh, Feyenoord staat in eigen huis 2-0 voor in een wedstrijd om plek 2 en ik hoor de PSV supporters?” Die zouden toch volledig overstemd moeten worden als ik de verhalen moet geloven over de geweldige sfeer die daar altijd heerst? Weinig van gemerkt vandaag.

Dat bij Ajax het stadion leegloopt bij een achterstand na de tachtigste minuut is wel bekend. Maar vandaag maakten ze het wel heel bont. Dat zou ik nou nooit doen, eerder weggaan om de drukte voor te blijven. Je moet de pijn ook willen voelen en kunnen dragen als het tegenzit. En geloof me, het kan pijn doen. Toch ben ik iets relaxter dan eerder. Ik had me er al bij neergelegd dat Ajax kampioen zou worden, PSV had het immers volledig verkloot, de voorsprong uit handen gegeven en toen ze een kans kregen om in een rechtstreeks duel het gat bijna te dichten, verklootten ze het weer.

Maar nu was Ajax zo vriendelijk om een voorsprong van negen punten te laten slinken tot nog maar één met nog twee wedstrijden te spelen. Nu is het ineens weer spannend want Ajax was immers al kampioen, tenminste, dat zou je denken. Negen punten voorsprong, nog vijf wedstrijden te spelen, en het makkelijkste resterende programma. Ineens ligt het weer open, al is PSV afhankelijk van Ajax. Dat moet nog minimaal een keer punten verspelen, en of dat er drie of twee zijn maakt niks uit.

Maar liefst zes natuurlijk. Als PSV kampioen wordt, hebben ze het van Ajax teruggekregen, dat wel. Alsof er een ongeoorloofde inhaalmanoeuvre werd gemaakt bij F1 en de plek weer moest worden teruggegeven.

Tachtigjarige vrede.

Er gaat een vreemde gedachte in mijn hoofd. Hij heeft te maken met bevrijding. De afgelopen weken gebeurden er een aantal belanghebbende dingen, ik las een boek over intergenerationeel trauma, ik leerde iets over non-dualiteit, ik luisterde een podcast over het resetten van het brein, ik keek de film Conclave en ik kreeg EMDR-therapie.

Het boek was een eyeopener, het veranderde mijn kijk op de oorzaken van trauma. Tot een paar weken terug had ik daar geen kijk op, maar ineens lijkt veel op zijn plek te vallen. Causale verbanden tussen oorzaak en gevolg die ik nooit zag, heb ik nu begrepen. Hoe gebeurtenissen in een ver verleden binnen families door kunnen werken naar het heden. De schrijfster liet mij nauwelijks ruimte voor eigen interpretatie, haar uitleg was zonneklaar.

De andere dingen die ik noemde hielden mij ook zeer bezig. Ik keek een filmpje over een filosoof die een onderzoekje deed naar non-dualiteit en daarbij ook behoorlijk vastliep omdat zij gehecht was aan haar eigen gedachten, net als ik dat ben. Omdat zij gelooft dat wij onze gedachten zijn, onze gedachten maken ons tot wie we zijn.

De podcast over een 3-minute reset was interessant en vermakelijk omdat de geïnterviewde therapeut volkomen overtuigd van zichzelf was dat de hersenen gewoon programmeerbaar zijn en hij trauma’s binnen de kortste keren kon oplossen. De man is heel geloofwaardig, alleen geloof ik uiteindelijk niet dat het zo simpel is. Wat hij dan op zijn beurt weer begreep.

De film Conclave was geweldig, en wat een timing om die nu te kijken. Het geloof en met name de Rooms-Katholieke kerk interesseert me vanwege de mystiek en de eeuwenoude tradities. En zo’n conclaaf is bepaald geen goddelijke aangelegenheid, maar een hele menselijke met zaken als macht, twijfel en jaloezie, tenminste, in de film.

Over EMDR had ik het al gehad, dus dat brengt me op de vreemde gedachte. Op een of andere manier werkte het allemaal bevrijdend, alsof het er niet meer is. Vandaag vierden we Bevrijdingsdag, het einde van een collectief trauma dat ons verbindt. Nederland is juist door de oorlog geworden wat het is. Ik geloof dat zonder de oorlog en zijn afloop de afgelopen tachtig jaar minder ‘mooi’ zouden zijn geweest. Net als mijn persoonlijke grieven, stel dat ik ze niet had gehad, wie was ik dan nog? Ik zou hier niet geschreven hebben en ik zou het risico hebben gelopen dat ik met een zelfverzekerde kop in een geacteerde wereld terecht zou zijn gekomen. Dus moeten we onze trauma’s koesteren. Zouden we ze niet hebben, dan waren er geen verhalen te vertellen, en zonder verhalen ben je niemand.

Wonder

Ik kreeg van de week Emdr therapie. Ik had het één keer eerder gehad, jaren geleden dus ik stond er sceptisch tegenover. Het leek destijds niet veel te doen. En nu had ik dat weer. Ik lijk er te nuchter voor, of ik verwacht er teveel van. Dat je in een staat van onderbewustzijn komt en dat je kunt zweven of zo. Zo werkt het denk ik niet. Ik kon ook moe worden of de dagen daarna dingen gaan merken, maar niets van dat alles. Het gaat gewoon door. Met één belangrijk verschil, dat ik me beter voel.

Natuurlijk moet ik over een langere periode kijken, maar het valt me op. Verder is de onverklaarbare pijn in mijn schouder, die begon in mijn nek nu verder gezakt; het zit nu in mijn rechterkuit. Ook totaal onverklaarbaar, ik weet niet wat het kan zijn, waar het vandaan komt of hoe lang het er al zit. Het hindert me het meest met wandelen, bij stilzitten voel ik niks, bij badminton amper.

En net gebeurde het wonder. Geen echt wonder, maar toch. Het hele jaar loop je in het donker met kou en regen de hond uit te laten, nu was het ineens overal groen, droog en nog warm. Het voelt wonderlijk, de weg naar de zomer. In december kun je je helemaal niet met voorstellen dat zoiets kan, maar het kan. Mei is mooier dan juni of juli. Omdat het nog allemaal voor je ligt. Omdat de zwaluwen weer komen. Omdat de vakantie nog komt.