Hij maakt indruk op me.

Die zoon van mij, die is me er eentje. Morgenvroeg moet hij om zes uur op, moet de bus van kwart voor zeven hebben om om acht uur op school te zijn. Terwijl hij om tien uur pas had hoeven te beginnen als hij tenminste zijn handdoek niet vergeten was laatst. Dat is dan je straf. Vandaag heeft hij honderd push ups moeten doen omdat iemand anders een fout maakte, en degene die de fout maakte moest toekijken. Ze moeten straffen voor zichzelf verzinnen die ze kunnen uitvoeren als er weer eens iets niet snel genoeg gaat. In voorligsteun blijven zolang de sergeant majoor praat. En als je je oefeningen niet goed genoeg uitvoert wordt op luide toon geïnformeerd of je soms op mannen valt. Echte macho’s dus, die instructeurs.

Hans vertelt en ondergaat het lachend. Terwijl ik me afvraag waar hij terecht is gekomen. Een voorbereidende opleiding voor defensie, dacht ik. Dit lijkt het leger wel. In de bus terug, die van half zes, kwam hij in gesprek met een tweedejaars student. Die zei hem dat hij het eerste jaar door moest zien te komen, dan zou hij het wel redden. Want je kunt ook nog makkelijk afvallen.

En dan zie ik hem ‘s ochtends vertrekken, met zijn grote camouflagerugzak op z’n rug, in schooltenue waarop naam en logo van zijn opleiding staat, eindelijk glad geschoren en dan ben ik trots op hem. Want ik zag het niet aankomen. Hansiepansie, die vroeger bang was voor zwarte Bertram. Heeft zich nu vrijwillig aangemeld om dit jaar naar Normandië en Bosnië te gaan. Kost honderden euro’s. Mede mogelijk gemaakt door mij.

Het verhaal

Soms kom je tot inzichten waar je iets mee moet. In mijn geval, opschrijven, anders ben ik het zo weer kwijt. Ik kwam een beetje dichter bij de essentie van het leven. Denk ik. Want je leven is niet je werk. Werk is bijzaak. Waar het om gaat is het verhaal. Ik vertelde laatst mijn verhaal aan een oud klasgenoot en haar reactie deed me goed. Gewoon dat er eens iemand geïnteresseerd was in mijn verhaal, ook wel eens fijn. Als iemand naar mijn werk vraagt dan schaam ik mij. Ik schaam mij niet voor mijn werk, maar voor het feit dat ik dat standaard riedeltje af moet draaien, en het mij maar nooit lukt om die enthousiaste toonsoort eruit te krijgen. Terwijl als ik mijn verhaal vertel, ik niks hoef te acteren, ik hoef het niet mooier of lelijker te maken, het is gewoon een indrukwekkend verhaal.

Ik reed langs de winkels, sluitingstijd, een verkoopster was bezig de spullen binnen te zetten en ik realiseerde me dat zij waarschijnlijk ook een verhaal had. Dat de meeste mensen een verhaal hebben dat ze zelden vertellen. En dat verhaal is een miljoen keer interessanter dan wat voor werk ze doen, of wat ze op social media zetten. Echter kom je dat verhaal niet zomaar te weten. Daar zul je je best voor moeten doen. Het zou natuurlijk raar zijn als ik was gestopt en de verkoopster had gevraagd naar haar verhaal, dan had ze wellicht de politie gebeld. Maar als iemand je zijn of haar verhaal vertelt, dan is dat denk ik de essentie van het leven.

Het leven van de 🤴

Als je toe gaat geven aan alle icoontjes die je 📱 suggereert, dan kan je blog er wel eens vreemd uit komen te zien. Je moet zelfstandige naamwoorden vermijden, maar ook de bijvoeglijke. En een tekst wordt 👉 doorgaans niet duidelijker van. Kijk maar wat er gebeurt als ik een simpel verhaaltje vertel.

Er 🧺 eens een 🤴 die op zoek 🧺 naar een 👸 om mee te trouwen. Hij zocht 🏙 en land af om haar te vinden. Hij reed met zijn 🐎 🚪 elk dorpje en 🛎 de overal aan. Wat ik trouwens niet 🧐 vind van een 🤴 want je mag toch verwachten dat er in een monarchie een register wordt bijgehouden van wie 👸 is en wie maar doet alsof. In elk geval, na vijf 🌝 den 👀 had hij haar nog niet gevonden. 😢 keerde de 🤴 terug naar zijn paleis en ging in zijn 🛌 liggen 😭. Een van de hofdames die nog vrijgezel was, had een 💡 maar dat deelde ze niet, want ja, ze had zelf een 👁 je op de 🤴 en dan zou ze zich in eigen 🦶 schieten 🚪 een ander in het zadel te helpen. ⬆️ dien wist ze 🌩 s 👍🏻 dat zij geen 👸 🧺 en dus geen kans maakte. Maar toch hield ze van 🚐 de prins 🤴 en het 🗳 haar droef dat de 🤴 zo 😿 was. Dus op een 👋 vertelde ze haar 💡. De 🤴 moest 👧 👧 uit het hele land uitnodigen en ze op zeven matrassen laten 😴. Onder die matrassen moest hij dan een erwt leggen en alleen een echte 👸 heeft zo’n tere huid dat zij de erwt 🚪 al die matrassen heen zou voelen. Dus pas als er eentje 👎 had geslapen wist hij dat hij beet had.

De 🤴 vond het een 👌 💡 en vroeg: waarom heeft u dat niet eerder gezegd, en veroordeelde haar tot de guillotine. Zo ging dat in die tijd, 🧡 kon al 💨 je ☠️ worden. En toen ging de 🤴 nog met het 💡 aan de haal ook! Nou 👍🏻, hij vond het maar omslachtig met al die matrassen, maar al die 👧 👧 bij hem laten 😴 stond hem wel aan.

Hij hield zich niet helemaal aan de prinselijke regels en rampetampte er flink op los. Maar dat is geen manier om een 👸 te vinden en het animo werd steeds minder. Natuurlijk, dat trok wel sletten en golddiggers aan, maar daar heeft een 🤴 doorgaans niks aan. Dus, na zes 🌝 den van krikkenstein 🧺 hij het wel zat. Hij leek Johnny de Mol wel. En dat doet je reputatie als 🤴 bepaald geen 👍🏻.

Deze 🤴 verdiende helemaal geen 👸. En ze hebben het hele sprookje moeten her✍️ om het überhaupt verkoopbaar te kunnen maken. Want die viezigheid is toch niet voor 👶? Nu werd het iets met een erwt, en lang en 🍀 en zo, maar in werkelijkheid hield de prins er een heel dom 👱 wicht aan over, die ⬆️ dien ook nog eens geen 👶 kon krijgen. Daar sta je dan met je goede gedrag. En het roept 🐝 mij gelijk de 🙋‍♂️ op wat er dan precies waar is van al die andere sprookjes.

Vroeg

Ik had het al maanden in mijn hoofd, maar door het zwakke vlees kwam het er maar niet van. Bij zonsopgang het bos in! Vroeger deed ik het soms, op de fiets, om wild te spotten. Vanochtend was ik al na vijven wakker en ik lag te twijfelen of ik het moest doen. Dat had ik wel vaker, maar dan viel ik weer in slaap, en mislukte het plan alsnog.

Volgens Google zou de zon iets na zevenen opkomen, wat al behoorlijk laat is. In juni begonnen de vogels even na vieren al te fluiten. En wat ook meespeelde; dit zou het laatste weekend zijn, hierna gooit zijne Majesteit zijn domein dicht en mogen we er ruim drie maanden niet meer in. Bronsttijd, werd ons vroeger altijd verteld, inmiddels weten we beter. De koning heeft het over het beheer van de wildstand maar hij bedoelt gesubsidieerde plezierjacht. In elk geval, deze aanstaande sluiting was de reden dat ik vanochtend om kwart voor zeven, met hond in het bos liep.

Ik had het net zo goed niet kunnen doen. Ik hoopte op een ontmoeting met een wolf, maar ik kreeg die eeuwige zwijnen te zien. Ook een paar herten konden mij niet bekoren. Na een uur kwam ik de eerste collega gek al tegen. Toen volgden er nog twee mountainbikers en drie hardlopers. Het enige voordeel was dat ik ruim acht kilometer had gelopen. En, zo zeggen wij thuis gekscherend: dan heb je nog iets aan je dag.

Empty your mind

De eerste badmintontraining is achter de rug. Ik heb hier zo tegenop gezien. Want ik ben de enige niet-competitiespeler die meedoet. Dus waarom doe ik mee aan dat afbeulen? Omdat ik toch beter wil worden ondanks dat ik mezelf inprent dat dat geen enkele zin heeft? Ik had er niet voor niets tegenop gezien. Mijn benen werden slap, ik was kapot en ik raakte ook nog eens geen shuttle. Omdat je ineens moet nadenken over je slag, over je loop, terwijl je daar geen tijd voor krijgt. In een wedstrijd denk je niet, dan doe je gewoon.

Bruce Lee zei: empty your mind. Be formless, shapeless, like water. If you put water into a cup, it becomes the cup, if you put water into a bottle, it becomes the bottle, if you put it into a teapot, it becomes the teapot. Now water can flow, or it can crash. Be water my friend.

Dat lijkt me volkomen duidelijk. Om water te worden moet je veel water drinken, denk ik. Misschien dat mijn trainer het begrijpt. Die heeft immers ook oosterse genen. Eigenlijk begreep ik het zelf wel. Het was een compleet gebrek aan conditie zo vlak na de vakantie. Werk aan de winkel.

13 jaar

Een paar maanden geleden stopte ze met mij een kus te geven als ze naar bed moest. Ik dacht eerst nog dat het tijdelijk was, maar dat was het niet. Vanochtend stond ze voor haar spiegel haar ogen te potloden. Dat kunnen ze dan ineens, net als hun haar doen of een badhanddoek om zich heen dragen. Het moet een vrouwelijk instinct zijn, tot op de dag van vandaag weet ik geen badhanddoek om mij te vouwen zonder dat die na vijf seconden naar beneden valt. Mijn zoon wordt groot, mijn dochter volgt met rasse schreden. Ze is nog kind maar dat duurt niet meer lang.

Ik mag nog wel haar band plakken. Straks mag ik haar nog wegbrengen als ze uit gaat. Hoe gaat die relatie vader-dochter veranderen? Als ik me opstel als vader, het hoofd van het gezin, dan negeert ze me straks volkomen. Als ik onderdanig aan haar wordt, en ik plak haar band en ik rij haar naar waar ze naar toe moet, dan duldt ze zich tenminste nog om zich heen. Gaat het echt die kant op? Is dat het complot waar alle dochters die vrouw worden, inzitten?

13 jaar. Ze neemt de macht stiekem over. Het gaat heel geleidelijk. En ik moet eraan meewerken, want anders volgt eenzame uitsluiting. Als ik maar haar band mag blijven plakken en haar mag blijven rijden, dan vind ik het niet erg.

Ik herpak me, en voorlopig heeft ze nog niets in de melk te brokkelen. Maar het is zo’n scenario dat af en toe door mijn hoofd schiet.

Sergeant-majoor

De soldaat hier in huis hebben ze nog niet klein. Maar wat op de vorige school een voordeel was, namelijk zijn clowneske gedrag, werkt hier wat anders. Want grappenmakers moeten opdrukken. En goed, want anders moet het opnieuw. “Wat ben jij daar aan het doen, Van Huppelschoten? Ben je de grond aan het neuken? Begin maar opnieuw!” Of als je moe bent en je kont komt te ver omhoog: “wat is dat, Van Huppelschoten, wil je er soms iets in hebben ofzo?” (Excuses voor het taalgebruik van de Sergeant Majoor, die maakt bij elke nieuwe klas dezelfde grap.) Hij moest 73 keer opdrukken voordat het goed was.

En hij was al gewaarschuwd, hij moest zich scheren anders zouden ze het voor hem doen. Dus dat gaat hij voortaan wel doen denk ik. Daar gaat de opvoeding! In een week naar de kloten geholpen door Sergeant Majoor Bullebak. Met z’n grove bakkes. Ik heb al gezegd, vertel me waar hij woont ik ik gooi een baksteen door z’n ruit. Nou ja, het klinkt allemaal serieuzer dan het is, hij heeft er de grootste lol. Excoses voor het taalgebroik.

Twee mannen

Op de hei, het losloopgebied, kom ik vaak dezelfde mensen tegen. Zo is er de zwaar opgemaakte vrouw met haar Beagle, de stevig op haar benen staande vrouw met haar Chapei, de man met paardenstaart en zijn keffertje, de vrouw met haar stok en haar St. Bernard, maar ook een man die zijn jachthond altijd aan de lijn houdt en de man met de Mechelse herder die niemand aandacht schenkt.

Die laatste twee kwam ik vandaag tegen. De man met de jachthond aan de lijn is wat zonderling. Hij gaat altijd aan de kant als je eraan komt, laat zijn hond zitten, zegt goedemiddag tegen mij, en ‘rust’ tegen zijn hond. Hij spreekt het goedemiddag heel deftig uit, ik zeg altijd hallo terug. En het commando “rust” herhaalt hij een keer of twee heel rustig. Het klinkt ook heel rustgevend moet ik zeggen, maar het komt wat zonderling over.

Even verder kwam ik de man met de onverstoorbare Mechelaar tegen. De hond is inmiddels oud, loopt wat moeilijk, maar speelt nog altijd met zijn baas. Niet met andere honden, daar kijkt hij niet naar om. Je kunt zien dat dit een Alfa mannetje was, het beest is ondanks zijn ouderdom nog steeds imposant. Zijn baas lijkt hem perfect onder controle te hebben. Deze man zegt altijd hallo en loopt door. Net als zijn hond wil hij met niemand contact. Vandaag kwam hij fluitend aangelopen. Dat had ik nog niet eerder gehoord. Ik herkende zijn lied. Toen hij vlakbij was zei hij hallo, liep en floot door. Ik voel me zo verdomd alleen. Dat floot hij. Ik nam het zachtjes over.

Veertig jaar later

Ik heb mij soms afgevraagd welke muziek we allemaal missen. We zijn in 2021 aanbeland, en we missen natuurlijk het een en ander. Dit door het overlijden van bijvoorbeeld John Lennon en Elvis Presley. Dit zijn twee grootheden, maar er zijn nog talloze anderen die ons vroegtijdig verlieten en die, als ze zouden zijn blijven leven, ons getrakteerd zouden hebben op talloze hits. Hoe die geklonken zouden hebben, we zullen het nooit weten.

Tot gisteren dan. Nu weten we hoe de hits klinken die we misten. Abba kwam na veertig jaar met nieuwe muziek. “Don’t shut me down” en “I still have faith in you” zijn twee nieuw uitgebrachte nummers. Ik vind het geweldig. Meer dan dat. Dat een band die vroeger met hun muziek de sfeer bepaalde, een band waarvan mijn vader nog een LP kreeg voor z’n verjaardag, een band die de hele jaren zeventig domineerde, die muzikale geniën die ineens vroegtijdig stopten, dat die band na veertig jaar een nieuw album uitbrengt, ja, daar kan ik alleen maar met diep ontzag naar luisteren. Ik lag in bed met de koptelefoon in, luisterde naar de nummers en beeldde me in dat het 1983 was. Er was nog niks aan de hand. Abba was niet gestopt.

Kort over corona

We moeten het denk ik nog even over corona hebben, want ik snap er niet veel meer van. Niet dat ik me er ooit nog in verdiep, want ik heb er wel genoeg van. Een jaar en nog iets langer geleden werd er toch duidelijk gezegd dat we groepsimmuniteit moesten bereiken en dat zouden we hebben als ongeveer 65% van de mensen immuun zou zijn. Dan zou het virus geen kans meer hebben om weer op te bloeien.

Nu is alles anders. Er is een Delta variant die kennelijk alles in de war schopt. Nu is 85% immuun, maar kennelijk kunnen die overige 15% allemaal tegelijk in het ziekenhuis belanden. Ik geloof er helemaal niks van. Van die 15% is een groot gedeelte kind, die komen niet in het ziekenhuis. De rest is gewetensbezwaarde. Wat doen we nog moeilijk? Nou ja, ik zal wel iets over het hoofd zien. Ik ben tenslotte geen Hugo de Jonge, die al minister van volksgezondheid is, vicepremier en ook nog even de taken van de minister van medische zaken op zich neemt. Daar heeft hij kennelijk ook al verstand van.