Belangrijk

Een ex-collega van lang geleden riep vandaag mijn hulp in. Ze heeft een hoge opleiding maar heeft gekozen voor het moederschap. Ondanks dat haar man de kost verdient en zij het huishouden doet, was er iets gaan knagen. Haar gevoel van eigenwaarde leed er kennelijk onder ofschoon ze veel andere dingen ondernam. Zelfspot was haar niet vreemd als ze weer eens zei dat ze op de zak van haar man teerde. Ik zag er nooit zo het probleem van in. Ik zei haar dat zij net zo goed zorgde voor het inkomen, want ondanks dat het een traditionele opvatting is, als het gezin niet draait ben je als man kansloos. Misschien meer om dat gevoel van nutteloosheid uit haar hoofd te praten. Ik weet niet hoe ik het zelf zou vinden in een omgekeerde situatie.

Ze appte me vanochtend, ze had een sollicitatiebrief geschreven en of ik die wilde nakijken. Het enthousiasme spatte ervan af. Ik verbeterde in rood zodat ze kon zien waar ik veranderd had en zelf kon bepalen of ze mijn verbeteringen wel verbeteringen vond. ’s Middags appte ze me weer. Ze had de brief na mijn verbeteringen ook aan een vriendin doorgestuurd, die ook weer in rood had zitten verbeteren. Maar ze had daar een beetje spijt van omdat ze nu in de war werd gebracht. En of ik daar nog wilde kijken, want ze vertrouwde in dit geval meer op mijn kijk op deze zaak. Ik heb het nogmaals nagekeken, en erbij gezet of ik het een goede verbetering vond of niet. Ze appte me later dat ze er helemaal gek van werd, en dat ze mijn eerste versie wel zou gebruiken. Ik zei: wacht even, ik maak de brief wel kant en klaar en nam een paar suggesties van de vriendin over. Ik mailde hem terug en ze was blij.

Zojuist, tijdens het schrijven van dit logje stelde ze weer een vraag over de brief. Of dat en dat wel goed was. Ik zei dat het goed was, en weg met die brief nu. Ik snapte ineens waarom dit belangrijk was. Daarom nam ik hier ruim de tijd voor op mijn werk. Zojuist stuurde ze me de ontvangstbevestiging door.

Ontdekkingsreis

Ik liep met de hond en lange lijn door het bos. Ik was om half vier weggegaan en ik probeerde te dwalen. Als ik dwaal dan kan ik de weg terug immers niet meer vinden en ik had maar twee uur nodig voor het donker werd. En in het donker mag je er niet meer zijn, welkom avontuur!

Een nieuw pad nemen is genoeg om aan het dwalen te slaan, hoewel ik het gebied nu aardig begin te kennen. Het is verder naar het westen nog veel groter, maar als ik daarheen zou gaan zou het geen overmacht meer zijn, maar een bewuste keuze dat ik in het donker zou eindigen, en dan telt het niet. Nee, ik dacht al na over een slaapplaats tussen de dennen. De hond zou mij moeten beschermen tegen de wolven. (nou ja, je moet je leven zelf opleuken) Ik liep en ik liep en tot mijn grote irritatie kwam ik weer op een weggetje dat ik kende. Zo was er natuurlijk niks aan. Ik nam het weggetje niet, maar een nieuw pad. Het begon al een klein beetje te schemeren. Een wild zwijn was tussen de dichte bebossing naar eten aan het scharrelen. Randi rook hem, ik zag hem. We liepen door naar het oosten, want daar moest ik immers naar toe. Zolang ik mijn best deed om terug te komen was het geen vals spelen. Ik liep over een kronkelend pad en zag bij een zijpad een bordje “geen toegang”. Het leek op een steppe. Ik ging er natuurlijk wel een stukje in, want het is mijn bos tenslotte. Ik erger me al dood als ik iemand anders tegenkom -twee mountainbikers en iemand met een groene trui- want dat doet afbreuk aan mijn avontuur. Een volgend zwijn had ons in de gaten en bleef doodstil staan kijken. Ik zag hem, de hond rook hem. We liepen door. Nu begon het toch wat meer te schemeren en nog even en ik zou mijn overlevingsvaardigheden moeten aanspreken. Nog steeds had ik niet echt een idee waar ik precies was, het enige dat ik wist was dat ik in de juiste richting liep.

En net toen ik dacht, ik ga een noodsignaal versturen, zag ik de weg weer. Nondejuu, weg avontuur. Ik liep richting auto, en de boswachter reed mij zachtjes voorbij in zijn terreinwagen. Hij zwaaide, ik zwaaide terug. Bij de auto aangekomen bleek ik niet eens de laatste. Er waren dus nog grotere avonturiers dan ik in het bos. Potverdorie. Hing er nog een briefje bij de parkeerplaats ook, dat ze in verband met het toenemende aantal toeristen van de laatste jaren, de paden gingen verleggen om het bos te beschermen. Hoe kan ik nu ooit een ontdekkingsreiziger worden? Het wordt me gewoon onmogelijk gemaakt!

Zoete herinneringen

De laatste tijd lees ik in bed mijn eigen weblog archieven. Omdat ik het zelf heb geschreven leest het erg makkelijk. Ik ben begonnen in 2004, maar toen leek het nog nergens op. Domme verhaaltjes van een verlate puber. Maar een paar jaar later begint er vorm in te komen. Ik heb nu 2010 gelezen en ben in 2011 aanbeland. Het waren de laatste hoogtijdagen van weblog want je zag veel bloggers al verdwijnen naar Twitter en Facebook. Maar wat ik mij nooit heb gerealiseerd is hoe waardevol die archieven zijn. Ik kan me vrijwel elk logje wel herinneren als ik het weer lees, maar dat neemt niet weg dat ik het compleet vergeten was.

Die eerste jaren met mijn kinderen bijvoorbeeld. Er staat beschreven hoe Hans vroeger praatte. Hij noemde me nog geen Jack, maar papa. En hoe ontroerend zijn avonturen zijn. Zoals die keer dat het hem maar niet lukte om op vakantie een speelkameraadje te vinden. Op mijn instructies struinde hij de camping af, maar de kindjes die hij aansprak wilde dan niet met hem spelen omdat ze hem niet verstonden of omdat ze al met elkaar aan het spelen waren. En dat ik hem toen ’s avonds maar meenam naar het voetbalveldje om te kijken, en waar een oudere jongen met een PSV-shirt (Hans kende PSV nog niet) vroeg of Hans mee wilde voetballen. En dat hij zei: “dat mag niet van mijn papa” (ik vond hem te klein en de jongens schoten te hard) maar dat hij ondertussen zijn voetbalshirtje was gaan halen en op blote voeten mee mocht doen, en de PSV jongen hem een aantal keer liet scoren….Wat een kindergeluk!

En Tammar, ik las haar altijd voor uit een boek waar plaatjes van etenswaren in stonden, en dat ik dat zogenaamd wilde opeten, maar dat ze die dan snel voor mijn neus weggriste. Schateren. En dat ik dan nog een liedje voor haar zong als ze al in haar trappelzak in haar bedje lag te luisteren met haar duimpje in haar mondje. En dat ik het liedje: zachtjes gaan de paardevoetjes zong, en dan soms een woord weg liet zodat ze het kon invullen. “Het is het paard van….” En dan fluisterde ze: Sinterklaasje….

Ik zag het ineens weer voor me allemaal. Het is zo hard gegaan, maar ik was er bij om de herinneringen vast te leggen. Is dat niet waar schrijven voor bedoeld was?

Gedoe

Mijn zoon had met een vriendje een pesterijtje uitgehaald op instagram. Een fan-account aangemaakt van een meisje in zijn klas, met haar foto erbij en iets dat hij verliefd was op haar. Dat was niet zo, maar in de klas gaat het verhaal rond. Er was al een keer eerder een fan-account aangemaakt voor Hans en haar, maar dat hij niet zelf gedaan.

Vader van het meisje belde Hans om te vragen of hij het was, en had daarbij het dreigement geuit dat hij naar de politie zou gaan. Hans had in eerste instantie ontkend, maar vijf minuten later had hij tegenover het meisje toegegeven dat hij het wel was en sorry gezegd. Hans was van streek door het dreigement van de man en biechtte aan Linda op dat er iets was gebeurd. Daarop heeft Linda ’s mans voicemail ingesproken en even later belde hij terug.

Vooropgesteld dat het niet goed is wat Hans deed en dat het goed is dat een vader voor zijn dochter opkomt, maar hallo zeg! Wat had hij nu helemaal gedaan? Linda had de telefoon op de speaker en ik zat mee te luisteren. Hij had een spoedgeval dus hij was even een halfuurtje weg vandaar dat hij eerder de telefoon niet kon opnemen. Hij benadrukte dat het een echt noodgeval was, maar Linda hapte helaas voor hem niet, anders hadden we nu geweten wat het noodgeval was.

De man stak van wal op een toon die me niet lekker zat. Ik ga hier altijd met open vizier in, zei hij. Bedoelde hij nu op een eerlijke manier of bedoelde hij dat hij ons in het vizier had? Zijn dochter had ook een naam die me niet lekker zat. Verdorie, wie noemt zijn dochter nu zo? Hij nam het hoog op en eiste excuses, want anders zou hij naar de politie gaan. Linda liet hem begaan en zei dat Hans ervan was geschrokken, wat ook echt zo was, en dat hij zijn excuses aan zou bieden aan zijn dochter. Hij wilde ook excuses van het vriendje van Hans. Linda gaf aan dat ze hem zou bellen, maar dat ze zijn moeder niet was, dus daar niet voor in kon gaan staan. Maar Hans zou het doen, en hij was zo geschrokken dat ze dacht dat het niet meer zou gebeuren. Waarop de man zei dat hij zeker wist dat het niet meer zou gebeuren, anders ging hij naar de politie, en wij wisten zeker ook wel hoe de politie tegenwoordig fel op dit soort dingen was. Als Hans zijn excuses zou maken zou hij het er voor deze keer bij laten zitten.

Ik zat te shaken op mijn laptop. Straks kwamen ze Hans ophalen. Een misdrijf heeft hij gepleegd van het laagste soort. Ik had het al een beetje gehad met het gedoordram van de man. De politie ziet hem al aankomen. Een nepaccount aangemaakt, een foto van haar erbij en een hartje Hans. Nou nou. We hebben een pedofiel te pakken hoor. Hans was er van streek door. We hebben hem maar gerustgesteld. Gezegd dat hij zijn excuses moest aanbieden en het niet meer moest doen. Maar dat hij niet door het stof hoefde alsof hij iets super ergs had gedaan. Dit zeiden we omdat we bang waren dat het meisje trekjes van haar vader had. En dat papa en mama vroeger allebei ergere dingen dan dit hadden gedaan in onze jeugd.

Ik zocht de beste man eens op op internet. Een noodgeval, dan zal je toch wel bij de brandweer werken? Nee, in een kledingwinkel. Hij had een profielfoto met een hand onder zijn kin, nondejuu. Als ik iets irritant vind zijn het wel mensen met een profielfoto met hun hand onder hun kin. Verder zat hij bij de hockeyclub en kwam ik als faceboekvriend een man tegen die vroeger mijn baas was. Een van de grootste paardelullen die ik ken. Wat een zak hooi was dat zeg. Goed, ik moest ook even mijn gelijk halen.

Linda liet zich tijdens het telefoongesprek niet uit de tent lokken, wat ik nog knap vond, want dat was de beste manier om de man te kalmeren. Ik zou misschien zo stom geweest zijn om te zeggen dat het ergens ook wel weer meeviel wat er gebeurde. Maar wat is er toch aan de hand tegenwoordig? Dit was een pesterijtje. Ik ben vroeger wel erger gepest dan dit, en niet alleen ik, maar daar moesten we mee omgaan. Vroeger kreeg ik wel eens op mijn sodemieter, tja, dat was dan zo. Ik kreeg wel eens een schop van een ouder als ik kattenkwaad uithaalde. Tja, dan deed ik het niet meer. Op je werk kon je baas vroeger ook wel eens boos op je zijn. Goed, dat was dan zo en dat ging wel weer over. Nu volgen er correctiegesprekken met H.R. erbij. Het zijn gekke tijden.

Waarschuwing voor de scheepvaart

Vandaag liep ik 11,8 kilometer met de hond, bijna 18000 stappen in twee uur en een kwartier. Ik kwam onverwacht uit in Vierhouten, en toen moest ik nog vier kilometer terug naar de auto. De rest van de dag was ik behoorlijk gesloopt, maar dat kan ook komen doordat ik pas om half drie op bed lag. Evengoed viel het me tegen die kilometers over de toendra’s van de Veluwe.

Morgen gaat het helemaal niks worden met lopen in het bos. Het gaat stormen. Het KNMI verwacht in het hele land windstoten tot 120 km/u. De internet sites die veel clicks nodig hebben verwachten windstoten tot 140 km/u. 117 km/u komt overeen met windkracht 12. Windstoten van 117 km/u betekent overigens niet dat het windkracht 12 is. Daarvoor moet het tien minuten lang gemiddeld waaien met windsnelheden van 117 km/u. We zullen dus morgen waarschijnlijk met windkracht 10 te maken hebben. Nog steeds uitkijken geblazen, en niet in het bos gaan lopen. Maar op het strand zal het mooi zijn.

In januari 1990, in mijn herinnering de zwaarste storm die ik ooit meemaakte werd het net geen windkracht 12, ondanks windstoten van 150 km/u. In 1944 is er één keer windkracht 12 Beaufort gemeten, dus is het erg zeldzaam.

Ik vroeg mij vroeger altijd af waarom windkracht maar to 12 Beaufort ging, terwijl er in de tropen toch regelmatig windstoten van 300 km/u zijn. Het wereldrecord ligt zelfs boven de 400 km/u. De oorzaak hiervan is gelegen in de vroegere scheepvaart. Windkracht werd afgemeten aan hoe het schip en de zeilen zich gedroegen. Windkracht 6 is de eerste windkracht waarbij niet meer met volle zeilen gevaren kan worden. De zeilen moesten gedeeltelijk gereefd worden. Windkracht 11 is de laatste windkracht waar nog een stormzeil kan worden gevoerd om te proberen aan de storm te ontkomen. Bij windkracht 12 moet een drijfanker uit en kan geen enkel zeil meer gevoerd worden. Voor de scheepvaart is het vanaf windkracht 12 klaar.

Kleur bekennen

Naar aanleiding van de heibel die nu weer ontstaat over de moorkop, die ze nu chocoladebol willen gaan noemen, wat ik weer een hele vreemde naam vind voor een zwart paard, ben ik even de lijst met typisch Nederlandse gerechten nagelopen. Mogelijke verdachte situaties trof ik aan bij:

Amsterdamse ui. Dit zou mogelijk een sukkel uit Amsterdam kunnen zijn. Aangezien sukkels daar in grote getale voorkomen, voorzie ik problemen.

Arnhemse meisjes. Stel een pedofiel bestelt Arnhemse meisjes bij de bakker. Dat gaat niet goed.

Bamischijf. Het is natuurlijk gewoon een schijf met bami erin, maar als ik nu eens zeg: “luister eens even, bamischijf” dan weet u toch ook dat ik het tegen een Chinees heb?

Bitterbal: een kakker die ergens verbitterd over is. Uiterst aanstootgevend voor corpsballen en VVD’ers.

Blote billetjes in het gras. Dat kán toch niet?

Boerenjongens. Ja, hallo!

Bolus. Eetsmakelijk.

Bossche Bol. Een corpulente inwoner van Den Bosch zou hier zomaar aanstoot aan kunnen nemen.

Fryske Dumkes. Zie Amsterdamse ui.

Haagse bluf. Ten eerste komt Blof uit Zeeland, en ten tweede bluft Anouk nooit.

Hemelse modder. Ik voorzie problemen met de Bible-belt.

Hete Bliksem. De vereniging uitbanning van pleonasmen belde zojuist al.

Hoofdkaas. Gadverdamme, zo onsmakelijk dat je het op het darkweb niet eens kunt bestellen.

Huzarensalade. Huzaren waren van oorsprong krijgers uit Hongarije. Hebben nooit een standbeeld gekregen, terwijl ze wel hard gevochten hebben.

Jodenkoek. Geen nadere toelichting nodig.

Kuise zusterkoeken. De vereniging opsporing en uitbanning van paradoxen belde zojuist al.

Lammetjespap. Mensen met het sterrenbeeld ram voelden zich beledigd en wensen voortaan gewoon ram genoemd worden.

Limburgse vlaai. Zie Amsterdamse ui.

Oudewijvenkoek. Kan makkelijk verward worden met moederkoek.

Patatje oorlog. Make love, not war.

Pindasaus. Hee Pinda!

Pannekoek. Hier maak ik zelf bezwaar tegen omdat wij wat meer respect moeten hebben voor Nederlands misschien wel beste voetballer ooit.

Pruimencompote. Geef die appel terug of ik peer ‘m tegen je pruim!

Rolmops. Te nauw verwant aan roetmops.

Rookworst. De antirookcampagne van het KWF is zojuist weer van start gegaan.

Snert. Snert!

Soezen! Soeze! (Veluws scheldwoord)

Speculaas. Objection!

Zwolse balletjes. Op het moment dat Zwolle een universiteit krijgt gaat dit fout.

Deze lijst beoogt niet volledig te zijn, maar we moeten een begin maken met het uitbannen van mogelijke onnodig kwetsende benamingen. Eerlijk gezegd heb ik er ook moeite mee dat chocolade over het algemeen bruin is.

Dopamine

De kerstboom is weg. Dan kan ik dat laten rusten, ik raakte er nogal van van streek dat iemand zijn kerstboom nog had staan. Verder begint het hier op zijn plek te vallen. Ik heb momenteel geen klussen in mijn hoofd die volgens mijn hoofd acuut dienen te gebeuren. Nou ja, eentje dan. Maar die is niet tijdrovend en hoeft niet te wachten tot het weekend.

Dat betekent volgens mij dat ik kan gaan luieren. Al heb ik geen idee meer hoe dat ook al weer ging. En of ik daar wel zin in heb. Natuurlijk, nu kan ik eindelijk eens beginnen met de tuin en de oprit te vegen of de auto wassen. Vervolgens is het wachten op het mooie weer. Of op het slechte weer, wat maakt mij het uit. De veranda is waterdicht en er hangt een heater. Wat een ongelofelijke luxe hier eigenlijk he? Ik moest er wel eerst vijftig voor worden, maar dan heb je ook wat.

De vakantie naar Frankrijk slaan we over dit jaar. Merde. Eerst ga ik naar Boedapest (zogenaamd werken), dan naar Duitsland (zogenaamd motorweekend) en tot slot staat een paar dagen Schotland op de planning (zogenaamd zomervakantie) Dus om nu te zeggen dat ik niet op vakantie ga slaat ook nergens op. Het hele leven is tegenwoordig vakantie. Vroeger, toen moest er pas gewerkt worden. Ik kom meestal mijn bed niet uit voor half acht, mijn opa had er dan al een halve dag op zitten. Verder hoef ik geen pak aan naar mijn werk, daar ben ik niet belangrijk genoeg voor, dat is ook wel relaxed.

En verder ben ik wel trots op mezelf. Ik heb vanaf zondag tot maandag een tochtstrip vervangen. Dat was best lang, maar de vorige tochtstrip had meer weg van een ventilatierooster, dus die moest vervangen worden. Toen ik de nieuwe had erop had gingen de klemmen niet meer goed dicht, dus die moest ik iets verplaatsen. Toen de klemmen dicht gingen, draaide de deur niet meer op slot, dus ik moest het gat van het slot verder uithakken. En toen ik dat goed had, trok de deur zichzelf niet meer in het slot, je moest veel te hard aan de deur trekken en hij bleef al een paar keer openstaan als iemand anders dan ik de deur achter zich dicht trok. Omdat mij dat niet lekker zat heb ik het gisteren allemaal opnieuw gedaan. En nu is het goed. Dopamine in mijn hersenen!

Veluwse inborst

Die kerstboom van laatst, die staat er nog steeds. Het is 31 januari, en hier nog geen 100 meter vandaan heeft iemand zijn kerstboom nog staan. Moet ik niet eens alarm slaan? Waarschijnlijk liggen de bewoners met een koolmonoxidevergiftiging dood op hun bed. Het zal nu toch wel de laatste dag zijn? Je moet zo’n boom in je huis toch onderhand spuugzat zijn?

Verder liet ik net de hond uit, en er kwam een mevrouw met een teckel aan. Dan blaffen beide honden naar elkaar, ze trekken aan de lijn en ze wisselen een paar onvriendelijkheden uit. Maar, weet ik uit ervaring, hoe dichter je ze in de buurt van elkaar laat komen, hoe minder onvriendelijk het wordt. De mijne was al in de verkenningsmode gegaan en haar snufferd zat al bijna aan het achterste van de teckel. De voorkant van de teckel liep nog een meter verder en nog daarvoor liep zijn vrouwtje. Het vrouwtje zei ineens: Ga jij aan de andere kant lopen of moet ik het doen? Dat was tegen mij, ik moest dus opzouten. Vriendelijk type. Vast geen Veluwse. Op de Veluwe zijn we achterbaks, dus zullen we nooit rechtstreeks in iemands gezicht zeggen dat hij moet opzouten. Nee, dan doen we vriendelijk en als we thuis zijn zeggen we: wa’k noe weer heb met e’moak!

Ik ben zelf helaas geen geboren Veluwenaar, daarvoor kwam ik hier 13 jaar te laat. Aan de andere kant, kent u een interessante Veluwenaar? Volgens mij is de bekendste boswachter van Nederland niet eens een Veluwenaar. Veluwenaren treden niet graag op de voorgrond. Vandaar dat de bekendste boswachters van Nederland uit de omgeving van Amsterdam komen. Ko en Arjan. In de wijde omgeving geen bos te bekennen maar toch lukt het ze. Die mensen treden van nature net iets makkelijker op de voorgrond. Dat zit daar in het water of zo. Soms ook geheel onterecht hoor, dat ze op de voorgrond treden. Maar ja, niemand daar zegt er iets van. Lil Kleine bijvoorbeeld, geheel onterecht begaf deze jongeman zich op een podium, hij vond zelf wel dat hij daar iets te zoeken had, en niemand hield hem tegen. Kijk, dat zal hier op de Veluwe nu nooit gebeuren. Als je vanuit hier doorbreekt, nou, dan kun je ook echt wat.

De Abba chronologie

Ik heb een cd van Abba in mijn auto, de beste popgroep die de ik ooit gehoord heb. Natuurlijk kun je met allerlei andere bands aan komen zetten, maar als poging om mij van iets anders te overtuigen is dat zinloos. Hun hoofden moesten op het hakblok volgens een jonge frontman van U2, om daar later spijt over te betuigen en diep voor ze te buigen. De CD, het zal een greatest hits zijn, bevat hun hits in chronologische volgorde. En daar wilde ik iets over zeggen.

Ik wil even benoemen dat wat mij opviel, al lang en breed bekend is, dus u mag hier rustig stoppen met lezen. Maar ik dacht ineens, héé!

Abba drong door bij het grote publiek begin jaren zeventig met hun nummer Waterloo, een vrolijk en melodieus nummer dat de loop van de geschiedenis van het songfestival heeft veranderd. Het gaat over het verliezen van de vrolijke strijd tegen verliefdheid. Dan komt “I do I do I do”, over vroegere eenzaamheid die nu vergeten kan worden door een nieuwe liefde. De volgende is Fernando, een wat zwaar aangezet nummer waar een heel leven wordt doorgenomen, maar nog altijd die positieve inslag. De hitmachine is goed op gang en er volgen nog de wereldhits “Dancing Queen” en “Money Money.” Abba was een wereldact.

Maar dan is daar ineens “Knowing me, knowing you” in 1976. “Breaking up is never easy I know, but I have to go.” Een stijlbreuk. Nou ja, dat kan een keer gebeuren. Het is in elk geval een prachtig nummer. Daarna komt “The name of the game”, over een mooie liefde maar toch ook over de onzekerheid over hoe de ander die liefde voelt. Moesten we ons ergens zorgen over maken?

1978 was een vrolijk jaar, en er was weer niets aan de hand voor de fans, en ook niet voor de jaren 70 zelf. “Take a chance on me”, “Thank you for the Music” en “Summer night city.” Iedereen kon opgelucht ademhalen, Abba was Abba en het leven was mooi.

Maar dan komt 1979. Chiquitita. Iedereen zat er klaar voor en iedereen was het er over eens dat Abba weer een wereldhit ging scoren. En dat klopte. Alleen klonk dit anders. Droevig en de wanhoop nabij, maar het refrein blijft refereren aan geluk wat toch nog ergens is. Onverwacht kondigen Bjorn en Agnetha hun scheiding aan. De fans in alle staten. Abba stelde ze gerust. De scheiding zou geen gevolgen hebben voor de groep. En dat leek te kloppen. Als vanouds kwamen daar weer hits, discohits zelfs zoals “Does your mother know”, “Voulez-Vous,” “Gimme Gimme Gimme,” en de zorgen waren weg. Als dan nog “I have a dream” volgt zijn de fans euforisch.

1980. The winner takes it all. Het begin van het einde? ” I don’t wanna talk about the things we’ve gone through…” Was het een verwijzing? Super Trouper kon de geruchtenstroom niet meer stoppen en daar eindigde het huwelijk tussen Benny en Frida. We zijn in 1981. Een tweede scheiding zou de group niet overleven werd gevreesd, hoezeer de band nog probeerde de crisis te bezweren.

“One of us” en “the day before you came.” Ze konden ons nog meer wijsmaken, maar deze nummers waren geen verwijzingen maar rechtstreekse verklaringen dat het binnenkort over zou zijn. Het tij was niet te keren met deze depressieve nummers over het einde van een relatie en de leegte na een beëindigde relatie. Het was gedaan met ze. Een tijdperk van tien jaar werd door Abba kleur gegeven. Van zonnige opkomst tot droevige ondergang. En wij voelden het mee.

Veertig jaar later en ze zijn er nog allemaal. En ze beloven binnenkort terug te komen met een paar nieuwe nummers. We wachten er nog steeds op.

Bovenstaand verhaal is door mij bij elkaar gezocht naar aanleiding van de afglijdende vrolijkheid die ik hoorde op de CD. Het kan fouten bevatten, maar die heb ik dan even gladgestreken. Ik doe net of ik er bij was, maar ik was kind in hun tijd en ik vond hun muziek mooi, maar begrijpen waar het over ging deed ik niet. Dat doe ik dan nu, ruim veertig jaar later. Ik kom overal te laat achter.

Verborgen krachten

Vorige week, met badminton, was het helemaal niks. Ik startte verkeerd dus bleef ik in het groepje met de beginners zitten. En niet dat ik het erg vind om een keer met beginners te spelen, maar als ze niet luisteren naar simpele instructies en lopen te lanterfanten dan ben ik er snel klaar mee. Ik ging dus vroeg naar huis.

Vanavond was het anders. Ik was in geestelijke topvorm, en dus kan mijn lichaam niet anders dan volgen. Ik speelde met min of meer gelijkwaardige tegenstanders (dan druk ik me vriendelijk uit richting hen) en ik verbaasde mezelf. Dropshots? Ik had ze. Wilden ze me laten lopen? Ik liep. Op mijn backhand? Harder dan ooit sloeg ik ze terug. Ik pakte zelfs een onmogelijke korte bal en retourneerde die een halve centimeter boven het net terug. En ik was snel. Met een paar passen was ik waar ik wezen moest. En tijdens dit alles was ik onvermoeibaar.

Ik won alle partijen. Wilskracht. Gewoon omdat ik mijn oude trainingspak weer had gevonden. Mijn dochter begon te lachen toen ik beneden kwam. “Is dat je chillpak,” vroeg ze? Nee, dat was niet mijn chillpak. Dat was mijn oude trainingspak. Een pak met verborgen krachten. Een superheldenpak, zou ik bijna willen zeggen. Ik ga het vaker aantrekken vanaf nu.