Meesterwerk

Veel mensen zullen het al wel gelezen hebben, het boekje “Taal is zeg maar echt mijn ding” van Paulien Cornelisse, maar ik ben er net in begonnen. Ik herken het als een meesterwerk, te vergelijken met Das Kapital of met The General Theory of Employment, Interest and Money. Want Paulien doorziet wat er gaande is en verstaat de kunst het ook zo op te schrijven dat het voor de lezer duidelijk is. Haar theorie gaat over de taal, maar meer nog over de psychologie erachter. Over wat iemand nu echt bedoelt als hij bijvoorbeeld in een discussie zegt: “grappig dat u dat zegt.” Namelijk dat het verre van grappig is, integendeel. Ik ben behoorlijk uit het veld geslagen door wat u zojuist zei, maar ik noem het grappig om me eruit te redden.

Zo staat het boekje vol met interessante observaties. Voorbeelden van woorden die oorspronkelijk een andere betekenis hadden maar op een gegeven moment door iemand opgewaardeerd zijn tot de nieuwe betekenis. Bijvoorbeeld dat oké tegenwoordig ja betekent in plaats van dat je het er mee eens bent. Dus als iemand een verhaal vertelt dan kun je achter elke zin “oké” zeggen ten teken dat je het verhaal aan het volgen bent. Het ligt er dan nog aan hoe je het uitspreekt want het kan ook juist betekenen dat je het niet met iemand eens bent als die een gewaagde uitspraak doet. Okeeeejjj??!!

Ik zou zeggen, lees dit ontmaskerende boek. Nee, bestudeer het en help mee van Nederland weer het land te maken zoals het ooit bedoeld was, namelijk het land van doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.

Levon Helm

In een vroegere periode van slapeloosheid ging ik ’s avonds maar niet naar bed, maar bleef op de bank liggen met Discovery de hele nacht aan. Dat werkte nog het beste om toch in slaap te vallen. Gedurende de nacht was er dan reclame en één van die reclames ging over een cd met jaren 60 muziek. Eén nummer viel mij altijd in positieve zin op. Het was The Weight van The Band. Het kwam door de zorgvuldige opbouw in het refrein, de meerstemmigheid en als het hoogtepunt was geweest bij and…and..and…you put the load, werd het lied door de drum weer terugbegeleid naar het volgende couplet.

Gisteren overleed de drummer van the Band, Levon Helm. Ik zou zijn naam niet hebben geweten als hij niet gisteren was overleden, maar wat ik wel wist is dat hij drumde en zong tegelijk. En als mij iets moeilijk lijkt, dan is het dat wel. Dat twee handen onafhankelijk van elkaar in een ander ritme bewegen, maar dat de stem ook nog even meedoet ergens in dat ritme. Ik ken The Band verder amper, maar als ik het allemaal zo lees, is de band behoorlijk legendarisch. Robbie Robertson ken ik uit mijn jaren ’80-periode maar nooit geweten dat die uit The Band kwam. Nico Dijkshoorn uit DWDD bracht al een mooi eerbetoon aan Levon, voor hem was hij echt een held. Voor mij ook, al kende ik hem niet, maar hij bracht me in de slaap waar ik naar zocht.

Jongetje

Na een hoop ellende op de school van Hans, die een paar maanden geleden begon met het vertrek van juffrouw Kim, hebben we nu besloten hem naar een andere school te doen. Eerst wilden we er niet aan en hoopten we dat de situatie zou verbeteren, maar hij leek alleen maar te verslechteren. In het begin was er een hoop onrust onder de ouders, maar de meesten kozen eieren voor hun geld, slechts drie kinderen vertrekken. Uit de klas van Hans nog een jongetje, zodat het aantal jongetjes in die klas nu daalt naar drie. Het waren er twee geweest als er in de loop van het schooljaar niet nog een jongetje was bijgekomen.

Dat jongetje dat erbij is gekomen, heeft een vreemde naam. Zo’n naam waarvan je denkt dat die niet veel goeds belooft. De moeder van het jongetje is overleden en zijn vader is vrachtwagenchauffeur en dientengevolge heel weinig thuis. Eerst dachten wij dat de vader een nieuwe relatie had, want het jongetje woont bij een vrouw die elke ochtend haar kinderen met een dikke Mercedes met een asbak vol peuken naar school brengt over een afstand van wel 700 meter. Maar het jongetje blijkt officieel op een camping te wonen, met zijn vader in een caravan.
Het lijkt alsof de vrouw het jongetje liever kwijt dan rijk is, want regelmatig vraagt ze of het jongetje bij Hans mag spelen, en als ze het niet vraagt, vraagt het jongetje het zelf. Met als gevolg dat hij hier elke woensdag- en vrijdagmiddag is. Hans en het jongetje kunnen goed met elkaar opschieten.

Maar nu kwam het jongetje ter ore dat Hans van school gaat en hij was teleurgesteld. Ik vond het spijtig voor hem, toen ik het hoorde. Kom je midden in het jaar op een andere school, vind je een vriend en dan gaat hij weg. Het ging al even door mijn hoofd om het jongetje te adopteren, al heb ik hem nog nooit gezien, maar dat zal wel niet zo’n goed plan zijn. Maar verhalen van kinderen die niet in veilige havens terecht zijn gekomen blijven uitermate triest.

De tekortkoming van een beschaafd land.

Het proces in Noorwegen tegen Breivik kan ik niet helemaal volgen. Logisch, want het is onder werktijd, maar afgezien daarvan heb ik moeite met de advocaten die Breivik verdedigen. Terwijl ik normaal vind dat iedereen recht heeft op een eerlijk proces, en ik mijn hoofd schud als iemand ongenuanceerd roept dat die en die opgeknoopt moet worden. Maar nu? Er staat een monster voor de rechter, vergelijkbaar met Adolf Hitler. Hoe kun je als advocaat nu nog iets proberen te regelen voor deze man? Hoe kun je met hem praten of vriendelijk tegen hem zijn? Ik kan mijn wraakgevoelens niet uitschakelen in deze situatie. Er spelen hier belangen van nabestaanden die in alle opzichten zwaarder lijken te wegen dan de totaal misplaatste grootheidswaanzin van Breivik. Waarom geven ze hem niet wat hij wil? Een kort proces en een militaire executie. En dan begraven op een geheime plek omdat zijn graf anders zonder twijfel een bedevaartsoord wordt voor levensgevaarlijke gekken.

Dat hij zijn daden mag toelichten in de rechtzaal vind ik al te ver gaan. Waarom zou iemand die onzin moeten aanhoren? Waarom zou meegewogen moeten worden of er eventueel iets is waardoor hij ontoerekeningsvatbaar verklaard kan worden? En waarom is er een burgerrechter weggestuurd? Uitsluitend om de schijn van partijdigheid weg te nemen. Alsof niet iedere andere rechter dénkt wat de gewraakte op zijn facebook geschreven had. Alsof we dat niet weten. Nou ja, ik weet het in elk geval niet meer. Hoe moet je hier als beschaafd land nou mee omgaan? Want iedereen weet dat de zwaarste straf die volgens de wet mogelijk is, opgelegd moet worden, en tegelijkertijd weet iedereen dat als de wetgever deze daad van tevoren ook maar voor mogelijk had gehouden, hij een zwaardere straf in het wetboek had opgenomen. Eigenlijk moeten dit soort zaken buiten de wet om worden geregeld. Bijvoorbeeld dat er in scène gezet wordt dat er straks een bewaker doordraait en hem in de rechtzaal doodschiet. En dat er dan van te voren met de bewaker wordt afgesproken dat hij drie jaar cel krijgt, waarvan twee voorwaardelijk en daarna nog een financiële genoegdoening. Nee, een oplossing kan ik niet aandraven. Maar wederom ben ik blij dat ik geen rechter ben.

Vragen, vragen, vragen.

Sinds ik zelfstandig over dingen nadenk, nu toch alweer de nodige jaren, heb ik me er al tegen verzet en nog steeds ben ik niet op de leeftijd dat ik het ermee eens ben. Nu krijgt de wereldbank een nieuwe leider. Een voormalig arts en wetenschapper. Wat ik mij dan afvraag is waarom een bank niet geleid hoeft te worden door iemand met een bankiersdiploma? Vervolgens vraag ik mij af wat het bankiersdiploma eigenlijk voor waarde heeft als de hoogste postie uitgeoefend kan worden door iemand die het niet heeft. Om me daarna af te vragen of ik morgen ergens kan solliciteren als arts of als wetenschapper? Of is het misschien zo dat die baan van topman van de wereldbank zo weinig voorstelt dat iedereen het kan? Of is de functie van de wereldbank zo onbelangrijk dat het niet erg is als het misgaat? Kan het spreekwoord over die schoenmaker maar beter uit de boeken? Of snap ik het gewoon niet?

Nies

Je hoort wel eens zeggen als iemand net bijna onhoorbaar heeft geniest, dat het niet goed is om je nies in te houden. Nee, prima, maar aan de andere kant is het uiterst storend om hem extra kracht bij te zetten en je hand niet voor je mond te houden. Ik zag er vandaag eentje zo in de nek van degene schuin voor mij vliegen. En niet alleen vanwege het fluimgevaar hoor, ik vind het ook onbeleefd om ongegeneerd meerdere malen op volle kracht te niesen. Er is toch ook een tussenweg? Dat je hem niet inhoudt, maar gewoon een beschaafd niesje in je zakdoek?

Ik had een collega die niesde elke dag een paar maal. Werd je niet door de fluim getroffen, dan wel door de echo. Ik keek hem dan kwaad aan en zei dat hij normaal moest doen. Maar hij kon er niks aan doen was zijn verweer. Onzin. Het is een kwestie van beschaving. Als ik een wind laat, dan doe ik dat expres. Nooit per ongeluk, want ik laat nooit ongecontroleerde winden. Zo is het met niesen en boeren ook. Alleen de hik, die gaat vrijuit.

Zelfvertrouwen

Morgen alweer de zesde examentraining. Tot nu toe haalde ik alle vakken in één keer, dinsdag het voorlaatste examen. Omzetbelasting is het onderwerp, als u het wilt weten. Ik heb de trainingen nodig voor het zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen is iets dat ik van nature niet heb. Had ik veel zelfvertrouwen dan zou ik deze studie waarschijnlijk niet gedaan hebben. Want alles draait om twijfel. Ben ik goed genoeg, als vader, als mens, als echtgenoot, als werknemer? Ik kan niet achterover leunen en denken: ja, je bent goed genoeg. Als ik te lang achterover leun ga ik me slechter voelen. Ik ben serieus jaloers op mensen die wel achterover kunnen leunen, tevreden zijn met wat ze doen en met wat ze bereikt hebben. Dat vind ik een groter kunstje dan wat ik flik.

Ik zit nu twee weken in mijn nieuwe werk en het is een hele omschakeling. Van het veilige bureau van de accountant begeef ik me in de wereld van de snelle IT’ers, de marketing, en van de lach op commando. Dat is even omschakelen. Maar tot nu toe voelt het als een goede keus. Vandaag kreeg ik een uitnodiging voor een controllersmeeting in Zweden. Volgens mijn baas wordt dat de dufste meeting die er is. Ik vind het best spannend. Linda vindt dat ik een wereldbaan heb. Ik heb koudwatervrees. Maar ach, anderhalf jaar geleden toen ik naar mijn eerste examentraining in Utrecht moest, was ik ook zenuwachtig. Daar slaap ik nu al geen minuut minder meer om.

Anonimiteit

Een maand of tien geleden schreef ik een logje waarop erg veel gereageerd werd. Het ging over een jonge, mooie waterskiester die vlak na haar actieve carrière een dwarslaesie opliep en wiens leven nu lijkt uit te monden in een kluizenaarsbestaan in Amsterdam. Het was naar aanleiding van Andere Tijden sport, dat ik het logje schreef. Mijn logje werkte kennelijk als nazorg voor een aantal mensen die de documentaire hadden gezien.

Het hield me een tijdje bezig, het lot van Willy Stähle, maar na alles gezien te hebben wat er op internet over haar te vinden was, liet ik het maar verwateren. Het enige wat ik nog deed was een google-alert aanmaken op haar naam.

Vanochtend moest ik aan haar denken. Dat kwam omdat er in het nieuws was dat er een zeiler was verdronken op het Braassemermeer. Het Braassemermeer wordt door mijn hersenen direct met haar in verband gebracht. En nu, tien maanden na de uitzending van Andere Tijden, krijg ik de eerste Google-alert. Er was een zeiler verdronken op het Braassemermeer en ook Google bracht de Braassem in verband met Willy. Tien maanden niet genoemd worden op internet, en dat voor iemand die ooit bekend was, het lijkt mij een record.

Bankhangen waar je iets aan hebt.

Omdat ik de hele dag al bezig was geweest met de studie, trakteerde ik mezelf vanavond op een momentje bankhangen voor de televisie. Zappen ontaardt meestal in neerslachtigheid omdat je toch niks noemenswaardigs vindt. Nu was er een item over elektrische auto’s dat ik wel grappig vond, maar toen het afgelopen was moest ik door een hele hoop reclame en ellendige Amerikaanse shit heen voordat ik uitkwam bij dat voetbalprogramma met Johan Derksen. Geweldig! Ik mag graag in de krant lezen over voetbal, en ik weet ook wel de stand in de eredivisie, maar vraag mij niet wie de huidige spits van Ajax is. Dat vind ik ook totaal niet relevant, want ten eerste is het volgende maand weer iemand anders, en ten tweede, als hij heel goed was had ik zijn naam wel geweten.

Maar wat zo leuk is aan het programma met Derksen is dat hij zelf ook wel in de gaten heeft dat het niet echt relevant is wat daar allemaal besproken wordt. En dat hij zegt wat hij vindt. En dat hij niet gauw uit het veld is geslagen. En dat als je denkt dat je hem hebt, hij er uit schijnbaar kansloze positie toch nog overheen gaat. Nee, ik dacht vroeger dat hij een enorm arrogante zak was, die Derksen, maar ik heb me vergist. Hij is echt. Hij geeft degenen die daarom vragen hun vet. Verwende voetballertjes, gladde presentatoren, over het paard getilde trainers, BN’ers waarvan we niet weten hoe die bekend zijn geworden…prima. Daarmee werkt hij mee aan de bestrijding van de nablaatgeneratie die al praktisch over heel het land is uitgezaaid. Zijn er nog meer programma’s waarvan u zegt, dat moet Mack echt eens kijken, nu u dit zo gelezen heeft?

Tamar en Johannes.

Wat was Pasen ook alweer precies? Met Pasen vieren we, nou ja, sommige mensen vieren het nog maar, dat Christus is opgestaan uit de dood. God had zijn eniggeboren zoon gegeven om onze zonden te vergeven. Ik begrijp het allemaal niet zo goed, maar dat is de boodschap van Pasen. Veel mensen zien God intussen als een verzinsel van mensen, maar zoals Herman Finkers al eens opmerkte: ik heb dit gedicht verzonnen, toch bestaat het.

Het geloof is iets moeilijks en persoonlijks. Historici zijn het er over het algemeen wel eens over het hebben bestaan van Jezus, maar uiteraard niet over de verhalen uit de bijbel, die ook wel enigszins vreemd overkomen. Ik stel aan mezelf nooit vragen over de bijbel want wat is moelijk aan over water lopen als je tenminste gelooft dat God almachtig is? En wat heeft het voor zin om wel in Jezus te geloven maar niet in de wonderen die hij verrichtte? Wetenschappelijk zijn ze niet te verklaren en dat is de reden dat veel mensen het geloof maar laten voor wat het is. Ik geloof, maar ik twijfel over de stelligheid waarmee je dat zou moeten doen.

Uit onverwachte hoek wordt er druk op mij uitgeoefend. Linda vindt dat het tijd wordt dat ik mijn kinderen iets ga bijbrengen over het Christelijk geloof. En waarom vindt ze dat? Omdat het haar nooit is bijgebracht en ze er ook werkelijk niets over weet. Ze weet niet eens wie de hoofrol had in het verhaal. En dat vindt ze een gebrek aan haar opvoeding. Goed, als iemand het kan weten, is zij het wel. Het is ook maar net waar je wieg komt te staan of je er iets van meekrijgt of niet.

Je hoort wel eens het argument dat kinderen op latere leeftijd zelf maar moeten beslissen of ze willen geloven of niet. Nou, dat zal ook zeker gebeuren. Ook al ben je streng gelovig opgevoed, dan beslis je dat op latere leeftijd ook zelf. Maar als je ze niks bijbrengt, dan komt er natuurlijk nooit een beslissing.

Gelovigen zijn niet beter of slechter dan ongelovigen. Onder de gelovigen zitten aanwinsten voor de mensheid, net als onder de ongelovigen. En onder de gelovigen zitten enorme eikels, net als onder de ongelovigen. Je wordt er niet een beter mens door, denk ik. Maar om de keuze te kunnen maken, moet je wel weten wat er zich tweeduizend jaar geleden al dan niet heeft afgespeeld.

Dat Jezus is gestorven voor onze zonden vind ik lastig te begrijpen. Het klinkt als een vrijbrief, maar dat gaat lijnrecht in tegen wat ik geloof. Ik neem het voor kennisgeving aan, en dat gaat weer lijnrecht in tegen het geloof. Ik blijf erbij, het geloof is iets moeilijks en het is zelfs een grote verantwoording om er mee om te gaan. Maar dat er iets van kennisoverdracht moet gebeuren naar Tamar en Johannes, ja, dat lijkt mij ook. Het zal me niet in dank worden afgenomen als ik het niet overdraag. Hun wieg stond immers niet voor niks waar hij stond.