Diep in Italië, daar waar Linda is geweest, is een huis waar je verzorgd wordt en verder niks moet. Er heerst stilte en rust. Een hond begeeft zich tussen de gasten en de katten slenteren om het huis. De hond heeft een naam, de katten hebben een nummer. De reden daarvan was, vertelde Linda, dat de katten regelmatig werden gegrepen door een roofvogel. En dat irriteerde mij. Ik vind dat roofvogels geen andere roofdieren als prooi zouden moeten pakken. Bovendien vind ik dat het andersom moet zijn; de kat pakt de vogel. Zo gaat het hier tenminste wel. Ik vind het ook zielig voor de kat. Kijk, als hij onder een auto komt, of een hond grijpt hem dan vind ik dat een beroepsrisico. Maar een roofvogel, daar hou je toch geen rekening mee, kat zijnde? Ik weiger dit dan ook te accepteren en vind dat katten beter opgeleid moeten worden tegen aanvallen uit de lucht. Zodra de kat gegrepen wordt dient hij bliksemsnel te reageren zoals onze katten dat ook doen als ik ze oppak. Slinger je achterlijf omhoog en sla je achterpoten om de kop van de roofvogel. Krab zijn ogen uit. Of beter nog, ga in een hinderlaag liggen en besluip de roofvogel en ruim hem preventief. Of haal je neef, de Italiaanse bergleeuw erbij. Stel in elk geval orde op zaken, want de kat staat in de voedselketen boven de vogel. Maar goed, de mens staat in de voedselketen boven het varken, maar varkens in Amerika houden zich daar ook niet altijd aan. Een boer is verdwenen, alleen zijn kunstgebit werd teruggevonden tussen zijn veestapel. Ik zou voorlopig maar geen varkensvlees eten, want dat staat nu even gelijk aan kannibalisme.
Welja joh.
Ik ben momenteel niet geheel tevreden over de manier waarop onze overheid functioneert. Ik bedoel, wij zijn de burgers, om ons draait het. Zij zijn de overheid, zij moeten onze dienaar zijn. Wat valt mij op, de laatste uit de hand gelopen decennia? De overheid probeert alle kosten die zij maakt, te verhalen op de burger. Nu gaan bijvoorbeeld de administratiekosten bij verkeersboetes omhoog van 6 naar 7 euro. Het is de omgekeerde wereld. Sinds wanneer gaat de overheid uitrekenen hoeveel bepaalde handelingen kosten? Ze sturen de majesteit toch ook geen rekening als ze een reis heeft gemaakt? Nee, terecht niet. Maar waarom ons dan wel? Ik zal even uitleggen hoe het moet. De overheid moet, stel even dat we akkoord zijn over het opleggen van verkeersboetes, een legertje ambtenaren aannemen, die krijgen allemaal maandelijks salaris, en zij zorgen ervoor dat wij onze boete thuis gestuurd krijgen. Verder niks. Administratiekosten zijn in het salaris verdisconteerd. Nog een voorbeeld. Haren. De politie waarschuwt relschoppers zich te melden anders worden ze van hun bed gelicht. Nee, nu nog mooier! De politie wordt potverdorie te lui om zelf fatsoenlijk opsporingswerk te doen en stuurt daarom een blufboodschap de media in? Ik zal even uitleggen hoe het moet. Je bent van onbesproken gedrag, je hebt een blauwe pet op, en dan ga jij zelf achter je pc zitten en de hele dag filmpjes bekijken van relschoppers om ze te identificeren. En als dat gelukt is, ga je naar het huis van de relschopper en arresteert hem. Zo moet het. Verwende kereltjes. Laatste voorbeeld: Friesland. Duizenden mannen werden opgeroepen om even hun DNA af te komen staan zodat de politie alleen nog maar even de match hoeft te zoeken en de moordenaar te pakken kan nemen. Nog even en ze liggen met hun voeten op het bureau te twitteren dat de moordenaar zich moet komen aangeven. Bah. Horst Tappert zou zich omdraaien in zijn graf bij zoveel gemakzucht. Maar goed, die was dan ook van oorsprong boekhouder, en presenteerblaadjes zijn de boekhouder een gruwel.
Ons kent ons
Vorige week ging ik eens naar de winkel voor wat nette kleding voor mijn werk. Ik had geen zin om naar de stad te gaan, dus deed ik de modewinkel van Vaassen aan, waartegen ik toch een paar vooroordelen had omdat ik bang was voor een ietwat achterhaald aanbod. Maar volgens mij viel het mee. De verkoopster was een vrouw die iets jonger was dan ik. Hoe ik dat weet? Ik heb haar vroeger eens naar huis gebracht na een feestje, maar ze had volgens mij geen idee meer. Ik hou wel van een voorsprong. Ik heb me twee Italiaanse pakken laten aansmeren, maar niet voordat ik alles goed gepast had. Broek in die maat, jasje moest misschien groter, andere verkoopster erbij, kijken hoe het staat, twijfel, andere maat bestellen. Toen ik een pak aanhad ging een andere mevrouw zich ermee bemoeien. Jasje moet groter zei ze, en ze kwam naar me toe en begon aan me te plukken. Ik moest me even omdraaien, broek was goed, maar het jasje moest echt groter volgens haar. Ze maakte een soort van excuus dat ze aan vreemde mannen stond te trekken, maar ik hield de opmerking voor me gelukkig. Humor is wel een kwestie van timing, maar soms is het beter even je mond te houden. De verkoopster die ik ooit thuis had gebracht gooide ook wat charmes in de strijd, en dat is veruit de beste manier om te verkopen.
Vandaag kwam ik terug om de grotere maat te passen, en heb ik alles zorvuldig gepast en afgewogen. Tammar was mee, die werd wat ongeduldig en was met mijn telefoon aan het spelen. Hoe ze het allemaal klaarspeelt weet ik niet, maar op een gegeven moment had ze een foto van Linda te pakken. “Dit is mijn mama,” zei ze tegen de verkoopster terwijl ze in de kleedkamer op een stoeltje zat. Haar zoontje, die ook in de winkel aanwezig was had Tammar al herkend als het zusje van Hans, en met Hans had hij eens gevoetbald, zei hij. De verkoopster was nieuwsgierig en vroeg aan Tammar of ze de foto nog eens wilde laten zien. Ze kende Linda van gezicht, zei ze. Waarop ik zei dat ze een echte Vaassense was, omdat ze alles wilde weten. Daarop verschoot ze van kleur en had ik mijn voorsprong uitgebouwd. Na mijn aankoop mocht ik een paar sokken uitzoeken, een bos bloemen, (waarvan ik hoop dat Linda morgen niet in de gaten heeft dat die niet speciaal voor haar gekocht zijn) en kreeg ik nog een taartje en een paraplu mee. Ja, het is hier een geweldig dorp, waar ons ons kent.
Ideaalbeeld
De ING heeft momenteel een opvallend reclamespotje. (Kan ik nog zeggen “reclamespotje” of zit ik dan tegen beter weten in vast te houden aan wat was terwijl ik ook wel weet dat het “commercial” moet zijn?) Hoe dan ook, dit refrein kan niet alleen mijn aandacht getrokken hebben. Muziek, zeg ik altijd, is niet een kwestie van smaak, maar van interpretatie. Dit nummer is goed. Hoe ik dat weet? Omdat het via je oor binnen komt en via neuronenverbindingen een vloeiende, golvende weg naar het binnenste van je hersenen aflegt. Nergens hoeft er plotseling bijgestuurd of hard geremd te worden. ABS en ESP hoeven niet in te grijpen. Het is als de achttrapsautomaat van BMW. Aangenaam als The Carpenters.
Maar goed, daar gaat het niet over. Het gaat om die twee mensen in het spotje. En vooral die jongen. Die heeft alles mee. Mooi donker haar, krullen en een knap gezicht. Een glimlach die harten verovert. Daarbij is hij avontuurlijk want hij is ergens alleen aan het backpacken in Argentinië of iets dergelijks. Jaloersmakend. Zijn vriendin is uiteraard knap, in blijde afwachting van zijn terugkomst en hoeft haar hele leven nooit naar de wc. Kortom, ik zou nooit in zo’n spotje kunnen figureren, want ik heb niet zo’n hartveroverende glimlach.
Het kan nog erger hoor. Je kunt ook kalend zijn, een redelijk dikke kop hebben, je schedel kaal scheren en een grote zwarte vierkante bril opzetten. Echt, helemaal niet erg als je dat hebt, maar dan kun een hoofdrol in zo’n spotje helemaal wel vergeten. En da’s toch jammer. Gelukkig hebben wij zo’n spotje niet nodig en hebben we Facebook om de indruk te wekken dat we nooit naar de wc gaan.
Bookie
Ja, soms heb ik wel een grote mond over dat mijn werk een beetje hobby is, vandaag dacht ik daar toch anders over. Er spelen allerlei zaken, weinigen zijn aanwezig, niemand voelt zich geroepen om op mails te reageren en de overheid vindt het leuk om op driekwart van het jaar een btw verhoging door te voeren. Kortom, ik was bezig vanavond en ik ben nog niet helemaal klaar. Onderweg naar huis belde ik met de salesmanager die toevallig de tijd had om vandaag een cursus te volgen van een psycholoog die een kruising is tussen Tosti Tostellini en Emile Ratelband. Hij had nog gevraagd of ik mee wilde, maar ten eerste, nee, en ten tweede kun je voor € 1300 ook hele leerzame cursussen volgen die langer dan een dag duren. Maar zolang hij verkoopt klagen we niet. Het is afgezien van deze eigenaardigheidjes een fantastische vent, de salesmanager. U zou hem ook mogen, echt waar.
Ik ben tegenwoordig ook manager, wist u dat al? Op mijn kaartje staat Finance Manager Benelux. Mooi hoor, maar het wordt alleen extern gebruikt. Als men een mailtje naar buiten stuurt dan heeft men het over “de Finance manager, of over “onze controller”, intern geeft men de voorkeur aan boekhouder. “Hee boekhouder, zijn de salarissen al overgemaakt?” Sinds kort gebruikt men de afkorting Bookie. Speciaal als er getafelvoetbald moet worden. Dan staat onze Managing Director voor mijn deur en zegt: Komop Bookie, ik ga je even een ongelofelijk pak op je donder geven. Meestal verliest hij van mij, en dan vliegen er een paar krachttermen over de tafel.
Weet u nog dat ik een maandje voor de Duitsers gewerkt heb? Dit is het tegenovergestelde en zoveel beter. Bij de Duitsers was ik Herr Oberfinanzfuhrer, en het bedrijf glijdt momenteel door het putje. Hier doen ze normaal, de allerhoogste heet Jan en repareert ook het koffieapparaat als dat kapot is. Er wordt winst gemaakt en er wordt in de mailtjes gezet dat ze om het milieu denken. Wat wil je nog meer? Iets minder mailtjes. In zo’n grote organisatie word je werkelijk doodgespamd met oninteressante mail. Maar ook dat leer je selecteren. Ik kreeg vandaag een mailtje van de allerhoogste maar die was gestuurd aan iedereen. Dan weet je dat je het niet hoeft te lezen. Als je als enige geadresseerde genoemd staat, dan is het beter om het wel even te checken. Je weet ten slotte nooit wat ze voor je in petto hebben. Voorlopig heb ik het erg naar mijn zin.
Leidinggevende m/v
Linda is een paar dagen op vakantie. Italië is de bestemming. Samen met vijf vriendinnen waarvan er één haar veertigste verjaardag gaat vieren, en waardoor dit hele idee ontstaan is. Nu laat ze mij volledig verzorgd achter, en heeft ze dagen stress gehad om vijf dagen te ontstressen. Maar nu moet alles maar eens meezitten voor haar. Het weer wordt volgens de voorspellingen goed, dus het gaat er nu om dat ze niks meer hoeft als ze er is. Vaak heeft ze het over even weg bij de kinderen (en mij, want ik ben ook een kind) om een paar dagen niet constant “mama” te horen. En nu is het dan zo ver. Ze gaat vijf dagen met een boek op een stretcher liggen en ze hoeft niks te doen. Dus als het goed is komt ze als een Zenboeddhist terug.
Mannen in een gezin hebben het in bepaalde opzichten maar makkelijk. Maar misschien is het niet overal zo dat de vrouw automatisch de leiding neemt als het om de familie-bv gaat. Ik hoef eigenlijk nergens over na te denken, ik stap ’s ochtends in mijn auto, rij naar mijn werk en begin dan pas te denken. De rest is geregeld. De emancipatiebeweging heeft geen bal bereikt. Het lijkt alsof er veel is bereikt, maar in feite is dat niet zo. Deed een vrouw vroeger uitsluitend de uitvoerende taken in het huishouden, nu doet ze de uitvoerende én de leidinggevende taken van het huishouden. Daarbij heeft ze vaak ook nog een parttime baan. Eigenlijk heeft ze het alleen maar drukker gekregen. Want we weten allemaal dat de leidinggevende beroepen de zwaarste verantwoordelijkheden met zich mee brengen, en als je voor een leidinggevende functie ook nog eens niet betaald wordt, is dat helemaal onmenselijk. Normaliter moet ik geinstrueerd worden over het huishouden, en geheel gedachteloos voer ik mijn taak uit. De man zorgt op een of andere manier altijd dat hij de dans ontspringt, en hij komt er mee weg ook. Bij leeuwen is het makkelijk te verklaren. Het mannetje doet niks, in ruil voor het zorgen voor nageslacht. De leeuw heeft het het beste voor elkaar van alle levende wezens, maar ook de man scoort niet slecht. In ruil voor inkomen en een paar uitvoerende huishoudelijke taken, doet hij nog steeds niks. Want laten we eerlijk zijn, werken is toch een beetje hobbyen.
Maar goed, de komende vijf dagen heeft ze me toch even mooi te pakken. Maar het is haar gegund. Maar weer kan ik niet bewijzen voor een vrouw niet onder te doen, want de kinderen zijn tot vrijdag bij oma. Heeft ze geregeld.
Mysterieus
Ik zat in de trein tegenover nog twee Nederlanders die naar Berlijn waren geweest. Één voor een beurs, de ander voor een cursus. Je komt wat aan de praat over van alles en nog wat, maar niks van betekenis, ook wel koetjes en kalfjes. Eén informeerde naar mijn werk, en zoals zo vaak vraagt zo iemand zich dan af wat er leuk is aan boekhouden. Om zich dan in tweede instantie te herstellen en te zeggen: “ieder zijn vak.” Ik beaam dat dan en zeg meestal dat ik vroeger altijd piloot wilde worden, maar dat me dat bij nader inzien toch wat saai leek. Daarbij haalde ik een oud buurman van me aan die piloot was en die vond dat het eigenlijk net als buschauffeur was, elke dag een lijnvlucht te moeten vliegen. De buurman is reeds 15 jaar dood en daarvoor had ik hem zeker vijf jaar niet gesproken, dus hij was behoorlijk ver weg. Twintig minuten later opende ik facebook en had ik een vriendenuitnodiging van zijn vrouw, die ik ook in geen 15 jaar meer gezien heb.
Mijn overbuurman merkte op dat dat geen toeval kon zijn. Misschien niet, maar ik, blanke westerling zijnde, hou niet van dit soort grappen. Stel toch eens dat je echt denkt dat de geest van mijn buurman zich in die trein bevond, wat ook weer verdomd toevallig zou zijn, want wat moet een dode en reeds lang overledene in Berlijn net op het moment dat ik daar ook ben, en dat hij vast vooruit vloog met 2000 kilometer per uur om zijn vrouw in te fluisteren dat ze mij moest uitnodigen op Facebook, nou, dan verklaart men je ook van Lotje. Dus moet ik het helaas wel weer afdoen als toeval. Maar van toeval kun je geen spannend avontuur maken, daar moet je een mysterieuze sluier omheen laten hangen. Zeker als je weblogt. Je mag hier best een paar promille blazen.
Comfort zone
Ik ben terug uit Berlijn, heb de 43 geraakt en ben ook nog een nieuwe snelle computer rijker. Met een breed beeldscherm, waardoor ik nu perfect tenniswedstrijden op YouTube kan bekijken. De trein naar Berlijn was ook al behoorlijk snel, al is 200 km/u tegenwoordig geen highspeed meer, maar toch, het schiet lekker op. Berlijn heeft iets wat andere steden minder hebben, of althans, het ontgaat me in die andere steden, maar als ik de Reichstag zie, besef ik dat Hitler daar gelopen heeft. Als ik de Brandenburger Tor zie, dan voel ik de muur die het oosten gevangen hield. Misschien is het omdat de geschiedenis in Berlijn zich veel recenter afspeelde dan in andere belangrijke steden. Hoe dan ook, een aanrader om eens op de trein naar Berlijn te stappen en eens te voelen hoe de vrijheid voelt terwijl je door de voormalige DDR raast.
Vrijheid die voelde ik ook weer toen ik op de terugweg op Berlin Hauptbahnhof liep en besefte dat het allemaal goed gegaan was en het weekend nog voor me lag. De controllersdagen van mijn werk die ik toch wel spannend vond, maar die me ook mijn collega’s van over de wereld leerde kennen, zodat ik weet met wie ik allemaal e-mail. En ik heb de belofte dat als ik in Zweden kom, dat ik dan mee mag naar een ijshockey wedstrijd. Niet dat ik iets met ijshockey heb, maar de enthousiaste jonge Zweed stond erop. Ik heb hem trouwens moeten uitleggen wie Ronnie Peterson en Tomas Gustafson waren. En dat Abba briljant was, dat ook. Dat zag hij zelf niet zo. Een wat oudere Zweedse ceuntreuller (sommige kennen het logje nog wel) was het wel met me eens, maar die verrastte het weer dat ik de bandleden kon noemen, terwijl dat voor mij juist weer de gewoonste zaak van de wereld is. Dat leerden we vroeger zo op school. Boom, Roos, Vis, Vuur, Bjorn, Benny, Agnetha, Anni Frid.
Hoe dan ook, ik heb weer een aantal dingen opgestoken en ik ben behoorlijk uit mijn comfort zone getrokken, maar zeggen sommige snelle types, that’s where the magic happens. Ik wilde daar eerst niks van weten, maar ik begin het toch wel langzaam aan te geloven. Om te voorkomen dat ik snel weer in mijn comfort zone zou terugkruipen werd ik gevraagd om in november naar Parijs te komen voor een bespreking. Ik ja, inderdaad, provinciaaltje.
Berlijn
Morgen vertrek ik voor een paar dagen naar Berlijn, volgens Wikipedia na Londen de grootste stad van Europa. De meeste mensen zeggen: “hè, vervelend” waarmee ze bedoelen dat ze dat ook wel zouden willen. Ik ben een van de weinigen die het echt vervelend vindt. Ik heb angst voor het onbekende, voor een paar dagen van huis zijn en voor het optrekken met onbekenden. Maar goed, ik zie het nut er ook wel weer van in, als het goed is ga ik het een en ander opsteken van mijn wereldwijde collega’s.
Een keer per jaar wordt de controllers-conference gehouden. Dat is net acceptabel vind ik. Sommige collega’s zitten twee keer per maand in het buitenland, maar dat is mij niet gezien. Ik ben nu al blij dat ik met de trein kan en dat ik niet in zo’n ellendig vliegtuig hoef. Het is natuurlijk allemaal een kwestie van drempelvrees en van vaak doen, maar aan de andere kant: die gezichtjes van mijn kinderen mis ik liever geen dag. Dat van Linda ook niet, maar dat is helaas niet wederzijds. Zij gaat er van genieten dat ik weg ben, zegt ze. Want ik schijn nooit weg te zijn. Op zolder zitten telt kennelijk niet.
Voor vrouwen schijnt dat heel normaal te zijn, zo’n uitspraak. Terwijl een man zoiets nooit zou zeggen. Als ik terugkom (áls ik terugkom) gaat Linda vlak daarna naar Italië. Denkt u dat er in mij één DNA string is die daarvan gaat genieten? Neen. Dat wordt afzien, en afwisselend naar haar foto en de klok kijken. Ja, zo zijn mannen. Veel meer begaan.
Anker & Anker
Wim Anker was vrijdag te gast in College Tour. Niet alle gasten weten van het begin tot het eind te boeien, maar Anker had er geen enkele moeite mee. Op de website van Anker & Anker advocaten staat te lezen dat er geen bijstand verleend wordt aan slachtoffers. Als je die emotieloze boodschap leest en daarbij in ogenschouw neemt dat Anker de advocaat was van Robert M., de kindermisbruiker, dan zou de indruk kunnen ontstaan dat je te maken hebt met een kille, harteloze advocaat. Maar niets bleek minder waar. Anker vertelde dat hij het natuurlijk verschrikkelijk vond voor de slachtoffers, maar dat het zijn taak niet was om de slachtoffers bij te staan, maar de verdachte. Waarbij hij erop wees dat 10% van alle verdachten uiteindelijk onschuldig werden verklaard. Hij voegde er aan toe dat geen van zijn cliënten monsters waren, alleen mensen die iets verschrikkelijks hadden gedaan.
Anker sprak vol afschuw over het populisme in de politiek, sprak zelfs Ivo Opstelten toe om voortaan eerst eens tot vijf te tellen voordat hij in het openbaar reageerde. Hij hekelde het tijdperk waar we in zijn aanbeland, omdat iedereen zijn mening en vonnis over een verdachte al klaar heeft, zonder zich te hebben verdiept in een strafzaak. De rechter is degene die bepaalt of een verdachte schuldig is of niet, en welke straf er bij een veroordeling wordt uitgedeeld. Tranen in zijn ogen (ook bij broeder Hans, die in het publiek zat) waren te zien er bij een verklaring van de vrouw en de zoon van Gerrit-Jan Heijn, waarin zij de dader Ferdi E. vergaven na het uitzitten van zijn straf.
Als het aan veel mensen ligt voeren we de doodstraf terug in. Sommigen zouden openbare martelingen weer willen invoeren. Zij voegen er dan aan toe dat het 100% bewezen moet zijn dat iemand schuldig is. Als je de ouder bent van een door Robert M., misbruikt kind, is de gedachte misschien te rechtvaardigen. Ik zou me kunnen voorstellen dat ik in zo’n geval dezelfde dingen zou roepen. Maar misschien moet ik dan toch maar blij zijn dat ik er niet zelf over beslis, maar dat anderen de regels van de beschaving toepassen. Het is moedig om wraak te nemen, het is grootmoedig om dat niet te doen.
Anker zette de oncollegiale collega Moscovitch op zijn plaats door niet de gelegenheid aan te grijpen terug te bijten op diens aanvallen richting kantoor Anker & Anker, maar door te laten blijken dat de sneren hem niet onberoerd lieten, maar dat hij er niet op wilde reageren. Een uiterst conservatieve man, Wim Anker, met veel humor, broederliefde en het hart op de juiste plaats.