Vanochtend op de radio hoorde ik een hoogleraar forensische psychologie, als ik dat goed onthouden heb, over de dementie van de meneer die de familie de Mol afperste. Dementie had volgens hem, en ik geloof hem, niet per se met vergeetachtigheid te maken. Vergeetachtigheid onstaat in een dieper deel van het brein, had iets met slechte verbindingen te maken, veel te moeilijk voor een dinsdagavond. De vorm van dementie die zorgt voor normvervaging ontstaat achter je wenkbrauwen. Oude mannen leiden volgens de hoogleraar soms ook aan deze normvervagingsdementie en laten dan dingen zien aan verpleegsters die ze niet zouden hebben laten zien toen ze nog niet aan deze ziekte leden. De man die de familie de Mol afperste wist niet goed wat goed en slecht was volgens de hoogleraar. Waarom hij dan zo zijn best deed om anoniem te blijven is mij een raadsel, maar het zal wel. Ik vind het trouwens een verzachtende omstandigheid dat het hier de familie de Mol betrof, want die perst mij ook af. Kan geen Formule 1 meer zien zonder daarvoor te moeten betalen.
Ik vind het goed dat er naar verzachtende omstandigheden wordt gekeken. Maar kun je dan niet net zo goed stellen dat bij criminelen, pedofielen, pyromanen het deel van de hersenen dat voor normbesef zorgt, minder ontwikkeld is? En dat ze er eigenlijk niet zoveel aan kunnen doen? Of is dit een veel te vooruitstrevende gedachte waar we nog niet klaar voor zijn en zeker niet op zitten te wachten? Ik zit er namelijk niet op te wachten. Ik zie toch meer in het ouderwetse goed en kwaad, vrije wil en vieze oude mannetjes.


