Met enige trots realiseer ik mij dat ik de tijd nog heb meegemaakt van de logaritmen en intresttafels uit een boekje. Een boekje vol met getallen, onmisbaar bij het vak bedrijfscalculatie.
Zegt u het nog iets, grote S, kleine s, grote A, kleine a?
Als je bijvoorbeeld wilt weten hoeveel 10 gulden (want we hebben hier nog over guldens) na 51 jaar waard is bij een rentepercentage van 6% (boekje van mijn vader uit 1966), dan kijken we in de tabel grote S (samengestelde intrest, tafel I), bij 6% en 51 jaar en daar vinden we het getal 19,52536353. Als we 10 vermenigvuldigen met dit getal weten we dat we dat 10 gulden na 51 jaar is aangerent tot 195,25.
Dat schiet niet erg op, zult u zeggen. Nee, maar geduld is een schone zaak getuige het volgende voorbeeld.
1 ct, 1000 jaar, 4 % rente.
Als u het geduld opbrengt heeft u over 1.000 jaar 1.079.778.900.000.000 euro. Zegge: Eénbiljardnegenenzeventigbiljoenzevenhonderdenachtenzeventigmiljard negenhonderdmiljoen euro.
En u heeft er niets voor hoeven doen!
