Ratelslangen

Ik lees net een onderzoek waar mijn broek van afzakt. En dan gaat het niet eens om wat ze onderzocht hebben, maar om wat ze nu eigenlijk ontdekt hebben. Het gaat om de ratelslang. Volgens de onderzoekers maakten de eerste ratelslangen geen ratelend geluid. “Boeiend,” denk ik dan, en ik lees het onderzoek. De onderzoekers hebben een test gedaan met 56 aan de ratelslang verwante soorten en ontdekten dat als de slangen zich bedreigd voelden, ze met hun staart zwiepten. (als ze aanvielen stond er in de Nederlandse vertaling, die begrepen er al helemaal niks van)

Het simpele feit dat ze met hun staart zwiepten is voor de onderzoekers genoeg reden om aan te nemen dat de ratelslang vroeger een onratelslang was, die door een genetische fout eelt op zijn staart kreeg, en omdat hij toen ineens kon ratelen, was hij succesvoller dan zijn soortgenoten, en zo ontstond de ratelslang. Ik zou er boos om worden als het niet zo lachwekkend was. Ik ben alleen bang dat hele volkstammen dit verhaal geloven. Het gemak waarmee zoiets wordt aangenomen. Als we het niet weten, was het een genetische fout die later een genetische goed bleek te zijn. Nee, dat noemt zich wetenschapper. En maar lachen om mensen die alles vanuit hun geloof verklaren. Onwetendheid voor gevorderden, noem ik dit.

Blijft natuurlijk de vraag hoe de ratelslang dan wel ontstond. Het is het verhaal van de kip en het ei. We weten het niet. Maar geef dat dan gewoon toe zeg! Ik vraag me onderhand af of hier niet de wet op de kansspelen van toepassing moet zijn. Nee, ik zou me hier diep voor schamen, als ik bioloog was. Volgende!

 

Efteling

Volslagen van de pot gerukt. Dat vind ik wel een mooie term om de stichting tegen stereotypes aan te duiden. De stichting maakt een probleem van poppetjes in de Efteling die op zwarte Afrikanen of Japanners lijken. Toevallig was ik zaterdag bij het carnaval festival in de Efteling, en mij is geen Afrikaans stereotype opgevallen. De Japanner zag ik wel. Die vond ik nogal grote tanden hebben, zo hebben wij Japanners kennelijk getypeerd in de loop der eeuwen. Mij vielen ook een duidelijke Duitser en een onvermijdelijke Fransman op. De één een hoedje en lederhosen, de ander gewapend met een stokbrood en een albinopetje op zijn hoofd.

Een Nederlander wordt uitgebeeld met een boerenkiel en klompen, en in het buitenland  dacht vroeger iedereen dat alle Nederlanders er zo bij liepen. “I thought everybody in Holland was wearing wooden shoes”, zei een Engels jongetje in de jaren tachtig tegen mij. Gelukkig denken ze zo niet meer, die Engelsen. Nu denken ze dat we de hele dag stoned zijn en de herenliefde bedrijven. Ik word er gewoon gestoord van, en het moet een halt toegeroepen worden, dat geleuter over geveinsd racisme. Ik wil gewoon niet steeds voor racist worden uitgemaakt terwijl ik mijn uiterste best doe om dat niet te zijn. Een stereotype om de blanke man weg te zetten, als je het mij vraagt.

Ik ben ook helemaal klaar met het nog langer geloven in de goede bedoelingen van dit soort stichtingen. Het enige wat ze bereiken is verdeeldheid. En ik begin te geloven dat ze daar op een of andere manier belang bij hebben. Een soort moderne vorm van terrorisme. Vroeger overviel je met een paar man tientallen supermarkten en zaaide je dood en verderf voor een zogenaamde buit, tegenwoordig ontwricht je de samenleving makkelijker door middel van social media.

Je zult net met je driejarige kindje naar het Carnaval festival zijn geweest, het kind kraaiend van plezier, en jij nog met het dodelijke deuntje in je hoofd, krijg je dit! Krijg je nog naar je hoofd geslingerd dat het begint bij een onschuldige kermisattractie maar dat het eindigt met een brandend kruis en een puntmuts. Kijk, als je dat van tevoren had geweten, dat je zo vijandig bejegend zou worden terwijl je zit te baden in een tobbe onschuld, tja, wat dan?

Waarschijnlijk komt het sprookjesbos ook nog wel aan de beurt. Dat klopt ook van geen kanten natuurlijk, met een compleet blanke bevolking waarvan er ook nog één Sneeuwwitje heet. Want als we toch een heksenjacht aan het openen zijn, waarom dan niet beginnen in het sprookjesbos?

Johee, Johoo, Jo Fucking Hell

Steeds vaker hoor ik mijzelf naar vroeger verwijzen. Of ik spreek van “in mijn tijd”. Ik ben nu 46 en ik heb het gevoel dat het over is. Dit is geen normale midlifecrisis, want er is geen motor of cabrio die mij hier nog uit haalt. Het is ook mooi geweest. Het zijn alleen nog maar lichamelijke ongemakken zoals rugpijn, hielspoor en afnemende prostaties. Grijs en kalend zijn reeds daar, dus alle ingrediënten zijn aanwezig voor de laatste fase in mijn leven, die van winter. En het belooft een strenge, lange winter te worden.

Ongelofelijk, hoe dramatisch het klinkt, maar ik wil geen valse hoop meer bij mezelf wekken, ik ben een oude man. Afgeschreven en volgens de evolutie had ik er allang niet meer moeten zijn. Hoe zou ik nu nog eten kunnen vangen?  Maar goed, het is niet anders, ik pleit voor een verlaging van de pensioenleeftijd naar 46 jaar. En als ik dit laat lezen aan Rutte, dan moet hij het er toch mee eens zijn, deze vlotte, dancefeest bezoekende Toppersfan die nondejuu gewoon premier van dit land is! In mijn tijd zou dit nooit gebeurd zijn! Met z’n stomme lach.

Goh Mack, wat negatief toch allemaal! Ja, ik begrijp er toch ook allemaal niks meer van. Behalve de genoemde premier is er nog zo’n grijsaard die wel nog gewoon mee kan in deze maatschappij. Zijn naam is Olav Mol, al een paar jaar over de vijftig, en hij sprak zondag tijdens de GP overwinning van Max Verstappen de legendarische woorden: “Bizar! Fucking bizar! Johee, Johoo! Jo fucking hell wat bizar!” Hij had geschiedenis kunnen schrijven, zoals Herman Kuiphof of Jack van Gelder, maar nee, Johee, Johoo Jo Fucking hell. En half Nederland draagt hem op handen. Zou er nu nog een busje met een zwaailicht zijn komen aanrijden en Olav platgespoten hebben, dan had ik het nog begrepen. Maar nee, dit is het, zo schijnt het te moeten. Ja, dan houdt alles op. Het is dat ik nog geen categorie “Mack heeft het opgegeven” heb, anders kwam deze daarin.

Preventieassistente

Een week of twee geleden was ik bij de tandarts. Mijn vorige tandarts was een luie VVD’er, op wie ik erg gesteld was, totdat hij er genoeg van had en een briefje stuurde met de mededeling dat hij nu genoeg geld had en dat zijn patiënten het konden uitzoeken. Bij hem zat ik 20 jaar lang in de stoel, meestal had hij drie minuten nodig voordat zijn oordeel klonk. Perfect, luidde dat vrijwel altijd. De dorpstandarts met praktijk aan huis was hij. Ongelofelijke luiwammes en schuinsmarcheerder. Maar wel een fijne vent.

Na hem kwam ik een jaar of vijf geleden bij de nieuwe praktijk in Vaassen terecht. Mijn leven kwam op zijn kop te staan. Was ik gewend fluitend naar de tandarts te gaan en complimenten te krijgen, hier gingen ze met een haakje onder mijn tandvlees en zeiden dat ik moest flossen of rageren. Daar had ik helemaal geen zin in. Zeker niet omdat het me nooit eerder verteld was en ik nog maar 1 gaatje had gehad in 40 jaar.

Maar goed, als ze maar lang genoeg doorzeiken, ga je het vanzelf geloven, vooral als je dit soort ellende deelt op social media of weblog, want dan zijn er altijd mensen die het met de moderne tandarts eens zijn. Je kunt ook overal op tandartssites lezen dat je tanden op een gegeven moment uit je bek vallen als je niet flost, stookt of ragert. Bij mijn opa’s en oma’s in elk geval niet, hoewel ik die van mijn vaders kant verdenk van flossen. Ze zijn allemaal minimaal 85 geworden met hun eigen gebit, dus de tandarts heeft geen gelijk.

Maakt niet uit, er is een verschil tussen het hebben van gelijk en het krijgen ervan. Deze tandarts krijgt wel gelijk. Dus inmiddels ga ik twee weken voordat ik voor een controle moet aan het rageren. Na een dag of vier heb ik eelt op mijn tandvlees en bloedt het niet meer na het rageren. Als je er gewoon afblijft, bloedt er ook niks, maar dat zal wel weer te simplistisch gedacht zijn.

Lang verhaal kort, ik had goed gepoetst volgens de tandarts en het tandvlees zag er ook goed uit, er moest alleen wat tandsteen verwijderd worden. “Prima, ga je gang,” zei ik. Maar nee, ik moest er speciaal voor terugkomen. Gezeik. Vanochtend dus. Het was me al opgevallen dat op de e-mail die ik kreeg stond dat de behandeling ongeveer 45 minuten in beslag zou nemen. Vond ik wat lang voor tandsteen verwijderen. Maar ik ben er dus ingetrapt. Ik zat bij de preventieassistente voor een gebitsreiniging. Ongelofelijke onzin voor 80 euro. Kreeg te horen dat ik niet goed poetste, (ik had enorme haast om er te komen vanochtend) en dat mijn tandvlees ontstoken was.

Voor het eerst heb ik angst voor de tandarts. Niet omdat ik bang voor haar ben, maar omdat ze mij een doemscenario voorschotelt van losse, rotte tanden. Ze spelen in op je angst. Net als de postcodeloterij en de winterbandenmaffia doen. Die angsten heb ik inmiddels achter me gelaten en ik tart het lot op zomerbanden in de winter. En dat gaat ook gebeuren met de preventieassistente. Het kan nog even duren, maar ook deze angst overwin ik.

Overzichtelijk.

Heb me vandaag enorm lopen ergeren aan de juffrouwen. Zij hadden een item op Facebook over het fenomeen studiedagen. Dan krijgen ze bijscholing en zijn alle kinderen vrij. Grote paniek bij de ouders, want die komen ineens in de knoei met hun werk. Vroeger had je geen studiedagen, en was de onderwijzer er gewoon elke dag. Nu weet ik wel dat tijden veranderen. Dus ik vind het allemaal niet zo erg. Maar dat de dames onderwijzeressen het nodig vinden om op Facebook de ene na de andere d/t dt fout te maken, maakt mij wanhopig. Wat ze dan uitvoeren op die bijscholing, wilde ik weten. Eentje ging nog aanvoeren dat haar fout goed was, want het was tt, zei ze. (wordt bepaalt) Ik maakte een soort wanhoopsopmerking en even later had ze haar opmerking verwijderd.

Ik weet, Nederlands is lastig. Ik ben ook geen Neerlandicus, en behalve Neerlandici hoeft ook niemand dat van mij te zijn, maar ik vind het ook weer niet teveel gevraagd als onderwijzers gewoon weten hoe “’t kofschip” werkt. En als ze het niet weten, dan gaan ze het maar leren op bijscholing. Ik maak me er ernstig zorgen over. Mijn onderwijzers wisten wanneer het een t, d, of dt was. En niet alleen zij wisten dat, iedereen in die tijd wist dat. Pak een willekeurige voetballer uit die tijd, als hij lagere school had gehad, kon hij schrijven. Zelfs Sjaak Swardt.

Een politieagent mag niet te hard rijden, een dokter mag niet ziek worden en een onderwijzer mag geen taalfout maken. Was het leven maar zo overzichtelijk. Alleen was het dat ooit wel. Of bestond dat alleen in mijn hoofd? En zo ja, wie heeft me de waarheid bijgebracht terwijl het sprookje mooier was?

Donna, schrikkeldag, buien

Door de knierevalidatie van mevrouw Mack, heeft zij het gewaagd om Netflix aan te schaffen. Daardoor zitten wij nu avond aan avond aan de buis gekluisterd om Suits te zien. Minimaal twee afleveringen, soms drie. Je wordt er niet wijzer van, maar wel gelukkig. Ik identificeer mijzelf met Harvey Specter, al heb ik net zoveel van hem weg als van Louis Litt. Mevrouw Mack identificeert zich met Donna, dat weet ik gewoon. Niet dat ze er iets van weg heeft, maar die dingen voel je aan.

Verder had ik vandaag wat normale irritaties. Bijvoorbeeld over het feit dat het 29 februari is, en dat dat reden is om dat in meerdere malen in het nieuws te laten komen. Het is al eeuwen bekend dat het vandaag 29 februari zou zijn, maar toch trouwden er vandaag twee en een half keer zoveel mensen als op een normale maandag. Afhankelijk van de reden heb ik daar waardering voor of krijg ik er jeuk van. Als de reden is dat je je trouwdag dan maar één keer per 4 jaar viert heb ik er waardering voor. Als het een Willem en Maxima-achtige actie is, dan laat maar. Maar wat me het meest irriteert aan een schrikkeljaar is dat de lengte van een seconde niet juist is vastgesteld toen ze die vaststelden. Die had een fractie langer moeten zijn, dan was dat hele schrikkeljaar niet nodig geweest.

Wat ik ook echt niet leuk vind is dat we weer zijn aanbeland bij de Maartse bui. Het is precies dezelfde bui als die in februari of april, maar nu is het ineens een Maartse bui. Ik hou niet van dat soort grappen. Het is gewoon een bui die geheel onafhankelijk is van de maand waarin hij valt. Wat mij betreft kan een Maartse bui ook in april vallen. Of een Aprilse bui in maart.  Waarom weermannen zich met dit soort onzin inlaten, ik weet het niet.

Donna, dan maar. Om deze dag goed af te sluiten.

Donna

Dieptepunt

Een jaar of wat geleden bezocht ik de Amsterdam Arena voor de wedstrijd Ajax-Feyenoord. Die schijnt een klassieker te heten. Ik zat ergens op de eretribune, en vanuit daar had ik goed zicht op vak 410. Het was koud, maar er stonden ontblote basten. Stijf van de drugs waarschijnlijk, agressieve koppen alom en er werd brand gesticht. Sfeervak, zo noemen ze zichzelf. Ik moest er niet aan denken dat ik daar tussen stond.

Nu hadden de supporters het gemunt op Kenneth Vermeer, die Ajax verliet omdat hij geen basisplaats had en naar Feyenoord ging. Hij is dus een NSB-er volgens VAK 410 en werd aldus toegezongen. “Van godenzoon naar hoerenzoon” stond op een groot spandoek en tot overmaat van ramp had men een pop met een Vermeer shirt opgehangen aan een touw en liet deze naar beneden bungelen. Nota bene, ze hebben het hier over een ex-Ajacied.

Ik kots op dit soort lieden. Een eersteklas keeper als Vermeer met z’n allen uitmaken voor NSB-er, ik ben zo blij dat ik geen Ajacied ben, want ik had me doodgeschaamd. PSV mag dan in de ogen van de Godenzonen een provincieclubje zijn, ik voel me er toch echt thuis met m’n tienjarige zoontje naast me.

Het lijkt wel of ze bij Ajax bang zijn voor dit vak. Over de afscheidsgroet aan Johnny Heitinga hing de pop die Vermeer moest voorstellen. En Johnny neemt zwaaiend afscheid. Lazer toch op. Ajax, dat de mond vol had toen er in Den Haag spreekkoren klonken richting Bazoer, had nu gelijk moeten ingrijpen. Stap van het veld af, en je bent de held. De echte Ajax supporters zullen zich dan ook tegen de mislukkelingen keren die dit op hun geweten hebben.

vermeer

 

Het vak Nederlands…

Er was deze week iets te doen over het vak Nederlands op middelbare scholen. Leraren Nederlands zeiden dat het vak al 25 jaar niet meer was aangepast, leerlingen vonden het saai en niet uitdagend, en het zou geen inzicht in de literatuur of taal geven. Een op de zeven vijftienjarigen is functioneel analfabeet. Wat voert Prinses Laurentien eigenlijk uit?

Ik ben geen Neerlandicus, maar ik heb 8 jaar Nederlands gevolgd op de middelbare school, en zes jaar taalonderwijs op de basisschool. En ik vond het geen saai vak, ik vond het een verschrikkelijk vak! Tenminste, de laatste vier jaar. Maar vond iemand dat interessant dat ik het een verschrikkelijk vak vond? Neen. Was er sprake van dat de lessen aangepast moesten worden omdat ene Mack er zo’n hekel aan had? Neen. Ik had zo’n hekel aan literatuur dat ik nadat ik ervan verlost was zeker tien jaar geen boek heb aangeraakt. Ik had zo’n hekel aan mijn leraar Nederlands op het Havo, dat ik nu nog rillingen van die man kan krijgen. Ik had zo’n hekel aan mijn medeleerlingen die net deden of ze de kunst van de literatuur wel verstonden. Het interesseerde me geen reet. Nee, het ging verder dan dat. Ik vond het misdadig dat wij met die zielige onzin van bijvoorbeeld Maarten ’t Hart werden opgescheept. Ik werd woest als de leraar het over een motief had, want ik wist absoluut zeker dat de schrijver dat zelf niet in de gaten had.

Goed, ik draaf een beetje door. Waar het allemaal om te doen was, was dat je uiteindelijk foutloos een sollicitatiebrief kon schrijven. Want een sollicitatie met schrijffouten zou linea recta de prullenbak -toen nog prullebak- in verdwijnen. Ik heb me dus nog moeten aanpassen ook nadat ik allang van school was. Hoort u mij klagen?

Ik ben gewoon pissig dat als leraren te beroerd zijn om hun leerlingen te drillen tot ze het snappen, ze de regels gaan aanpassen. Ik ben bang dat straks de regels worden afgeschaft en je zelf mag weten hoe je een woord spelt. En dat ik al die jaren voor niks gedrild ben. Ik ben gewoon jaloers op die heersende gedoogcultuur van tegenwoordig. Het wordt allemaal maar luier en onverschilliger (de Alexander Klöpping mentaliteit) en omdat ik hetzelfde blijf, wordt de onderlinge afstand toch groter en ben ik straks de ouwe zak die niet mee kan met zijn tijd. Kan er nog ingegrepen worden? Of komt het vanzelf weer goed? Ik lees tenslotte ook weer elke avond.

Lisdodden

Zoals u misschien weet, en anders vertel ik het nu, loop ik elke ochtend om half zeven met de hond langs velden en langs wegen. ’s Winters is dat geen pretje want het is dan koud maar vooral donker. De hond heeft dan een lichtgevende halsband en die halsband zie ik dan in de verte over de akker zweven. Dus ik deed een hoeraatje toen de lente begon en het licht werd. De sloot waarlangs ik liep werd langzaam groen, er verschenen lisdodden (ik heb het even opgezocht, maar dat zijn rietsigaren) langs de kant, eendjes met jongen zochten er hun beschutting en zelfs een enkel visje zag ik soms zwemmen. Je kunt je ’s zomers niet voorstellen dat al dat groen eens weer gaat wijken voor de winter.

En dan de boerenzwaluw. Zwaluwen zijn de mooiste vogels die er zijn. Rank, sierlijk en donkerblauw. Ze zwermden om mijn hoofd, en als ik er eentje een openstaande boerenschuur in zag vliegen, wist ik dat het goed was. Vele zwaluwen maken de zomer zoals u weet. Maar de zwaluwen zijn er niet meer. Hoewel, vorige week zag ik ze nog even. Maar het wordt kouder en nog even en ik loop weer in het donker. Direct na de vakantie wordt de overgang naar de herfst al weer zichtbaar. Het is al niet meer zo heel lang licht en er hangen alweer mistflarden. Overdag kan het nog wel warm zijn, maar het gevoel van de naderende zomer, of dat van de zomer op zijn hoogtepunt, dat moment dat niemand je nog kwaad kan doen ontglipt je al. Maar gelukkig is er dan nog altijd die boerensloot met zijn donkerbruine lisdodden.

Tot mijn grote ergernis merkte ik vanochtend dat de gemeente de zijkant van de sloot in zijn geheel had gekortwiekt. Al het groen was weg en een paar eenden zwommen nu in het kale water. Waar bemoeit zo’n gemeente zich in godsnaam mee, vraag ik me dan af. Waarom hebben zij het recht om mijn sloot te kortwieken, en waarom? Wat is dit voor zinloos geweld? Dat zomergevoel zou veel langer kunnen aanhouden als de overheid zich er eens even niet mee bemoeide. Het zou mij niet verbazen als ze ook een zwaluwverjaagmachine op de activalijst hebben staan.

Hoi!

Ik word natuurlijk wat ouder, en daarom kan ik eenvoudigweg worden weggezet als starre brompot, overigens geheel terecht want dat mensen wegzetten doe ik zelf ook, maar ik vind dat het nu echt de spuigaten uitloopt met het moderne Nederland. Als ik in de file sta dan hoor ik op radio 1: “er staat een file van 6 kilometer, het kost JE een kwartier.” Radio 1, ik noem het nog even.
’s Avonds op televisie, een nieuwsupdate van de NOS. “Hoi, dit is de NOS nieuwsupdate.” NOS het gezaghebbend instituut zegt “Hoi” tegen mij! Irritant. Maar het wordt nog erger. De ramp in Nepal is een ramp en het is terecht dat men een actie op touw zet. Hopelijk halen ze veel geld op. Maar dat men de bedragen van de giften die je kunt doen erbij vermeldt, dat gaat mij toch even iets te ver. € 35,- en € 100,- Hef dan gelijk belasting! Van mij hoeft echt niet iedere jongen z’n scheiding links te dragen en bij de padvinders strijdliederen te zingen, en iedereen mag mij “jij-en en hoi-en” maar niet de NOS. Want misschien kijkt mijn moeder ook wel. Het duurt verdomme niet lang meer voor dat de Koning zijn troonrede met “hoi” begint.