Wereldleiders

Ik had een vreemde droom. Ik was op bezoek in het Kremlin, bij Vladimir Poetin. Vladimir sprak Russisch maar ik kon hem verstaan. Hij zei dat hij zijn invloed zou uitoefenen bij het bedrijf waar ik gesolliciteerd had om mij aan te nemen. Na mij had Vladimir nog meer belangrijk bezoek. Zijn personeel was al bezig de kamer op te ruimen en de tafel te dekken, maar Vladimir zei tegen zijn personeel dat het bezoek even moest wachten, hij was nog even met mij bezig. En eerlijk gezegd vond ik Vladimir een toffe peer.

Ik snap precies wat deze droom mij vertelde, voor wie Vladimir stond en wat dat met die baan betekende. Nu droomde ik dit gisteren, maar door een uitzonderlijk toeval had ik vannacht een afspraak met Obama. Ik meldde mij bij het witte huis noemde mijn naam en zei dat ik om 13:00 uur een afspraak had, zonder daarbij te vertellen met wie, want dat vond ik wat opschepperig klinken. Maar de receptionste wilde weten hoe ik dat voor elkaar gekregen had. Zij wist al dat mijn afspraak met de president was. Toen die kwam was hij erg veranderd. Hij was blank en dik en at een stuk taart. Ik vertelde hem dat ik ook een afspraak bij Poetin had gehad, en dat vond hij wel interssant maar hij leek het ook niet helemaal te vertrouwen. Maar daar eindigde het al. Volgens mij een soort naschok van de eerste droom, die veel realistischer was. Want dat was sprekend Poetin. Ik ben benieuwd bij wie ik vanavond op bezoek mag.

Evert

Dat van uitstel afstel komt, dat weten we. Tenminste, zo vertelt het spreekwoord ons. En spreekwoorden en gezegden bevatten altijd een kern van waarheid, zo zouden we moeten weten. Ik ben het contact met mijn vaders familie kwijt, op een oom op facebook na. Na het overlijden van mijn oma was het over, dan blijken de familiebanden niet sterk. Mijn oma vertelde wel eens over Evert, die vroeger een vriend was van mijn vader. Opa en oma hadden af en toe nog wel eens contact met hem. Evert was van beroep vertaler. Ik heb zijn naam wel eens gezien in Nederlandse vertalingen van Duitse werken. Op een gegeven moment had ik in de gaten dat Evert bevriend was met mijn oom op facebook. Evert moest een schat aan waardevolle informatie bezitten, en ik probeerde soms zijn aandacht te trekken. Hij moest weten wie ik was, al heb ik hem nooit ontmoet. Ik vond het een beetje raar om hem een vriendschapsverzoek te sturen, en misschien heeft hij gedacht dat ik geen idee had wie hij was.

En toen kreeg ik dinsdag het bericht via mijn oom dat hij overleden was. 70 jaar slechts, mijn vader zou nu 71 zijn. Mijn oom bracht het ook wat voorzichtig omdat hij ook niet wist of ik wist wie Evert was. Maar dat wist ik. Ik zou het misschien niet moeten weten, maar ik wist het wel. Er lopen nog tientallen mensen in de wereld rond die geen idee hebben hoe goed ik ze heb onthouden.

Snap!

De beukenhaag moest nodig worden gesnoeid. Hij was aan de kant van de buren een metertje of twee hoog, maar aan onze kant reikten de takken tot wel drieënhalve meter. Ik pakte mijn zaag en ging aan de gang. Het ging moeizaam want de zaag was niet al te scherp. Het koste me de nodige spierkracht. Gelukkig hoorde de buurman mijn gezwoeg en kwam aanzetten met een apparaat waarvan ik niet wist dat je het zonder wapenvergunning mocht houden. Een snoeitang. Ik kende alleen snoeischaren maar dit zeg! Dikke takken met een diameter van drie centimeter gingen er moeiteloos aan. Zelfs takken van vijf centimeter kreeg ik ermee naar beneden. Bovendien liet het apparaat nog vele strakkere stompen achter dan mijn zaag. Ik was mijn buurman nu al dankbaar.

Het mooiste moest nog komen. Die enorme takkenberg van een meter hoog die in onze tuin lag heb ik compleet fijngemalen met het apparaat. Eerst de smalste takken met de schaar, daarna de dikkere met dit snode werktuig. In honderden kleine stukjes knipte ik het hout en uiteindelijk paste alles in de groene container. Terwijl ik ervan overtuigd was dat ik die van de buren ook nodig zou hebben. Zo’n boosaardige snoeitang dient elke man te hebben. Het is nog net niet zo mannelijk als hout kloven met een bijl, maar voor een tussenwoning met truttig tuintje komt het in de buurt.

Onbetaalbare avond van vader en zoon

Zaterdagavond verzilverde ik mijn verjaardagscadeau en ging ik met Hans naar het Philips Stadion voor de wedstrijd PSV – Excelsior. We zaten op de eretribune, de beste plaatsen van heel het stadion. Voor Hans moet het een onvergetelijke ervaring zijn geweest, zijn eerste echte voetbalwedstrijd ooit. Hoeveel ik dacht dat het zou worden, of Willems nog geblesseerd was en of De Jong en Lestienne alweer zouden spelen wilde hij weten. Voor de wedstrijd liepen we nog door de Fanstore, omdat ik thuis al met mijn vrouw had afgesproken dat hij daar wat zou mogen kopen van zijn eigen geld. We maakten een rondje en Hans liep daarna zwijgend naar de uitgang. Of hij niks wilde kopen vroeg ik hem, waarop hij verrast antwoordde: “als dat mag?” Bescheidenheid, ik waardeer dat bij iedereen, en zeker bij mijn kind, alleen is het jammer dat verlegenheid en bescheidenheid geen eigenschappen zijn waar je nog iets aan hebt. Hij liep regelrecht naar de nieuwe uitshirts en koos als opdruk “De Jong”. Hij kwam zeven euro tekort en vroeg of ik het verschil van zijn zakgeld wilde inhouden. Ik heb ze hem geschonken.

Op de tribune zaten we vlak achter een bekende PSV supporter, een hele dikke met een Dzsudzsák shirt. De man gaf eerst de mensen om hem heen een hand maar toen het fluitsignaal klonk ging hij los. Prachtige scheldkanonnades richting scheidsrechter waar zelfs Hans om moest lachen. “Godverdomme, da’s gewoon geel!” “Hee, kut-KNVB! Da’s de vijfde keer hè!” “Hee, niet ouwehoeren nu, dat doen wij wel!” Elke minuut maakte hij met zijn handen een toeter en riep iets richting grens- of scheidsrechter. Niet dat die hem in de gaten hadden dus ik vroeg me af waar die stroom van negativiteit voor nodig was.

In de zestiende minuut werd er een overtreding gemaakt door een speler van PSV. Redelijk hard, maar nadat de getroffen tegenspeler weer was opgestaan, besloot scheidsrechter Kamphuis de kaart op zak te houden. Dat kwam hem op een groot applaus te staan, en Hans en ik applaudisseerden luid mee. Later las ik in de krant dat het applaus was voor Lestienne, de nummer zestien die op de tribune zat en vorige week zijn moeder heeft moeten begraven. Maxime Lestienne was geroerd door dit gebaar van de fans, stond erbij. We laten het maar zo. PSV speelde kansloos gelijk met 1-1. Pas in de blessuretijd scoorde Excelsior tegen door een treffer van Hasselbaink, een naam die mij al angst inboezemde toen hij werd ingebracht. Het stadion was stil, op een groepje meegereisde Excelsiorsupporters na. Het was een domper, maar desondanks vond Hans het toch het leukste wat hij ooit samen met mij had gedaan, en bovendien was daar zijn nieuwe shirt.
uitshirt psvuitshirt logo

De kans op succes.

De dag begon met een slecht voorteken. Er zat een enorme hoeveelheid vogelpoep op mijn voorruit. Ik hoorde mezelf denken: “dit wordt een schijtdag.” Op mijn werk aangekomen leek het ook een schijtdag te worden. Ik had sales weer tegen me in het harnas gejaagd, en goed ook, want ze moesten het escaleren. Zo heet het in het bedrijfsleven als je er iemand bij haalt omdat je het niet meer kunt winnen. Dus ik zag een e-mail naar allerlei hoge pieten gaan, en om eerlijk te zijn, kneep ik hem wel een beetje. Totdat ik bedacht dat ik best wel sterk stond omdat ik in het bedrijfsbelang handelde, en sales in eigen belang. De zaak loopt nog, ik vermoei u er verder niet mee. Maar ik had lichte zweetplekken onder mijn oksels.

’s Middags was een zogenaamd event waar altijd een spreker uitgenodigd wordt. Omdat ik de doelgroep van het event ben (finance, red.) is mijn advies gevraagd en opgevolgd. Ik had niet zo’n zin in de zoveelste positivo die ging vertellen dat we het helemaal anders moesten gaan doen, dus ik had gekozen voor een lange afstandszwemmer die Olympisch goud heeft gewonnen in Peking. Laten we hem Maarten noemen. Ik had Maarten niet voor niks uitgekozen. Ik kende hem al van tv, en vond hem interessant. Zijn wiskundige achtergrond, zijn ziekte, zijn lichte stotter, en zijn nuchtere kijk op zaken. De kans op een lulverhaal was nihil.

Mijn collega had hem al verteld dat ik hem had uitgekozen dus toen ik aankwam heb ik hem even aangesproken en succes gewenst. Na een plichtmatige speech van onze directeur kwam Maarten. Hij vroeg het publiek wie in de zaal een echte droom had en die met hem wilde delen. Na lang aarzelen was er iemand die een berg boven de 8000 meter wilde beklimmen. Maarten ging er even op door en vroeg toen wie er geen dromen had. Ik moest mijn vinger wel opsteken, omdat mijn collega’s dat gewoon van mij verwachtten. Ik was ook de enige, dus Maarten vroeg waarom ik geen dromen had. Omdat ik het wel prima vond zo, antwoordde ik en ik zou wel zien waar ik over vijf jaar zou zijn. Vervolgens vroeg hij aan de zaal wie er vond dat succes maakbaar was. Zeker driekwart stak zijn hand op. En toen vertelde hij zijn verhaal.

Het werd een prachtverhaal, met een komische wisselwerking tussen zijn ambitieuze zwemvriend Pieter en zijn oplossingsgerichte trainer Marcel enerzijds, en de nuchtere, niet ambitieuze Maarten anderzijds. Hij zou wel zien. Hij wees een paar keer naar mij, omdat hij van mening was dat juist als je je situatie accepteert je daarmee je kans op succes vergroot. Alleen kon hij het logisch verklaren, en ik nu niet meer, hoe ik er ook over nadenk. In elk geval, na afloop zei ik triomfantelijk tegen mijn sales collega, “ik zal wel zien, mijn kansen op succes zijn het grootst.”

Bij het buffet bleek dat al gelijk. Ik zei tegen de kok dat het er goed uitzag, waarop hij antwoordde dat ik er ook goed uitzag. Ik wist met de situatie geen raad, keek hem snel aan en lachte vluchtig om zijn compliment. Maar ik zag dat hij het meende, en ik zag ineens dat hij homo was, hoewel het schijnt dat dat niet aan mensen te zien is. Het was voor hem kennelijk een teken en hij zocht daarna nog een paar keer oogcontact met mij. Ik voelde mij zeer ongemakkelijk, maar wilde er ook geen punt meer van maken in 2015. Ik denk dat ik maar wat ambitieuze doelen ga stellen, om zo mijn kansen op succes weer wat te verkleinen.

Dronken

Ik heb mezelf in de war gebracht vandaag. Ik was in de war omdat ik vasthoud aan wat ik denk en niet meega of kan met allerlei nieuwe eigenaardigheden. Ik kreeg het aan de stok met collega’s die mij halsstarrig vonden omdat ik hun nieuw verkregen inzichten niet met gejubel ontving. Zij hadden het licht gezien maar bij mij was het nog donker. Ik zag de voordelen eenmaal niet en zolang ik die niet zie ben ik niet enthousiast. Of er wel iets was van de laatste tien jaar dat ik dan wel kon waarderen, was de vraag. Ik moest hen het antwoord schuldig blijven.

Ik moest een filmpje kijken dat mij zou overtuigen. Twee mannen die zeiden dat je out of the box moet denken, ik heb het al honderden keren gehoord. Ik was wederom niet enthousiast, en men dacht dat ik het expres deed. Ik had diezelfde ochtend nog een filmpje laten zien van twee F1 coureurs in een opgevoerde kever, waarbij ik wel stond te kwijlen. Ik moest maar begrijpen dat er eenmaal verschillen waren in de dingen waar mensen enthousiast van raakten. Maar het verschil voor mij was toch duidelijk dat de out of the box jongens mij probeerden te overtuigen om mijn geld naar hun box 3 te storten, terwijl Coulthard en Button op hun beurt als kinderen zo blij waren in hun snelle Volkswagen Kever uit 1974.

Op de terugweg had ik het weer glashelder. Ik ben in een groot toneelstuk beland waar mensen de werkelijkheid niet meer van fictie kunnen onderscheiden. Alleen als ze dronken zijn kunnen ze nog helder denken. Dan hangen ze aan mijn schouder en schreeuwen ze dat ik gelijk heb. Maar als de drank is uitgewerkt en hun programmering weer in werking treedt, heb ik moeite ze te volgen. Ik was in de war gebracht omdat ik kennelijk altijd dronken ben. Zeker in de auto op weg naar huis.

Causaal verband

Ik moest vandaag noodgedwongen in een ander bos gaan lopen met de hond, want door het mooie weer was het zo vol op de parkeerplaats van het losloopgebied, dat ik er letterlijk niet meer bij paste. Bovendien lopen er dan veel hondloze wandelaars in het hondenuitlaatgebied, en regelmatig zijn die niet gediend van loslopende honden, zelfs al is het een speciaal aangewezen hondenuitlaatgebied. Het is het probleem van met teveel mensen te weinig natuur moeten delen. Geen nood, want twee kilometer verderop is ook een hondenuitlaatgebied, alleen als je dat van de ene kant binnenkomt staat er “hondenuitlaatgebied”, en kom je het van de andere kant binnen staat er: “verboden voor loslopende honden.” Ik zo’n geval neem ik de twijfel van het voordeel.

In dit gebied liep praktisch niemand. Logisch, want er is geen heide, de bossen zijn er dicht en dus zie je nog niks van de zon. Onze hondenuitlaatservice loopt hier vaak, dus mijn hond kent het er. Ze (de hond) is er ook erg op gespitst of haar uitlaatservice er loopt, en toen ze een blaf in de verte hoorde, spitste ze haar oren en wilde het op een lopen zetten. Ik had alle moeite om haar bij me te houden, en kon daarbij mijn ogen niet op het pad houden. Dus trapte ik in een hondendrol die ik normaal zeker gezien zou hebben. Ik gaf de uitlaatservice de schuld van deze rampspoed en beredeneerde dat zij mijn schoen moest schoonmaken. Want ja, je kunt oordelen dat de uitlaatservice hier niks aan kan doen, maar ik weet zeker dat als de uitlaatservice er niet was geweest, de hond niet zo had gereageerd, en ik gewoon voor me had kunnen kijken en de drol had zien liggen. Aangetoond causaal verband.

Natuurlijk kreeg ik bij thuiskomst weinig bijval, maar de wereld zit vol van causale verbanden die we kennelijk maar moeten accepteren. Maar bedacht ik later, waarschijnlijk worden die weer opgeheven door causale verbanden die in ons voordeel aflopen. Ja, dat is het. Het is een soort van bijgeloof, maar dan zonder geloof. Een bijwetenschap eigenlijk. Het kan verstrekkende gevolgen voor de wereld hebben. Hele parallelle universa spelen zich naast ons af. De wereld waarop wij denken te wonen heeft zijn eigen geschiedenis, maar in een parallel universum speelde zich diezelfde geschiedenis af, alleen zag ik de drol op tijd en liep door. Daardoor was ik eerder thuis, want ik hoefde mijn schoen niet af te vegen, en zag zo nog net op televisie iets wat mijn levensvisie helemaal zou veranderen. U moet maar eens gaan kijken in het hiernaast gelegen parallele universum, je gelooft niet wat je leest op mijn weblog daar. Alsof ik een tik van de molen heb gehad. Dankzij de uitlaatservice gebeurde dat dus allemaal niet, en kunt u hier nog steeds terecht voor uiterst betrouwbare verhalen ontsproten uit het toetsenbord van een geestelijk stabiele blogger.

Wereldreis

Morgen vertrekt ze met haar gezin, voormalig blogster Mellody, misschien zegt het sommigen nog iets. Je moet het avontuur maar aandurven, om huis en haard te verkopen, je resterende spullen op te slaan en een wereldreis te maken met je hele gezin. Ze hebben het in hun hoofd gehaald en laten zich niet afremmen door regeltjes en wetten die voorschrijven dat je moet werken om geen pensioengat te creëren, of dat je kinderen naar school moeten en meer van dat soort geneuzel. Ik helaas wel, zodat ik straks gewoon mijn geraniums kan betalen. Ik heb haar vaak gesproken over de aanstaande reis en wilde nooit laten blijken wat ik er van dacht, namelijk: “Help! Doe het niet!” Maar dat zijn mijn eigen angsten. Gelukkig laat ze zich niet tegenhouden en vliegt ze morgen naar Zuid Afrika, het beginpunt van de reis. Als iedereen was zoals ik, hadden we nu geen idee gehad dat er nog andere continenten bestonden. Ik vind haar zo dapper, en had haar altijd al hoog zitten. Als iedereen was zoals zij, bestonden er geen oorlogen denk ik vaak. Het is een schat.

Gisteren zei Linda dat ik de groeten moest hebben en dat ze afscheid hadden genomen. Ik schrok me rot, want ik was vergeten dat het al zover was. Gelukkig was daar Facebook. Facebook heeft ook zijn goede kanten. Ik heb haar uitgezwaaid. En ze zwaaide terug.
Mellody

Klik op de foto om de reis te volgen.

Tien eilanden die u niet kent

U kent allemaal de waddeneilanden. Waarschijnlijk kent u het eiland Pampus ook nog wel. Misschien zelfs dat u van Noorderhaaks heeft gehoord. Maar kent u Steenvliet, Hompelvoet, Dwars in den Weg, Ossehoek, Tiengemeten, De Schelp, De dode Hond, De Zwaan, Vogeleiland of Zuiderstrand? Dat zijn gewoon tien bestaande eilanden in Nederland waar ik nooit van gehoord heb, en het lijkt me sterk dat u er vijf weet te liggen. In Zweden is het heel normaal om een eiland in je bezit te hebben, maar in Nederland zijn ze wat schaarser. Er zijn kennelijk nog onbewoonde eilanden genoeg in Nederland. Sommigen net groot genoeg om en huis op te plaatsen, maar op anderen kun je een kleine stad vestigen. En denk niet dat we er zijn met deze tien eilanden. Er zijn er nog veel meer met of zonder naam. Het barst van de onbewoonde eilanden in Nederland. Misschien een tip om je eens terug te trekken in deze roerige tijden.
eiland

Een verschil van veertig, Tika en waarom?

Ik maakte deze week een nieuwe categorie aan genaamd: Mack maakt zich zorgen. Nu is het niet de bedoeling dat ik me extra veel zorgen ga maken, want van nature maak ik me al zorgen genoeg. Eigenlijk was het al gek dat die categorie nog niet bestond. De meeste logjes hebben de categorie “geen categorie” meegekregen, dus misschien moet ik die nogmaals langs om te kijken of ze niet in de nieuwe passen.

Waar ik mij over het algemeen de meeste zorgen over maak is het verschil in hoe de wereld er nu uitziet en hoe hij er veertig jaar geleden uitzag. En dan met name over de waarschijnlijkheid dat dat verschil nog groter gaat worden. Ik heb daar moeite mee. Ik las vandaag bij iemand dat bij hem tussen zeven en acht nog nooit de stem van Matthijs van Nieuwkerk had geklonken omdat hij dan de krant las. En ik dacht aan het spitsuur dat het bij ons om die tijd is. De krant lezen? ’s Ochtends, haastig bij het ontbijt, staand aan het aanrecht. De verdieping verdwijnt, al mijn kennis is oppervlakkig. Er is natuurlijk ook een overvloed aan onzinnige informatie die in onze richting wordt gestraald, en ik vraag me af wat we daarmee moeten. Ik werk bij een bedrijf van 13.000 werknemers en ben een schakel geworden in een enorm proces van factuurverwerking met ik weet niet hoeveel mensen die geestdodend moeten goedkeuren, met eenzelfde eindresultaat als eerst, alleen komen er nu tien mensen, een scanner en een week tijd aan te pas. Hetzelfde kunstje deed ik vroeger in minder dan vijf minuten in mijn eentje, en dan overdrijf ik niks. Het wordt normaal gevonden en iedereen accepteert deze gang van zaken, omdat de accountant het nu eenmaal voorschrijft.

Ik zet me regelmatig af tegen de stroom die langs komt. En toegegeven, dat doe ik alleen tegen goede collega’s. Ik vertel ze dat ik het merkwaardig vind hoe zonder slag of stoot sommige dingen zijn geworden zoals ze zijn geworden. Alsof Tika in haar handen heeft geklapt, wijzigingen heeft aangebracht en nogmaals in haar handen heeft geklapt. Alleen zou Tika nooit zulke rare wijzigingen aan de wereld toebrengen. Zij zou juist nu in haar handen klappen, wijzigingen ongedaan maken en weer in haar handen klappen. En dan zouden wij denken dat we geslapen hebben en weer doorgaan met waar we eigenlijk gebleven waren, de krant lezen aan de keukentafel. De stilte zou ons opvallen al begrepen we niet waarom, maar zou al snel als aangenaam ervaren worden.

De tijd laat zich lastig terugdraaien. Dat geldt ook voor de wereld en Matthijs. Om toch nog enig houvast te hebben blog ik zodat ik terug kan lezen. En ik blog omdat ik weet dat u leest. U bent namelijk niet diegene over wie ik het zojuist had, maar juist diegene die vragen stelt. Als je blogt heb je geschreven over wie je bent en over hoe je denkt. En wat iemand schrijft is een ijkpunt in zijn karakter, en maakt hem betrouwbaar. Geschreven woorden kunnen niet makkelijk ontkend worden en dat maakt dat ze zorgvuldiger worden gekozen. Daarom.