Het was een echte jankdag. Achteraf blijkt weer dat je iets pas moet geloven als je zeker weet dat het zo is, of als het tegendeel nooit bewezen kan worden.
Mevrouw Mack belde mij in tranen en stamelde iets over een afwijking in z'n longetjes wat ze op de foto hadden gezien. Ik snelde naar het ziekenhuis waar wij om vijf uur een afspraak met de kinderarts hadden. Om kwart over zes komt ze opdagen en vertelt ons dat het meest waarschijnlijke is dat Hans een klein enfyzeem onderin z'n rechterlongetje heeft.
Het hele meconium aspiratie verhaal wordt ineens weer ingetrokken. Terwijl ik zelf gezien heb hoe ze die troep uit hem zogen. En wij begrepen er maar geen bal van. Eerst was de foto niet duidelijk, toen moest hij naar een ander ziekenhuis voor een scan omdat die meer te zien zou geven, daarop was niets te zien behalve meconium, en nu zeggen ze op basis van een foto weer dat het geen meconium is maar een aangeboren afwijking.
Hoe deze verwarring allemaal ontstaan is heeft ze me uitgelegd en ik heb er ook wel begrip voor. Het enige wat ik nu dus wel weet is dat het enfyzeem nu het meest waarschijnlijke is, maar dat ik het pas geloof als het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht de diagnose bevestigt.
Het allerbelangrijkste is dat Hans er nu geen last van ondervindt, en er geen levensgevaar dreigt en dat hij morgen wel gewoon naar huis mag. En mocht de diagnose nu wel kloppen dan is dat nog geen paniek. Maar het is wel ons kind en wij zijn vreselijk geschrokken.
Hans niet, die dronk gewoon 85 cc in één keer, en heeft me ook nog ondergepoept.
Het is een kleine lieveling en laat het in Godsnaam allemaal meevallen.


