Er hebben deze week anderhalf miljoen mensen gekeken naar een documentaire over een drievoudige moord in Zoetermeer, gepleegd door een vader die er niet uitziet als een moordenaar. Ik heb deze documentaire gemist, net als het hele familiedrama moet ik bekennen. De gezichten van de vermoorde onschuldigen komen me niet eens bekend voor.
Maar vader ging vreemd, loog tegen familie en minnaressen en werkte zich onvermijdelijk in de nesten. En toen een Poolse minnares hem thuis kwam opzoeken in de veronderstelling dat hij alleen woonde, heeft hij zijn vrouw en dochtertjes maar vermoord. En daarna een fantastisch weekend met de Poolse beleefd. Logisch. Hij zag geen uitweg meer, schijnt hij later verklaard te hebben. Hij voelde zich in zijn vrijheid aangetast door zijn vrouw, van wie hij niet meer hield en heeft zich op geheel eigen wijze van zijn last ontdaan.
Maar ergens houdt mijn begrip op. En dat is hier. Dat je wilt leven met de schande van je gezin bedriegen moet je zelf weten, maar wie krijgt nu zoiets voor elkaar? Er zijn mensen met zware geestesziekten maar daarvan weet de omgeving en de psychiatrie dat ze een probleem hebben. Deze man zag geen uitweg meer en kon zich dus slechts beroepen op depressiviteit. En kennelijk is een rechter daarin meegegaan want in plaats van een eerder opgelegd levenslang, is de straf omgezet naar 20 jaar. Maar als je je depressief voelt, dan kun je naar de dokter. Dat hoeft niet altijd te helpen, maar het kan. En als je het niet doet, en het leven liever als ondraaglijke last ziet, dan kun je nog steeds zelfstandig nadenken. Er zijn legio depressieven die hun leed bij zichzelf houden. Dat zijn de dapperen, de edelmoedigen en de volhardenden. Deze man is gewoon een kille moordenaar. Als ik dit op mijn geweten had, eiste ik de maximumstraf tegen mezelf. Voor medelijden is geen enkele reden meer.