Meneer Lego

Lego f1 Na mijn niet geheel tot tevredenheid afgeronde Knex-avontuur van laatst, bouwde ik vandaag met Hans zijn Lego familie 1 vrachtwagen in elkaar. Het was een klus van een uurtje of twee, maar het ging perfect. Alle tekeningen klopten, en alle onderdeeltjes pasten. Tijdens het bouwen liep ik over van enthousiasme. Ik speelde nog met de gedachte om meneer Lego zelf een brief te sturen waarin ik mijn bewondering zou laten blijken. Want deze formule 1 auto met Scuderia Ferrari stickers klopte tot in detail. Meneer Lego moet wel erg gek zijn met kleine kinderen om zulk fijn speelgoed te vervaardigen.

Nu was Lego ook het favoriete speelgoed van mij en mijn broertje. Wij hadden een ton vol. Zo’n kartonnen wasmiddelton met onderin nog kleine korreltjes wasmiddel die gedoemd waren om daar tot in lengte van jaren te blijven zitten. Wij konden alles maken van Lego. Zo hadden wij beide eens een auto gemaakt van zo min mogelijk onderdelen, slechts de meest noodzakelijke. De auto moest zo stevig mogelijk zijn omdat wij ieder aan een kant van de huiskamer gingen zitten en dan de auto’s op elkaar in lieten rijden. Wiens auto de meeste onderdelen verloor, verloor. Bovendien moest de auto daarna weer eenvoudig in elkaar gezet kunnen worden voor het volgende duel. Het leek misschien wat agressief, maar het was niet anders dan een stel leeuwenwelpen die met elkaar stoeien om zich spelenderwijs voor te bereiden op de harde toekomst.

Nou ja, dat laatste is niet gelukt, want de toekomst is onvoorspelbaar gebleken. Zou de toekomst alleen hard zijn geweest, had je je nog voor kunnen bereiden. Maar dat je later gevechten moest leveren met tegenstanders die hun ziel verkochten, nee, dat zijn geen dingen die een kind moet begrijpen. Een Formule 1 auto is eerlijk. Elk onderdeel draagt bij tot het sneller maken van de auto. En je wint slechts als je als eerste over de streep komt. Zo zit de wereld helaas niet in elkaar. Meneer Lego echter wel. Was iedereen maar als hij.

Ten aanval II

Wie er ook aan de macht is, tevreden is men nooit. Dat geldt voor elke premier, en voor elk kabinet. Momenteel is Mark Rutte aan de beurt om getomatigd te worden maar het had echt niet uit gemaakt, nooit zal iemand het goed doen. Ik heb eens even zitten nadenken over wat ik zelf zou doen, als ik momenteel premier was. En na vandaag weet ik het. En ik ga het vertellen, en ik vind het zelfs helemaal niet erg als Rutte dit idee van mij steelt.

Ik zou eens flink wat manschappen op marineschepen bijeenbrengen en de Middellandse Zee opvaren en eens aanleggen in Syrië. Vervolgens zou ik de troepen naar de centra van de grote steden brengen om daar de bevolking te beschermen tegen de misdaden die gepleegd worden door de overheid. Want een overheid verliest in mijn ogen elk recht als de bevolking wordt uitgemoord.

Ja, dat zou me een imagoboost geven! Niet alleen voor Rutte, maar voor heel Nederland. Gewoon, zonder toestemming maar met medeweten van de Navo. Geen gezeik over economische of politieke belangen, gewoon doen wat er moet gebeuren. Een bevolking beschermen tegen een sadistische dictator is een prima reden om een oorlog te beginnen. Je kunt ook een 818 pagina’s tellend boek schrijven vol met rechtvaardigingen om een oorlog te ontketenen, maar ook dat is geen garantie dat je achteraf gelijk krijgt. Dus ik zou zeggen, waar wachten we op? Tot alle demonstranten doodgemarteld zijn? Ten aanval!

Vervolg

Goh, hahaha, wat een flauwe grap haalde je daar uit Mack. Kipdelek op internet zoekt meestal naar vieze plaatjes. Hoehaa, we komen niet meer bij.

Ken je er nog meer?

Ja tuurlijk:

“de fiets is geen gezicht.”

“pert dat Mack de baas moet zijn.”

“standig als ze is.”

“positie voerend tegen het beleid”

Sorry mensen, voor deze terugval.

internet zoekt meestal naar vieze plaatjes.

Ja, daar kwam ik dus achter. Dat als je op internet zit dat je dan vanzelf vieze plaatjes te zien krijgt zonder dat je daar opdracht voor gaf. Mij gebeurde het vandaag drie keer. De meest ranzige dingen kreeg ik te zien. Terwijl ik gewoon hele normale dingen zocht. Kunnen ze daar nu geen filter voor inbouwen, zodat je er niet ingeluisd wordt door één of andere slimmerik die hele andere belangen heeft dan jij?

Ik haat die gasten die hun programmeerkennis aanwenden voor verkeerde doeleinden. Basisschoolhumor, dat vind ik het! En dat zou nog niet zo erg zijn als het ook gewoon basisschool-scholieren waren, maar nee, het zijn volwassen mensen!

Nou ja, u begrijpt er waarschijnlijk niet veel van. Maar geloof mij, het zal in de komende tijd vanzelf duidelijk worden.

Wordt morgen vervolgd.

Goedenacht!

Heidelberg en Lorelei

Heidelberg is een prachtige stad. Als je het vergelijkt met Apeldoorn is het zelfs een oogverblindend mooie stad. Een beetje stad, en daar zijn er gelukkig heel veel van, ligt aan een rivier. In het geval van Heidelberg is dat de Neckar. Ik had nooit van de Neckar gehoord, maar neem van mij aan, dat is een kwalificerende rivier. Zo’n rivier waaraan je een beetje stad kunt bouwen.

Ja, het was weer motorweekend. Ik mocht mee als pace-car. Er was een mooie route door het Odenwald uitgestippeld, met mooie weggetjes en mooie natuur. De natuur daar is prachtig. Als je die vergelijkt met die van Apeldoorn zelfs oogverblindend. Natuurlijk, de natuur in Apeldoorn kan er best mee door, maar een beetje ruimte en wat heuvels doen wonderen voor het aanzicht.

In Heidelberg is een tunnel. Ik was er op de heenweg al doorheen gekomen en het kind in mij verheugde zich al op de terugweg. De tunnel deed mijn Alfa klinken als een heuse racewagen. Zelfs de motor achter mij moest diep buigen. De nationaal-socialistische flitskast voor mij echter niet. Die flitste mij gewoon alsof hij in het geheel niet onder de indruk was van de Italiaanse decibellen. Flitskasten zijn een Nederlandse uitvinding. Ze geven verzetslieden aan bij de vijand. Maar genoeg geweend nu. Op de laatste dag reden we langs de Rijn, en omdat het mooi weer was had ik de ramen open. De Rijn, en dus ook de weg, kronkelde daar stevig en ik hoorde plots een werkelijk prachtig gezang. Het leek boven vanaf een rots te komen en ik probeerde het geluid te lokaliseren. Ineens zag ik haar. Het was Lorelei. Ze was prachtig en ze zong nog veel mooier, zeker als je het vergelijkt met het gezang van een Apeldoornse straatmuzikant zou ik eigenlijk de term ‘hemels’ moeten gebruiken. De waternimf met de gouden haren betoverde me met haar schoonheid en haar gezang, maar ineens werd de betovering verbroken doordat ik gedachtenloos maar verkeerd terugschakelde. De Alfa Romeo overstemde haar gezang met zijn gebrul en ik schrok uit mijn trance. Net op tijd, want ik zat al op de andere weghelft. Vanaf nu noem ik mijn auto Lorelei. Voluit, Alfa Romeo Lorelei. Een schitterende naam voor een legendarische auto.

Lijngevangen.

Er is een aspect van het leven waarin ik niet ontwikkeld ben, maar waar ik mij ook niet verder in wens te ontwikkelen. Ik blijf liever wat dichter bij de aarde. Ik heb het over haute cuisine. En niet dat ik daar iets tegen heb hoor, maar het is een wereld vol oplichters, charlatans en bedriegers. Wat volgens mij drie keer hetzelfde betekent. Laatst was er bij DWDD een kok, die maakte zeebaars in bladerdeeg. En natuurlijk, ik begrijp best dat je je als kok wilt onderscheiden, maar praat gewoon even normaal. Een beetje kok heeft het over een “mooi” stuk vlees, en een “mooie” wijn. En dat is dus fout. Dat zijn aanstellerige termen. Het interesseert niemand of het vlees en de wijn mooi zijn. De bedoeling is dat ze lekker zijn.

Maar ik begrijp het wel. Lekker is geen term voor de adel. Lekker is voor het voetvolk. Lekker hoort niet bij haute cuisine, want het gaat niet om lekker. Deze kok beweerde dat de baars “lijngevangen” moest zijn. Dus niet met een net, want dan smaakt de vis minder. Ik bedoel, dan is hij minder mooi. Nu ben ik zo arrogant om te beweren dat deze kok zelf helemaal geen verschil proeft tussen een lijngevangen zeebaars en een netgevangen zeebaars. Netgevangen vis is volgens hem niet vers, en lijngevangen vis wel. Terwijl ik bij lijngevangen vis denk dat die al even aan het lijntje is gehouden en ik bij netgevangen vis denk: “zo, die is net gevangen.”

Maar goed, de man moet ervan leven dus snap ik wel dat hij zo’n verhaal ophangt. Helaas komt er steeds meer voetvolk dat niet langer voetvolk wil zijn en ook gaat beweren dat ze het verschil proeven tussen kip en kikkerbillen. Terwijl het in Frankrijk een publiek geheim is dat kikkerbillen helemaal niet bestaan als gerecht. Elke Fransman weet ook gewoon dat hij kip krijgt voorgeschoteld als hij kikkerbillen bestelt, maar voor de toeristen houden ze dat in stand. Wij vertellen ook aan buitenlanders dat we op klompen lopen.

Kijk, je moet de frikandel nooit verloochenen. Een frikandel speciaal is lekkerder dan zeebaars in bladerdeeg, alleen is de zeebaars beter voor je c.v. Pas als je de frikandel in ere houdt, ben je de zeebaars waardig. Eventueel Lijngevangen.

Ten aanval.

Ik ging naar het examen met een instelling die mij ooit vreemd was. Ik was altijd wat afwachtend, en hoopte er het beste van en roeide met de riemen die ik had. Zo niet vandaag. Nee, ik ging naar het examen om de opgaven op te vreten. Om alles wat ik geleerd had eens even flink op papier te schrijven. Om de verwijzingen naar de wetsartikelen eens even haarfijn aan te geven. Om mij niks aan te trekken van de waarschuwingen dat formeel recht door de cursisten over het algemeen lastig gevonden werd doordat ze er weinig feeling mee hebben.

Het begon eergisteren al. Ik sloeg de boeken dicht omdat ik vond dat het genoeg was. Ik kende het, de antwoorden staan in het wetboek en tijdens het examen weet ik ze exact te benoemen. Kortom, ik was zeker van mijn zaak.

Ik voelde vanochtend weinig tot geen nervositeit en reed richting Utrecht. Om bij Amersfoort in een enorme file te komen. Natuurlijk, die file staat er standaard dus ik hield er rekening mee. Maar hij was hardnekkiger dan anders. Tergend langzaam trok de stoet voorbij. En tergend langzaam is geen goed tempo als je strijdvaardig bent. Drie kwartier later was ik Amersfoort voorbij. Ik ging op het gas om weer in een file terecht te komen. En in nog één. Ik voelde nervositeit, ik voelde waterdamp onder mijn oksels.

Uiteindelijk kwam ik ruim op tijd -een kwartier van tevoren- aan. Ik parkeerde en liep met mijn wapens -wettenbundel en rekenmachine- naar de examenzaal. Ik viel de opgaven aan. Ik heb alle fraudeurs in de opgaven ontmaskerd en voor het gerecht gebracht. Ik waak over uw belastinggeld.

Gedachtenruil

Nee, vanavond schiet mij niks onzinnigs te binnen. Kan ook haast niet want ik ga morgen weer examen doen en dus is mijn hoofd vol met zinnige dingen. Maar daar heeft u dan weer niks aan. Ik vind het leven wel eens lastig te begrijpen hoor. De enige manier waarop ik het zou snappen is als er daar waar leven en dood in elkaar overgaan een machtige God is die mij begrijpt maar ik hem niet. Want ik denk wel eens na over de hemel. Mij lijkt dat zinnig omdat als je er nooit over hebt nagedacht, en je zit er ineens onverhoopt toch, en er komt zo’n Ursul de Geer aan die je wat vragen stelt en dat je dan ineens die persoon blijkt te zijn die altijd het mikpunt van spot was omdat hij geen idee had waar het vakantieland waarin hij was, zich op de wereldkaart bevond. “Ehm, hier denk ik,” al wijzend op de kaart en er minstens twee continenten naastzittend.

Ja, daar denk ik soms over na. Want wat doet een mens eigenlijk in de hemel? Eeuwig leven, vrij zijn van pijn en verdriet, en beloningen ontvangen? Ik vind dat sommige mensen zo snel genoegen nemen met een beschrijving van de eeuwigheid in één zinnetje. Meestal na een paar weken vakantie heb ik het wel weer gehad met niks doen. Dus daar denk ik wel eens over na. Aan de andere kant, als er een hemel is zullen die dingen ongetwijfeld prima geregeld zijn. Maar voor een simpele ziel toch wat lastig te begrijpen.

Nou ja, staat er ineens toch weer een gedachte op het scherm die laatst nog in mijn hoofd zat. Ik kan er ook niks aan doen hoor, dat ik van die rare gedachten heb. Ja, schrijf ze dan niet op, hoor ik u denken. Maar omdat ik u hoorde denken dacht ik: ik geef er eentje terug.

Boycot les Francais!

Eigenlijk zou je een logje moeten schrijven in de hitte van de strijd. Die strijd had ik vanmiddag toen ik Hans wilde helpen met een verjaardagscadeautje. Knex, was het. Een soort Lego, maar dan voor arme kindertjes. Het komt uit Frankrijk en in Frankrijk kunnen ze nog geen fatsoenlijke muur metselen. Wat een troep zeg! Hans zat maar te wachten tot ik zijn Formule 1 auto in elkaar had, zodat hij er nog even mee kon spelen in zijn bed, maar het lukte mij niet. 5+ staat er op de doos. Ik weet dat kinderen tegenwoordig vroeg volwassen zijn, maar dit slaat helemaal nergens op. Il bat de rien!

Uiteindelijk moest ik het opgeven, want de tekening klopte gewoon niet. En u kunt denken dat het aan mij lag, boekhoudertje met twee linkerhanden, maar dat is niet zo. De tekening was verkeerd en dat wisten ze donders goed daar in die fabriek. Ze wisten heel goed dat die auto niet paste en desondanks hebben ze op de tekening gewoon gedaan of er niks aan de hand was. Dat heeft de commercieel directeur, le chef commercièl, bevolen. Want hij dacht bij zichzelf: “je vais die voiture pas opnieuw fabriquer parceque ca kost d’argent! Regardez-het maar.”

En zo moet je je kind teleurstellen, ten eerste omdat hij nu geen auto mee naar bed kon nemen, en ten tweede omdat hij nu denkt dat hij een vader heeft die geen autootje voor vijf-plussers in elkaar kan zetten. Nou, ik bouw de complete Twin towers op ware grote na hoor, als het moet. Maar wel van Lego, want dat is tenminste kwaliteit. Merde, nondejuu!

Aardbeien met thee.

Ik had vanochtend een drie uur durende les belastingrecht, je moet er maar zin in hebben met dat mooie weer, maar ik was niet de enige. Zeker 60 mannen en vrouwen zaten in het zaaltje. Sommigen worden al bekend doordat ik ze elke examentraining en elk examen daar zie. De docent was tot nu toe elke keer een andere. Vanochtend was het een Limburger. Aan zijn accent te horen, Venlo. Ik kan redelijk goed aan een accent horen waar iemand vandaan komt. Misschien zat ik er wel mijlen ver naast en was het een Fries, maar ik hou het op een Venlonaar.

Dat inschatten van accenten werkt zo: ik ken twee mensen uit de buurt van Venlo, namelijk Gé Reinders en Geert Wilders. En hoor ik dan iemand met hetzelfde accent praten, weet ik: “hee, Venlo.” Makkelijk eigenlijk, je hoeft het alleen te herkennen.

Ik ben wel gecharmeerd van een zuidelijk accent. Brabants is niet om aan te horen, maar een Brabantse tongval is wel mooi. En een Limburgse is nog mooier. En zeker als iemand dan heel netjes spreekt, vind ik dat mooi. Nu moet je je natuurlijk nooit door het uiterlijk van de inhoud af laten leiden, maar toch viel het me op. Het klinkt ook zo beleefd. Geert Wilders bijvoorbeeld, klinkt enorm beleefd. Ik luister daar altijd naar en hij weet mij elke keer af te leiden van de inhoud. Jammer, want nu weet ik nog steeds niet waar hij voor staat. En om nu alleen op iemand te gaan stemmen vanwege zijn accent, dat vind ik ook weer niet nodig.

Oh ja, Gé Reinders. Die kent u misschien niet. Misschien ook wel, maar dan is het door mij. Ik hoorde halverwege de jaren ’90 voor het eerst van hem. Zijn accent leidde me toen al af van de inhoud. Ik verstond ook geen Limburgs, dus ik had geen keus. Aardbeien met thee? http://www.youtube.com/watch?v=f05T-rYIUpc