En zo kon het gebeuren…

De vraag van Hans was dus of wij even naar boven konden verkassen als hij een paar vrienden uitnodigde. Normaal gaan ze in de veranda zitten, die weliswaar een heater heeft, maar met die gasprijs van tegenwoordig vond ik zelfs dat geen goed idee. Kun je nagaan wat ik van z’n eerste plan vond.

“Dat vindt je vader nooit goed,” zei Linda, en reken maar dat dat zo was. Ik heb veel voor ze over, maar me mijn eigen huiskamer uit laten jagen voor een stel meisjes en jongens, nee. Hij zou dus in de veranda moeten gaan zitten, en eventueel als wij naar bed zouden gaan kon het gespuis naar binnen, mits ze de tent niet op z’n kop zetten. En daarna kon hij nog wel even de hond uitlaten, als geringe tegenprestatie.

Wij keken de film “a beautiful mind” en in een van de pauzes nam ik een kijkje in de tuin. Meisjes die me deden denken aan meisjes uit mijn eigen, niet al te hechte, vriendengroep van vroeger. Eentje zat te rillen van de kou, maar het wicht had dan ook geen jas aan.

Vijf minuten later kwam ik melden dat ze wel naar binnen konden, de rest van de film namen we wel op, bovendien heb ik hem vaker gezien. Oh ja, en ik had de hond bij me, die ging ik vast uitlaten zodat Hans het niet meer hoefde. Want ja, zo ben ik. Onverbiddelijk van te voren, maar een absoluut watje als puntje bij paaltje komt. En zo kon het dus gebeuren dat ik op zaterdagavond om 22:00 in bed lag, te luisteren naar het gelal in de huiskamer.

Vooral doorgaan

Nog geen jaar geleden had mijn zoon het aan de stok met Marc over een gebaar dat hij naar hem maakte. Hans vond hem een rukker. Marc pikte dat niet en kwam op het schoolplein verhaal halen. Ik zei destijds niet om welke Ajacied het ging, maar omdat hij nu zijn reputatie toch heeft verkloot, kan ik nu wel melden dat Hans dat destijds al goed in de smiezen had.

Verder had hij vandaag een zware training op een kazerne waarna hij mij appte met de woorden: ik ben dood. Iets met balken sjouwen en ermee in een boom klimmen en andere nuttige dingen die het de vijand dun door de broek laat lopen. Toen hij thuiskwam riep hij in zijn gebruikelijke stoer-komische toon: kamp van Koningsbrugge, hoomoos. Hij was in elk geval zo slim geweest om niet uit de oefening te stappen toen de instructeur aangaf dat degenen die moe waren mochten stoppen. Dat kwam ze op een scheldkanonnade te staan en voorligsteun plus opdrukken. Hij had de blaren op zijn voeten staan maar stoppen was onverstandig. Ach, best stoer van hem, al lag hij om negen uur al te slapen. Je moet ze trouwens de kost geven die zich vandaag ziek gemeld hadden, of een positieve zelftest hadden gedaan. Zijn mentor wordt erdoor tot wanhoop gedreven. Ik vind het ook raar, je meldt je vrijwillig aan voor een opleiding bij defensie, maar als het zwaar wordt geef je niet thuis. Met zo’n instelling word je natuurlijk zo overlopen door de vijand.

Kijk, ik werd ook zo opgevoed vroeger. Ik moest ook altijd door en zomaar ziek melden was er niet bij. En dan werd er ook verteld dat je het met zo’n instelling van om de haverklap ziekmelden het niet zou redden. Maar ik kwam op kantoor terecht. Daar bleek je het prima te kunnen redden als je de kantjes eraf liep! Wat zeg ik? Met een beetje hielenlikken en wat verraad kon je heel ver komen.

Mijn opvoeding was harder, afstandelijker en erop gericht om me zelfstandig te maken. Tevergeefs. Ik snap nog steeds niet hoe de trein werkt. Bij Hans werd hem alles uit handen genomen, als een kind van deze tijd. Dat pikte hij niet en slaat nu keihard terug door gewoon door te gaan.

Nietsnut

Steeds als je denkt dat hij niet stommer kan worden, slaagt hij daar toch in. Een nieuwe headset voor z’n PlayStation had hij gekocht. Z’n moeder dan, want controleren of het ding geschikt is voor z’n PlayStation snapt hij niet. Ik wist niet eens dat hij zo’n ding gekocht had, maar zojuist worden we ermee lastig gevallen. Hij doet het niet!

Linda vraagt aan mij of ik wil gaan kijken, maar daar heb ik geen zin in om tien uur ‘s avonds. Dus volgt de gebruikelijke tactiek, mij het lezen onmogelijk maken door in zichzelf te gaan praten over die headset, totdat ik maar opsta en ga kijken. Zeventien jaar getrouwd vandaag, dan krijg je dat.

Ik constateer dat er maar een ingang is waar de plug in kan, en dat werkt niet. Dan hoor je alleen z’n mede-player schelden en vloeken, alsof de var zojuist wederom een doelpunt van Ajax goedkeurt dat afgekeurd had moeten worden wegens het zich buiten het veld bevinden van de bal. Ik vraag waar de handleiding is, dat weet hij niet. Die heeft hij, gelooft hij, weggegooid omdat die dingen het altijd zo doen. Hij zit op YouTube te luisteren naar een Amerikaan die zijn headset beoordeelt, maar hij begrijpt er niks van.

Hij gaat maar naar zijn moeder omdat die goed Engels kan. Onderwijl gaat hij bij het oud papier zoeken naar de gebruiksaanwijzing en komt even later terug. Hij snapt het al, en laat een plastic verpakking zien met essentiële onderdelen die hij weggeflikkerd heeft. Wat een mongool! Schaapachtig loopt hij weer naar boven en appt even later dat hij het weer doet.

Als ik de hond uitlaat zie ik hoe hij het oud papier heeft achtergelaten. Ik scheld hem uit. Nietsnut! Hij lacht erom. Hij moet straks het land verdedigen. Zucht.

Van die perioden…

Met dochterlief heb ik wel wat te stellen. Wiskunde, elke avond, en elke avond maakt ze weer dezelfde fout ten teken dat ze het niet begrepen heeft. Als ik haar wijs op het feit dat we gisteren precies hetzelfde hadden, wordt ze recalcitrant. “Ja, maar dat verandert niks aan het feit dat ik het nu niet snap,” zegt ze dan. Terwijl ik vind dat ze wat dieper in haar geheugen moet graven om het probleem te zien. Laatst was ze haar rekenmachine kwijt. Haar passer. Haar potlood. Gisteren nog had ze een potlood, vandaag was het weg. “Ik denk dat het op school ligt,” zegt ze dan. Ik word dan boos omdat ze gewoon niks mag verliezen. “Ik verloor vroeger nooit dingen,” zei ik. “Ja, vroeger was alles beter, Jack,” zegt ze dan. Het irriteert me dat ze haar spullen niet op orde heeft.

“Oh ja, en kun je even naar mijn fiets kijken? De ketting ligt eraf en het dashboard is kapot.” Ik vrees dat dit aan ons ligt, want Hans had dezelfde soort opmerkingen. Zijn hele voorband lag aan flarden en dan vroeg hij of ik even kon kijken wat het mandje voorop rammelde nogal. Ik was de keuken aan het opruimen en maakte een sopje. “Je was zeker weer met vriendinnen allerlei dingen op je fiets aan het doen, dat hij kapot is?” Dan is ze nog verontwaardigd dat je dat veronderstelt ook. “Nou leg eens uit,” vroeg ik, en we liepen vanuit de keuken naar de garage. Haar ketting lag er helemaal niet af, en het dashboard was de kettingkast, die was inderdaad kapot. Die moest naar de fietsenmaker.

We liepen terug naar de keuken en de hele vloer was overstroomd. Ik had de kraan laten lopen voor mijn sopje, en de gaatjes die bedoeld zijn om een overstroming tegen te gaan, waren kennelijk te klein. Het water gutste over het aanrecht op de vloer. Nondejuu. Ik gaf Tammar de schuld, want, zo redeneer ik, als ze haar fiets niet kapot had gemaakt, dan had ik de kraan op tijd uitgezet. Oorzaak en gevolg, causaal verband. Daar was ze het dan niet mee eens. Ik had de kraan niet uitgezet, dat was de oorzaak van het gevolg. Nou ja. Ik had toch al niks te doen, nu Linda door haar rug is.

Rode baret

We keken een informatiefilm over de luchtmobiele brigade. Hans denkt er sterk over om die opleiding te gaan volgen. Geen kinderachtige jongens. Hij herkende al veel vanuit zijn huidige opleiding zoals opdrukken, voorligsteun, hardlopen en overal maar weinig tijd voor krijgen. Warempel als ik hem zie is hij al een hele vent en het zal niet lang meer duren eer ik het onderspit delf.

Momenteel daag ik hem niet uit, mijn geestelijke toestand laat dat niet toe en ik ben al moe als ik eraan denk met hem te moeten stoeien. Als ik de jongens in die opleiding bezig zie snap ik niet waar ze de energie en het doorzettingsvermogen vandaan halen. De mijne zijn op. Toch was ik ook altijd bezig met kracht en uithoudingsvermogen. Tot niet zo heel lang geleden deed ik ook nog aan opdrukken voor ik naar bed ging. Wilde ik vroeger graag enigszins gespierd zijn, nu wil ik alleen nog op gewicht zijn. Voor de rest wil ik vooral rust.

De jongens van de luchtmobiele brigade sprongen in vrachtwagens en werden God mag weten waar naartoe gebracht met hun zware tassen, de instructeurs staan ‘s ochtends op de deuren te bonken en roepen “reveille!” Wat doe je jezelf aan? Elke keer zeg ik tegen hem, “Hans, het is nog niet te laat voor Havo met Frans.” Het zal de leeftijd zijn…

Slappe hap

Ik heb gisteren iets gedaan wat mijn vrouw niet mag weten. Waarom schrijf je het hier dan op? Omdat ik anders met een zware last rondloop, en ik weet dat ze hier bijna nooit leest, tenzij ze getipt wordt dat er iets leuks staat. Op zich al een belediging, maar goed. In elk geval, iedereen die dit leest en die haar kent: mondje dicht tegen haar.

Want het is niet best wat ik deed, denk ik. Het gaat om het verbreken van een bond met haar en het aangaan van een nieuwe met mijn dochter. Die was als straf een week haar telefoon kwijt, buiten schooltijden. Ze had het bont gemaakt op school, dat heeft u hier wel kunnen lezen. Linda is dan wel streng, maar toch kwam er vervroegde vrijlating voor Tammar zodat ze dit weekend haar telefoon weer terughad op voorwaarde dat, bla bla. Slappe hap als je het mij vraagt.

Een andere algemene regel is dat er niet gefietst mag worden met de telefoon in de hand. Nu kwam ik haar vandaag tegen, ik zat in de auto, zij reed op de fiets, nog in haar proeftijd, met twee losse handen en aandachtig lezend op haar telefoon. Ze had me niet gezien, ik toeterde niet, maar deed wat ik moest doen en reed toen snel naar huis. Vlak voor ons huis reed ze weer keurig met twee handen aan het stuur, telefoon opgeborgen.

We reden tegelijk de oprit op en voor ze naar binnen ging hield ik haar tegen. Ik vroeg haar waar ze helemaal mee bezig was. Ze deed geen poging tot ontkennen en was schuldbewust. Omdat haar telefoon weer in gevaar kwam, vroeg ze me: “wil je het alsjeblieft niet tegen mama zeggen?” U begrijpt wel van wie ze hier het meest onder de indruk zijn.

Goed, ik heb haar laten beloven dat dit niet meer voorkomt, en indien toch, telefoon kwijt! En ik ga onverwacht langs haar route naar school rijden om te controleren. Dan weet ze dat ook. Slappe hap als je het mij vraagt. En nog stoken in de verhoudingen hier ook. Slecht hoor, echt slecht. Straffen is niet mijn specialiteit. Ik zou een uiterst slecht rechter zijn.

Drammar

We hebben nu te maken met een puberende dochter. Je een beetje tegen je ouders afzetten is vrij normaal, maar dat een docent belt om haar beklag te doen over een les-verstorende en brutale leerling, dat hadden we nog niet eerder meegemaakt. En dit nadat ze er vorige week ook al twee keer was uitgestuurd.

Ik herken dit helemaal niet, ik werd er vrijwel nooit uitgestuurd vroeger en leraren waren vrij gek met me. Maar als je haar aanspreekt komt ze met tegenargumenten, gelijk! Dit zouden wel eens niet mijn genen kunnen zijn. Ik bedoel, niet mijn genen die dit veroorzaken. De hoofdverdachte is mijn vrouw. Ook altijd gelijk haar antwoord klaar, wel of niet relevant. En als ik haar mag geloven was ze vroeger een irritant kind, en eigenlijk heb ik geen enkele reden om daaraan te twijfelen. Ze moet aanleg hebben gehad.

Als je het veroorzaakt moet je het ook oplossen natuurlijk. Het moet gezegd worden, dat doet ze ook. Zij voert de harde lijn. Natuurlijk is het niet met één klap opgelost, we zijn gedwongen vaker te slaan. Maar momenteel is ze weer poeslief, me Tammartje, voor zolang het duurt. Zei ik mét één klap? Dat moest natuurlijk zijn: in één klap. Voordat de kinderbescherming me belt.

Hij maakt indruk op me.

Die zoon van mij, die is me er eentje. Morgenvroeg moet hij om zes uur op, moet de bus van kwart voor zeven hebben om om acht uur op school te zijn. Terwijl hij om tien uur pas had hoeven te beginnen als hij tenminste zijn handdoek niet vergeten was laatst. Dat is dan je straf. Vandaag heeft hij honderd push ups moeten doen omdat iemand anders een fout maakte, en degene die de fout maakte moest toekijken. Ze moeten straffen voor zichzelf verzinnen die ze kunnen uitvoeren als er weer eens iets niet snel genoeg gaat. In voorligsteun blijven zolang de sergeant majoor praat. En als je je oefeningen niet goed genoeg uitvoert wordt op luide toon geïnformeerd of je soms op mannen valt. Echte macho’s dus, die instructeurs.

Hans vertelt en ondergaat het lachend. Terwijl ik me afvraag waar hij terecht is gekomen. Een voorbereidende opleiding voor defensie, dacht ik. Dit lijkt het leger wel. In de bus terug, die van half zes, kwam hij in gesprek met een tweedejaars student. Die zei hem dat hij het eerste jaar door moest zien te komen, dan zou hij het wel redden. Want je kunt ook nog makkelijk afvallen.

En dan zie ik hem ‘s ochtends vertrekken, met zijn grote camouflagerugzak op z’n rug, in schooltenue waarop naam en logo van zijn opleiding staat, eindelijk glad geschoren en dan ben ik trots op hem. Want ik zag het niet aankomen. Hansiepansie, die vroeger bang was voor zwarte Bertram. Heeft zich nu vrijwillig aangemeld om dit jaar naar Normandië en Bosnië te gaan. Kost honderden euro’s. Mede mogelijk gemaakt door mij.

13 jaar

Een paar maanden geleden stopte ze met mij een kus te geven als ze naar bed moest. Ik dacht eerst nog dat het tijdelijk was, maar dat was het niet. Vanochtend stond ze voor haar spiegel haar ogen te potloden. Dat kunnen ze dan ineens, net als hun haar doen of een badhanddoek om zich heen dragen. Het moet een vrouwelijk instinct zijn, tot op de dag van vandaag weet ik geen badhanddoek om mij te vouwen zonder dat die na vijf seconden naar beneden valt. Mijn zoon wordt groot, mijn dochter volgt met rasse schreden. Ze is nog kind maar dat duurt niet meer lang.

Ik mag nog wel haar band plakken. Straks mag ik haar nog wegbrengen als ze uit gaat. Hoe gaat die relatie vader-dochter veranderen? Als ik me opstel als vader, het hoofd van het gezin, dan negeert ze me straks volkomen. Als ik onderdanig aan haar wordt, en ik plak haar band en ik rij haar naar waar ze naar toe moet, dan duldt ze zich tenminste nog om zich heen. Gaat het echt die kant op? Is dat het complot waar alle dochters die vrouw worden, inzitten?

13 jaar. Ze neemt de macht stiekem over. Het gaat heel geleidelijk. En ik moet eraan meewerken, want anders volgt eenzame uitsluiting. Als ik maar haar band mag blijven plakken en haar mag blijven rijden, dan vind ik het niet erg.

Ik herpak me, en voorlopig heeft ze nog niets in de melk te brokkelen. Maar het is zo’n scenario dat af en toe door mijn hoofd schiet.

Soldaat

Die zoon van mij wil het leger in. Daarom is zijn school nu een voorbereidende opleiding voor defensie. Hoe hij hier precies bij gekomen is, is volgens mij omdat hij niks anders kan. Dat klinkt lullig, dat begrijp ik, maar het is wel waar. Dat wil echter niet zeggen dat als je wel iets anders kan, je ook deze opleiding kan volgen. Ook hier worden specifieke kwaliteiten gevraagd.

Wat ik niet wist is dat de soldaterij al is begonnen. Morgen moet hij zich weer melden op de kazerne. En weer moet er een tas mee waar meer dan 20 kilo aan spullen inzit, en wat volgens mij bewust veel te veel is om in die tas te passen. Alleen met hulp kun je de rits nog dicht krijgen. En van de Sergeant majoor moet alles erin! Alle overbodige zooi die alleen maar dient om die tas niet dicht te kunnen krijgen moet mee. En met die op springen staande tas moeten ze de bus in, naar de kazerne. En wat een leraar in jaren niet voor elkaar krijgt, weten ze hier na een dag; niks vergeten, anders is het opdrukken, rondjes lopen terwijl je klasgenoten in opdrukstand moeten wachten tot je klaar bent.

Het zelfstandig nadenken moet je kennelijk zo snel mogelijk worden afgeleerd. Je moet je natuurlijk zonder je dingen af te vragen in een gevecht kunnen storten want wat heb je aan een soldaat die orders in twijfel trekt? Ik zeg hem elke dag dat ik hem in wil schrijven op de Havo, maar hij verkiest dit. Prima. Ik ben toch wel trots op hem. Soldaat Hans. Mijn kleine aapje. Hansiepansie.