Fantastisch

Afgelopen weekend scheerde onze aarde door een wolk ruimtepuin, wat resulteerde in het kunnen aanschouwen van 200 vallende sterren per uur. Ik heb er geen een gezien, maar als de wetenschap zegt dat het zo is, dan is dat zo. Onze aarde maakt gigantische reizen door het heelal. Ik zelf ben nog nooit buiten Europa geweest, en word vaak met een minzaam lachje aangekeken, maar ik realiseer me tenminste wel de afstanden die ik afleg. En dat zonder energieverbruik, als je de oerknal even buiten beschouwing laat. Met 104.000 km per uur reist de aarde om de zon. En de zon reist weer 220 km/s door ons melkwegstelsel. En wij gaan gewoon mee. Ondanks dat zijn er nog steeds mensen die reizen als ultiem doel hebben. Terwijl je op de meest exotische plekken komt zonder dat je er iets voor hoeft te doen.

Niemand verneemt er iets van, vroeger dacht men zelfs dat we stilstonden. Ik begreep als kind niet waarom de Australiërs niet van de aarde afvielen, want dat wij bovenop leefden mocht duidelijk zijn. Al snel werd mij uitgelegd dat het de aantrekkingskracht van de aarde was, en dat begreep ik. Hun voeten werkten als ijzer op een magneet, maar hun haren hingen naar beneden, ik deed het voor, ondersteboven hangend aan een klimrek. Is het u wel eens opgevallen dat de maan een bol is? U wist het wel, maar heeft u de maan ook wel eens als een hangende bol in de lucht gezien? Er hangt een enorme bol boven ons die oceanen naar zich toe trekt maar desondanks blijft hangen waar hij hangt. Waar hij aan hangt, dat weet niemand. Het bevestigingspunt van de maan moet op de donkere kant zijn. Er is en stuk van de maan dat nooit zichtbaar is vanaf de aarde. Boze tongen beweren dat de nazi’s er wonen. Die hebben een tentharing in het maanoppervlak bevestigd met daaraan een eindeloze scheerlijn die de ruimte in gaat. Wij kunnen het niet zien, maar daar hangt de maan aan.

Natuurlijk is de wereld zoals wij hem waarnemen vele malen interessanter dan wat de wetenschap verklaart. De wetenschap is het einde van de fantasie. Zonder fantasie is het heelal zwart en de wereld grijs. Depressief en cynisch. Zo noemen ze de waarheid. De waarheid is ook dat je nooit de staatsloterij wint. Maar erover fantaseren is minimaal zo mooi als hem echt winnen. Hem echt winnen maakt een einde aan de fantasie en aan het geluk. Het bezit van de zaak is het einde van het vermaak. Mooi spreekwoord. Ik mag daarom graag fantaseren over de rand van het heelal, andere bewoonbare planeten, en misschien wel compleet andere natuurwetten. Gewoon het onbekende. Het is al grijs genoeg in december.

Samenhang

Het zijn golfbewegingen. Vroeger was niet alles beter en de wereld gaat er niet aan. Vroeger waren sommige dingen beter en de wereld verhardt momenteel. Maar het gaat ook weer goed komen. De natuur zelf grijpt keihard in, ook zonder dat we het in de gaten hebben. Nu is er een horkenoverschot maar dat herstelt zich wel. Momenteel worden er alleen lieve kindjes geboren. De tijd van de Ricardo’s is voorbij, ze krijgen weer minder agressieve namen. Het duurt nog een jaar of twintig en de balans slaat weer de andere kant op. Misschien was de hippie beweging wel een correctie op hetgeen twintig jaar daarvoor gebeurde.

Ikzelf ben uit de laatste maanden van de jaren zestig, want ook de hippie beweging moest een halt worden toegeroepen. Het was best een poosje leuk natuurlijk, maar met sandalen en bloemen in je haar ga je het uiteindelijk ook niet redden. De schoorsteen moet ook roken, tenslotte. Eigenlijk komt het hier op neer, je kunt doen wat je wilt, het maakt allemaal niks uit, geen situatie blijft altijd bestaan. Op een dag is er een overdosis van de situatie en vanaf dat moment is het tegengif in de maak. Evenwicht is er slechts voor hele korte perioden, de balans slaat dan uit naar de ene, dan weer naar de andere kant. Tussen al dat geweld wordt van de mens gevraagd evenwichtig te blijven. Maar de menselijke hersenen werken daar niet aan mee, die zijn geprogrammeerd op overleven, en niet op het erop na houden van principes. De schaakgrootmeester en ik kunnen dezelfde zet doen, alleen is hij in gedachten al zestien zetten verder, ik moet mijn volgende zet laten afhangen van de beoordeling van het bijgewerkte schaakbord. Maar toch deden we dezelfde zet, het resultaat is gelijk. Een mens kan heel lang het zelfde standpunt innemen, de argumenten ervoor kunnen totaal verschillend zijn.

Misschien heb ik een poging tot filosofie gedaan, maar misschien ben ik gewoon zo moe dat mijn gedachten niet meer helder zijn. Of ik maakte briljante moderne kunst of ik morste per ongeluk met verf. Ik gaf de bal een trap en hij belande in de kruising of ik richtte op de kruising na jarenlange training. We weten het niet. Het komt vast wel goed.

Waarschuwing: dit logje bevat geen inhoud.

Ik zat vanochtend in de auto te luisteren naar de radio, het ging over een rel tussen Nederland en Rusland, en iemand maakte de opmerking dat we snel iets moesten doen omdat het over een maand te koud zou zijn voor een inval. Dat vond ik best grappig. Onwillekeurig dacht ik aan ons miserabele leger, 50.000 man op zijn hoogst, die kunnen net een 100e deel van Rusland bezet houden. En dan nog maar voor heel even. Het is een ongelijke strijd. Weet iemand waarom de dienstplicht eigenlijk is afgeschaft? Ik heb geen idee, maar ik vermoed dat het te maken heeft met het argument: zonde van je tijd. Bestaat zonde van je tijd? Is je tijd zo nuttig dat dingen zonde van je tijd kunnen zijn? Ik vraag me dat af. Hoeveel tijd ik wel niet zinloos heb besteed, dat is eigenlijk schandalig. En dan leven we gemiddeld steeds langer ook nog (behalve langs de A2, daar 20 dagen korter), kan er nog meer geluiwammest worden. Maar ja, wie bepaalt zinloos?

Het hele leven is misschien wel zinloos, ook als je in het hiernamaals gelooft. Want ja, waarom word je niet gelijk in het hiernamaals geboren? Dat scheelt een hoop gedoe en onzekerheid. Maar als je gelooft in de oerknal en beter nog in de eindkrak, dan is het helemaal zinloos. Dan zijn we ruim 13 miljard jaar geleden begonnen, en alleen de laatste miljard daarvan zijn het de moeite van het vermelden waard. De mens is er pas 200.000 jaar dacht ik, dus op de geschiedenis is dat helemaal niks. Zijn wij ook nog de enigen die zich kunnen afvragen of het leven al dan niet zin heeft, dus het is een rare situatie. De meeste soorten gaan niet miljoenen jaren mee, dus straks zijn wij er misschien niet meer en dan is er niemand meer die zich kan afvragen of het leven zin heeft. En stel dat de eindkrak gaat plaatsvinden dan eindigt het hele heelal straks weer in een singulariteit, een begrip dat nu al niemand begrijpt, maar tegen de tijd dat het er is kun je het ook niemand meer vragen. Alle sporen van alles wat ooit bestaan heeft zijn dan uitgewist. Dus wie zegt mij dat er niet al ontelbare oerknallen en eindkraks zijn geweest? Bijvoorbeeld 100 miljard jaar geleden? Daar heb je natuurlijk allemaal niks aan, ook al stond het vast, want je bent er nu eenmaal en je vraagt je af wat het voor zin heeft. Tenminste, dat doe ik wel eens. Niet uit depressiviteit, maar gewoon, omdat ik daartoe in staat ben. Dan moet je daar ook gebruik van maken als je die gave toch hebt, vind ik. Ik blijf te lang hangen in dit onderwerp. Want het afdwalen ging perfect.

Ik denk dat de menselijke hersenen, zelfs die van Sir Isaac Newton, te beperkt zijn. Menselijke hersenen blijven toch een soort uit de hand gelopen instinct. Ze zitten je eigenlijk alleen maar in de weg. Ze laten je te ver vooruit en terug denken. Beesten hebben het wat dat betreft makkelijker, maar ik vraag me wel eens af hoe een vogel weet dat hij een nest moet bouwen. Hij kan tenslotte niet denken: “ik moet een nest bouwen want er komen jonkies.” Of een egel, hoe weet die dat het tijd is voor een winterslaap? Een egel kan al helemaal niet denken, want als je geen woorden kent, hoe kun je dan denken, denk ik dan. Nou ja, ik ga dit vanavond niet meer oplossen. Hoewel ik nu toch wel inzie dat je ook kunt denken zonder woorden. Je kunt bijvoorbeeld aan iemand denken, dan verschijnt er een plaatje in je hoofd. Zo moet het met beesten ook gaan, ze hebben plaatjes in hun hoofd. En die plaatjes, die komen vast uit een parallel universum waar wij geen weet van hebben, en waarvan we denken dat we er niet bij kunnen komen, maar we zijn er al. Alleen snappen we dat niet. Maar dat is dat uit de hand gelopen instinct weer, dat ons voor raadsels stelt die er niet zijn.

Legomensen.

Toen ik kind was snapte ik de wereld. Mijn hersenen waren nog leeg en de informatie die er kwam was de waarheid. Als ik vroeg aan mijn moeder wáárvan er op de wereld het meeste was, en zij antwoordde: “zandkorreltjes”, dan was dat zo. Geen twijfel mogelijk. Toen ik dat in de klas (2) vertelde aan de juf verbeterde ze me en zei dat het water moest zijn, maar dat was uiteraard niet zo, want mijn moeder had anders beslist. Gelukkig zag de juffrouw haar fout in en zei dat er onder water natuurlijk ook zandkorreltjes lagen. Ondanks dat mocht ze ons toch gewoon lesgeven. Inmiddels weet ik dat het juiste antwoord moet zijn: elementaire deeltjes. Daarvan zijn er het meest op de wereld.

Hoewel ik dit nu weet, snap ik niks meer van de wereld. Want van hetgeen er dan het meeste is heb ik geen idee wat het is. Wat is een elementair deeltje? Tja, iets kleins, verder zou ik het niet kunnen omschrijven. Iets onzichtbaars en iets wat nog nooit iemand heeft waargenomen. Dat is de reden dat ik niks van de wereld snap, als je de bouwstenen niet eens begrijpt houdt het op.

De wereld is los zand, alles wat je denkt te begrijpen kan morgen anders zijn. Mensen zijn opgebouwd uit elementaire deeltjes, triljarden misschien wel, en elk deeltje is levenloos. Maar het geheel van die triljarden aan elkaar gesmolten deeltjes leeft wel en stoot woorden en daden uit. Die woorden en daden moeten we zien te begrijpen hetgeen compleet onmogelijk is. Toen ik nog niet wist dat we uit deeltjes bestonden maar dacht dat we gewoon van “mens” gemaakt waren, had ik dit probleem helemaal niet.

Waarom we elkaar niet begrijpen ondanks dat wel allemaal uit precies dezelfde deeltjes bestaan moet zijn verklaring vinden in de veronderstelling dat de deeltjes bij iedereen in een andere volgorde zitten. Als we Lego waren had ik bijvoorbeeld een keurig geordend kleurenschema, maar een ander zou bestaan uit blauw, geel, rood, groen, willekeurig alles door elkaar. En dan zouden we dat kunnen herordenen zodat iedereen gelijk werd aan mij en we elkaar begrepen. Nu het deeltjes zijn die we niet kunnen zien, laat staan vastpakken, kunnen we ze ook niet ordenen. Maar we praten wel met elkaar. Begrijpt u het nog? Ongeorganiseerde bendes deeltjes, waarvan alleen sommige deeltjesverzamelingen theoretisch kunnen benaderen wat een deeltje is, communiceren met elkaar en vinden het gek dat we elkaar niet begrijpen. Het is een hopeloze situatie.

Onvrede

Tijdens de bezetting van Nederland logeerden hier zo’n 125.000 Duitse soldaten. Kennelijk was dat genoeg om het land in bedwang te houden. Ik ken de oorlogswetten niet, maar laten we zeggen dat je op elke 100 burgers 1 soldaat nodig hebt om een land te bezetten. Hitler had in zijn hoogtijdagen ongeveer 15 miljoen soldaten tot zijn beschikking, dus kon hij een aardig gebied bezet houden, op welk idee hij dan ook gekomen was. Grootheidswaanzin en angst voor de sympathieke Britten maakten dat hij enorme gebieden in Europa bezette, waardoor hij moest wikken en wegen met zijn troepen die als gevolg van de aanvallen die ze uitvoerden, ook weer in aantal afnamen. Achteraf kan een klein kind verzinnen dat een onbetekenend land als Duitsland natuurlijk niet de rest van de wereld bezet kan houden, dus was er nooit aan begonnen, zou ik zeggen. Net als die lebensraum onzin, er was in Duitsland ruimte genoeg om de hele wereldbevolking te stationeren, dus waar maakten ze zich eigenlijk druk over? Een klein beetje boerenverstand had al die rampspoed kunnen voorkomen.

Het Nederlandse leger bestaat uit ongeveer 50.000 man, wij zouden dus net Noorwegen en Luxemburg bezet kunnen houden. Wat je daar verder aan hebt weet ik niet, en dan moet je nog hopen dat Nederland niet ondertussen wordt aangevallen door België dat zoiets natuurlijk niet gaat pikken, want dan hebben we geen soldaat meer over om tegen de Belgen te vechten. Nee, het is hopeloos. Zouden we Duitsland aanvallen zouden we hooguit Nordrhein Westfalen bezet kunnen houden, ze zien ons komen! Dat moesten we dus maar beter niet doen.

Ondertussen is het hier in Noord-West Europa al bijna 70 jaar lang vrede. Een geweldige prestatie en we hopen natuurlijk dat dat altijd zo blijft. Maar hoe waarschijnlijk is dat? Niet zo heel waarschijnlijk want in de geschiedenis barst het van de oorlogen, ook hier. Dus hoelang gaan we het volhouden? Nu is de oorlog ver weg en lijkt het alsof hij hier niet komen kan. Maar wat is er nodig voor een oorlog? Onvrede. Dat heb je natuurlijk al snel. Als ik zo op de kaart van Europa kijk, dan vraag ik mij af hoe hij eruit ziet in het jaar 2100. Zijn we dan weer twee wereldoorlogen verder, of zijn er burgeroorlogen uitgebroken? Die uitbreiding van de E.U. kan niet ongestraft zo doorgaan. Hoe meer landen erbij komen, hoe groter de kans dat zij uiteenvalt. En als zij uiteenvalt is de oorlog dichtbij, zeker als er armoede en onvrede heerst en er een populist opstaat. Die per definitie weer gedragen wordt door diezelfde armoede en onvrede. Het lijkt haast onvermijdelijk, zoals de wet van Godwin zegt dat naarmate een discussie langer duurt, de waarschijnlijkheid toeneemt dat iemand een vergelijking met nazi’s maakt. Maar ja, dat klopt altijd. Cruijff beschreef dat ver voor Godwin al met zijn uitspraak: voordat ik een fout maakte, maakte ik hem niet. Want neer komt op: hoe langer het goed, hoe nader de fout. Of zoiets.

Gebaande paden

Ik heb het uit, het spannende boek van ruim 800 pagina’s van Steven King. Ik kwam er wat moeilijk in, maar toen ik er doorheen was, zat ik er ook middenin. Het boek heeft prachtige ingrediënten zoals een reis terug in de tijd naar 1959, de tijdreiziger die daar verliefd wordt op een vrouw en die erachter komt dat zijn ingrijpen in de geschiedenis catastrofale gevolgen heeft voor de toekomst, waardoor hij weer terug moet om het allemaal ongedaan te maken. Eerst ziet het er naar uit dat hij zijn geliefde mee wil nemen naar de toekomst, maar het verleden verhindert dat en laat haar sterven. Na de “reset” moet hij het verleden laten zoals het is, kan zijn geliefde ook niet gaan ontmoeten, maar besluit haar op te zoeken in het heden. De vrouw is inmiddels 80, en heeft de hoofdpersoon nooit ontmoet, maar toch voelt ze de band die ze met hem in een ander leven had. Ontroerend en schitterend.

Nu ben ik maar in een ander boek begonnen, genaamd “het Venetiaans bedrog” maar het is niet hetzelfde. Verleden en heden lopen wel door elkaar heen, maar niet tegelijkertijd. Het boeit me maar matig, zo’n realistischer verhaal. Sciencefiction- of fantasieverhalen zijn vele malen mooier. Ze nemen je immers mee naar een perfecte wereld, of naar een wereld waar alles nog mogelijk is, zoals wanneer je jong bent en de toekomst nog open ligt. Jaren later moet je accepteren dat die open toekomst slechts voor een enkeling is weggelegd en dat geeft ook wel zoveel rust. Als je jong bent en alles ligt nog open geeft dat onrust. Want al die worsten die je worden voorgehouden hangen veel te hoog en ergens voel je dat al wel, je wilt er alleen niet aan. Onrust.

Dus wat is er mooier dan dat je in de fase bent gekomen dat de richting van de toekomst uit nog slechts een kleine hoek bestaat, maar je tegelijkertijd mee mag leven in de fantasie van bijvoorbeeld Steven King? Weinig. Ja, karten met je zoon, maar dan ben je ook even van het gebaande pad af. De wereld zoals hij is moet af en toe even vergeten en tijdelijk herschapen worden omdat dat in fantasie nu eenmaal kan. Verlies de realiteit gerust even uit het oog, maar zorg wel dat je haar terug weet te vinden. Daarom droom ik liever ’s nachts dan overdag. Wakker worden uit een mooie dagdroom is als een klap in je gezicht, maar ontwaken uit een mooie slaapdroom kan je dag beter laten beginnen.

Bijkomende relativiteitstheorie

Ik zag laatst een documentaire over planten over de gehele wereld. Nooit geweten dat planten zo interessant kunnen zijn. Zo schijnen er dus planten te zijn die dieren gebruiken voor hun voortbestaan. Nu wist ik wel dat insecten en vogels stuifzand verspreidden naar andere stampers en meeldraden, maar dat de planten ze ook daadwerkelijk gebruiken, nee, dat wist ik niet. Planten hebben kennelijk hersenen en daarmee controleren zij de dieren. En die dieren hebben geen idee. Die denken gewoon dat ze stuifmeel aan het verzamelen zijn, maar dat schijnt niet zo te zijn. Toch wel wonderlijk hoor, dat denkvermogen van hogere wezens. Wij bijvoorbeeld, maken ons zorgen over de uitstervende ijsbeer, maar de ijsbeer heeft geen idee en gaat door waar hij mee bezig was, de Noordpool verkennen.

Nu redeneren wij mensen vanuit onszelf en wij vinden dat wij observeren en controleren. Maar is dat wel zo? Worden wij op onze beurt ook niet gebruikt door planten? Of door andere wezens die we niet herkennen als zodanig? En dat die wezens zich zorgen maken over onze ontwikkeling maar dat wij denken dat we gewoon de aarde aan het bevolken zijn? Kan natuurlijk makkelijk. Wij denken natuurlijk van niet, maar bekijk het eens vanuit het perspectief van de mier. Die bouwt zijn infrastructuur in de mierenhoop en dat is zijn wereld. Hij heeft geen idee van de menselijke soort, simpelweg omdat zijn denkvermogen dat niet toelaat, denk ik. Maar zo kan het dus ook goed mogelijk zijn dat ons denkvermogen of misschien onze zintuigen niet toelaten dat wij onze meerderen niet waarnemen.

Vanuit dat perspectief ziet de wereld er ineens heel anders uit. Niet vanuit onze zintuigen, maar vanuit ons denkpatroon. Want ja, wat zouden we ons nog langer druk maken? Straks komt er zo’n rotjong die de mierenhoop in elkaar trapt. Daar doen we niks aan. Na de speciale en de algemene relativiteitstheorie is het nu, 100 jaar later tijd voor deze derde variant, die alleen nog even in formulevorm gezet moet worden.