Zolder.

Ik ben verdreven van mijn vaste computerplek, omdat daar waar ik al die jaren zat te loggen, Hans' nieuwe kamer gaat worden. Ik zit nu op het hoogste niveau dat je hier in huis kunt bereiken, de zolder. Ver boven de rest van de familie verheven. En of het logniveau mee stijgt, (kan haast niet meer) dat moeten we nog even afwachten.

Hans heeft vanuit de badkamer zicht op z'n nieuwe kamer, en op z'n zwoegende vader die daar vanavond aan het timmeren en aan het zagen was. (Niet verder vertellen, maar dat is gewoon om indruk te maken op mevrouw Mack, want ik timmer en ik zaag zomaar wat, want dan lijkt het alsof je druk bezig bent.)
Ik had Hans vanavond voor het eerst duidelijk gemaakt dat hij een nieuwe kamer kreeg, en dat daar Alfa Romeo behang op zou komen, en dat de baby in Hans z'n kamer ging slapen.
Dat vond hij allemaal hoogst interessant en stemde dan ook knikkend in. Toen ik een kwartiertje later het hamertje erbij neer gooide, en de kamer en de puinhoop even liet voor wat het was, riep Hans vanuit het bad verschrikt uit: "Papa, mijn bed is nog niet kaar!" (de L is nog wat lastig.)

Had de kleine rakker begrepen dat-ie er vanavond gelijk al in moest. Nou, om je dood te lachen toch? Ja, voortaan moet u eraan geloven hoor. Voor elke ouder komt het punt een keer dat hij anderen gaat lastig vallen met uiterst grappige anekdotes over zijn kind. En dat moment is nu aangebroken.

De jaren tachtig.

Er is een nummer dat ik zo mooi vind, dat ooit toen het gedraaid werd op een crematie, ik door de emoties spontaan een bloedneus kreeg. Sommige nummers vond ik zo mooi dat ik ze nooit op cd wilde hebben uit angst dat de magie eraf zou gaan doordat ik het te vaak zou horen. Maar de moderne tijd verpest bijna al onze mooie dromen dus kun je het tegenwoordig gewoon op youtube bekijken en beluisteren. Want bijna alles is te vinden. Je moet er alleen even aan denken om het op te zoeken.

Muziek kan je terugbrengen naar vroeger, en dat was heus niet altijd leuk. Ja vroeger vroeger, dat was leuk, maar die nare jaren '80 (die ik ergens ook wel weer heel mooi vond) waren ellendige jaren van gewongen zelfstandigheid, waar ik mij heftig tegen verzette, van kakkers op school die geen idee hadden wat ik doormaakte en alleen maar stom konden ouwehoeren, van leraren die je dingen wilden bijbrengen waar je toen al het nut niet van inzag en nu al helemaal niet, van onzekerheid, verdriet en eenzaamheid.
Nog een wonder dat het allemaal weer goed is gekomen met me. Ik denk dat in de jaren tachtig, God even met vakantie was.

Dit was trouwens het nummer wat mij een bloedneus bezorgde en mij inspireerde tot dit logje.

De jaren tachtig.

Er is een nummer dat ik zo mooi vind, dat ooit toen het gedraaid werd op een crematie, ik door de emoties spontaan een bloedneus kreeg. Sommige nummers vond ik zo mooi dat ik ze nooit op cd wilde hebben uit angst dat de magie eraf zou gaan doordat ik het te vaak zou horen. Maar de moderne tijd verpest bijna al onze mooie dromen dus kun je het tegenwoordig gewoon op youtube bekijken en beluisteren. Want bijna alles is te vinden. Je moet er alleen even aan denken om het op te zoeken.

Muziek kan je terugbrengen naar vroeger, en dat was heus niet altijd leuk. Ja vroeger vroeger, dat was leuk, maar die nare jaren '80 (die ik ergens ook wel weer heel mooi vond) waren ellendige jaren van gewongen zelfstandigheid, waar ik mij heftig tegen verzette, van kakkers op school die geen idee hadden wat ik doormaakte en alleen maar stom konden ouwehoeren, van leraren die je dingen wilden bijbrengen waar je toen al het nut niet van inzag en nu al helemaal niet, van onzekerheid, verdriet en eenzaamheid.
Nog een wonder dat het allemaal weer goed is gekomen met me. Ik denk dat in de jaren tachtig, God even met vakantie was.

Dit was trouwens het nummer wat mij een bloedneus bezorgde en mij inspireerde tot dit logje.

Sneeuwschudbol

Sinds schoolbank.nl en hyves begint het mij op te vallen dat veel mensen zich verbazen over mijn goede geheugen. Het lange termijn geheugen, welteverstaan. Eén vrouw, ik noem geen namen, verbaast zich er juist over dat het zo slecht is, het korte termijn geheugen bedoelt zij dan. Sleutels kwijt, afspraak vergeten, dat heb ik je gisteren ook al verteld, u kent het wel.

Mijn lange-termijn geheugen lijkt inderdaad wel beter dan gemiddeld. Tenminste, als ik de reacties van sommigen peil. Zo vond een buurjongen van 25 jaar geleden het vreemd dat ik nog wist hoe hun drie katten heetten, een buurmeisje vond het apart dat ik nog wist wat haar vader 30 jaar geleden het liefst op zijn brood at, en twee jaar geleden op een reünie heb ik mijn klasgenoten maar verteld wat zij zoal deden, op school in 1978.
Mijn eerste herinnering is uit 1971, zomervakantie op Texel, ik was toen nog geen drie, en betreft een plastic speelgoedauto die ik van een jongetje had afgepakt en moest teruggeven van mijn moeder. (1e herinnering, auto!)

Er zijn verschillende theorieën over het geheugen. Mijn theorie is de volgende: De indrukken die ik opdoe zijn als vlokken in een sneeuwschudbol (u weet wel) op korte termijn zijn die niet te raadplegen omdat ze nog kris-kras door elkaar zweven. Op langere termijn, als elk vlokje zijn plaats heeft gevonden, kan ik de vlokjes makkelijker terugvinden. Maar dan moet je daarna niet meer schudden natuurlijk.

Slaaaaaap

Tien jaar geleden begonnen de slapeloze nachten. Anderhalve maand duurde deze vicieuze cirkel van wakker liggen—-> paniek omdat je vroeg op moet—-> wakker liggen. In het weekend sliep ik wel omdat ik dan niet vroeg op moest. Uiteindelijk heeft de dokter het doorbroken met een stevig slaapmiddel. Een nacht slaap helpt beter dan de beste antidepressiva.

De slaapmiddelen bleven uiteindelijk gewoon op mijn nachtkastje liggen. Het weten dat ze er lagen was genoeg om de paniek niet te laten toeslaan. Toen ik met mevrouw Mack ging samenwonen, verdwenen de slapeloze nachten als sneeuw voor de zon. Toen ik met haar trouwde kwamen ze weer net zo hard terug, maar dat had eigenlijk meer te maken met Mack (de echte) die er drie keer per nacht uit wilde om zijn sproeiinstallatie open te zetten.

Maar toch is het anders als je door een hond of een baby uit je slaap wordt gehouden, dan door niets. Vannacht lag ik wakker door niets. Van een uur of drie tot zes. En ik ben de hele dag niet uit mijn dufheid ontwaakt. Normaal kan ik best goed tegen weinig slaap. Maar vandaag dus niet.

Mijn beste slaap ooit heb ik altijd onthouden. Ergens in augustus 1996, na een Formule 1 weekend in de Ardennen, sliep ik in het huis van mijn moeder, die toen op vakantie was en destijds een huis met weiland en schapen had. In haar koele kamer met balkon, sliep ik met de balkondeuren open, van negen uur 's avonds tot negen uur 's ochtends. Ik werd wakker van het geloei van de enige koe tussen de schapen. Wat een prachtig geluid zo vlak onder je balkon.

Weltrusten.

Tegenstrijdige afwijking.

Als ik zo'n mooie bocht, zijnde de op- of afrit van de snelweg neem, ligt binnen in de bocht altijd een mooi stukje bos of een ondiep plasje. Ideale plek om een lijk te verbergen, denk ik dan.
Het grote nieuws van vandaag was de arrestatie van een verdachte in de Puttense moordzaak. 14 jaar na dato op basis van een DNA-match.
Als ik dit hoor komt mijn criminele inslag in opstand. Met modern DNA-onderzoek heeft de moordenaar/verkrachter geen kans meer om uit handen van de politie te blijven. Tenminste, niet zolang er een lijk wordt gevonden. Want het DNA achterhaalt je uiteindelijk.

Ik heb nooit een moord gepleegd (tenminste niet met voorbedachte rade) en ik ben het ook niet van plan, maar ik ben het niet met deze technologische ontwikkelingen eens. Want als alle moorden straks worden opgelost, wat moet er dan nog in de krant? En als alle verdere criminaliteit wordt uitgeroeid, waar moeten we het dan nog over hebben? En dan heb ik het nog niet eens over de overbevolking die in de hemel gaat onstaan. Uiteraard hoop ik dat niemand van u, of iemand die u persoonlijk kent ooit zelfs maar slachtoffer van een autoinbraak wordt, maar dat dat soort dingen voorbehouden blijft aan de 39367e inwoner van gemeente 212. (tenzij u voor u beroep in auto's inbreekt, dan wel natuurlijk.)
Het zal u niet verbazen dat ik tegen een DNA databank ben, waar het DNA van elke Nederlander wordt opgeslagen. Het is het begin van Minority Report. De hel op aarde. De keus tussen goed en kwaad moet wel een verantwoording van het individu blijven, niet dat je in een fabriek gaat werken omdat er in de moordelarij toch geen toekomst meer zit.

Earth

Beter dan 100 Al Gore's op een rij helpt mij het één keer bekijken van de BBC film "Earth-de reis van je leven"
Een film die start op de noordpool, over de globe afzakt naar de zuidpool, om daarna nog één keer terug te komen op de noordpool. Wat een knappe film in alle opzichten!

De zeldzame natuuropnames zijn al overweldigend mooi, maar nog veel knapper vind ik het hoe de film het klaarspeelt mij steevast partij te laten kiezen voor de underdog. U moet voor de gein uw kind eens laten vallen in Ouwenhands Dierenpark tussen de ijsberen. Met schoenen en jas wordt het opgevreten. Klerelijers zijn het! (de ijsberen) Als dat je overkomt ben je blij dat de ijsbeer in 2030 is uitgestorven.

In de film echter, loopt een ijsbeer over steeds dunner wordend ijs, tot hij er op een gegeven moment doorheen zakt en dagen moet zwemmen voordat hij nog nét niet verdronken en uitgehongerd weer vaste grond onder z'n voeten krijgt. Door zijn grote honger gedreven, waagt hij de gok om een groep walrussen aan te vallen, wat hij moet bekopen met een slagtand door z'n poot waardoor hij niet meer kan jagen en zich neerlegt om te sterven. Het medelijden met de ijsbeer werd groter dan de sympathie voor de walrussen.
En dat verontrust mij. Mijn meningen en sympathieën stellen kennelijk geen ene reet voor omdat de eerste de beste filmmaker het voor elkaar kan krijgen mij anders over een onderwerp te laten nadenken, door simpelweg de zielige kant van de slechterik te belichten.

En als laatste vind ik het knap dat deze film mij mezelf deed afvragen wat ik zou kunnen doen om de ijsbeer te redden. Want als Al Gore roept dat de opwarming van de aarde door de mens veroorzaakt wordt, kom ik in opstand, maar als de BBC het suggereert, dan zal het toch zeker waar zijn. Topgear heeft tenslotte ook altijd gelijk.

Ingreep.

Vandaag heb ik wat teruggedaan voor de natuur, in het bijzonder voor de koolmezen. Onze grijze huisplaag, Sophie, kwam met een trotse tred in mijn richting lopen, in haar bek een vogeltje dat z'n kopje nog niet had hangen, integendeel, het keek nogal verbaasd over wat hem was overkomen.

Na een goed door mij uitgevoerde charge, verslapte even de concentratie van de gluiperige huisnazi, waardoor de vogel een poging deed om te ontsnappen. Met een katachtige reflex ontweek de mees de eveneens katachtige reflex van de kat. Ik verbaasde mij over de vogel die ongeschonden en twee en een halve meter hoger op een tak ging zitten analyseren wat er was gebeurd.

Sophie bleef nog dreigend om de boom heen lopen, maar moest een minuutje later erkennen dat ze had verloren. En zo'n vogeltje, zou dat nu beseffen dat zijn leven aan een zijden draadje heeft gehangen? Of kennen vogels die uitdrukking niet omdat zijde ten eerste sterk genoeg is om een vogel te dragen, en ten tweede, zou het breken, fladderen ze gewoon weg?

In elk geval, zo'n vogeltje, met zoveel geluk, zou dat vannacht slapen als alle andere nachten, of schrikt het steeds wakker, en slaat het dan een kruisje?

Het gele fietsje.

Dat ik ben zoals ik ben, met al mijn beperkingen en mijn gave om voor de buitenwereld te doen alsof ik wél leuk ben, heeft voor mij één hele duidelijke oorsprong: ik had vroeger een grijs fietsje terwijl al mijn vriendjes een gele hadden.
Ik ben uitgelachen en weggehoond, gepest en vernederd, ze maakten expres afspraken met me op verkeerde plaatsen, zodat ik na anderhalf uur fietsen en een uur wachten erachter kwam dat ik was beetgenomen. Verdrietig fietste ik dan naar huis en onderweg zag ik de jongens gewoon op het schoolplein met elkaar voetballen, vijf minuten van mijn huis. Ik wilde mijn tranen niet laten zien en fietste nog eens extra om, om niet nog eens de spot van de jongens uit de buurt over mij heen te krijgen. Een rampzalige jeugd, maar mijn ouders konden het zich niet veroorloven om voor mij een ander kleur fietsje te kopen.

Morgen, de 18e, wordt Hans drie en hij krijgt van ons een fiets. Ik begaf mij vorige week naar Halfords alwaar prachtige kinderfietsjes uitgestald waren, mooier nog zelfs dan de gele fietsjes die de jongens uit mijn buurt vroeger hadden. Na vijf seconden had ik al bepaald welke het moest worden: een prachtig degelijk fietsje, met camouflagevlekken, verkrijgbaar in de kleuren grijs en geel. De gele!
Ik riep de verkoper en sprak mijn interesse in het gele fietsje uit. De man noemde mij de prijs, € 149,- en ik, gehard als ik ben geworden door mijn jeugdtrauma, zei gelijk: "dan wil ik er wel zijwieltjes bij!"
"Dat kan" zei de verkoper, "dat wordt dan € 157,-!"
"Ach, afdingen is voor boeren" dacht ik bij mezelf en liet het maar zo. Een grote doos uit het magazijn werd voor mij apart gezet, zodat ze de zijwieltjes nog konden monteren, en ik het fietsje een paar dagen later kon ophalen.

Gisteren, ik zit op mijn werk, mevrouw Mack mailt mij dat ze het fietsje had opgehaald en dat ze er helemaal weg van was. "Hoe vond je de kleur?" mailde ik terug. "Ja, geweldig! Heel mooi dat grijs met die camouflagevlekken. Ik dacht alleen dat je zei dat je een gele had uitgekozen? Ik vind deze misschien nog wel mooier!"
Het volgende wat ik mij herinner is dat een collega met een bezorgd gezicht over mij heen gebukt stond. "Mack! Mack! Je was ineens weg. Hoor je me Mack?"