De baas in huis.

Ik had vandaag een vrije dag. Ik neem niet graag vrije dagen want ik werk me te pletter op vrije dagen. Liever zit ik lekker op kantoor, waar je niks aan je hoofd hebt, waar je de boel de boel kunt laten en waar echt even lekker kunt ontspannen. Maar vandaag, op de verjaardag van Hans had ik vrij zodat Hans nog even een dagje rustig kon spelen met al zijn nieuwe cadeaus en hij niet gelijk op z'n verjaardag naar z'n nieuwe school hoefde.

Ik dien mijn beklag bij u in. Over mijn vrouw, die een slavendrijfster is. Ze had me een paar simpele opdrachtjes gegeven en die luidden: 1. Paspoort verlengen. 2. Strijken. 3. Tuin opruimen. 4. Slingers afhalen. En 5, maar die stond er niet bij, de vaatwasser uit- en inruimen. Maar er stond zo'n dreigende berg vaat op het aanrecht dat ik het echt niet hoef te flikken om die te laten staan als ik een dag vrij ben geweest, want anders Hell breaks loose. De smoes dat die niet op het lijstje stond werkte de eerste keer gelijk al niet.

Punt 1. Ik stond om half tien op het gemeentehuis, uiteraard voor niks, (je komt de eerste keer na een nieuw kabinet altijd voor niks op het gemeentehuis omdat alle regels van het vorige weer teruggedraaid zijn), want ze wilden mijn paspoort niet verlengen. Nou ja, dat nog wel, maar ze weigerden mijn kinderen bij te laten schrijven zonder toestemming van mijn vrouw. En ik moest beide kinderen als bewijsstuk kunnen overleggen, anders deden ze het ook niet. Ik had slechts één bewijsstuk bij mij en die rende al ergens aan de overkant op een gang terwijl zijn broek afzakte. "Papa, mijn bwoek zakt af", riep bewijsstuk 1. En dat bleek te komen omdat ik 's ochtends vergeten was zijn rits en zijn knoop dicht te maken. Nou ja, in elk geval, ik heb mijn ongenoegen kenbaar gemaakt, in discussie gegaan over stomme regels door een massa-hysterische reactie veroorzaakt door G.W. Bush en dat bewijsstuk 1 nu voor het eerst voet zette in het gemeentehuis terwijl die toch gewoon al op mijn reeds verlopen paspoort stond. En hoe of dat dan kon? Dat weten ze dan nooit.

Punt 2. Van tien tot kwart voor één. Ik maakte mijn bezwaren nog duidelijk kenbaar die ochtend. Drie wasmanden? Doe ff normaal zeg! Zo kan ik nooit met Hans gaan spelen. Linda's sarcastische commentaar: En als je die klaar hebt zit er in de droger ook nog één.

Punt 3. Er was gisteren tijdens een kinderfeestje een bom ontploft in onze achtertuin, maar na vijf minuten had ik de schade weer hersteld.

Punt 4. Ik heb gebeld met Linda om ontheffing van punt vier omdat ik met Hans naar de Julianatoren wilde. En dat ik dan voort moest maken en geen tijd meer had om alle slingers op te ruimen. Die ontheffing heb ik dan tijdelijk gekregen, mits ik het 's avonds inhaalde, hetgeen inmiddels gebeurd is.

Punt 5. Had ik al gedaan na punt 2, want dat grote voordeel dat je had toen je vrijgezel was, namelijk alle troep laten staan tot het jou een keer uitkomt, dat is een schip wat reeds lang en ver gevaren is.

En zo'n middagje Julianatoren is ook flink zweten. Trap op, glijbaan af, schoenen uit, schoenen aan, en in ontspannende dingen, zoals een reuzenrad, willen ze niet, nee uitsluitend in attracties waar je als ouder dubbelgevouwen in mee moet.
Kortom, ik ben kapot. Maar nu doe ik de rest van de week helemaal niks meer! Al gaat ze op haar kop staan, ik lig op de bank en ik beveel bier! Dat ze wel even weet hoe de verhoudingen hier thuis liggen!

Kinderfase 1

Fase 1 is bijna afgerond. Hans heeft zijn eerste opleiding, Kinderopvang Nijntje, met glans afgerond. Op zijn cijferlijst had hij bijna allemaal tienen. Alleen zindelijk worden en het zelf aan- en uitkleden was iets minder…een acht. Gisteren was zijn laatste dag en hij heeft afscheid genomen van de juffen en de medestudenten. Tevens heeft hij in een kring z'n verjaardag gevierd en mocht hij vier(!) liedjes uitkiezen die het klasje dan voor hem ging zingen. De keuze viel op poesje Ellen, zo draait de molen, helikopter en de poppenkraam. Hans mocht het geheel begeleiden op drums. Bijna benaderde hij de drumcomputer van Metallica in het nummer One, zo strak.

Morgen is hij jarig, maar vandaag hebben we het gevierd en dinsdag gaat hij voor het eerst naar de basisschool. Maar eerst gaan Hans en ik morgen nog even een dagje met zijn nieuwe speelgoed spelen.
Het is een ventje hoor. Hij pakt zijn ouders nog moeiteloos in. Als wij bewust met opvoeden bezig zijn maakt hij geen schijn van kans, dus dan is naar bed, naar bed en krijgt-ie geen Yoki meer. Dus dan gebruikt hij andere tactieken. Zoals zojuist, toen wij de Da Vinci code zaten te kijken en wij ineens schrokken van een doffe klap die veroorzaakt bleek door een uit z'n bed gevallen Hans. Haast nog voor hij kon gaan huilen was ik al bij hem. Ik droeg hem snel naar beneden en gaf hem aan mama. (anders miste ik het verhaal) Ik denk dat het snikken dertig seconden aanhield voordat het overging in de vraag "Mag ik nog een flesje Yoki?" Zwicht. Triomfantelijk lachend heeft hij met ons nog het laatste kwartier van de film gezien.

“Zo” doen.

Sinds mijn vader overleed, 24 jaar geleden, bid ik niet meer voor het eten. Dat is geen wraak maar hij was de voorganger en wij moesten meedoen. Dus dat betekende dat je stil moest zijn en dat je voor en na het eten luisterde naar het Onze Vader. Nadat hij overleed heeft niemand die taak van voorganger overgenomen dus bidden deed ik alleen nog in mezelf, als ik iets nodig had. Een nieuwe fiets, een voldoende, u kent het wel. Linda komt helemaal uit een goddeloos oord, dus van haar kant is ook geen gebed voor het eten te verwachten. Bovendien, ga de discussie met haar maar eens aan wie je moet bedanken voor het eten; ik wens u succes.

Maar Hans, naamgenoot van, en nog geen vier jaar, wees ons vanavond terecht. Toen we wilden gaan eten kwamen we er niet af met een 'eetsmakelijk' want volgens hem moesten we "zo" doen en hij vouwde zijn handjes en hij prevelde iets korts. Linda vroeg wat hij zei, maar hij wist het zelf ook niet precies. Of ik dan wist wat er gezegd moest worden, met zo'n blik keken ze mij aan. Voor het Onze Vader was het veel te kort dus ik probeerde: "Here zegen deze spijze. Amen" maar dat was het niet. "Dankuwel voor het lekkere eten" dan? Ook niet! "Aanvalluh??" Ook niet. Ik ken de protestantse gebeden niet dus ik moest het antwoord schuldig blijven. "Nou ja Hans, ik zoek het wel even voor je uit, morgen."

Hoofdschuldigen hieraan zijn onze overburen. Hans blijft daar regelmatig eten en daar moet hij dus "zo" doen. Wij vinden dat uiteraard prima, en als tegenprestatie wilde Linda hun zoontje leren grunten, pink en wijsvinger in de lucht en dan keihard: Metaaaaaaaal". Mij gaat dat iets te ver dus ik denk erover om hem volgende keer als hij hier is het "Wees gegroet" in het Latijn te leren.

In elk geval, het was een mooi gebaar van onze kleine Johannes. Vonden wij allebei toch wel ergens diep van binnen.

The spaghetti incident

Spaghetti

Gisteren heb ik mijn dochter macaroni te eten gegeven. Van die vieze Olvarit zonder smaak. Toch viel het haar niet tegen. Ze at haar bordje met smaak leeg. Dat het een beetje een rommeltje is geworden, is niet het belangrijkste. Ik mocht haar ook weer zelf chemisch reinigen naderhand. Nee, het belangrijkste is dat u weet dat de columns die ik het afgelopen half jaar in het babyblaadje schreef, niet overdreven waren. Ik ben gewoon niet zo’n hele handige papa. Dus denk niet dat deze foto met voorbedachte rade is gemaakt en dat ik haar even extra heb toegetakeld zoals we op televisie altijd genept worden; dit is gewoon hoe het er hier aan toegaat als er hier Italiaans gegeten wordt. U zou mij eens moeten zien na een zak paprikachips of een bord spaghetti. Eén gezicht.

Vader misbruikt dochtertje (9 mnd)

Tja. Gisteren bij de Koningin Julianatoren. Ik hield het niet meer. Hans durfde niet met me mee in het reuzenrad, en Linda kon niet mee want dan zou Hans alleen achter blijven. En ik wilde heel graag in het reuzenrad. Maar niet alleen, want het is een kinderpretpark dus kun je als volwassen man niet zo even alleen het reuzenrad in. Stel je voor zeg! Dan ben je pas echt verdacht. Dus op een onbewaakt moment heb ik het gedaan. Linda en Hans waren even ergens aan het kijken en toen heb ik Tammar opgepakt en ben snel met haar zo'n gondeltje in gestapt. "Ja, die kleine vindt dat zo leuk" zei ik tegen de reuzenradmeneer.

Machteloos

Hier kun je dus weinig aan doen als vader. Je hoort altijd de verhalen wel van ouders die hun eigen kind zo mooi vinden, en anderen constant lastig vallen met foto's, filmpjes, grappige annekdotes…
Maar hoe je er ook tegen vecht, soms gaat het toch mis. Het is de vrouwelijke verleiding waar geen man tegen bestand is. Je moet je niet in situaties begeven waarvan je weet dat je kwetsbaarheid het gaat verliezen. Loop weg, kap af, of sla ze desnoods van je af, maar loop niet in de val van de slang in het paradijs. Dit meisje heeft mij in haar macht. Ze kan doen en laten met me wat ze wil, ik ben machteloos.

Terwijl ik dit schrijf ligt ze te slapen en is ze zich niet bewust van haar gesmolten vader maar morgenochtend als we wakker worden en Linda komt met haar de slaapkamer binnen, dan zoekt haar blik de mijne en als ze die gevonden heeft zet ze haar verleidelijkste glimlach op. Hoe moet ik dit meisje ooit opvoeden? Hoe ga ik haar ooit weigeren waar ze om vraagt en hoe gedraag ik mij ooit weer als een man?

Kindonvriendelijk

Hans, dat lijkt op de foto's zo'n voorbeeldig lief jochie, en dat is hij ook. Echter, zijn dwarse kant is zich nu ook aan het ontwikkelen want anders kun je straks zijn lieve kant nergens meer aan toetsen.
Hij begint te drammen met alles. "Ik woe da nie!" is zijn meest gebruikte zin van de laatste tijd. Hij lust ineens geen eten meer, wil helemaal niks meer weten van oefenen met zindelijk worden, en hij luistert alleen als het hem uitkomt.

Linda is de meest directe van ons twee en ik de meest vergevingsgezinde. Dus Hans neemt sneller een loopje met mij dan met Linda. Hans heeft ook vaak vele sterkere argumenten dan ik. Bijvoorbeeld vanavond. Dan wil hij in mijn bed slapen en op de avonden dat hij de volgende dag vrij heeft van de uni-dichtbij-siteit (whooeeehahahahaa, hoe kom je erop?) vind ik dat meestal wel goed. Dan leg ik hem als ik naar bed ga weer in zijn eigen bed, en meneertje is tevreden. Maar vanavond niet want hij had niet geluisterd dus moest hij van mij in zijn eigen bed. "Maar ik woe dat nie!" "Maar ik woe dat wel." "Maar ik niet." "Hans, luister, jij was vanavond aan het klieren dus je slaapt gewoon in je eigen bed." "Maar ik woe dat nie." "Dan heb je pech gehad." "Maar ik woe da nie."
Ja, dan ben ik dus uitgeluld want zijn argument is zo sterk dat hij het elke keer weer kan gebruiken.

Ik was dus tegen mijn gewoonte in niet vergevingsgezind en heb hem vanaf een halve meter hoogte in zijn bed gepleurd. Dat pikte hij natuurlijk niet en hij smeet kwaad met een knuffel, en ik trok zijn deur achter me dicht. Drie seconden later was die weer open en er stond een huilende Hans. Ik woe niet in mijn eigen bed!
Moet je horen Hans, jij gaat nu in je eigen bed en als je dat niet wil, lees ik ook geen verhaaltje voor!

Dan volgt gelukkig het voorspelbare gedeelte want je kunt zelf het moment bepalen waarop je Hans kunt troosten. Want getroost worden wil hij altijd wel even in papa's of mama's armen. En dan vraag je of je nog een verhaaltje moet lezen, er volgt zo'n zielig snikje met ja, en dan geeft-ie zich eindelijk over en gaat liggen. Dit was wel de eerste avond in zijn leven dat hij al sliep voor ik het verhaaltje uit had.

Meesterwerken

Tammar wordt op dit log een beetje achtergesteld t.o.v. Hans, maar dat komt omdat zij een meisje is al het onderwerp van mijn columns in OVN was. Maar dat kon zo natuurlijk niet langer want meisjes in West-Europa zijn tegenwoordig even belangrijk als jongens. Dus vandaar nu ook een foto. Dat het even heeft geduurd is omdat ik u in verband met de kredietcrisis nog niet te veel aan haar wilde laten wennen, ik wist immers niet of ik nog gedwongen zou worden haar te verkopen, maar ik denk dat het nu wel veilig is.

De waarheid is natuurlijk dat ik als papa van dit prachtige stel heel erg trots ben. Tammar is een ontzettend lief meisje en een nog voorbeeldigere baby dan Hans al was. Hans maakte ons om een uur of acht wakker, Tammar slaapt soms tot negen uur door. En die glimlach! Echt waar, Vincent van Gogh had zijn oor er niet afgesneden als hij de Tammar Simone had kunnen schilderen in plaats van de Mona Lisa. Wilt u geloven dat deze twee precies de kinderen zijn die ik vroeger altijd hoopte te krijgen? Het lijken wel kloonen van mijn gedachten.

Ben ik er ook één?

Het zwaaien naar Hans als ik hem heb weggebracht naar de kinderopvang wordt mij zo langzamerhand onmogelijk gemaakt. In 2007 hebben ze de weg langs de kinderopvang éénrichtingsverkeer gemaakt waardoor ik voortaan een extra rondje moest rijden om naar hem te kunnen zwaaien vanuit de auto. Toen verhuisde hij naar een ander klasje (Snuf de Hond) en van daaruit kon je net een stukje weg zien, een metertje of tien waar ik kon stoppen om nog even te zwaaien.

Nu loop ik tegen een aantal problemen aan. Tussen het raam van zijn klasje en de weg bevindt zich een parkeerplaats en als daar veel auto's staan dan heb ik in plaats van tien meter nog maar één meter om oogcontact te hebben met mijn zoon. Soms staat er precies op die ene meter een debielenbusje stil om debielen naar hun werk te brengen, waardoor ik achter het busje moet stoppen, uit de auto moet stappen om als een debiel te gaan staan zwaaien naar Hans, want die rekent daar nu eenmaal op.

Maar nu is het toppunt bereikt. De moeders van de debielen brengen hun debieltjes naar de debielenbushalte, en als de bus vertrokken is staan ze nog wat na te keuvelen met elkaar. Gezellig, dorps, beter dan de hele dag internetten, maar ze staan wel op drie meter afstand van de plek waar ik mijn rode bolide tot stilstand breng om naar Hans te zwaaien. En wat denk je wat? De moeders van de debielen gaan nu ook naar mij staan zwaaien, want dat is lachen, gieren, brullen, om een vader die zijn zoontje uitzwaait belachelijk te maken. Of bevestigen ze alleen wat u allang wist?

Afgekeurde column

De 6 columns die ik zou schrijven voor Ouders van Nu zijn allemaal ingestuurd, alleen de laatste moet nog geplaatst worden. Ik moet zeggen: het viel niet mee. Het probleem is dat het onderwerp (Tammar) niet vrij is, en dan wordt het nog knap lastig om dusdanig te schrijven dat het net lijkt alsof het ouderschap geen sleur is. In het begin gaat het nog wel, introductie, geboorte, dan eentje over slaapgebrek, maar dan heb je er pas drie. En maanden gaan dan toch ineens supersnel voorbij, elke keer weer die deadline. Als ik een onderwerp heb, komen de woorden vanzelf, dat is het probleem niet, maar het onderwerp verzinnen is het moeilijkst. Zelfs met een weblog valt dat niet altijd mee, en daar kun je nog schrijven wat je wilt. En als je dan eindelijk klaar bent, moet je weer dingen veranderen omdat jonge ouders kennelijk de snelst gekwetste Nederlanders (en Belgen, ik zag mijzelf een keer in een schap van een Belgische supermarkt liggen) zijn, en u kent mij inmiddels een beetje, ik val best wel mee.

Eén column is afgekeurd. (niet samenhangend genoeg) Die kon u dus nooit lezen. Daarom zet ik hem nu maar hier. Want ik hou niet van zinloos.

Lees verder “Afgekeurde column”