Het voorrecht van de jarige.

Afgezien van dat er drie van de vier gezinsleden niet lekker waren, haat ik verjaardagen in mijn eigen huis. Na een nacht met een overgevend kind dat twee keer zijn bed onderspuugde had ik er eigenlijk al geen zin meer in. De eerste keer heb ik hem in een ander bed gelegd en de kots laten liggen maar toen ik dat een uur later aan Linda (die ook niet lekker was en daardoor wakker lag) opbiechtte, vond ze dat geen goed idee. Dus kon ik alsnog de zooi opruimen. Een uurtje daarna had hij weer z'n bed onder gespuugd en werd de nacht voor de derde keer op grove wijze onderbroken. En toen ik de vanmiddag wat slaap probeerde in te halen op de bank terwijl Hans een dvd'tje keek, was het na vijf minuten alweer kotsalarm. En natuurlijk haalde hij de wc niet, dus die hogedrukstraal kwam in de gang terecht.

Ik heb geen idee waarmee je braaksel opruimt, en Linda en Tammar lagen ook slaap in te halen, dus ik heb het met een emmer en een dweil gedaan. Was dat goed? Toen ik het opgeruimd had en Hans weer voor de televisie zette, en ik m'n ogen weer dicht deed stond na een kwartiertje de eerste visite al voor m'n neus.
Ik zeg het ze ook gewoon, dat ik het haat al die visite. Dat het niet persoonlijk is maar die tsunami van visite elke keer, gek word ik ervan. Ik heb vanavond in mijn eentje besloten dat ik mijn aankomende verjaardag niet vier. Mijlpaal of niet. Ik ben er niet en ook niet op een andere dag. Gewoon alsof ik niet jarig ben. Want ik ben jarig, dus ik mag kiezen.

Het probleem met jongetjes… II

Vorige week donderdag heb ik de groene container, het glas en het oud papier aan de weg gezet. Vier keer moest ik heen en weer lopen, voordat alles weg was. Nu is de weg niet echt heel dichtbij, eerst een meter of twintig rechtsaf, dan een fietspad oversteken, nog een ander fietspad over, en dan ben je er. Mooi uit ons zicht. Één keer in de twee weken op vrijdag halen ze de troep op, de andere week is het de grijze container maar dan zonder glas en oud papier. Toen ik 's avonds de groene container weer ophaalde zag ik dat het oud papier en het glas niet was opgehaald. Dus wat doe je dan, je houdt jezelf voor dat ze het nog komen ophalen en laat het lekker staan. Vanavond zwoei ik even wat visite uit en Hans zwaaide mee. We liepen mee naar de parkeerplaatsen en ineens zag ik dat ons oude papier en het glas er nog steeds stond. En alleen dat van ons, want alle andere bewoners hadden dat van zichzelf al weer weggehaald.

Ik voelde me een beetje bezwaard, vooral omdat sommige bewoners daar net op de balustrade een sigaretje stonden te roken. Het was een ronduit asociaal gezicht dat papier, maar ik hield mezelf voor dat ik er niks mee te maken had. Totdat mijn oog ineens viel op een grote platgedrukte doos waar een Cars-racebaan in had gezeten. Die had ik vorige week bij het oud papier gedaan. Waar ik al bang voor was gebeurde. Hans zag de doos ook en liep er naartoe. Hij boog zich over de stapel papier en riep toen onvermijdelijk: "Hee, dat is mijn Cars-racebaan!" Zeker twee bewoners op de balustrade moeten het gehoord hebben.
En ik: "Oh, kijk nou zeg, ze hebben het papier niet opgehaald vorige week, nou ja zeg!" Dat zal papa zo maar eens even weghalen dan. Anders staat het er straks nog een week, ghè ghè. " En even later kwam ik aangereden met de auto om die troep eens even weg te halen. Want ja, zoiets laat je niet staan natuurlijk.

Het probleem met jongetjes…

Hans, daar hebben wij -maar vooral ik- wel het een en ander mee te stellen. Hij is een poosje geleden bij het consternatiebureau geweest en nu blijkt zijn voorhuid te nauw. Dus u raadt al wat het advies van de dokter was: in bad eens even een flinke ruk aan geven. Volgens mijn moeder heb ik hetzelfde probleem gehad toen ik klein was, maar ik weet het niet. Ik onthou namelijk bijna alles (in achterwaartse richting, niet in voorwaartse) en zoiets zou ik toch zeker nog geweten moeten hebben. Want ik weet nog dat huisarts Mulder mij mishandeld heeft met een speciale aambeientang toen ik een jaar of 9 was, en dat dokter Verhaak mij een spuit in mijn hoofd gaf (dat ging toen nog zo) omdat ik een gat in mijn voorhoofd had. En toen was ik drie. Dus hoe zou een dokter er bij mij tot bloedens toe een sjor aan gegeven kunnen hebben zonder dat ik me dat herinner? Volgens mij is ze in de war met mijn broer, maar goed.
Elke keer als Hans in bad gaat en ik denk eraan, zeg ik: "Hans, even nog de plasser." Ik heb met hem afgesproken dat als het zeer doet dat hij dan "au" zegt. De enige afspraak waar hij zich altijd keurig aan houdt. "AU!" als ik al in de buurt kom. Dus het resultaat is er nog niet, want ik heb angst om onherstelbare schade aan te richten. Maar waar ik het bangst voor ben, is als hij een keer ergens anders in bad gaat, dat hij dan vraagt of ze even aan z'n plasser willen zitten omdat dat van z'n vader ook altijd moet. Je moet er toch niet aan denken.

Mack. Creator of dreams.

Laatst, toen het even een dag warm was in Nederland, heb ik ons enorme zwembad weer eens opgeblazen. Met de elektrische pomp van de buren deze keer. Gaat een stuk makkelijker dan met een handpomp, zelfs als die laatste gewoon op pompen staat in plaats van zuigen. Van de gelegenheid van het lenen van de elektrische pomp heb ik gelijk gebruik gemaakt om al het opblaasbare wat wij in huis hebben, op te blazen. Je weet maar nooit tenslotte, soms kunnen opblaasverzoekjes op de meest ongelegen momenten komen. Ik had dus ook een opblaasroeiboot opgeblazen en in het enorme zwembad gepleurd. Zodat Hans en de buurtkinderen er ook in konden als ze het water te koud vonden. Dan dreven ze gewoon heerlijk dobberend in het zwembad, in een roeiboot die nog ruimte had om dertig centimeter voor- en achteruit te kunnen varen. En als het daarbij ging regenen had ik nog een pracht van een beschermhoes voor de tuinmeubelen in de aanbieding. En die paste weer precies om de boot. Dus zaten de kinderen op regenachtige koude dagen lekker droog in het zwembad. En wat is nu leuker dan met een roeiboot in een zwembad varen met een plastic beschermhoes over je heen terwijl de regen op het zeil neerklettert, en jij in je eigen -door je vader- gecreëerde droge wereldje, ligt te dobberen op een laagje water? Ik weet niks te verzinnen hoor!

Zootje

Ik heb vandaag eens even een fijn stukje gefietst met Hans en Tammar. Dit om Linda even te ontlasten zodat ze zonder gestoord te worden mijn auto eens flink in de was kon zetten. Het was de eerste keer dat ik met Tammar voorop fietste en het was de eerste keer dat ik met de combinatie Tammar en Hans -op zijn eigen fiets- fietste. En eigenlijk ben ik daar nog iets te klein voor, bleek vandaag. Ja, ik kan wel zeggen dat de kinderen te klein zijn, maar dat is niet zo. Je moet als ouder de zeer nabije toekomst (<5 sec) kunnen voorspellen en bedacht zijn op allerlei rampscenaria die eventueel zouden kunnen gebeuren zodat je ze kunt vermijden.

Want tegen Hans zeggen: "Hans, dat daar is een hele drukke weg die we moeten oversteken, ik wil dat je voor die weg stopt, " is niet genoeg. Je moet zelf al bij die weg staan voordat hij er is om hem tegen te houden. Want meneertje reed voor mij uit en negeerde mijn eerste stoproep. En de tweede, een de derde stopschreeuw ook. Om doodleuk een meter voordat hij de weg over zou steken en onder een auto zou komen, met een slippende achterband tot stilstand te komen. @$%#$%@$&* (ik mag niet vloeken waar kinderen bij zijn) waarom luisterde jij niet Hans?? "Daweetiknie."
Na een donderpreek van een minuut staken we de weg over richting Emstergat. Het Emstergat is een recreatiegebied met water, een strandje, een waterskibaan en een wellnescentre en ligt tussen Vaassen en Emst. De gemeente (Epe, dus wat weten die ervan) duidt de plek aan als Kievitsveld. Maar ze hadden het net zo goed Dodo'sveld kunnen noemen want dodo's zijn op die plek even zeldzaam als kievitten. Van oudsher is het Emstergat gewoon alleen twee plassen water waar je kon zwemmen als je drie maanden vakantie had omdat je net geslaagd was voor je Mavo-examen. Over Mavo gesproken, ik deed het destijds op D-niveau en dat schijnt tegenwoordig enorm hoog te zijn. Ik wist het ook niet maar tegenwoordig zweert iedereen bij B-niveau. Sommige bollenbozen wagen zich op C-niveau maar die worden eigenlijk voortdurend gepest vanwege hun streberigheid. Maar dat was even een klein uitstapje. Over uitstapjes gesproken, ik was dus aan het fietsen bij het Emstergat met Hans en Tammar en we bleven even staan om naar de waterskiërs te kijken. Toen we er genoeg onderuit hadden zien gaan gingen we weer terug. Niet over de verharde fietspaden maar over karrensporen die getrokken zijn in de tijd dat je nog karre-sporen schreef.
Na flink veel hobbels en modder ontdekte ik dat Tammar een zootje miste. Zootjes zijn een soort pantoffels voor baby's, maar dan van een hele zeldzame leersoort van het Iberisch zwijn. Ze kosten dan ook 4200 euro. Maar dat wist ik niet toen ik de vermissing ontdekte en besloot niet terug te gaan. Wat kunnen die dingen nu helemaal kosten? Zes euro? Bovendien, ik was er maar één kwijt, drie euro dus. Ik vond het meevallen. Nou, laat maar zitten hoor, dan koopt papa wel nieuwe. Tammar had net ontdekt dat ik achter haar zat en boog haar hoofdje steeds achterover en ik het mijne voorover zodat onze voorhoofden elkaar zachtjes raakten. Zij gaf dan een glimlach en ik wilde dat niet verstoren door te moeten gaan zoeken naar een zootje.

Maar goed, toen ik thuiskwam en ik hoorde de prijs van het zootje schrok ik zowat even hard als toen Hans ijzerenheinig op die weg af fietste, dus heb ik de route nog een keer afgelegd. Alleen! Ergens op een afgelegen bospaadje kwam ik het zootje tegen. Er was nog niemand langsgekomen, beeldde ik mijzelf in want het zootje stond overdwars midden op het pad. Ik slaakte een zucht van financiële verlichting en keerde, met zootje, tevreden huiswaarts. Thuisgekomen keek mijn gezin mij vol spanning aan of ik het zootje had gevonden. Ik liet het zien en liep ermee naar Assepoester. Het paste.

Avondmens.

Er is zoveel veranderd sinds ik klein was. De kindjes bij Hans in de klas geven aan het eind van het schooljaar de juf een cadeautje. Als bedankje voor het schooljaar geloof ik. Maar Hans heeft twee juffrouw's. Juffrouw Kim van maandag t/m donderdag, en Juffrouw Marian op vrijdag. Voor juffrouw Kim had Hans gisteren al een heus cadeautje, want dat is ondanks haar parttime status, toch zijn echte juf. Voor juffrouw Marian moest er vanochtend nog even snel een tekening in elkaar geflanst worden.

Wat wil nu het toeval? Linda had vanochtend geen tijd om Hans naar school te brengen, dus of ik het even wilde doen. Tuurlijk, want juffrouw Marian kende ik nog niet, en juffrouw Kim was twee weken geleden in haar zomerjurk best een vrolijke verschijning zo 's ochtends vroeg, voor een avondmens als ik ben. Maar dat heeft er verder niks mee te maken. Juffrouw Kim had gisteren zeepjes of zoiets gehad, juffrouw Marian moest nog even afgescheept worden met een tekening. Maar dat liep anders, en ik had het kunnen weten.
Op het schoolplein stonden alle kinderen al te wachten met schitterend verpakte cadeautjes, de één nog groter dan de ander. Ik voelde me al wat ongemakkelijk worden. Kinderen waren het versje dat ze van hun ouders geleerd hadden om op te zeggen, aan het oefenen. Een moeder prentte haar kind in dat ze goed de nadruk moest leggen op het feit dat de oorbellen in het doosje van 24-karaats goud waren. Één stel ouders had de plaatselijke fanfare laten aanrukken voor de juf, om haar zo op deze laatste schooldag te bedanken. En daar stonden Hans en ik, met een opgerolde tekening, waar de natte verf haast nog uitliep.
Hans voelde ook dat er iets niet helemaal goed ging want hij zei ineens: "Ik woe nie de tekening aan de juffrouw geven. Jij moet het doen!" "Hans, papa moet helemaal niks, jij moet het zelf doen." "Neeheeheee, da woe'k nie!"
Normaal heb ik veel geduld. Maar niet in dit soort stressvolle situaties waarin ik al voor een kwart voor lul sta, en de enige die me nog kan redden van de overige drie kwart, degene is die staat te blèren dat hij het niet woe. Dus ik siste hem toe: "Kop houden Hans, jij geeft het en verder wil ik er geen woord meer over horen, anders ga je vanmiddag in de kruipruimte tussen de spinnen, begrepen?"
We liepen de klas binnen en de juf stond omringd door tien kinderen alle cadeautjes en versjes in ontvangst te nemen. Tussen de kinderen stak één klein armpje met een opgerolde tekening. Aan het armpje zat een jongetje met een bangig gezichtje. Het armpje probeerde steeds de tekening in de hand van de juffrouw te drukken, maar het klerewijf pakte natuurlijk eerst de mooie cadeaus aan. En toen ze tenslotte de tekening pakte en uitrolde, was het een mooie verfvlek geworden. "Oh, wat mooi Hans, heb jij dat gemaakt?" zei ze tegen het jongetje dat aan het armpje vast zat dat zich uit schaamte los probeerde te maken uit de greep van de juf.

Toen ik weer thuisgekomen verontwaardigd mijn verhaal deed, over dat wij met die armzalige tekening stonden tussen kinderen met goudstaven, en dat ze daar toch wel even wat beter over had kunnen nadenken, was Linda's commentaar: "Ik ga echt niet voor een juffrouw van een ochtend in de week een cadeau kopen hoor! Bovendien had je haar toch even tien euro erbij kunnen geven? Koop er maar wat leuks voor?" En toen schoot ik spontaan in de lach, om kwart voor negen 's ochtends. En da's best ongewoon, nog vóór de koffie.

Fiets, helm, droom.

Ik heb vandaag voor het eerst gefietst met Hans op zijn fietsje naast mij. Ik had hem goed geïnstrueerd; hij moest aan mijn rechterzijde blijven fietsen en als ik zei dat hij moest stoppen, dat hij dan ook stopte. Zo niet, mocht hij nooooit meer mee fietsen. Mama vond het niet zo'n goed plan en wilde dat ik hem gewoon achterop zou vervoeren, maar een vader neemt natuurlijk beslissingen in het belang van het kind. Fietsen dus, want jong geleerd is oud gedaan. In tegenstelling tot al het andere wat er bestaat, is hij er met fietsen vroeg bij. Hij was zo vroeg dat wij niet eens tijd hadden zo'n helmpje voor hem te kopen, en nu fietst hij al te goed voor zo'n helmpje. Ja komop, als hij een helmpje moet dan moet ik ook een helmpje hoor. We hebben het hier wel over een toekomstig tourwinnaar.

In elk geval, hij luisterde braaf naar de instructies en gaf aan dat hij ze begreep. Hij was veel te trots dat hij nu op zijn eigen fiets met mij mee naar het dorp mocht fietsen, dus hij luisterde als een getrainde politiehond. Maar toch, hij rijdt ineens wel op dezelfde weg waar de auto's ook rijden en dat is toch een tikje spannend. Maar ik heb vertrouwen in Hans én in de automobilist zodat als Hans een fout zou maken dat dat nog niet gelijk ernstige gevolgen hoeft te hebben. Ik heb zelf ook wel eens een Renault 16 in het pré ABS tijdperk met rokende banden tot stilstand laten komen omdat ik al overstak terwijl mijn vader nog stond te wachten. "Goeie remmen", zei mijn vader nog. Kon allemaal in de jaren '70.

Over mijn vader gesproken, ik heb vannacht van hem gedroomd. Dat we op vakantie waren en dat hij weer zoveel beter Frans sprak dan ik, dat ik het af en toe helemaal niet kon volgen. Terwijl ik toch een Franse naam heb. Maar het mooie van deze droom was, dat Hans jr. en Hans sr. voor het eerst verenigd waren in mijn droom. En ze gingen met elkaar om als opa en kleinzoon. Alsof ze elkaar al jaren kenden.

Waterpokken-zeer besmettelijk! (deel 2)

Tammar heeft de waterpokken. Dat vermoedden zowel Linda als de huisarts. Niet dat Linda hypochonder is maar ze moest toevallig toch bij de dokter zijn voor een waterknie en dus heeft ze het gelijk maar even aangestipt, die waterpokken. Misschien weten sommige die-hards nog dat Hans de waterpokken had, toen hij 317 dagen oud was. Tammar heeft ze op 294-dagige leeftijd reeds. Nu gaat hier in Vaassen het gerucht dat baby's die vóór hun eerste levensjaar de waterpokken krijgen, ze op latere leeftijd nog een keer kunnen krijgen. Linda vroeg aan de dokter of dat waar was, maar volgens de dokter was het een fabeltje want hij had het nog nooit meegemaakt. Maar ja, als je toch niet naar de dokter gaat met waterpokken, hoe kan zo'n dokter daar dan iets over zeggen? Het enige zinnige wat hij erover zei was: "Soa's, die kun je wel twee keer krijgen."

Vandaar!

Omdat Hans er een traditie van gemaakt heeft om 's ochtends om een uur of kwart over zeven aan mijn kant van het bed te verschijnen, verwacht ik dat dit morgenochtend weer gebeurt. En ik ben snel tevreden met weinig slaap, vooral doordeweeks omdat je dan op kantoor even lekker bij kunt slapen, maar vandaag merkte ik dat ik moe was. En veel kans om slaap in te halen is er buiten kantooruren niet. Om die reden denk ik dat het verstandig is om vanavond eens lekker vroeg naar bed te gaan en eens een keertje geen logje te plaatsen.

Die Hans…

Hans zat bij de tandarts in de wachtkamer en een mevrouw had het op hem gemunt. Zit jij al op school? En hoe heet jouw juffrouw? En is het leuk? En ga je zo meteen je mondje opendoen bij de tandarts? Hans beantwoordde de vragen als een keurig opgevoed jochie. Maar even later was hij het zat. De mevrouw vroeg waar hij woonde en toen zei Hans: "jij hebt een hele dikke neus!"

Ik was er gelukkig niet bij, de mevrouw moest niet lachen, en Linda riep Hans even snel tot de orde. Maar het kwaad was al geschied. Even later toen Hans in de tandartsstoel zat, kwamen de tandarts en zijn assistente niet meer bij van het lachen…