Er is zoveel veranderd sinds ik klein was. De kindjes bij Hans in de klas geven aan het eind van het schooljaar de juf een cadeautje. Als bedankje voor het schooljaar geloof ik. Maar Hans heeft twee juffrouw's. Juffrouw Kim van maandag t/m donderdag, en Juffrouw Marian op vrijdag. Voor juffrouw Kim had Hans gisteren al een heus cadeautje, want dat is ondanks haar parttime status, toch zijn echte juf. Voor juffrouw Marian moest er vanochtend nog even snel een tekening in elkaar geflanst worden.
Wat wil nu het toeval? Linda had vanochtend geen tijd om Hans naar school te brengen, dus of ik het even wilde doen. Tuurlijk, want juffrouw Marian kende ik nog niet, en juffrouw Kim was twee weken geleden in haar zomerjurk best een vrolijke verschijning zo 's ochtends vroeg, voor een avondmens als ik ben. Maar dat heeft er verder niks mee te maken. Juffrouw Kim had gisteren zeepjes of zoiets gehad, juffrouw Marian moest nog even afgescheept worden met een tekening. Maar dat liep anders, en ik had het kunnen weten.
Op het schoolplein stonden alle kinderen al te wachten met schitterend verpakte cadeautjes, de één nog groter dan de ander. Ik voelde me al wat ongemakkelijk worden. Kinderen waren het versje dat ze van hun ouders geleerd hadden om op te zeggen, aan het oefenen. Een moeder prentte haar kind in dat ze goed de nadruk moest leggen op het feit dat de oorbellen in het doosje van 24-karaats goud waren. Één stel ouders had de plaatselijke fanfare laten aanrukken voor de juf, om haar zo op deze laatste schooldag te bedanken. En daar stonden Hans en ik, met een opgerolde tekening, waar de natte verf haast nog uitliep.
Hans voelde ook dat er iets niet helemaal goed ging want hij zei ineens: "Ik woe nie de tekening aan de juffrouw geven. Jij moet het doen!" "Hans, papa moet helemaal niks, jij moet het zelf doen." "Neeheeheee, da woe'k nie!"
Normaal heb ik veel geduld. Maar niet in dit soort stressvolle situaties waarin ik al voor een kwart voor lul sta, en de enige die me nog kan redden van de overige drie kwart, degene is die staat te blèren dat hij het niet woe. Dus ik siste hem toe: "Kop houden Hans, jij geeft het en verder wil ik er geen woord meer over horen, anders ga je vanmiddag in de kruipruimte tussen de spinnen, begrepen?"
We liepen de klas binnen en de juf stond omringd door tien kinderen alle cadeautjes en versjes in ontvangst te nemen. Tussen de kinderen stak één klein armpje met een opgerolde tekening. Aan het armpje zat een jongetje met een bangig gezichtje. Het armpje probeerde steeds de tekening in de hand van de juffrouw te drukken, maar het klerewijf pakte natuurlijk eerst de mooie cadeaus aan. En toen ze tenslotte de tekening pakte en uitrolde, was het een mooie verfvlek geworden. "Oh, wat mooi Hans, heb jij dat gemaakt?" zei ze tegen het jongetje dat aan het armpje vast zat dat zich uit schaamte los probeerde te maken uit de greep van de juf.
Toen ik weer thuisgekomen verontwaardigd mijn verhaal deed, over dat wij met die armzalige tekening stonden tussen kinderen met goudstaven, en dat ze daar toch wel even wat beter over had kunnen nadenken, was Linda's commentaar: "Ik ga echt niet voor een juffrouw van een ochtend in de week een cadeau kopen hoor! Bovendien had je haar toch even tien euro erbij kunnen geven? Koop er maar wat leuks voor?" En toen schoot ik spontaan in de lach, om kwart voor negen 's ochtends. En da's best ongewoon, nog vóór de koffie.