Het klopt wat ze zeggen over kinderen.

Thuisgekomen uit mijn werk zag ik de rouwkaart van mijn opa, en sloeg hem open. Binnenin een mooie foto van hoe hij was. Hans kwam naast mij zitten, wees naar de foto en zei: "Da's jouw opa hè?" Voordat ik kon antwoorden zei hij: "Die is dood." Linda keek mij met een licht schuldige blik aan. "Wat is dat, dood?" vroeg Hans toen. Ik had al een brok in mijn keel en toen ik het wilde gaan uitleggen zei hij: "Weet je papa, vanochtend was Koekeloere op televisie!"

Lief, eens zullen wij sterven, wij beiden
wij samen of ieder alleen
Het graf ligt diep en de hemel zo hoog en of
GOD leeft weet geen
En 'k heb niets dan de stem van mijn hart,
die mij 't eeuwig leven belooft,
En de heilige onsterfelijke sterren
hoog boven mijn sterfelijk hoofd

Hélène Swarth

Geduld is een deugd.

Hans heeft veel treintjes uit de serie "Thomas de trein". Van Sinterklaas kreeg hij daar nog wat atributen bij, zoals rails. Die rails had ik op zijn kamer opgezet, en dat vond hij wel leuk, maar beneden vindt hij het toch leuker. Dus vanmiddag had ik een baantje van plastic rails in de huiskamer neergelegd. Zo trots als een pauw, en, omdat hij een jongetje is, wil hij graag zijn vriendjes de ogen ermee uitsteken. (overdrachtelijk)
Dus, hij haalde zijn zomervriendje Milan op. Milan mag in de herfst en de winter niet buiten komen denken wij, want sinds de zomer voorbij is hebben wij hem niet meer gesignaleerd. Hans kwam binnen en zei: "Papa, kijk eens wie ik bij me heb? Taaataaaaa!!!" Hij zei echt 'taaataaaa', hoe hij daar nu weer bij kwam, geen idee. Milan kwam de kamer binnen en ik zei: "Heeeee, daar hebben we hoe heet je ook alweer? Effe denken hoor…ehhm….ik weet het niet." "Milan!" riep het tweetal in koor.

In elk geval, waar het hier om gaat, Milan heeft geen controle over zijn voeten. Tenminste, hij heeft een specialiteit en dat is op de rails gaan staan. Het jong was nog niet binnen of hij schopte al tegen de rails aan. Los. Of ik het weer even vast wilde maken. De twee jongens waren zo hyper met de treintjes aan het spelen dat ongeveer om de twintig seconden de rails los schoot. En ingrijpen helpt niet meer. "Milan", zei ik ietsjes harder, maar het ventje hoorde me niet en beukte weer tegen de rails aan. "MILAN!", riep ik nog iets harder en hij hoorde me. Hij keek me een halve seconde aan en in die tijd zei ik tegen hem ofhijnietmeertegenderrailswildeschoppen. Dat was goed. Vijf seconden later, beng, rails los. "Oh, hij's los", hoor je dan en weer kun je van je plek komen om mee te helpen de rails weer vast te maken. Echt, in het uur dat hij hier geweest is is de rails op alle mogelijke punten minimaal drie keer losgeraakt waarvan twee keer door Hans, en 178 keer door Milan. Pfff…Het is maar goed dat ik zo geduldig van aard ben, maar ik moet eerlijk toegeven dat er ook bij mij wel eens visoenen van geheime kelders onder mijn huis door mijn hoofd spoken.

Een goed gesprek van vader tot zoon.

Twielietwielietwielie…..twielietwielietwielie (zo klinkt mijn telefoon op mijn werk ongeveer en tring slaat ook nergens meer op in deze tijd.) Ik zie een bekend nummer, het lijkt mijn thuisnummer wel. "Met Mack?"

"Hallo papa, ik ben naar kool keweest."
"Echt waar Hans? Was het leuk?"
"Jahaa, en Milan en Tycho was er ook!"
"En Julian dan, was die er niet?"
"Nee. Die was buiten. Maar ik heb de meester een handje gegeeft."
"Echt waar? Wat goed!"
"En ik heb in een kwingetje gezeten"
"Zo hee, samen met de andere kindjes?"
"Ja."
"Papa?"
"Ja?"
"Ben je niet je bwood vergeten?"
"Even kijken hoor….nee, hier ligt het."
"Oh, anders moes ik het even komen bwengen hoor!"
"Nou dag papa!"
"Dag Hans"

Ja, nu is het nog leuk, de puberteit is nog ver…

Reputatie

Krijg ik net van mijn goede vriend Hermanus mijn maandelijkse gescande column toegestuurd, roept-ie om het hardst dat er een schrijffout in staat. "Slordig voor een columnist" schreef-ie erbij. Ik zoeken….kon het niet vinden, bleek er ergens een keer teveel het woordje "is" in een zin te staan. Ik lees verder, zie ik staan: "papadagen zijn niet echt mijn ding." Niet echt mijn ding? Ik zeg nooit "niet echt mijn ding"! Heb ik er het originele verhaal eens bijgepakt, blijkt dat er iets in veranderd is! Ja, weliswaar met mijn toestemming want ik schrijf altijd verhaaltjes in delen.

Dan prop ik er dus een lege regel tussen voor het overzicht, u herkent het misschien. Nou, dat vinden ze bij Sanoma niet goed hoor! Ik moet een bruggetje maken van het ene deel naar het andere. Maar aangezien ik geen HTS-bruggenbouwkunde heb, heb ik gezegd, maken jullie dat bruggetje zelf maar.
Ja, zo kan ik het ook zeg! Met een schrijffout erin. Mijn hele reputatie en schrijversloopbaan naar de knoppen omdat ik voor de rest van mijn leven met deze schande moet lopen! En ik heb het niet eens zelf gedaan.

Maar goed, ik zal ze er eens fijntjes op wijzen. Als ze het hier al niet lezen.

Herkend

Om één of andere reden word ik nooit aangesproken op het feit dat ik een aantal columns schrijf voor OVN, en mevrouw Mack wel. Zoals van de week.

"Mag ik je iets vragen? Schrijft jouw man in de OVN?"
"Ja."
"Ja, dat dacht ik al. Eerst las ik Hans, dat hoor je al niet zo vaak meer, toen Tammar erbij, en toen zag ik je man lopen en keek nog eens naar de foto, en dacht: dat moeten ze toch haast wel zijn!"

Ja, op de Veluwe blijft geen misdrijf lang onopgelost…

Frohe Weihnachten und ein glückliches Neues Jahr!


Hans en ik zijn gevlucht voor het vuurwerk en zoeken dekking achter de verwarming, zoals het echte commando's betaamt. Hans vond het vuurwerk "een heel klein beetje eng" en ik geef er niks om (het ziet er al jaren precies hetzelfde uit) dus wij wensen u vanuit onze schuilplaats een heel gezond en gelukkig 2009, en ik vraag een klein momentje stilte voor alle webloggers die in 2008 een virtuele dood zijn gestorven, en dat zij vredig mogen rusten in de webloghemel.

Zo.

Ik heb zelf in 2009 ook nog een schone taak te verrichten want vanochtend kroop Hans bij ons in bed en hij fluisterde op een gegeven moment tegen mij:
(papa)
(ja?)
(wij zijn jongens he?)
(ja!)
(wij zijn alletwee de baas en mama en de baby niet toch?)

Ik schoot in de lach en mama hoorde het niet, maar dit gaat toch wat ver. Straks gaat-ie dit bij andere mensen lopen verkondigen en hoe zullen ze dan wel niet over mij denken? Nee, hier moet ik ingrijpen.
Dat woordje "toch" en dat vraagteken moet ik hem af zien te leren.

Commando af.

12 jaar geleden ging ik voor het eerst op wintersport. Met mensen die ik inmiddels al bijna 25 jaar ken en mij altijd hebben opgevangen en inmiddels ook blij zijn dat er toch nog wat van mij terecht is gekomen. Hans en Tammar hebben een extra opa en oma aan hen. Ik ben een keer of vijf achter elkaar met hen op wintersport geweest maar door omstandigheden is het bij die vijf keer gebleven. Ik was toen nog alleen en commando, en wintersporten was echt iets voor mij. Ik was onvermoeibaar en zonder angst. Après-ski, daar deed ik niet aan. Gewoon de hele dag skieën en 's avonds keten in het huisje met het hele gezelschap.

Sinds een paar jaar ligt er weer het plan om nog eens te gaan, alleen kwam er steeds iets tussen. Hans werd geboren, Linda kreeg een hartinfarct, ik kreeg een nieuwe baan en steeds was er wel wat. Maar nu was de uitnodiging daar opnieuw en niets staat meer in de weg. Volgend jaar begin februari gaat het gebeuren! Het enige probleem is nu dat ik het er met Linda over heb gehad, en tot de conclusie ben gekomen dat ik eigenlijk niet wil! Ik wil geen week weg bij mijn gezin, ik ben bang dat ik heimwee krijg. Potverdorie, nu dit weer. Ik ben zo'n ontzettende huismus geworden die gehecht is geraakt aan zijn gezin, dat ik niet zonder hen weg wil. Hans komt me elke avond tegemoet rennen als ik thuiskom, en ik breng hem elke avond naar bed, Tammar lacht tegenwoordig elke dag naar me en Linda is een verhaal apart. Die wil ook altijd op reis (met haar werk), maar als de datum van vertrek dan nadert mist ze me al en gaat ze door haar rug ofzo. En dat is wederzijds. Ik ga vast ook door mijn rug vlak voordat de vertrekdatum is. Dus ik zie er maar van af.

Ik denk dat ik maar eens toe moet gaan geven dat ik geen commando meer ben… (nu dan ook met mijn mond niet meer)

Slik.

Het viel mij op dat op de cover van Ouders van Nu een knappe donkerharige moeder stond met een klein donkerharig lachend babietje. Toen ik het betreffende artikel ging lezen bleek die moeder gewoon een model te zijn want bij dat onderwerp stonden foto's van gewone mensen die je ook zo op straat tegen kunt komen. Dus is het kennelijk nog steeds zo dat een blad beter verkoopt als je foto's van knappe mensen op de cover plaatst.

Hele intelligente mensen zullen niet in deze marketingtruc trappen, maar ikzelf ben hier nogal vatbaar voor. OVN stuurde mij van de week een cd-tje met daarop de foto's die gemaakt zijn i.v.m. de column die ik voor ze schrijf. Mijn kinderen kunnen met gemak concurreren met het kindje dat op de cover stond, maar ik leg het inmiddels (vroeger niet hoor!) ruimschoots af tegen de mevrouw op de voorkant.

Toen ik aan mevrouw Mack vroeg wat zij vond van de foto's zei ze het volgende: "ik vind ze belachelijk mooi, maar die van jou, ja hoe moet je dat nu zeggen, ja dan moet je niet kwaad worden, dat is de mooiste foto die ik ooit van je gezien heb, maar ik vind het typisch zo'n foto die op je kist komt te staan als je dood bent."
<img

Wapenstrijd.


Ik ben een grappenmaker, en ik heb er zelf de meeste lol om. Alleen daarom al is Hans (en straks Tammar) een geschenk uit de hemel. Ik kan het niveau dat ik eigenlijk heb, bij hem kwijt. Ik hoef me naar hem niet beter of intelligenter voor te doen dan ik ben, hij lacht toch wel om me.
Dus als ik 's ochtends brood voor hem maak en ik vraag wat hij er op wil, dan zegt-ie:" pasta en papaworst" En dan zeg ik: "Dus Hans, als ik het goed begrijp wil jij pindakaas en jam?" "Neeeeheeee, ik wil pasta en papaworst!" "Ah, nu snap ik het: jij wilt vlokken en kaas!" "Neeeeeheeeee, ik wil pasta en papaworst!"

En zo gaat dat nog een tijdje door, en moet ik ineens denken aan Sesamstraat, aan die man die in de winkel komt bij Grover en vraagt om een mooie glimmende taatataatataatataatataaaaaaa, maar dit terzijde. In elk geval, Hans is mijn niveau al aan het ontgroeien. Of hij heeft me door een pakt me terug. Want aus der reihe Thomas de trein heeft hij nu ongeveer tien treintjes en die hebben allemaal een naam. Dus als ik aan hem vraag: "hoe heet die?" dan geeft hij me al expres het verkeerde antwoord.

Vanavond in bad, roept-ie me en zegt dat er een haar aan zijn hand zit, en of ik die even woe weghalen. Dus ik kijk, en ik zoek maar ik zie niks. Dus hij wijst hem nog een keer aan, en begint dan ineens hard te lachen. Er zat helemaal geen haar.
Ik word met mijn eigen wapens bestreden.

Papa’s grens

Normaal gesproken ben ik een erg geduldig man, zeker als het op het gedrag van Hans aankomt. Hans voelt ook aan dat hij bij papa veel verder kan gaan dan bij mama, al lijkt hij de laatste tijd een loopje met ons beide te nemen. Zo komt hij geen beloftes na en daar houden wij niet van, en moeten wij hem chanteren om dingen gedaan te krijgen.

Maar de laatste tijd ben ik wat minder geduldig. (november, slaapgebrek, keukenverbouwingsstress) Dus hij was goed de klos.
"Hans, we gaan zo naar boven, welke trein wil je meenemen?"
"Ik woe geen trein meenemen."
"Hans, ik zeg het nog één keer, als we boven zijn is het te laat."
"Ik woe geen trein meenemen."
"Mooi, dan gaan we naar boven."
"Ik woe wel een trein meenemen."
"Te laat."

Nou, en dan is het schreeuwen, brullen, huilen, snikken, maar ik was het zat. Geen trein.
"Wil je in bad? Nee! Mooi, dan ga je onder de douche."
"Ik woe wél in bad spelen."
"Te laat!" Hoppakee, hardhandig onder de douche met nog een straal die in het begin te koud was ook. Krijs, jank, blèr!

Nou, toen wilde hij eerst geen Yoki maar toen ik dat prima vond ineens weer wel, met als gevolg gillen, huilen, snikken, het werd godsamme van kwaad tot erger. Nou ja, ik had hem nu al twee dingen ontzegd, dus de yoki heb ik hem alsnog gegeven. (ik vond hem toch zielig) Toen heb ik hem nog één waarschuwing gegeven over het tanden poetsen, met als inzet het wel/niet voorlezen van een verhaaltje, maar hij koos heel verstandig voor het vrijwillig tanden poetsen en dus voorlezen.
En toen ik aan het voorlezen was vond hij in z'n bed nog een treintje dat hij aan mij gaf en zei: "mag ik die morgen weer hebben?" (zo eerlijk, net z'n vader) En al snel was het al net of er niks gebeurd was tussen vader en zoon en lachte hij alweer om het verhaaltje.
Het grote verschil met de afgelopen weken was wel dat hij me normaal nog drie/vier keer roept als ik alweer beneden ben, maar nu lag hij na vijf minuten al te slapen. Alsof hij tevreden was dat hij papa's grens gezien had. Ergens heb ik iets goed gedaan.