Wat mensen al decennialang irriteert zijn reclames. Waren dat in de jaren tachtig nog wasmiddelenreclames, tegenwoordig zijn het alle reclames. Misschien moet ik voor mezelf spreken. De politieke correctheid in reclames irriteert me. Kijk ik in mijn eigen straat, dan wonen daar 35 mensen, waarvan een met een donkere huidskleur. Ik weet wel dat je moet zeggen, iemand van kleur, maar dat vind ik volkomen debiel. Ook iemand met kleur slaat nergens op, kleurling of kleurrijk, allemaal raar. We verzinnen de raarste dingen om maar niet voor racist te worden versleten. Ik bijvoorbeeld, ben wit. Nou echt niet, als ik vraag mijn huis wit te schilderen en ze gebruiken mijn huidskleur dan betaal ik de rekening niet. Kinderen zeggen vaak “bruine mensen” en die hebben het goed. Volwassenen zeggen zwarte mensen, en zij hebben het fout.
Het is uiterst link om je op dit pad te begeven, want feitelijk mag je iemands kleur niet eens zien, anders zou je al voor racist uitgemaakt kunnen worden. Maar we snappen allemaal wel dat je iemands huidskleur gewoon waarneemt met je ogen. Daarom ergert het mij zo dat de werkelijkheid in mijn ver van Amsterdam gelegen dorp, steevast wordt ontkend. Er is geen reclame meer waar een Nederlands gezin met blond haar met elkaar samenleeft. Bestaat niet meer, of wordt glashard ontkend. Terwijl ik zeker weet dat hier de hele wijk voor meer dan negentig procent uit Nederlandse gezinnen bestaat.
Ik word gewoon ontkend. Mijn nog steeds in meerderheid voorkomende situatie wordt ontkend op televisie. En de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen, ook de werkelijkheid van de allochtone (spellingscontrole ontkent dit woord) Nederlanders wordt ontkend. Namelijk dat we klieken. In reclames doen we dat niet. Daar wordt een blonde vrouw altijd wakker naast een zwarte man. Of andersom. In elk geval bestaan er geen gezinnen meer met dezelfde kleur. Uitgestorven! En nu kan ik dit nog schrijven, over een poosje ontkent spellingscontrole de woorden man en vrouw. Je kunt op je vingers natellen dat dit verkeerd gaat aflopen voor de mensheid en dat de dieren, die zich niet ontwikkelen, ons gaan overleven.
