Ik las een boek met zo’n briljant verzonnen thema dat ik zou willen dat ik het zelf verzonnen had. Een archeoloog vindt in Israël een skelet van een mens die een gebruiksaanwijzing van een camera bij zich draagt die pas over drie jaar op de markt komt. Maar via de koolstofdateringsmethode staat vast dat de beenderen en de gebruiksaanwijzing 2000 jaar oud zijn. Nader onderzoek leert dat het hier om een tijdreiziger gaat, die nog moet vertrekken naar het verleden, en die beelden van Jezus heeft gemaakt, zijn camera heeft verborgen, en die camera dus gevonden moet worden zodat in de huidige tijd, 2000 jaar oude beelden van onze Heiland te zien zijn.
Dat is dus spannend, want de beelden worden uiteindelijk gevonden. Maar hoe spannend ook, ik val na twee hoofdstukken in slaap, ik neem niks meer op en moet het boek wegleggen, of ik nu ‘s avonds lees of overdag. Desalniettemin vond ik dit wel zo’n briljant plot dat ik nu zelf ook iets moet verzinnen. Iets wat nog niet verzonnen is en waarover ik een boek kan schrijven. En dat uiteraard in vijftig talen vertaald wordt en er een miljoen exemplaren van verkocht worden, zodat ik niet meer hoef te werken. Niet dat ik een hekel heb aan werken, maar de druk van dagelijks brood wordt groter. Ik word óf vervangen door AI of door Indiërs. Alleen als je in sales zit ben je veilig. Daar komt geen intelligentie aan te pas, dus ook geen kunstmatige.
Een man uit de buurt is laatst ontslagen maar maakt zich totaal niet druk. Van z’n ontslagvergoeding heeft hij een jonge BMW 5 serie gekocht en gaat even een jaartje niks doen. Want, zo zegt hij, als ik wil ben ik morgen weer aan het werk. En dat mag misschien zo zijn, maar ik heb gewoon een hypotheek te betalen. Kennelijk hebben anderen tonnen op de bank. Ik ga maar eens nadenken over een boek.