Bezitsdrang

Die Tammar van ons, dat is er eentje. Die heeft het leiding geven in zich. Niet dat leiding geven zaligmakend is hoor, vooral niet als het gebeurt door mensen die leidinggevende eigenschappen ontberen. Maar ze commandeert door te wijzen naar wat ze wil hebben en maakt middels het woord "die" duidelijk wat de bedoeling is. Als je het verkeerde geeft pakt ze het aan en gooit het weg. En dat doet ze niet alleen met knuffelberen, ook met volle flesjes drinken. Klabam, op onze arme laminaatvloer. Als ik haar op haar daden aanspreek (slaan is bij wet verboden) kijkt ze arrogant langs me heen. Maar soms komt ze kraaiend op me afrennen met haar handjes in de lucht ten teken dat ik haar op moet pakken. Ze laat zich dan door mij op haar wangetje kussen maar niet te lang want dan wijst ze alweer naar iets wat ze toch niet wil hebben. "Die!" Maar het allermooiste van een dochtertje is voor een vader dat hij nu kan zeggen: 'mijn kleine meisje.'

Nummelo eenenveeltig

Ik zat volslagen vast met mijn filosofische gedachten. Vast als kurk in een fles. Tot ik pas geleden van iemand een zetje kreeg in de richting die ik zocht. Ineens schoot de kurk los en vielen bepaalde dingen op hun plaats. Ik wist weer hoe ik aan moest kijken tegen zaken als geloof, politiek en wetenschap. Alledrie verkondigen ze de absolute waarheid. Probleem is wel dat politiek en wetenschap het telkens weer bij het verkeerde eind blijken te hebben. Terwijl legio mensen een enorm geloof hechten aan de als feit verkondigde waarheid. Ook vandaag las ik weer dat wetenschappers iets ontdekt hebben waardoor bepaalde aannames die tot nu toe waren gedaan, bijgesteld moesten worden. Ja, maar wat als ik die wetenschappelijke aanname nu altijd hartstochtelijk heb verkondigd als argument tegen de argumenten van de politiek en godsdienstigen? Dan blijk ik er nu ineens stevig naast te zitten. En dat is de schuld van de wetenschappers die ik vertrouwde. Maar wat mij nog meer zorgen baart: die huidige ontdekking, kan ik die nu wél voor waar aannemen? Of gaat die over tien jaar ook op de schop? Ik wil niet elke tien jaar voor lul staan in een discussie.
Politiek brengt je ook al weinig verder. Je hebt vóór- en tegenstanders en die beweren allemaal gelijk te hebben. Maar dat kan wetenschappelijk gezien helemaal niet. Als er twee tegengestelde meningen verkondigd worden kan er hooguit één juist zijn. Áls er al een juiste tussen zit. En toch houden vóór- en tegenstanders hun standpunten even hardnekkig vol als Petrus toen hij beweerde dat hij Jezus niet kende. Het geloof heeft dan weer het enorme voordeel dat het tegendeel niet bewezen kan worden. Geloof heeft in elk geval statistisch het minst vaak ongelijk gehad. Maar ook het minst vaak gelijk natuurlijk. Nou ja, mij ging het erom dat iedereen zelf maar moet uitmaken welk geloof hij aanhangt: geloof, politiek of wetenschap. Bij de Chinees vind ik een combinatiegerecht altijd het lekkerst.

Supermack

Ik draag een groot geheim met me mee. Ik bezit bovenmenselijke krachten. Mijn gezin vermoedt wel iets maar helemaal dóór hebben ze het nog niet. Het is zo verschrikkelijk uitkijken steeds. Gisteren kwamen wij 's avonds thuis en in huis was het nog pikdonker. Ik ging als eerste naar binnen, liep naar de tafel en pakte de tv-gids om te kijken hoe laat Top-gear begon. "Tien uur," las ik hardop en ging verder met wat dagelijkse bezigheden. Al die tijd stond Linda bij de achterdeur. "Zou je het licht niet eens aandoen?" vroeg ze. Shit! Helemaal vergeten. Nu weet ze dat ik in het donker kan zien. En ik heb mijn krachten kennelijk doorgegeven. Het is nog niet perfect maar kijk eens hoe Hans zich razendsnel weet te verstoppen voor de camera? Hij is pas vier. Volgend jaar kan hij waarschijnlijk net als ik tussen regendruppels doorlopen.

Mijn kamp

36 jaar geleden, ik zat op de kleuterschool en in de klas was het een rumoer van jewelste. Toch riep juffrouw Trees ineens dat we stil moesten zijn omdat ze iets hoorde. Toen ze ging kijken bleek het Pietje Pablo te zijn die klem was komen te zitten tussen het raam. Ik vond het toen al verdacht dat de juffrouw iets kon horen wat onze nog onbeschadigde trilhaartjes niet waarnamen. Maar inderdaad, ze had gelijk; er zat een Zwarte Piet klem tussen het raam. Ik vond die Piet eng ook al had ik het gevoel dat er iets niet klopte.
Drie jaar later, ik zat in de tweede klas (school, geen trein) en Sinterklaas kwam op onze school. Maar het was Sinterklaas helemaal niet, het was meneer Fransen. Ik zag zijn zwarte wenkbrauwen onder z'n mijter uitkomen. Maar het maakte geen bal uit dat ik wist wie hij was, de angst was er niet minder om. En ik wist echt wel dat het gebonk op onze deur en de zwarte handschoen die op vijf december pepernoten naar binnen keilde, door één van onze buren werden veroorzaakt maar ik bleef toch maar liever op veilige afstand.
Ik probeer mij te herinneren wanneer ik erachter kwam dat Sinterklaas niet zo echt was als ik dacht, maar het lukt me niet. Wat volgens mij betekent dat ik de waarheid altijd al geweten heb. Sowieso kamp ik met een gevoel dat ik in 36 jaar helemaal niet veel slimmer ben geworden. Mijn gedachten en gevoelens van toen passen me nog steeds. Je wordt door de maatschappij gedwongen om op je veertigste niet meer bang te zijn voor Sinterklaas maar eigenlijk slaat dat nergens op. De Sint is gewoon eng. Je ziet het elk jaar weer duidelijk, als de intocht op televisie is. Als de Sint langsloopt houden ouders hun kind veilig tussen hem en zichzelf in. Om hun angst te bezweren lachen ze nerveus en praten wat tegen hun kind. "Geef Sinterklaas maar een handje." Om de aandacht van zichzelf af te leiden ontwijken ze de blik van de goedheiligman. Als-ie voorbij is zie je ze opgelucht ademhalen. Nee, als je eenmaal Sinterklaasangst hebt gekend, kom je er nooit meer volledig vanaf.

Als de drank is in de man…

Wij waren gisteren op de verjaardag van G, een blonde schone die xx werd. Niet normaal! Bij binnenkomst hadden praktisch alle mannen een sjaaltje om waardoor ik dacht dat het een open gay-party was, maar die sjaaltjes blijken gewoon in de mode te zijn. Tenminste in Apeldoorn. Wat niet veel mensen weten is dat als je Parijs als modestad vergelijkt met Apeldoorn, dat dat hetzelfde is als het vergelijken van de Côte d'Azur met het Nijkerkernauw. Na een half uurtje begonnen ze ook nog te klagen dat het er zo warm was. "Ja, wat wil je nou," wilde ik roepen maar bij nader inzien leek me dat ook weer niet zo'n handige vraag aan een man met een sjaal.

We kunnen het er lang of kort over hebben maar feit is dat ik héén was. Ik ben gruwelijk misbruikt door twee vrouwen met een leren broek. Niet dat ze me ermee sloegen of dat ze er samen één droegen, maar ze hebben foto's van mij gemaakt in poses die in één klap mijn kansen om ooit nog de Tweede Kamerverkiezingen democratisch te winnen, tot nul hebben gereduceerd. Ik heb keihard gelachen om sexistische grappen en ik heb 160 biertjes op. Er was een man met stoere verhalen die om de drie woorden 'fucking' zei, tot en met het woord 'un-be-fucking-lievable' aan toe. Normaal heb ik het gelijk gehad met landgenoten die irritant taalgebruik bezigen maar dit bleek bij nader inzien een Schot te zijn. Terwijl ik een Apeldoorns accent meende te herkennen. Drank maakt meer kapot dan je lief is. Of drank maakt meer kapot dan liefde kan goedmaken. Gelukkig kwam op een gegeven moment de politie aan de deur om orde op zaken te stellen, anders was het zéker uit de hand gelopen.

32201!

Ik ergerde me vanavond enorm aan de buren. Waarom? Omdat zij mij uitdaagden voor een enorm verslavend computerspel. U moet dus echt niet op die link klikken want het gaat hier om een wedstrijdje topografische kennis. En dan richt ik me even in het bijzonder op de mensen die nog in klassen hebben gezeten in plaats van groepen. Want die zullen helemaal vatbaar zijn voor deze verslaving.

Maar de buren daagden me dus uit. Ik ging er eens even voor zitten. En natuurlijk, als je hun score bijna hebt verbeterd gaat de telefoon. #%$#^% Of er huilt een ziek kind. In dat laatste geval moet je jezelf vermannen omdat een ziek kind nu eenmaal voor een verslaving gaat. In het eerste geval is vloeken gerechtvaardigd. Gelukkig kun je het spelletje steeds even stoppen. Na een paar keer oefenen had ik ze te pakken. Ik stuurde ze mijn score op maar godmiljaar, daar was alweer hun mailtje met een nog hogere score. Flamoes! Lick Fuck!
Dit is echt niet goed voor me want ik kan me niet gewonnen geven. Ego, grootheidswaanzin, dictatoriale ambities en eerwraak drijven mij. Dus ik ga door tot morgenochtend als het moet. Ik zal winnen. Gelukkig liggen ze nu al op bed en heb ik hun highscore inmiddels verbeterd. Ik ben de topografiekeizer van vannacht!

Het bedelfeest.

12 november 2005 schreef ik over Sint Maarten. Over hoe ik vroeger op 11 november geterroriseerd werd door kleine snoepmonsters en hoe ik dan alle lichten uitdeed en achter de verwarming ging liggen om te ontkomen aan hun inhalige klauwtjes. Maar doordat Hans toen net was geboren, was ik ontdooid en stelde mij voor hoe het zou zijn als Hans als klein en onzeker mannetje een liedje wilde zingen en er werd niet opengedaan! De tranen sprongen mij destijds in de ogen.

Het gaat echter nooit zoals je denkt dat het zal gaan. Vanavond liep ik met Hans en wat buurtkinnekes mee om hen te begeleiden tijdens het bedelfeest. Maar er was helemaal geen sprake van een verlegen of onzeker mannetje. Een grote schreeuwlelijk is het. Zo vals als een kraai en keihard zong hij: "Daar komt Sint Maarten AAN!" Vooral die 'aan' werd telkens vol bravoure aangezet. Je hoorde hem boven het hele groepje uit. En daarna kwam hij de buit naar de tas brengen die ik voor hem droeg.

Ik heb een aardige ontwikkeling doorgemaakt qua heilige Martinus. Vroeger verstopte ik me achter de verwarming, later deed ik de deur open en gaf een snoepzakje en vanavond liep ik mee! Wat komt hierna? Ga ik zelf mijn mantel met een arme delen? Wordt er over tweehonderd jaar een feest gevierd dat heet: 'St. Mackus?' We weten het niet. Wat ik nu wel weet is dat als je de deur opendoet voor die kleintjes dat je dan niet moet zeggen: "oh, wat mooi gezongen!" Want dat zegt iedereen al. Maar dat weet je dus niet als je zelf niet een keer meegelopen hebt. Dus verzin eens wat origineels voor de meelopende ouders, zou ik zeggen. Ik hoor het wel van u.

Een vuile communistische leugen.

In het kader van de Wet voorkoming witwaspraktijken en financiering terrorisme (WWFT) zocht ik op in welke gevallen wij als financieel dienstverlener verplicht zijn melding te maken van verdachte transacties. Nou, best wel snel. Dat wil zeggen bij een vermoeden van witwassen of financiering terrorisme of bij een kastransactie van € 15.000 of meer. Vooral dat laatste ergerde mij want ik ben nu eenmaal een meester in het zich ergeren aan denkbeeldige situaties. Want stel dat ik een auto van € 20.000 wil betalen met legaal contant geld, dan wordt onderzocht hoe ik aan dat geld kom, áls het mij al lukt want een dealer wil dat contante geld vaak niet aannemen. Als ik een miljoen op de bank heb en ik wil het opnemen, in een koffer stoppen en ermee naar de Bahama's vliegen, gewoon omdat ik dat leuk vind, dan moet het wel heel gek gaan wil ik niet in een donkere gevangenis belanden. Irritant? Heel irritant!

Stel nu dat ik in de auto met mijn hand aan mijn oor ga zitten, op zodanige wijze dat het net lijkt of ik niet handsfree zit te bellen, en een agent ziet dat, dan krijg ik een bekeuring. Zelfs als ik geen telefoon bij me heb. Als ik met een leeg bierblikje achter het stuur zit en een agent ziet me, dan word ik aan de kant gezet en moet ik hemel en aarde bewegen om te bewijzen dat ik niks illegaals deed. Waar maak je je nu weer druk om Mack? Nou gewoon. Ik wil vrij zijn in het kiezen van mijn hobby's en als ik als hobby heb om met een leeg bierblikje op het dashboard én een hand aan mijn oor én een koffer met een miljoen aan contanten naast me op de voorstoel de grens over te steken, dan zou dat niet mogen. Dat we hier in een vrij land leven is een vuile communistische leugen.

En dan nog eens wat. Ik ben het gebemoei en het gecontroleer van en door de overheid zat. Had ik het gisteren nog over de DDR, vandaag trek ik al de conclusie dat we er niet meer zo heel erg ver vandaan zijn. Minority report, daar gaat het heen als het aan een blonde politicus ligt. Doemscenario's met mensen met geimplanteerde chips dringen zich aan mij op. Of nog erger, snelheidsregistratieapparatuur in je auto! Aaargghhh! Dat je wel harder dan de maximumsnelheid kunt rijden maar dat bij thuiskomst gelijk de bekeuring al is afgeschreven van je rekening. Nee, ik hou niet van communisme. Natuurlijk, je hebt altijd mensen die dooddoen: "Nou, als je niks te verbergen hebt, wat maakt het dan uit?" Zweepslagen moesten ze hebben! Het moet zijn: als ik niks te verbergen heb, hoeft er ook niemand te zoeken!

Het kost wat tijd, die afdwalende gedachten, maar goed. Fluitend ging ik weer verder met mijn werk. Hoe gaat het met u, eigenlijk?

Egels

Wij hadden afgelopen zomer veel egels op bezoek. Niet vreemd, want mijn vrouw houdt nogal van egels op bezoek. Wel zoveel dat er extra kattenvoer werd ingekocht om de egels mee te voeren. En dat wierp zijn vruchten af. Er waren avonden bij dat er vijf egels tegelijk uit een bak zaten te eten. Ik weet intussen alles van egels. Alsof ik egelkunde gestudeerd heb. Ik ken nu het geluid van vechtende en zelfs van opgewonden egels. Als dank kreeg je elke morgen klodders hardnekkige egelstront op je terras. Inmiddels zijn de egels wel afgetaaid. Moddervet en in een diepe winterslaap gevallen.

Vorige week, midden in de nacht werd ik wakker van getik. Eerst dacht ik nog welke idioot er om half vier 's nachts in de voortuin stond te werken maar toen ik uit het raam keek zag ik een kleine egel zijn kostje bij elkaar scharrelen tussen de bladeren. Best zielig, het was al behoorlijk koud en dat beestje was nog bezig zijn vetreserves aan te vullen, zo laat in het jaar. Vanavond liep hij ineens (ik doe even net alsof het dezelfde was) in onze achtertuin. Al weken staat er geen zachtvoer meer maar mijn vrouw heeft vanavond weer een bakje neergezet. Eerst wilde de egel hem peren maar al snel liet zijn neus hem rechtsomkeert maken. Wel een uur heeft hij zitten schransen. Eens kijken hoe vaak hij nog terug komt voordat hij genoeg heeft en van z'n welverdiende winterslaap gaat genieten.