In mijn leven heb ik veel meegemaakt. Mijn vroegste herinnering is uit 1972, nog geen drie jaar oud. Daarna ging het snel en inmiddels zit mijn hoofd vol met herinneringen. Zoals die keer dat ik sliep in mijn flatje en het bovenlichtje open had en ik midden in de nacht wakker werd van de kou. Het was ergens in de jaren negentig en Groningen rapporteerde minus 20 graden. Ik deed het bovenlichtje dicht en zette de verwarming iets verder open en ik voelde mij volmaakt gelukkig. Ik had een warm en schoon bed en buiten vroor het streng. Meer was er niet nodig.
Nog steeds doe ik het goed op extreme weersomstandigheden. Voor Nederlandse begrippen dan. Helaas komt extreem weer steeds minder vaak voor al was ons dat wel beloofd. Het warmt op, maar op een manier waar je niks aan hebt, in de winter is het 2 graden boven nul en van de zomer worden we ook al niet vrolijk met soms 19 graden in juli. Dat ga je ook niet onthouden. Je wilt records, al was het maar om ze meegemaakt te hebben. En niet het record van warmste jaar ooit zoals 2024 was, want dat zat hem vooral in de winter. Het was niet zo dat de mussen van het dak vielen.
Niet zo lang geleden sneuvelde het hitterecord in Nederland, dat al stond sinds 1944, destijds gevestigd in Warnsveld. Heel mijn leven was dat een zekerheid, warmer dan die 38,6 graden van toen zou het hier nooit meer worden. Ik kende het record uit mijn hoofd al was het maar om moedertjes die claimden dat het in hun achtertuin boven de veertig graden was, het hoofd te bieden. Pas in 2019 kregen ze gelijk, het werd boven de veertig graden. Natuurlijk was ik op vakantie en maakte het niet mee. In Zuid-Frankrijk werd het slechts 37 graden die dag. Weer geen record meegemaakt.
We hebben verder nog de ijzel in de straten in 1978, de Elfstedentochten van 1985 en 1986, de februaristorm van 1990, de hoogwaterstanden van 1995, de sneeuwbom op de Veluwe van 2005 en natuurlijk de nachtvorst van gisteren. Als ik het goed heb wel -2 op sommige plekken.