Tegenstrijdige afwijking.

Als ik zo'n mooie bocht, zijnde de op- of afrit van de snelweg neem, ligt binnen in de bocht altijd een mooi stukje bos of een ondiep plasje. Ideale plek om een lijk te verbergen, denk ik dan.
Het grote nieuws van vandaag was de arrestatie van een verdachte in de Puttense moordzaak. 14 jaar na dato op basis van een DNA-match.
Als ik dit hoor komt mijn criminele inslag in opstand. Met modern DNA-onderzoek heeft de moordenaar/verkrachter geen kans meer om uit handen van de politie te blijven. Tenminste, niet zolang er een lijk wordt gevonden. Want het DNA achterhaalt je uiteindelijk.

Ik heb nooit een moord gepleegd (tenminste niet met voorbedachte rade) en ik ben het ook niet van plan, maar ik ben het niet met deze technologische ontwikkelingen eens. Want als alle moorden straks worden opgelost, wat moet er dan nog in de krant? En als alle verdere criminaliteit wordt uitgeroeid, waar moeten we het dan nog over hebben? En dan heb ik het nog niet eens over de overbevolking die in de hemel gaat onstaan. Uiteraard hoop ik dat niemand van u, of iemand die u persoonlijk kent ooit zelfs maar slachtoffer van een autoinbraak wordt, maar dat dat soort dingen voorbehouden blijft aan de 39367e inwoner van gemeente 212. (tenzij u voor u beroep in auto's inbreekt, dan wel natuurlijk.)
Het zal u niet verbazen dat ik tegen een DNA databank ben, waar het DNA van elke Nederlander wordt opgeslagen. Het is het begin van Minority Report. De hel op aarde. De keus tussen goed en kwaad moet wel een verantwoording van het individu blijven, niet dat je in een fabriek gaat werken omdat er in de moordelarij toch geen toekomst meer zit.

Earth

Beter dan 100 Al Gore's op een rij helpt mij het één keer bekijken van de BBC film "Earth-de reis van je leven"
Een film die start op de noordpool, over de globe afzakt naar de zuidpool, om daarna nog één keer terug te komen op de noordpool. Wat een knappe film in alle opzichten!

De zeldzame natuuropnames zijn al overweldigend mooi, maar nog veel knapper vind ik het hoe de film het klaarspeelt mij steevast partij te laten kiezen voor de underdog. U moet voor de gein uw kind eens laten vallen in Ouwenhands Dierenpark tussen de ijsberen. Met schoenen en jas wordt het opgevreten. Klerelijers zijn het! (de ijsberen) Als dat je overkomt ben je blij dat de ijsbeer in 2030 is uitgestorven.

In de film echter, loopt een ijsbeer over steeds dunner wordend ijs, tot hij er op een gegeven moment doorheen zakt en dagen moet zwemmen voordat hij nog nét niet verdronken en uitgehongerd weer vaste grond onder z'n voeten krijgt. Door zijn grote honger gedreven, waagt hij de gok om een groep walrussen aan te vallen, wat hij moet bekopen met een slagtand door z'n poot waardoor hij niet meer kan jagen en zich neerlegt om te sterven. Het medelijden met de ijsbeer werd groter dan de sympathie voor de walrussen.
En dat verontrust mij. Mijn meningen en sympathieën stellen kennelijk geen ene reet voor omdat de eerste de beste filmmaker het voor elkaar kan krijgen mij anders over een onderwerp te laten nadenken, door simpelweg de zielige kant van de slechterik te belichten.

En als laatste vind ik het knap dat deze film mij mezelf deed afvragen wat ik zou kunnen doen om de ijsbeer te redden. Want als Al Gore roept dat de opwarming van de aarde door de mens veroorzaakt wordt, kom ik in opstand, maar als de BBC het suggereert, dan zal het toch zeker waar zijn. Topgear heeft tenslotte ook altijd gelijk.

Ingreep.

Vandaag heb ik wat teruggedaan voor de natuur, in het bijzonder voor de koolmezen. Onze grijze huisplaag, Sophie, kwam met een trotse tred in mijn richting lopen, in haar bek een vogeltje dat z'n kopje nog niet had hangen, integendeel, het keek nogal verbaasd over wat hem was overkomen.

Na een goed door mij uitgevoerde charge, verslapte even de concentratie van de gluiperige huisnazi, waardoor de vogel een poging deed om te ontsnappen. Met een katachtige reflex ontweek de mees de eveneens katachtige reflex van de kat. Ik verbaasde mij over de vogel die ongeschonden en twee en een halve meter hoger op een tak ging zitten analyseren wat er was gebeurd.

Sophie bleef nog dreigend om de boom heen lopen, maar moest een minuutje later erkennen dat ze had verloren. En zo'n vogeltje, zou dat nu beseffen dat zijn leven aan een zijden draadje heeft gehangen? Of kennen vogels die uitdrukking niet omdat zijde ten eerste sterk genoeg is om een vogel te dragen, en ten tweede, zou het breken, fladderen ze gewoon weg?

In elk geval, zo'n vogeltje, met zoveel geluk, zou dat vannacht slapen als alle andere nachten, of schrikt het steeds wakker, en slaat het dan een kruisje?

Het gele fietsje.

Dat ik ben zoals ik ben, met al mijn beperkingen en mijn gave om voor de buitenwereld te doen alsof ik wél leuk ben, heeft voor mij één hele duidelijke oorsprong: ik had vroeger een grijs fietsje terwijl al mijn vriendjes een gele hadden.
Ik ben uitgelachen en weggehoond, gepest en vernederd, ze maakten expres afspraken met me op verkeerde plaatsen, zodat ik na anderhalf uur fietsen en een uur wachten erachter kwam dat ik was beetgenomen. Verdrietig fietste ik dan naar huis en onderweg zag ik de jongens gewoon op het schoolplein met elkaar voetballen, vijf minuten van mijn huis. Ik wilde mijn tranen niet laten zien en fietste nog eens extra om, om niet nog eens de spot van de jongens uit de buurt over mij heen te krijgen. Een rampzalige jeugd, maar mijn ouders konden het zich niet veroorloven om voor mij een ander kleur fietsje te kopen.

Morgen, de 18e, wordt Hans drie en hij krijgt van ons een fiets. Ik begaf mij vorige week naar Halfords alwaar prachtige kinderfietsjes uitgestald waren, mooier nog zelfs dan de gele fietsjes die de jongens uit mijn buurt vroeger hadden. Na vijf seconden had ik al bepaald welke het moest worden: een prachtig degelijk fietsje, met camouflagevlekken, verkrijgbaar in de kleuren grijs en geel. De gele!
Ik riep de verkoper en sprak mijn interesse in het gele fietsje uit. De man noemde mij de prijs, € 149,- en ik, gehard als ik ben geworden door mijn jeugdtrauma, zei gelijk: "dan wil ik er wel zijwieltjes bij!"
"Dat kan" zei de verkoper, "dat wordt dan € 157,-!"
"Ach, afdingen is voor boeren" dacht ik bij mezelf en liet het maar zo. Een grote doos uit het magazijn werd voor mij apart gezet, zodat ze de zijwieltjes nog konden monteren, en ik het fietsje een paar dagen later kon ophalen.

Gisteren, ik zit op mijn werk, mevrouw Mack mailt mij dat ze het fietsje had opgehaald en dat ze er helemaal weg van was. "Hoe vond je de kleur?" mailde ik terug. "Ja, geweldig! Heel mooi dat grijs met die camouflagevlekken. Ik dacht alleen dat je zei dat je een gele had uitgekozen? Ik vind deze misschien nog wel mooier!"
Het volgende wat ik mij herinner is dat een collega met een bezorgd gezicht over mij heen gebukt stond. "Mack! Mack! Je was ineens weg. Hoor je me Mack?"

Mild leedvermaak.

Weet u wat ik nou leuk vind? Men neme een mannelijke veertiger en men zoeke in zijn fotoalbum. En dat er dan van die jaren '80-foto's tussen zitten van een antifotogenieke, puistige puber, waar de levenslust werkelijk vanaf kruipt, met een permanentje en een vlassnorretje. En in z'n trouwalbum heeft-ie dan zo'n geföhnd kapsel. En dat-ie dan nu heel dun haar heeft.

En dan de alba (?) open op tafel leggen bij de betreffende foto's. En dan keihard gaan lachen en met je vinger kleine krulletjes in je haar draaien. Ja, dat mag ik graag doen.

Ja sorry hoor, maar ik vind dat ik dat recht heb. Ik was ook een puisterige puber en ik heb nu ook dun haar, maar ik had toen tenminste wel in de gaten dat zo'n permanentje en zo'n vlassnorretje je later nog een keer zouden opbreken.
En toen ik ging trouwen had ik gewoon hetzelfde kapsel als altijd, zodat mevrouw Mack tenminste wel het idee had dat ze met iets vertrouwds trouwde.

Marktplaats

Vandaag had ene Patrick een drie jaar oude BMW 530D op marktplaats te koop gezet, voor € 12.500. Dat is ongeveer 50% goedkoper dan de normale marktwaarde.

Sympathiek van Patrick, denkt u misschien, en dat zou ik waarschijnlijk ook gevonden hebben, ware het niet dat hij mijn telefoonnummer bij de advertentie gezet had. En Patrick's achternaam kwam niet in het telefoonboek voor. (Biecht het maar op Kidtwist, jij was het hè?)

Er belden opvallend veel Ali B's. Ja UH ik BEL voor die 5 SEERie weet je! Twintig keer in een uur werd ik gebeld." Ja met Mack. Nee, sorry geen BMW. Nee, verkeerd telefoonnummer. Er staat hier wel een Volvo op de parkeerplaats (van mijn baas) Mag je voor dat geld zo meenemen."

Ontelbaar

Ontelbaar. Dat was toen ik klein was de overtreffende trap van veel. Met dit magische getal won ik vaak opschepwedstrijden. Ik wist destijds precies hoeveel ontelbaar was.
Op de middelbare school veranderde ontelbaar in oneindig en na de uitleg van de wiskundeleraar wist ik ineens niet meer hoeveel ontelbaar was.
En nu ik erover nadenk is oneindig ook iets belachelijks. Er bestaat helemaal niet iets als oneindig. Alles heeft een begin en een eind. "Geen beginnen aan" klopt dus ook niet, mocht u dit ooit een belastingambtenaar klagend horen zeggen.

En wat Einstein allemaal beweerde, daar klopt ook geen zak van, zegt mijn boerenverstand.
Want zijn ogen belangrijker dan oren, of is licht belangrijker dan geluid? Waarom wel door de geluidsbarrière en niet door de lichtbarrière? En waarom hoor ik nooit wat over de gevoels-, de reuk- of de smaakbarrière? Of de zesde zintuig-barrière? Klopt allemaal geen barst van, dat kun je op je klompen aanvoelen. Maar ja, die hadden ze vroeger in Zwitserland niet.

Ex-vriendin

Nu lees ik net op de Hyves van mijn ex-vriendin dat ze op 3 september met de liefde van haar leven gaat trouwen. Zou ze niet weten dat ik al getrouwd ben?

"We kenden elkaar al voor we elkaar ontmoetten", schrijft ze. Ja, dat klopt. Dat weet ik nog. Ik hoor de sms-jes op haar telefoon nóg gaan.
Uiteraard heb ik wel gereageerd op haar hyves-blog of het een zware klap voor haar vriend was dat ze met de liefde van haar leven gaat trouwen. Wel een knipoog erachter natuurlijk, alsóf je een grapje maakte, en gefeliciteerd erbij, alsóf je haar alle geluk van de wereld gunt.

Dit soort dingen blijft een gevoelig onderwerp.

Over bijgeloof en magische gedachten.

Op de lagere school, vierde klas, had een vriendje ergens het handlezen geleerd en natuurlijk wilde iedereen zijn hand laten lezen. Toen ik aan de beurt was zei hij triomfantelijk iets over dat mijn levenslijn op de helft aftakte.
Waarmee hij suggereerde dat ik op de helft van mijn leven dood zou gaan. Mijn hele leven lang heeft deze terreur me achtervolgd en leefde ik er bruut op los omdat het elk moment het einde kon betekenen. Ik werd boekhouder, ging een avondstudie volgen, las het nieuwe testament, keek discovery tot diep in de nacht en deed nog veel meer dingen die het daglicht niet verdroegen.

Tot en un momento dado, ik in de gaten kreeg dat ik nergens voor hoefde te vrezen. Het feit dat ik nog leefde wilde immers alleen maar zeggen dat ik nog niet op de helft was. En dat leefde een stuk makkelijker, hoewel het ook saaier werd. Rockconcerten, drugs, orgies, sigaretten, drank. Ik volgde de kudde.

Vroeger, toen ik nog magische gedachten had, zat ik achterin de auto met twee handen aan een denkbeeldig stuur, de spijlen van de hoofdsteun, mee te sturen om zo mijn ouders te behoeden voor een ongeluk. De termijn waarvoor ze door mij onkwetsbaar werden gemaakt mocht ik zelf stellen. Vijf jaar deed ik meestal, en een week later weer vijf jaar. Zodat ze uiteindelijk wel 1000 jaar veilig konden rijden. En dat hielp ook nog! Want het tegendeel kan niet bewezen worden. Dus was het waar.