Sinds een paar weken heb ik wat vage klachten in mijn buik waar mevrouw Nei mij misschien vanaf gaat helpen. Maar voor de zekerheid zat ik vanochtend bij de huisarts. Ik hou namelijk helemaal niet van vage klachten en zeker niet in deze tijd waar mensen bij bosjes geveld worden door een hele nare ziekte. Nu ben ik niet heel ernstig bezorgd, maar zeker nu ik vader ben wilde ik het toch even aan de dokter voorleggen. Het moet me toch niet gebeuren dat je pas naar een dokter gaat als het al veel te laat is, terwijl al je veel eerder klachten voelde, een beetje die gedachte.
Onze huisarts is heel leuk. Hij is ietsjes ouder dan ik en loopt 's zomers en 's winters in korte broek zijn beroep uit te oefenen. Toen ik hem vertelde van mijn vage klachten vertelde hij van het klassieke veertigers-probleem. "Als je veertig bent krijg je vage klachten. We doen nog wel mee, maar we zijn geen jonge Goden meer," grapte hij. "We zakken hier en daar wat uit en we zijn niet meer zo soepel." Hij vroeg mij om mijn bovenlijf te ontbloten en bekeek mijn buik. "Zo, jij hebt de schade nog aardig beperkt weten te houden," zei hij, doelend op mijn uitzakgehalte. En toen hij met zijn handen in mijn buik zat te poeren zei hij: "Nou, jij hebt nog aardige buikspieren hoor."
Kijk, dat is het oordeel van een arts. Daar hecht ik waarde aan. Binnen in mij woont Jean-Claude van Damme. De dokter kietelde mij even. Zo kan dat ook, beste lezers. Er hoeven heus niet altijd grappen gemaakt te worden over mijn langzaam slijtende lichaam. Ook een stabiele veertiger kan zich onzeker gaan voelen.