Lijngevangen.

Er is een aspect van het leven waarin ik niet ontwikkeld ben, maar waar ik mij ook niet verder in wens te ontwikkelen. Ik blijf liever wat dichter bij de aarde. Ik heb het over haute cuisine. En niet dat ik daar iets tegen heb hoor, maar het is een wereld vol oplichters, charlatans en bedriegers. Wat volgens mij drie keer hetzelfde betekent. Laatst was er bij DWDD een kok, die maakte zeebaars in bladerdeeg. En natuurlijk, ik begrijp best dat je je als kok wilt onderscheiden, maar praat gewoon even normaal. Een beetje kok heeft het over een “mooi” stuk vlees, en een “mooie” wijn. En dat is dus fout. Dat zijn aanstellerige termen. Het interesseert niemand of het vlees en de wijn mooi zijn. De bedoeling is dat ze lekker zijn.

Maar ik begrijp het wel. Lekker is geen term voor de adel. Lekker is voor het voetvolk. Lekker hoort niet bij haute cuisine, want het gaat niet om lekker. Deze kok beweerde dat de baars “lijngevangen” moest zijn. Dus niet met een net, want dan smaakt de vis minder. Ik bedoel, dan is hij minder mooi. Nu ben ik zo arrogant om te beweren dat deze kok zelf helemaal geen verschil proeft tussen een lijngevangen zeebaars en een netgevangen zeebaars. Netgevangen vis is volgens hem niet vers, en lijngevangen vis wel. Terwijl ik bij lijngevangen vis denk dat die al even aan het lijntje is gehouden en ik bij netgevangen vis denk: “zo, die is net gevangen.”

Maar goed, de man moet ervan leven dus snap ik wel dat hij zo’n verhaal ophangt. Helaas komt er steeds meer voetvolk dat niet langer voetvolk wil zijn en ook gaat beweren dat ze het verschil proeven tussen kip en kikkerbillen. Terwijl het in Frankrijk een publiek geheim is dat kikkerbillen helemaal niet bestaan als gerecht. Elke Fransman weet ook gewoon dat hij kip krijgt voorgeschoteld als hij kikkerbillen bestelt, maar voor de toeristen houden ze dat in stand. Wij vertellen ook aan buitenlanders dat we op klompen lopen.

Kijk, je moet de frikandel nooit verloochenen. Een frikandel speciaal is lekkerder dan zeebaars in bladerdeeg, alleen is de zeebaars beter voor je c.v. Pas als je de frikandel in ere houdt, ben je de zeebaars waardig. Eventueel Lijngevangen.

Ten aanval.

Ik ging naar het examen met een instelling die mij ooit vreemd was. Ik was altijd wat afwachtend, en hoopte er het beste van en roeide met de riemen die ik had. Zo niet vandaag. Nee, ik ging naar het examen om de opgaven op te vreten. Om alles wat ik geleerd had eens even flink op papier te schrijven. Om de verwijzingen naar de wetsartikelen eens even haarfijn aan te geven. Om mij niks aan te trekken van de waarschuwingen dat formeel recht door de cursisten over het algemeen lastig gevonden werd doordat ze er weinig feeling mee hebben.

Het begon eergisteren al. Ik sloeg de boeken dicht omdat ik vond dat het genoeg was. Ik kende het, de antwoorden staan in het wetboek en tijdens het examen weet ik ze exact te benoemen. Kortom, ik was zeker van mijn zaak.

Ik voelde vanochtend weinig tot geen nervositeit en reed richting Utrecht. Om bij Amersfoort in een enorme file te komen. Natuurlijk, die file staat er standaard dus ik hield er rekening mee. Maar hij was hardnekkiger dan anders. Tergend langzaam trok de stoet voorbij. En tergend langzaam is geen goed tempo als je strijdvaardig bent. Drie kwartier later was ik Amersfoort voorbij. Ik ging op het gas om weer in een file terecht te komen. En in nog één. Ik voelde nervositeit, ik voelde waterdamp onder mijn oksels.

Uiteindelijk kwam ik ruim op tijd -een kwartier van tevoren- aan. Ik parkeerde en liep met mijn wapens -wettenbundel en rekenmachine- naar de examenzaal. Ik viel de opgaven aan. Ik heb alle fraudeurs in de opgaven ontmaskerd en voor het gerecht gebracht. Ik waak over uw belastinggeld.

Gedachtenruil

Nee, vanavond schiet mij niks onzinnigs te binnen. Kan ook haast niet want ik ga morgen weer examen doen en dus is mijn hoofd vol met zinnige dingen. Maar daar heeft u dan weer niks aan. Ik vind het leven wel eens lastig te begrijpen hoor. De enige manier waarop ik het zou snappen is als er daar waar leven en dood in elkaar overgaan een machtige God is die mij begrijpt maar ik hem niet. Want ik denk wel eens na over de hemel. Mij lijkt dat zinnig omdat als je er nooit over hebt nagedacht, en je zit er ineens onverhoopt toch, en er komt zo’n Ursul de Geer aan die je wat vragen stelt en dat je dan ineens die persoon blijkt te zijn die altijd het mikpunt van spot was omdat hij geen idee had waar het vakantieland waarin hij was, zich op de wereldkaart bevond. “Ehm, hier denk ik,” al wijzend op de kaart en er minstens twee continenten naastzittend.

Ja, daar denk ik soms over na. Want wat doet een mens eigenlijk in de hemel? Eeuwig leven, vrij zijn van pijn en verdriet, en beloningen ontvangen? Ik vind dat sommige mensen zo snel genoegen nemen met een beschrijving van de eeuwigheid in één zinnetje. Meestal na een paar weken vakantie heb ik het wel weer gehad met niks doen. Dus daar denk ik wel eens over na. Aan de andere kant, als er een hemel is zullen die dingen ongetwijfeld prima geregeld zijn. Maar voor een simpele ziel toch wat lastig te begrijpen.

Nou ja, staat er ineens toch weer een gedachte op het scherm die laatst nog in mijn hoofd zat. Ik kan er ook niks aan doen hoor, dat ik van die rare gedachten heb. Ja, schrijf ze dan niet op, hoor ik u denken. Maar omdat ik u hoorde denken dacht ik: ik geef er eentje terug.

Boycot les Francais!

Eigenlijk zou je een logje moeten schrijven in de hitte van de strijd. Die strijd had ik vanmiddag toen ik Hans wilde helpen met een verjaardagscadeautje. Knex, was het. Een soort Lego, maar dan voor arme kindertjes. Het komt uit Frankrijk en in Frankrijk kunnen ze nog geen fatsoenlijke muur metselen. Wat een troep zeg! Hans zat maar te wachten tot ik zijn Formule 1 auto in elkaar had, zodat hij er nog even mee kon spelen in zijn bed, maar het lukte mij niet. 5+ staat er op de doos. Ik weet dat kinderen tegenwoordig vroeg volwassen zijn, maar dit slaat helemaal nergens op. Il bat de rien!

Uiteindelijk moest ik het opgeven, want de tekening klopte gewoon niet. En u kunt denken dat het aan mij lag, boekhoudertje met twee linkerhanden, maar dat is niet zo. De tekening was verkeerd en dat wisten ze donders goed daar in die fabriek. Ze wisten heel goed dat die auto niet paste en desondanks hebben ze op de tekening gewoon gedaan of er niks aan de hand was. Dat heeft de commercieel directeur, le chef commercièl, bevolen. Want hij dacht bij zichzelf: “je vais die voiture pas opnieuw fabriquer parceque ca kost d’argent! Regardez-het maar.”

En zo moet je je kind teleurstellen, ten eerste omdat hij nu geen auto mee naar bed kon nemen, en ten tweede omdat hij nu denkt dat hij een vader heeft die geen autootje voor vijf-plussers in elkaar kan zetten. Nou, ik bouw de complete Twin towers op ware grote na hoor, als het moet. Maar wel van Lego, want dat is tenminste kwaliteit. Merde, nondejuu!

Aardbeien met thee.

Ik had vanochtend een drie uur durende les belastingrecht, je moet er maar zin in hebben met dat mooie weer, maar ik was niet de enige. Zeker 60 mannen en vrouwen zaten in het zaaltje. Sommigen worden al bekend doordat ik ze elke examentraining en elk examen daar zie. De docent was tot nu toe elke keer een andere. Vanochtend was het een Limburger. Aan zijn accent te horen, Venlo. Ik kan redelijk goed aan een accent horen waar iemand vandaan komt. Misschien zat ik er wel mijlen ver naast en was het een Fries, maar ik hou het op een Venlonaar.

Dat inschatten van accenten werkt zo: ik ken twee mensen uit de buurt van Venlo, namelijk Gé Reinders en Geert Wilders. En hoor ik dan iemand met hetzelfde accent praten, weet ik: “hee, Venlo.” Makkelijk eigenlijk, je hoeft het alleen te herkennen.

Ik ben wel gecharmeerd van een zuidelijk accent. Brabants is niet om aan te horen, maar een Brabantse tongval is wel mooi. En een Limburgse is nog mooier. En zeker als iemand dan heel netjes spreekt, vind ik dat mooi. Nu moet je je natuurlijk nooit door het uiterlijk van de inhoud af laten leiden, maar toch viel het me op. Het klinkt ook zo beleefd. Geert Wilders bijvoorbeeld, klinkt enorm beleefd. Ik luister daar altijd naar en hij weet mij elke keer af te leiden van de inhoud. Jammer, want nu weet ik nog steeds niet waar hij voor staat. En om nu alleen op iemand te gaan stemmen vanwege zijn accent, dat vind ik ook weer niet nodig.

Oh ja, Gé Reinders. Die kent u misschien niet. Misschien ook wel, maar dan is het door mij. Ik hoorde halverwege de jaren ’90 voor het eerst van hem. Zijn accent leidde me toen al af van de inhoud. Ik verstond ook geen Limburgs, dus ik had geen keus. Aardbeien met thee? http://www.youtube.com/watch?v=f05T-rYIUpc

Vincent, de slimste der Maya’s.

Langzamerhand begin ik te geloven dat de wereld niks anders is dan een bos hardnekkig onkruid. Want zij wil maar niet vergaan ondanks allerlei onheilsprofeten. Morgen is het weer zo’n dag waarop de wereld vergaat volgens een Amerikaanse dominee. Nu hebben dominees zelden gelijk, want het enige ware geloof is het katholieke geloof, de rest is allemaal ketterij. Tenminste, dat zei altijd mijn enige katholieke strijdmakker tegen de godsdienstleraar van de protestantse school waarop wij zaten.

Als je het einde van de wereld voorspelt, heb je een chronisch tekort aan aandacht en zelfvertrouwen. Kinderen die overbieden hebben er ook last van, maar meestal herstelt zich dat wel in de loop der jaren. Maar zo’n dominee had kunnen weten dat wanneer hij de bijbel had bestudeerd, hij het einde der tijden wel kan voorspellen, maar niet wanneer. Lapzwans. En als we morgen overleefd hebben, moeten we ons weer zorgen maken om het jaar 2012, want dan hebben de Maya’s weer het einde voorspeld. En Maya’s, dat waren oude en wijze indianen, dus die weten het, aldus veel stemmingmakers. In het jaar 2012 houdt hun kalender op.

Nou, dat zit als volgt. De Maya’s hadden een kalenderopsteller bij gebrek aan een horlogemaker. Vincent heette hij, en hij was de meest wijze Maya van de hele omtrek. In het jaar 2020 v.c., op een mooie zomerdag, stierf Maya Vincent geheel onverwacht op vakantie in Guadalajara. Geen mede-Maya had het zien aankomen. Maar omdat Maya Vincent wel heel goed kon voorspellen, wist hij dat hij in het jaar 2020 voor Christus leefde. Vincent kon in tegenstelling tot Christenen wél exact de komst van Christus op aarde voorspellen. Maar goed, Vincent had zijn kalender pas voltooid tot 21 december 2012 v.c. Hij zou gelijk na zijn vakantie zijn werk hervatten. Het was zijn bedoeling om in de maand augustus maar liefst 50 jaar te voltooien. Ja, Vincent was een werklustig mannetje.

Echter, het liep allemaal anders en geen enkele Maya hechtte enig geloof aan Vincent’s voorspelling. Het was zelfs zo, dat Vincent’s naam na zijn dood spottend gebruikt werd door zijn collega indianen. Als er bijvoorbeeld een Maya een sterk verhaal vertelde, noemde ze hem vaak Vincent. “Tuurlijk, Vincent, en over 2000 jaar komt er iemand die over water kan lopen!” Dit tot grote hilariteit van de Maya-jeugd.

Maar goed, op een gegeven moment was het wel gedaan met de Maya-beschaving en langzaam verdween deze, zoals alle oude beschavingen, onder een dikke laag zand. Het eerste dat gevonden werd bij latere graafwerkzaamheden, was Vincent’s kalender. Dat v.c. werd natuurlijk uitgelegd als “Vincent’s calender”. Wij weten nu beter.

De jarige

Voor ik goeiemorgen zeg, ben jij op je brommer weg” zong Herman van Veen in misschien wel het mooiste lied over een dochterje ooit. Zo gaat het inderdaad. Ik heb nooit een brommer gehad, bovendien ben ik geen dochter, dus voor mij ging het niet op. Toen ik voor het eerst motor ging rijden kwam ik, toen ik overmoedig werd, ten val. Ik was schaaf gewond, en de motor had oppervlakkige schade maar als de bestuurder geen geldig rijbewijs heeft, is dat voor de verzekeringsmaatschappij aanleiding om niet uit te keren. Jaren later heb ik dat motorrijden nog eens herhaald, op de eerste motor van mijn schoonvader, een Bol d’or voor de kenners, maar dat ging verder goed. De motor op de foto is onderhand zijn tiende, want de man is nooit tevreden. Terwijl ik denk, een motor is een motor, toch?

Tegen onder andere dit gevaarte moet ik het eind volgende week weer opnemen met mijn Alfa Romeo, want het motorweekend van vorig jaar wordt herhaald. Geen van de partijen heeft zich bekeerd, dus het is nog steeds één auto en een handjevol motoren. Let trouwens eens op de spiegel van de motor, daarin bevindt zich een rode Alfa Romeo. Doorgaans zijn in motorenspiegels, auto’s alleen zichtbaar in het daarvoor bedoelde gedeelte, maar voor Alfa’s geldt dat niet. Die zijn alleen zichtbaar in het niet daarvoor bedoelde gedeelte van de spiegel.

Mega Toby op de foto was jarig vandaag, en zo ziet een jarige er uit. Mega Mindy was niet in haar rol en dan heet ze overigens gewoon Mieke.

Zes!

Toen ik ruim 20 jaar geleden begon met werken, destijds als manager of the empty bottle department bij een jonge, dynamische supermarktketen met korte communicatielijnen en waar alle neuzen de zelfde kant op wezen, kon ik niet bevroeden dat ik mijn genen ooit zou doorgeven aan dit jongetje. Hij is hier drie, maar morgen wordt hij zes. Ik vind het jammer hoor, dat de tijd zo hard gaat. Hier was hij nog twee keer zo schattig dan dat hij nu is. Dat klinkt misschien gek, maar hij wordt al een doerak. Hij maakt af en toe al grapjes die mijn niveau benaderen, maar dat zegt meer over mij. Gisteren, we doen een spelletje memory en hij had verzonnen dat we beiden een knuffel moesten kiezen die ons zou assisteren bij het omdraaien van de kaarten. Hij nam zijn cowboy Woody en liet die een kaart pakken, maar het was niet de kaart waarop hij hoopte. “Ehm, volgende keer wel een beetje beter, Woody!” zei Hans verontwaardigd. Toen moest ik lachen. Gelukkig hebben we voor het schattige Tammar nog, al ontwikkelt die zich nog veel sneller dan Hans. Nog even en hij krijgt van die voortanden die veel te groot zijn voor zijn hoofd. En niet veel later worden het van die slome slungels. Wat dat betreft vind ik de natuur wel knap. Zij vertekent het beeld van het kind zodanig, dat degene met wie het kind genen deelt, het kind ziet als het mooiste. Dat werkt bij mij niet anders. Bovendien, andersom werkt het ook zo. Ik had vroeger geen enkel vriendje dat een knappere vader en moeder had dan ik. Het kwam niet eens in de buurt. Het gold zelfs voor mijn grootouders. Familie, dat is niet zomaar iets. Dat is een ingewikkeld systeem van optisch en psychologisch bedrog. Maar daar moet je niet verder over nadenken. Je moet je gewoon laten foppen. Ik doe dat graag. Gefeliciteerd Hans. Dat je je maar vaak mag laten foppen door de natuur.

Gewetensengel

Gisteren besloot ik mijn gezin over te halen tot een dagje Julianatoren. Voor het overhalen van de twee jongsten was niet veel overredingskracht nodig. Voor de één na oudste wel, maar uiteindelijk stemde die ook in na eerst de nodige bezwaren te hebben aangevoerd. Maar die verklaarde ik niet-ontvankelijk. Dus dan is beroep niet meer mogelijk.

Wat doet een man op de dag van de wedstrijd van het jaar bij de Julianatoren? Ja, dat is een hele goede vraag. Waarom had ik niet, zoals elke zichzelf voor man uitgevende man, een internetstreamer opgezocht om de wedstrijd live te bekijken? Waarom ging ik niet op de uitnodiging van mijn zwager in, om bij hem te gaan kijken? Tja, waarom gedroeg ik mij niet als een man? Ik had het best graag willen zien. Maar het heeft dezelfde reden als die gelegen is in het feit dat ik dit jaar nog geen enkele Formule 1 race heb gezien. Het is het mijn gewetensengeltje dat mij influistert dat ik doordeweeks mijn echtelijke- en vaderplichten verzaak. Strikt genomen is het niet eens zo, maar mijn gewetenengel is nogal fanatiek in zijn werk. Hij laat me nooit met rust.

“Je kunt de uitslagen toch ook in de krant lezen? En kijk nu eens naar die blije gezichtjes van je kinderen, je zou toch niet willen dat ze de hele middag niet mogen praten omdat jij zo nodig voetbal moet kijken?” En dan die andere met die drietand op mijn andere schouder: “Ach, laat die kinderen, je verwent ze veel te veel. Gun je zelf ook eens een verzetje, en ik kan zorgen dat je vrouw de catering tijdens de wedstrijd voor haar rekening neemt hoor!”

Die met die drietand mep ik vrijwel altijd van mijn schouder af. Zo ben ik geprogrammeerd. Terwijl een echte vent die andere van z’n schouder af zou rossen. Zou ik de engel eraf meppen, klimt die later als ik lig te zondigen weer op mijn schouder om de wedstrijd te vergallen. “Zo, heb je nu je zin,” zou die dan zeggen. Ach ja, zo gaat het. Daar doe je helemaal niks aan.

Heel erg is het trouwens niet. Tammar heeft het nu steeds over de achtbaan, dat die heeeel hard ging en dat ze zich goed moest vasthouden. En dat het spookhuis niet zo leuk was, want daar stonk het. En Hans heeft zichzelf overwonnen in de achtbaan. Uiteindelijk vond-ie het geweldig terwijl hij vorig jaar nog niet durfde. En Linda was blij. En als Linda blij is, is iedereen blij.

Een bedenkelijke herdenking.

Het is vandaag 71 jaar geleden dat het bombardement op Rotterdam plaatsvond. Daar wilde ik even de aandacht op vestigen omdat het een laffe aanval op onschuldige burgers betrof. Een oorlogsmisdaad. Het kwam hier op neer; de Duitsers konden niet door de Rotterdamse (mariniers)verdediging heen komen en daarom werden er maar burgerslachtoffers gemaakt, en werd er bij verteld dat de slachtoffers de verantwoording waren van degenen die zich niet wilde overgeven. Later is dat principe nog eens met succes door de geallieerden toegepast op diverse steden van de vijand.

Ja, daar wilde ik dus de aandacht op vestigen omdat ik het belangrijk vind. Echter, mijn hoofd draait. Niet letterlijk gelukkig, maar van binnen. Het is de schuld van Hertog Jan, Karakter, 7,5%. En aangezien het niet gepast is om in beschonken toestand een herdenkingsdienst voor 800 doden te houden, zou ik zeggen, sta er zelf even bij stil, dan probeer ik die draaimolen hierboven tot stilstand te krijgen.