Hij maakt indruk op me.

Die zoon van mij, die is me er eentje. Morgenvroeg moet hij om zes uur op, moet de bus van kwart voor zeven hebben om om acht uur op school te zijn. Terwijl hij om tien uur pas had hoeven te beginnen als hij tenminste zijn handdoek niet vergeten was laatst. Dat is dan je straf. Vandaag heeft hij honderd push ups moeten doen omdat iemand anders een fout maakte, en degene die de fout maakte moest toekijken. Ze moeten straffen voor zichzelf verzinnen die ze kunnen uitvoeren als er weer eens iets niet snel genoeg gaat. In voorligsteun blijven zolang de sergeant majoor praat. En als je je oefeningen niet goed genoeg uitvoert wordt op luide toon geïnformeerd of je soms op mannen valt. Echte macho’s dus, die instructeurs.

Hans vertelt en ondergaat het lachend. Terwijl ik me afvraag waar hij terecht is gekomen. Een voorbereidende opleiding voor defensie, dacht ik. Dit lijkt het leger wel. In de bus terug, die van half zes, kwam hij in gesprek met een tweedejaars student. Die zei hem dat hij het eerste jaar door moest zien te komen, dan zou hij het wel redden. Want je kunt ook nog makkelijk afvallen.

En dan zie ik hem ‘s ochtends vertrekken, met zijn grote camouflagerugzak op z’n rug, in schooltenue waarop naam en logo van zijn opleiding staat, eindelijk glad geschoren en dan ben ik trots op hem. Want ik zag het niet aankomen. Hansiepansie, die vroeger bang was voor zwarte Bertram. Heeft zich nu vrijwillig aangemeld om dit jaar naar Normandië en Bosnië te gaan. Kost honderden euro’s. Mede mogelijk gemaakt door mij.

13 jaar

Een paar maanden geleden stopte ze met mij een kus te geven als ze naar bed moest. Ik dacht eerst nog dat het tijdelijk was, maar dat was het niet. Vanochtend stond ze voor haar spiegel haar ogen te potloden. Dat kunnen ze dan ineens, net als hun haar doen of een badhanddoek om zich heen dragen. Het moet een vrouwelijk instinct zijn, tot op de dag van vandaag weet ik geen badhanddoek om mij te vouwen zonder dat die na vijf seconden naar beneden valt. Mijn zoon wordt groot, mijn dochter volgt met rasse schreden. Ze is nog kind maar dat duurt niet meer lang.

Ik mag nog wel haar band plakken. Straks mag ik haar nog wegbrengen als ze uit gaat. Hoe gaat die relatie vader-dochter veranderen? Als ik me opstel als vader, het hoofd van het gezin, dan negeert ze me straks volkomen. Als ik onderdanig aan haar wordt, en ik plak haar band en ik rij haar naar waar ze naar toe moet, dan duldt ze zich tenminste nog om zich heen. Gaat het echt die kant op? Is dat het complot waar alle dochters die vrouw worden, inzitten?

13 jaar. Ze neemt de macht stiekem over. Het gaat heel geleidelijk. En ik moet eraan meewerken, want anders volgt eenzame uitsluiting. Als ik maar haar band mag blijven plakken en haar mag blijven rijden, dan vind ik het niet erg.

Ik herpak me, en voorlopig heeft ze nog niets in de melk te brokkelen. Maar het is zo’n scenario dat af en toe door mijn hoofd schiet.

Soldaat

Die zoon van mij wil het leger in. Daarom is zijn school nu een voorbereidende opleiding voor defensie. Hoe hij hier precies bij gekomen is, is volgens mij omdat hij niks anders kan. Dat klinkt lullig, dat begrijp ik, maar het is wel waar. Dat wil echter niet zeggen dat als je wel iets anders kan, je ook deze opleiding kan volgen. Ook hier worden specifieke kwaliteiten gevraagd.

Wat ik niet wist is dat de soldaterij al is begonnen. Morgen moet hij zich weer melden op de kazerne. En weer moet er een tas mee waar meer dan 20 kilo aan spullen inzit, en wat volgens mij bewust veel te veel is om in die tas te passen. Alleen met hulp kun je de rits nog dicht krijgen. En van de Sergeant majoor moet alles erin! Alle overbodige zooi die alleen maar dient om die tas niet dicht te kunnen krijgen moet mee. En met die op springen staande tas moeten ze de bus in, naar de kazerne. En wat een leraar in jaren niet voor elkaar krijgt, weten ze hier na een dag; niks vergeten, anders is het opdrukken, rondjes lopen terwijl je klasgenoten in opdrukstand moeten wachten tot je klaar bent.

Het zelfstandig nadenken moet je kennelijk zo snel mogelijk worden afgeleerd. Je moet je natuurlijk zonder je dingen af te vragen in een gevecht kunnen storten want wat heb je aan een soldaat die orders in twijfel trekt? Ik zeg hem elke dag dat ik hem in wil schrijven op de Havo, maar hij verkiest dit. Prima. Ik ben toch wel trots op hem. Soldaat Hans. Mijn kleine aapje. Hansiepansie.

Doerak

Die Hans van mij, die is me er eentje. Je kunt er de oorlog niet mee winnen, maar hij gaat wel naar een opleiding die voorbereidend is voor defensie. Nou ja, dan maar hopen dat het geen oorlog wordt, al is het altijd wel ergens oorlog. Kwestie van zoeken. En misschien kun je de oorlog juist wel met hem winnen, hij is betrouwbaar en zet zich in voor dingen die hij belangrijk vindt, maar er zit toch een aangeboren onhandigheid in hem.

Kijk, afgezien van dat hij een fijne gozer is, die niemand buitensluit, zijn elftal aanspoort, keeperstrainer voor de kleintjes wordt en die vrijwel met iedereen kan opschieten is hij wel een oetlul. Ik geef maar geen voorbeelden, geloof me maar gewoon.

Vanavond, tijdens badminton sprak ik twee havisten, die allebei geslaagd waren en ik vroeg wat ze hierna gingen doen. Daarna gaf ik ze mijn complimenten voor het slagen en zei dat ik er ook eentje net geslaagd thuis heb. Dat wisten ze, want ze zeiden beiden lachend in koor: Haaans, de doerak van de school. En of ik vroeger ook zo was.

Doerak? Mijn Hans? Dat is toch een bijzondere status die hij daar heeft behaald. Het was niet zo dat leerlingen uit hogere klassen wisten wie ik was, vroeger. Nee, dat was niet zo, maar in mijn verdediging, ik had minder reden tot vrolijkheid dan hij. Maar toch, ik voelde me een beetje vereerd. Voor de zekerheid zocht ik het even na. Doerak is een leenwoord uit het Russisch; doerak (дурак) betekent in die taal ‘domkop, dwaas’. In het Nederlands betekende doerak in eerste instantie ‘gemeen, laaghartig mens’, maar later ontstond de afgezwakte of zelfs enigszins liefkozende betekenis ‘ondeugd, deugniet, bengel’.

Einde van een tijdperk

Gedurende de vakantie kreeg ik het op een zeker moment een beetje te kwaad. Ik wist niet dat dat kon gebeuren maar ik realiseerde me ineens dat dit wel eens de laatste vakantie kon zijn die we op deze manier zouden hebben. De kinderen worden groot, Hans is zestien en wellicht gaat hij volgend jaar gewoon nog mee, maar het besef dat deze jaarlijkse twee weken van intens geluk eens tot een einde gaan komen, bracht me aan het wankelen.

Voor mij was het vanzelfsprekend dat we jaarlijks naar Frankrijk zouden gaan, de kinderen ’s ochtends uit hun bed zouden lichten, de reis per auto zouden maken en we daar een onbezorgde tijd zouden hebben. We hebben zoveel vakantiefoto’s van twee schattige kinderen die blij poseerden voor weer een kiekje. Of het nu op de brug van Avignon was, bij Pont d’Arc, Pont du Gard of op de Mont Ventoux, overal staan ze en leek het alsof ze eeuwig klein zouden blijven. Ik ben een redelijk intelligente, maar zeer naïeve man van middelbare leeftijd die zich tijdens de vakantie nog veel te jong voelt om al oudere kinderen te hebben.

Ineens drong het tot me door op zaterdagochtend, en Linda zat erbij. Ik huilde. Ik voelde de pijn van de tijd die voorbij was geslopen. Wat moeders wel eens hebben op de laatste schooldag van hun kind, had ik nu. Het einde van een tijdperk komt eraan, en het raakte me diep in mijn hart. Straks gaat Hans niet meer mee en hebben we alleen Tammar nog een paar jaar achterin, wat al compleet anders zal voelen, tot het moment dat ook zij niet meer meegaat en dit voorgoed afgesloten is. Als ik heel veel geluk heb, maar ik acht die kans erg klein, is dat ze later als ze zelf kinderen hebben, met ons mee willen naar een camping, zoals mijn opa en oma ook altijd meegingen naar Zuid Frankrijk. Maar ik denk het eigenlijk niet.

Dit moment van besef moest er denk ik even komen. Frankrijk was altijd superbelangrijk voor me, maar ineens voelt het alsof ik er nooit meer ga vinden wat ik er zocht sinds mijn vader er niet meer is. Ik zocht hem, en ik heb hem gevonden. In de persoon van mezelf die samen met zijn vrouw, hun kinderen prachtige herinneringen voor de rest van hun leven hebben gegeven.

Wij zijn geslaagd

We hebben trouwens een geslaagde in het gezin. Hans is voor zijn Mavo-examen geslaagd, tegen elke verwachting in. Hij stond geen onvoldoende maar hij had ook geen spilruimte. Hij stond een zeven voor maatschappijleer, en dat was dan het compensatiepunt, waarmee hij dus ook een vijf kon staan. En er zou één onvoldoende worden weggestreept vanwege Corona.

Maar hij kwam thuis met verhalen dat hij economie en Engels had verprutst, en de andere vakken gingen wel, maar als je doorvroeg bleek hij hele opgaven te hebben overgeslagen. Wij, en hij waren ervan overtuigd dat hij gezakt zou zijn. De hoop was, niet als een baksteen, dus dat er nog een herexamen in zou zitten. Of twee. Op de bewuste dag van de uitslag ging ik naar mijn werk. Ik zou wel horen voor welk vak hij een her zou hebben. Ondertussen begon het op FB geslaagden te regenen. Ook leerlingen van wie we dachten dat ze solidair met Hans gezakt zouden zijn. En toen werd ik nerveus. Ik hield steeds mijn app in de gaten. Het deed me denken aan de wedstrijd De Graafschap-Ajax, toen PSV op de laatste dag kampioen werd. Toen durfde ik niet te ademen. Mijn nervositeit leek daarop.

Ik keek steeds op mijn app, totdat hij belde. Ik ben geslaagd zonder onvoldoendes! Ik was opgelucht en verbaasd. Hoe dat nu toch kon. Ik feliciteerde hem met ons behaalde diploma (wij zijn zwanger, wij halen een diploma) en belde daarna Linda. Die had een zenuwinzinking. Ze huilde. Om die eikel die ons allemaal gefopt heeft. Het waren allemaal zessen, op twee zevens na, maar daar deed hij geen centraal examen in. Die stonden al vast. Wiskunde was zijn beste vak. Een 6.3. Ik adviseerde hem nooit meer over zijn cijferlijst te beginnen, maar te zeggen: wiskunde was mijn beste vak!

Tussenstand bij 51 jaar.

Krijg ik vandaag een appje van mijn zoon of hij bij de boekhandel een passer kan kopen. Dit omdat hij volgende week wiskunde examen heeft, en gehoord heeft dat hij een passer nodig heeft. Kennelijk heeft hij de passer nooit gemist, ook niet toen ik hem al eerder tijdens uitleg vroeg of hij een passer had. Van zijn rekenmachine heeft hij geen idee hoe die werkt. Het geheugen bedienen bijvoorbeeld is onmogelijk volgens hem. De jongen is aartslui. Geen zin om zich ergens in te verdiepen. De tactiek is niet de som aanvallen, ontleden en stap voor stap oplossen, nee de tactiek is de som zo snel mogelijk doorlezen, invullen wat je denkt te weten, een paar getallen door elkaar delen zonder je af te vragen of de uitkomst klopt en zo snel mogelijk afraffelen. Het is een wonder dat hij tot nu toe een voldoende staat.

Mijn dochter is al niet veel beter. Tijdens corona heeft ze online lessen, die om een of andere reden zo worden ingekort dat ze nog een spel kan spelen op de computer. Als ze Frans krijgt haakt ze gelijk af omdat de vraag in het Frans is en ze geen idee heeft wat er staat. En dat ligt niet aan haar, dat ligt natuurlijk aan de leraar. En verder heeft ze op alle argumenten een bijdehand antwoord. Je moet haar de mond snoeren anders is de discussie eeuwigdurend.

Mijn kat is een kutbeest want ze vermoordt vogeltjes en muizen. Zojuist lag er een koolmeesje dood onder een nestkastje, dus nu mogen we hopen dat dit niet vader of moeder was, en alle jonge koolmeesjes verhongeren. Of in het beste geval, dat de eieren niet uitkomen. Je hebt helemaal niks aan katten. Dit is de laatste ooit.

Mijn hond heeft een gebruiksaanwijzing en kan onverwacht de aanval inzetten. Ze is zo sterk dat mijn kinderen haar niet kunnen uitlaten. Aan de lijn is het het ergst, dan begint ze al te rochelen zodra je de oprit af bent. En verder vreet ze van de grond. Paardenvijgen het liefst.

Over mijn vrouw ga ik het maar niet eens hebben.

Onverschillig

We hadden een opvoedkundig probleempje. Onze oudste staat er niet heel florissant voor op school. Zijn cijfers variëren van 5.5 tot 6.3. (ik tel een 7,8 voor examenvak LO II maar even niet mee) Allemaal maar heel matig. En als we nu vertrouwen hadden in een eindsprint dan was dat tot daaraantoe, maar dat hebben we niet. Op zijn minst verwachten we inzet vanaf nu tot aan het examen.

Zondag zat ik met hem aan economie en wiskunde. Ik kwam erachter dat hij na vier jaar nog geen idee heeft hoe zijn rekenmachine werkt. Alleen het hoognodige, maar een getal in het geheugen zetten is hem een raadsel. Omdat ik het al vaker had gezegd, ‘vraag het aan de leraar, kijk in de handleiding,’ en omdat hij duidelijk liet blijken dat hij geen enkele moeite deed om te snappen wat ik uitlegde, zei ik hem op een gegeven moment het maar uit te zoeken.

Toen werd de zwaarste sanctie ingezet. Andere dingen zoals niet gamen, niet logeren, het hielp allemaal niet, maar nu hij één keer niet naar voetbaltraining mocht ging hij volledig over de zeik. Linda appte het naar de voetbaltrainer, die het volledig met ons eens was en nog liet blijken dat hij Hans erg waardeerde op de training. Beleefd, een voorbeeld voor anderen en nooit verzaken. Die mocht hij dan in zijn zak steken, ware het niet dat dat niet ging, want hij was er vandoor. Zonder jas en in korte broek was hij hem het donker in gesmeerd.

En daar zit je dan op de bank, zogenaamd onverschillig te wezen. Ik had vroeger als kind echt het idee dat mijn ouders niet om mij gaven en elk dreigement zonder problemen zouden uitvoeren. (dan slaap je ook maar buiten!) Die zouden het geen probleem vinden als ik het koud had of als ik honger had, althans, dat dacht ik toen. Hans had nog niet gegeten doordat hij boos was. Ik vind het nu ik zelf ouder ben al best lastig om een straf uit te delen, laat staan te handhaven. En wat nu als Hans een heel ander kind is dan ik en gewoon wel echt wegloopt? Ik had zijn bord eten al in de magnetron gezet voor als hij terug zou komen. Ik was er destijds van overtuigd dat ik gewoon geen eten zou hebben gekregen in zo’n geval.

Na drie kwartier ging de bel. Linda deed open. Hij was volledig gekeerd. Godzijdank. Hij had het wel een beetje koud. Gelukkig kon ik hem warm eten brengen.

Economie

Ik had vandaag een tien voor economie. Dat kwam zo, Hans moest een PO maken, een praktische opdracht, en ik heb hem geholpen. Een stuk of 30 vragen die ik allemaal met hem heb doorgenomen. En omdat hij niet kan formuleren, heb ik de antwoorden ook nog geherformuleerd. Ik heb zelfs een actueel onderwerp uit het achtuurjournaal verwerkt in zijn antwoorden. Hij heeft zijn gemiddelde cijfer maar liefst opgehaald tot een 5,9, het heldere licht. Natuurlijk weet de leraar dat hij geholpen is. Het zij zo.

Het mooie is, een andere vader, die ik ook ken, eveneens financieel onderlegd, en wiens zoon bij Hans in de klas zit, had slechts een 9,3. Die baalde dus, want ik had hem afgetroefd. Een vorige keer, toen het op pure uitleg aankwam, had zijn zoon een hoger cijfer voor het economieproefwerk dan Hans. Dat stak me toen al een beetje. Nu won ik deze concurrentieslag. Ha! De leraar had tegen zijn zoon gezegd dat het eigenlijk een tien waard was, maar omdat hij vermoedde dat vaders hadden bijgesprongen was hij extra kritisch gaan kijken. Wat natuurlijk extra glans geeft aan mijn tien. Pardon, aan die van Hans.

Rukker

Mijn zoon had het vandaag aan de stok met een oud-voetballer van Ajax. Hij komt hem wel vaker tegen en roept wel eens iets naar hem. Tot nu toe onschuldige dingen. Vandaag maakte hij echter een obsceen gebaar. Hij maakte hem duidelijk dat hij hem een rukker vond. Dat ging te ver, dus de Ajacied stapte uit zijn auto en kwam verhaal halen.

Hij appte het me en mijn eerste reactie was: dat moet je ook niet doen, Hans. Mijn tweede reactie was echter: godsamme, nu komt hij op mijn zoon af, die gast krijgt wekelijks vele ergere dingen naar zijn hoofd geslingerd door allerlei rivaliserende supporters en dan loopt hij altijd stoïcijns door. Nu is het een jochie en dan stap je ineens het schoolplein op? Hij moet toch ook weten dat het multimiljonair worden door een voetbalcarrière gepaard gaat met vervelende confrontaties? Daar ben je op getraind, om dat te negeren.

Thuis vertelde hij me het hele verhaal. Over hoe klein hij was en dat hij hem te verstaan had gegeven dat als hij het nog een keer zou doen, hij hem er tien zou geven. Een mooie juridisch afgedekte bedreiging. Over hoe hij arrogant gedaan had en zijn naam opeiste. Hans was toch een beetje onder de indruk. Hij had excuses aangeboden maar die werden niet aanvaard, hij draaide zich boos om en stapte terug in zijn auto. Ik zei, maak je niet druk, die bedreiging heb je zelf uitgelokt, hij heeft je niet aangeraakt, niks aan de hand. Niet meer dat rukkersgebaar maken naar die patser, maar laat je ook niet intimideren. En toen gaf ik hem een high five.