Vergeving

Ben gewoon te moe om te schrijven. Tenminste wel voor een samenhangend en interessant logje. Dat ligt er uitsluitend aan dat het laat is en ik wat ouder word. Als je ouder wordt, moet je eerder naar bed en wat vaker plassen. Zelfs het verhaal over onze hond die vermoedelijk vergiftigd is -het gaat nu weer prima met haar- wat ik net poogde te schrijven, kreeg ik niet op een goede manier op papier. Het werd te vaag. Nou ja, misschien is ze helemaal niet vergiftigd, maar kregen twee andere honden uit de buurt toevallig precies dezelfde verschijnselen na het eten van rondgestrooide balletjes. (boilies) We zijn weer 100 euro armer na twee bezoekjes aan de dierenarts. En die maakte twee keer toe een foute diagnose, want de hond zou pijn in zijn rug hebben.

Nu kunnen honden niet praten, maar rugpijn leek mij vergezocht. Bovendien maakte de hond af en toe een beweging waarvan ik zeker wist dat iemand met rugpijn die niet maakt. Ter verdediging van de dierenarts vertoonde ze ook wel raar gedrag voor een vergiftiging. Want op drie poten gaan lopen staat toch niet beschreven als het eerste symptoom van vergiftiging.

Nou ja, nu ik in de eerste zin aan mijn onmacht toegaf, – ik ben te moe- lukt het nu ineens wel. Dat zouden we vaker moeten doen, toegeven aan onmacht. Ik voelde gelijk hoe u mij vergaf, en dat was al genoeg. Kan ik nu eindelijk gaan slapen, op deze vaderdag, 19 juni.

Last time to see me before I die

John Cleese trad gisteren op in Carré. Wij waren erbij. Het was de laatste keer dat we hem konden zien voor hij dood zou gaan. Zo heette zijn show. Ik was nog nooit in Carré geweest. Ook niet in het Amstelhotel trouwens. Ziet er geinig uit. Van buiten dan, van binnen heb ik het nog nooit gezien. Carré is erg mooi, maar toch had ik nog meer verwacht. Waarschijnlijk door alle artiesten die het erover hebben. Nou ja, het mocht de pret niet drukken. John Cleese is inmiddels een oude man, maar met nog dezelfde opvattingen als altijd. Hij vertelde over zijn leven en zijn carrière, voor de echte fan was er veel achtergrondinformatie. Ik ben geen fan van het eerste uur, ik heb bijvoorbeeld Monty Python’s Flying Circus compleet gemist. Ik geloof ook niet dat ik het in die tijd leuk gevonden zou hebben.

Maar daar stond toch wel even John Cleese op het podium. De man die door velen aangemerkt wordt als de koning van de absurde humor. En ik was erbij, ik heb hem gezien. Op een gedenksteen stond: John Cleese 1939-201? Hij gaat er kennelijk vanuit dat hij niet lang meer heeft. Ik zou het lot zo niet durven tarten, ik zou er 20?? van gemaakt hebben. Misschien wel 2??? Ik bedoel, er moet toch iemand de eerste zijn die 131 jaar wordt.

Bij de kapper

Naar de kapper gaan, altijd fijn. Je gaat er niet alleen beter van uitzien, het is ook lekker ontspannend. Lekker aanhoren wat de dames te vertellen hebben, ik hou er wel van. Ik vertel zelf nooit zoveel, tenzij mij iets gevraagd wordt. En daar kun je op wachten bij de kapper. Ik heb nog nooit een kapster meegemaakt die niet opende met een vraag die je andersom nooit zou durven stellen uit angst dat ze denkt dat je haar probeert te versieren.

Ik moest een poosje wachten en las de Panorama. Nou ja, lezen is een groot woord. Een beetje bladeren in de hoop op een knappe vrouw. Persoonlijk hou ik meer van een leuke vrouw dan van een knappe. Een leuke vrouw heeft een onweerstaanbare lach, zo’n lach die zich in een geheugencel nestelt om nooit meer te verdwijnen. Maar die vind je niet in de Panorama. Behelpen is het. Schaars geklede meiden van in de twintig die met een hoop make-up zijn opgeleukt, maar die met zo’n gemaakte, door de fotograaf gevraagde, blik in de lens kijken. De bedoeling is dat het instinct van de primitieve man geprikkeld wordt.

Ik las een ingezonden brief van een man die een hekel had aan Guus Hiddink. Want Guus had zijn EK verpest. Dit soort berichten heeft mij vaker bereikt. Mannen die zwaar de pest in hebben omdat Nederland niet meedoet met het EK. Mij persoonlijk doet het niks. Er valt toch geen eer te behalen op een EK. Het is als de zilveren medaille bij de Olympische spelen. Je kunt tien keer het EK winnen, da’s altijd nog minder dan één WK. Afgezien daarvan vind ik het ook een beetje treurig als je zomer afhangt van een geslaagd EK. Maar goed.

Ik was aan de beurt. Een alleraardigst bescheiden meisje dat mij al vaker geknipt heeft. Of ik nog wat leuks ging doen dit weekend. Nou nee. Het is momenteel verstand op nul en blik op oneindig. En volhouden tot zondag. Zondag is warempel een rustdag geworden voor mij. Ik hoef slechts te strijken morgen. Heerlijk.

De kans op succes.

De dag begon met een slecht voorteken. Er zat een enorme hoeveelheid vogelpoep op mijn voorruit. Ik hoorde mezelf denken: “dit wordt een schijtdag.” Op mijn werk aangekomen leek het ook een schijtdag te worden. Ik had sales weer tegen me in het harnas gejaagd, en goed ook, want ze moesten het escaleren. Zo heet het in het bedrijfsleven als je er iemand bij haalt omdat je het niet meer kunt winnen. Dus ik zag een e-mail naar allerlei hoge pieten gaan, en om eerlijk te zijn, kneep ik hem wel een beetje. Totdat ik bedacht dat ik best wel sterk stond omdat ik in het bedrijfsbelang handelde, en sales in eigen belang. De zaak loopt nog, ik vermoei u er verder niet mee. Maar ik had lichte zweetplekken onder mijn oksels.

’s Middags was een zogenaamd event waar altijd een spreker uitgenodigd wordt. Omdat ik de doelgroep van het event ben (finance, red.) is mijn advies gevraagd en opgevolgd. Ik had niet zo’n zin in de zoveelste positivo die ging vertellen dat we het helemaal anders moesten gaan doen, dus ik had gekozen voor een lange afstandszwemmer die Olympisch goud heeft gewonnen in Peking. Laten we hem Maarten noemen. Ik had Maarten niet voor niks uitgekozen. Ik kende hem al van tv, en vond hem interessant. Zijn wiskundige achtergrond, zijn ziekte, zijn lichte stotter, en zijn nuchtere kijk op zaken. De kans op een lulverhaal was nihil.

Mijn collega had hem al verteld dat ik hem had uitgekozen dus toen ik aankwam heb ik hem even aangesproken en succes gewenst. Na een plichtmatige speech van onze directeur kwam Maarten. Hij vroeg het publiek wie in de zaal een echte droom had en die met hem wilde delen. Na lang aarzelen was er iemand die een berg boven de 8000 meter wilde beklimmen. Maarten ging er even op door en vroeg toen wie er geen dromen had. Ik moest mijn vinger wel opsteken, omdat mijn collega’s dat gewoon van mij verwachtten. Ik was ook de enige, dus Maarten vroeg waarom ik geen dromen had. Omdat ik het wel prima vond zo, antwoordde ik en ik zou wel zien waar ik over vijf jaar zou zijn. Vervolgens vroeg hij aan de zaal wie er vond dat succes maakbaar was. Zeker driekwart stak zijn hand op. En toen vertelde hij zijn verhaal.

Het werd een prachtverhaal, met een komische wisselwerking tussen zijn ambitieuze zwemvriend Pieter en zijn oplossingsgerichte trainer Marcel enerzijds, en de nuchtere, niet ambitieuze Maarten anderzijds. Hij zou wel zien. Hij wees een paar keer naar mij, omdat hij van mening was dat juist als je je situatie accepteert je daarmee je kans op succes vergroot. Alleen kon hij het logisch verklaren, en ik nu niet meer, hoe ik er ook over nadenk. In elk geval, na afloop zei ik triomfantelijk tegen mijn sales collega, “ik zal wel zien, mijn kansen op succes zijn het grootst.”

Bij het buffet bleek dat al gelijk. Ik zei tegen de kok dat het er goed uitzag, waarop hij antwoordde dat ik er ook goed uitzag. Ik wist met de situatie geen raad, keek hem snel aan en lachte vluchtig om zijn compliment. Maar ik zag dat hij het meende, en ik zag ineens dat hij homo was, hoewel het schijnt dat dat niet aan mensen te zien is. Het was voor hem kennelijk een teken en hij zocht daarna nog een paar keer oogcontact met mij. Ik voelde mij zeer ongemakkelijk, maar wilde er ook geen punt meer van maken in 2015. Ik denk dat ik maar wat ambitieuze doelen ga stellen, om zo mijn kansen op succes weer wat te verkleinen.

Wereldreis

Morgen vertrekt ze met haar gezin, voormalig blogster Mellody, misschien zegt het sommigen nog iets. Je moet het avontuur maar aandurven, om huis en haard te verkopen, je resterende spullen op te slaan en een wereldreis te maken met je hele gezin. Ze hebben het in hun hoofd gehaald en laten zich niet afremmen door regeltjes en wetten die voorschrijven dat je moet werken om geen pensioengat te creëren, of dat je kinderen naar school moeten en meer van dat soort geneuzel. Ik helaas wel, zodat ik straks gewoon mijn geraniums kan betalen. Ik heb haar vaak gesproken over de aanstaande reis en wilde nooit laten blijken wat ik er van dacht, namelijk: “Help! Doe het niet!” Maar dat zijn mijn eigen angsten. Gelukkig laat ze zich niet tegenhouden en vliegt ze morgen naar Zuid Afrika, het beginpunt van de reis. Als iedereen was zoals ik, hadden we nu geen idee gehad dat er nog andere continenten bestonden. Ik vind haar zo dapper, en had haar altijd al hoog zitten. Als iedereen was zoals zij, bestonden er geen oorlogen denk ik vaak. Het is een schat.

Gisteren zei Linda dat ik de groeten moest hebben en dat ze afscheid hadden genomen. Ik schrok me rot, want ik was vergeten dat het al zover was. Gelukkig was daar Facebook. Facebook heeft ook zijn goede kanten. Ik heb haar uitgezwaaid. En ze zwaaide terug.
Mellody

Klik op de foto om de reis te volgen.

Een end van huis

Ik liep zojuist het laatste rondje van de dag met de hond, en ik hoorde in de verte een gekrijs. Een kwaad kind dacht ik eerst, tot ik dichter in de buurt kwam. Het was een jonge vrouw die uitviel tegen een andere vrouw, die iets ouder klonk. Ze viel uit op een hysterische manier, zoals je dat zelden meemaakt. De hond stond te luisteren naar het vreemde geluid, en ik ving een paar woorden op, maar spoorde de hond aan om door te lopen, omdat zulke trieste dingen eenmaal gebeuren.

Want ja, ik vind het triest als een volwassene zo buiten zinnen kan raken. Ik heb dat zelf nooit meegemaakt en hou in elke situatie enige vorm van controle. Maar dit was een hysterisch geschreeuw waarbij elke remming weg was. Of ze nu niet in de gaten had dat haar geschreeuw tot ver in de omtrek te horen was, of dat het haar niet kon schelen. Als het dat laatste was, dan is het triest dat het zover heeft kunnen komen met iemand, want dan schat ik in dat je een eind van huis bent.

Toen ik een jaar of vijftien was en de Apeldoornse Courant bezorgde in Vaassen, stond een mevrouw een Mercedes in elkaar te rammen met een zwabber. Heel even dacht ik dat ze de ruiten aan het schoonmaken was, tot de eerste ruit bezweek. En systematisch werkte ze zich rondom de auto, net zolang tot alle ruiten aan diggelen lagen. Een groepje mensen waaronder ik stond wat verbluft te kijken. Ze ging naar binnen, kwam weer naar buiten en riep in onze richting of er iemand kon komen. Niemand leek zich geroepen te voelen, en ik zie nog steeds de wanhoop in haar ogen toen niemand reageerde. Ik voelde me wel enigszins geroepen, maar er stonden volwassenen tussen die dat klusje beter hadden kunnen klaren. Niet veel later kwam de politie en nam de man des huizes mee, die ik hoorde zeggen dat ze ineens buiten zinnen raakte.

Hoe het verder afliep of wat de aanleiding was weet ik niet, maar het kan een indruk maken. Als de vrouw geweten had dat ik me dit dertig jaar later nog zou herinneren, zou ze misschien iets rustiger hebben gedaan. Hoewel, waarschijnlijk ook niet. Als de geest uit de fles is, zie hem dan maar eens terug te krijgen.

Klassieker

Hans en ik keken via een geleend Fox account de wedstrijd Ajax-Feyenoord. Ik weet nu al dat ik zo’n abonnement nooit ga nemen, want elke minuut liep de pc vast. Gisteren tijdens PSV hadden we daar maar drie keer in de hele wedstrijd last van. Ik verdenk het aantal mensen dat de wedstrijd wilde zien ervan. Klopt ook precies dat het aan het eind beter werd, want Ajax supporters staan erom bekend dat ze de wedstrijd vroegtijdig verlaten als het niks is. En het was niks van Amsterdamse zijde, hoewel, knap verdedigd. Eindelijk zag ik Cillessen in een rol waarin ik hem graag zie, een beetje van zich afbijtend, in plaats van dat schuchtere mannetje dat hij altijd is. Hij is toch de keeper van het Nederlands Elftal, en dan zie ik graag wat uitstraling.

Feyenoord had het beste van het spel en domineerde vrijwel de hele wedstrijd. Maar zij hadden de pech om niet te scoren ondanks enkele 100% kansen. De roep om een echte spits klinkt in Rotterdam, en zij denken dat ze met een echte spits dit jaar kampioen zouden worden. Ik riep vorig jaar ook dat als PSV betere verdedigers had, ze kampioen zouden zijn geworden. Je moet iets roepen om in te geloven. Vorig jaar had Feyenoord die echte spits en lieten ze het ook afweten, dus 1+1 is niet zomaar twee. De ballen die Feyenoord  nu miste, hadden er in gemoeten, spits of niet. PSV ligt nu wel op koers, speelden gisteren niet sprankelend, maar domineerden wel de lastige wedstrijd. Genee en van Halst staan weer even met twee benen op de grond, maar dat gaat nooit lang duren, de beide heren kennende.

Verhaal.

Sinds alweer bijna een jaar hebben we op mijn werk versterking gekregen van een drietal jonge collega’s. Een meisje doet de marketing maar ik heb weinig met klantknuffelen. Echter, het meisje is begin twintig en ik vind haar niet het typische marketeerstype. Ze is van Rotterdamse afkomst en tussen het Amsterdams gerichte bedrijf dat wij zijn vind ik haar een verademing. Goed, ze is nu nog jong en moet nog veel luisteren naar opschepperij en vieze praat, ze lacht er wat onwennig om maar laat zich niet uit de tent lokken. Vandaag waren zij en ik de enigen die aanwezig waren en tussen de middag liepen we een rondje. Ze vertelde mij dat ze vroeger bij Feyenoord werkte en aanwezig was in het Maasgebouw toen dat werd bestormd door woedende Feyenoord hooligans. Ik herinnerde me de beelden nog van angstige agenten die met getrokken pistolen de menigte buiten de deur probeerden te houden. Een uiterst bedreigende situatie.

Waarom vertel ik dit? Tja. Het viel mij op dat dit meisje dit verhaal nu pas vertelde. Een echt verhaal en ze vertelt het zo terloops. Terwijl ik altijd slappe verhalen van de mannen moet aanhoren, die op zo’n hoge toon verteld worden dat je denkt dat ze in hun eentje Duitsland hebben verslagen. Maar er gebeurt niets! Ze geven een keer een rondje met de creditcard van de zaak, zoiets. Of ze zijn in de bananenbar geweest en dat hoor je dan voor de vijftigste keer. Terwijl ze waarschijnlijk angstig een een hoekje stonden en het stil houden voor hun vrouw. Dit meisje had een echt verhaal en vertelt dat nu pas. Terwijl ze ondertussen wel kon weten dat ik gek ben op echte verhalen, want mensen met verhalen zijn er al te weinig. Ik zelf vertel verhalen meestal wel gelijk, maar dan gebeurt er tenminste nog iets in. Zoals dit verhaal.

Internet archief

Ik keek een verontrustende aflevering van VPRO’s Tegenlicht over digitaal geheugenverlies. De beste manier om data op te slaan en te bewaren voor de toekomst zijn krijttekeningen in grotten en gebeitelde teksten in stenen. Die gaan duizenden jaren mee. Boeken doen het ook goed, die gaan honderden jaren mee. Maar gegevens digitaal opslaan is niet zo handig. Een jaartje of 20 is al uitzonderlijk lang. Ik heb het bijvoorbeeld gezien bij web-log waar ik honderden verhalen had opgeslagen en die inmiddels allemaal zijn verdwenen. Alles wat op Hyves stond is weg, en alles wat op Facebook staat verdwijnt eens. Hetzelfde geldt voor dit weblog. Als ik het niet dagelijks in de gaten hou, zal het ooit verdwenen zijn.

Elke internetpagina verandert en verdwijnt. De geschiedenis wordt uiterst onbetrouwbaar als we hem van internet halen en niet uit boeken. Daar hoor je die Alexander Klöpping dan nooit over. Degenen die internet controleren bepalen hoe de geschiedenis eruit zal zien over 500 jaar. Misschien hebben de Duitsers WO II wel gewonnen, of zijn we nooit op de maan geweest.
Gelukkig vond ik via VPRO’s tegenlicht een instantie die zich dat realiseerde en die blijkt al sinds 1996 kopieën te maken van hoe internet er vroeger uitzag. Zelfs het web-log drama van Sanoma is een aantal keren opgeslagen. Hier kunt u bijvoorbeeld zien hoe mijn weblog er in 2005 uitzag. Ze hebben het 67 keer opgeslagen tussen 2004 en 2012. De geschiedenis is niet geheel verloren.

Ooievaar en boerenzwaluw

Laatst zag ik een ooievaar. Hoewel niet echt zeldzaam toch nog steeds bijzonder. Hij stond in een weiland hier vlakbij, in het voor ooievaars gevaarloze Nederland. Wat ik mij toen niet realiseerde is dat de vogel een paar maanden geleden nog in Afrika stond. Afrika, Nederland, voelt u het verschil? Ik heb het over de wildernis, de ooievaar stond op een paar meter van een leeuw en misschien is een van zijn makkers wel door een leeuw gegrepen. Of misschien is hij aangevallen door een visarend. Duizenden kilometers heeft het beest afgelegd, vliegend op de thermiek boven Afrika, de Sahara ontwijkend tot hij bij de Middellandse zee komt waar hij het op eigen kracht moet doen omdat de thermiek ontbreekt. Hij vliegt zo laag mogelijk maar als hij het water raakt met een van zijn vleugels stort hij neer en verdrinkt hij. Dat is de trek van de ooievaar. En dan komt hij hier, in het paradijs. Geen leeuw, geen visarend, helemaal niemand gaat hem bedreigen. Mensen zetten zelfs nestpalen neer zodat hij kan broeden. Waarom in hemelsnaam keert hij terug naar Afrika?

Hetzelfde geldt voor de zwaluw. De boerenzwaluw is een prachtige, sierlijke vogel en heeft dezelfde reis gemaakt als de ooievaar, alleen vloog hij niet op thermiek maar op eigen kracht. Ook de Sahara ontweek hij niet, hij nam de kortste weg naar onze plek in Noord-Europa. Ze komen hier om te broeden, daarna vliegen ze weer terug. Waarom? Kijk, als mens begrijp ik het. Misschien begrijp ik het juist wel helemaal niet eigenlijk, maar ik stel mij zo voor dat je hier gauw uitgekeken bent met een paar weilanden, een bosje wat water. Nee dan Afrika met zijn onmetelijke vlaktes, wilde dieren, adembenemende watervallen, ondoordringbare jungles. Het continent van het avontuur. Ik wil er naartoe, terwijl veel Afrikanen juist hier naartoe komen en niet alleen om te broeden. De ooievaar zal het allemaal worst zijn wat mijn mening over Afrika en Nederland is. Die blijft het liefst in leven en de kneuterigheid van dit saaie landschap ontgaat hem toch. Geen leeuw die hem bedreigt, dat is waar het om gaat. Het liefst zou hij hier blijven maar een echte winter overleeft hij niet. Ik heb makkelijk praten. Als het erop aankomt woon ik ook liever in Nederland dan in Afrika.