Mensen zijn zo begaan met mij dat ze me alternatieve foto’s toesturen om als achtergrond te gebruiken voor mijn weblog. Tenminste, dat suggereren ze. Een mack-site zonder Mack vinden ze niet kunnen. In werkelijkheid proberen ze natuurlijk Elvis weg te krijgen, maar ik was zelf net zo blij met mijn nieuwe achtergrond. Bovendien vind ik dit net kermis, met die roze Macks. Net ten zuiden van Luxemburg ligt trouwens een plaatsje dat heet Rodemack, maar er wonen nog geen duizend mensen dus waarom dat met een enorm bord staat aangekondigd, ik weet het niet. Vast omdat het zoals praktisch elk dorpje in Frankrijk het mooiste dorp van Frankrijk is. Nee, sorry Ximaar, dit gaat mij teveel afleiden.
Categorie: Overige zaken
Als ik het niet in een bestaande categorie kan vangen, valt het in overig.
Opoffering
Het zal allemaal wel, dat Pinkpopgeweld, maar ik maak me zorgen. Linda staat er al de hele dag, vooraan, houdt het bijna niet meer vol en kan geen kant op. Ze is er niet eens voor zichzelf maar ze bewijst de overbuurman, een groot Springsteen-fan, een dienst. Overbuurman is visueel gehandicapt en heeft ook een slecht gehoor. Hij mag niet autorijden en in het donker ziet hij niks. Degene die eerst met de buurman zou gaan haakte af, en de overbuurvrouw zag Pinkpop ook niet zitten. Ik zou er ook niet aan moeten denken, maar Linda zwichtte voor de zwaar teleurgestelde buurman en bood aan om dan met hem mee te gaan. Hij heeft in het donker begeleiding nodig en moet vooraan staan om toch iets mee te krijgen van zijn grote idool. Nu is het niet zo dat Linda Bruce Springsteen niet leuk vindt, maar de hele dag in de hitte opééngepakt staan in afwachting van The Boss, daar zag ze toch wel tegen op.
Uit haar sms-jes maak ik niet op dat het wel meevalt. Hopelijk heeft Bruce een beetje haast en houdt hij zich aan de eindtijd, die dacht ik om half elf is. Daarna mag je proberen je auto terug te vinden en daar weg te komen. Als het allemaal meezit, is ze om vier uur vannacht terug. Morgen mag ze weer werken. Wat mensen zichzelf aandoen voor een beetje muziek is al niet te geloven, maar wat Linda doet is pure opoffering. Dit kost haar zeker tot het weekend om weer van bij te komen. Dat ze maar gauw weer thuis mag zijn.
Cruijff’s cadeau
Johan Cruijff heeft ter gelegenheid van zijn 65e verjaardag een boekje geschreven. Dat was zijn traktatie. Nu ben ik een enorme fan van Cruijff, maar schrijven is zeg maar niet echt zijn ding. Ik worstelde me door de eerste hoofdstukken heen en ik besloot het op te geven. Hier zou ik niet doorheen komen. Maar toen sloeg zijn onnavolgbaarheid toe. Hij legde iets uit over hoe hij een corner verdedigde in zijn tijd als coach bij Barcelona.
Zijn team bestond uit allemaal dwergen. Dat is nog steeds zo bij Barcelona, het lijkt wel of ze erop geselecteerd worden. Ik zie Wesley Sneijder er ook nog wel eens heen gaan. Maar hoe goed je ook bent, als je klein bent wordt het verdedigen van een corner een lastige zaak. In de eerste plaats, zei Cruijff, liet ik het team ver voor de goal verdedigen zodat je weinig corners weggaf. Zodat ik nog maar twee problemen per wedstrijd had, en niet tien. Maar als er dan toch een corner kwam, liet hij Laudrup, Romario en Stoichkov voorin staan. De tegenstander was dan gedwongen minimaal vijf verdedigers achterin te houden, omdat ze met zo’n aanvalstrio het risico op een counter niet aandurfden. Vervolgens had de enige lange speler, keeper Zubizaretta- schitterende naam- een veel beter speloverzicht en was het voor hem een stuk makkelijker te verdedigen.
Ik bedoel maar. Dat komt dan zomaar even uit Betondorp. In het voetbal en waarschijnlijk ook daarbuiten hoogbegaafd. Ik vind het werkelijk briljant van eenvoud.
Uitdaging
Misschien moet ik eens even evalueren. Mijn nieuwe baan, weet u. Ik ben zojuist door mijn proeftijd heen. Sinds vandaag kan ik het me nu ook veroorloven te winnen van mijn baas met tafelvoetbal. Want dat is een verplichting in dit bedrijf, of je het nu druk hebt of niet, de baas komt mededelen dat je moet voetballen tegen hem.
Niet dat ik bang was voor die proeftijd, want wil je in je proeftijd ontslagen worden, moet je het wel heel bont maken. Andersom moeten werkgevers het ook heel bont maken als je in je proeftijd ontslag neemt, maar ik ken iemand die het wel eens gedaan heeft.
Nee, het gaat uitermate goed op mijn werk. Ik hoef maar een gil te geven of er wordt geregeld wat ik wil hebben. Op de eerste dag werden twee verkopers uit hun kantoor gezet omdat ik daar kwam te zitten, en dan is de toon gelijk gezet. Als ik een nieuwe printer vraag, staat hij er twee dagen later. Als ik een scanner vraag, volgende dag geleverd. Als ik kantoorspullen vraag, diezelfde dag nog. Bovendien krijg ik meer dan ik vraag. Heb je dat ook niet nodig? Nou, niet perse. Ach, we doen het erbij. En hoppakee, een extra breed beeldscherm.
Heel prettig werken. Nu ervaar ik mijn werk ook als een hoge kunstvorm. Alles moet sluiten en verklaard kunnen worden. Op elk moment moet er inzicht zijn in de cijfers. Alles moet op elk moment terug te vinden zijn. En ééns in de maand moet het resulteren in een sluitende rapportage waarin alle cijfers verklaard worden. Ik ben niet zo van het woord “uitdaging” omdat dat woord teveel oneigenlijk gebruikt wordt in, zoals Laurent het ooit prachtig verwoordde, ontegenzeggelijke kutsituaties door mensen die het probleem zelf niet hoeven op te lossen, maar dit zie ik echt als een uitdaging. Bijna een feest.
Anonimiteit
Een maand of tien geleden schreef ik een logje waarop erg veel gereageerd werd. Het ging over een jonge, mooie waterskiester die vlak na haar actieve carrière een dwarslaesie opliep en wiens leven nu lijkt uit te monden in een kluizenaarsbestaan in Amsterdam. Het was naar aanleiding van Andere Tijden sport, dat ik het logje schreef. Mijn logje werkte kennelijk als nazorg voor een aantal mensen die de documentaire hadden gezien.
Het hield me een tijdje bezig, het lot van Willy Stähle, maar na alles gezien te hebben wat er op internet over haar te vinden was, liet ik het maar verwateren. Het enige wat ik nog deed was een google-alert aanmaken op haar naam.
Vanochtend moest ik aan haar denken. Dat kwam omdat er in het nieuws was dat er een zeiler was verdronken op het Braassemermeer. Het Braassemermeer wordt door mijn hersenen direct met haar in verband gebracht. En nu, tien maanden na de uitzending van Andere Tijden, krijg ik de eerste Google-alert. Er was een zeiler verdronken op het Braassemermeer en ook Google bracht de Braassem in verband met Willy. Tien maanden niet genoemd worden op internet, en dat voor iemand die ooit bekend was, het lijkt mij een record.
Konijn.
Wij zijn sinds vandaag hoeder en houder van een konijn. De eigenaren zochten een oppas voor een jaartje omdat ze tijdelijk in Curaçao gaan wonen, en wij dachten: leuk voor de kinderen. We kregen er een nieuw hok bij, eten, gaas en geld voor zijn verzorging. Het gaas was al een probleem, want de pinnen waarmee je het gaas aan de grond vastmaakt, gaan niet door onze tegels heen. Een uiterst wankele constructie. Maar het beest zit al de hele dag onder in zijn hok. Zijn eten en drinken staat boven, maar dat lijkt hij niet te beseffen. Daarnet deed ik een poging om het beest in zijn nekvel te grijpen en bovenin te deponeren, maar die moest ik bekopen met een slagaderlijke bloeding. De eigenaren hadden ons nog gewaarschuwd, hij is uiterst agressief.
Nou zal het allemaal wel loslopen, alhoewel het hok goed dichtzit, maar waarom gaat dat beest niet naar boven? Hij gaat toch niet op de eerste nacht al verhongeren? Het dochtertje van de eigenaars was bij het afscheid al ontroostbaar, dus we moeten hem over een jaar wel weer in goede staat afleveren. Hij gaat toch wel een keer uit zichzelf naar boven hè?
Uitdaging
Zo, ik heb zojuist per e-mail laten weten dat ik het doe, die nieuwe baan. Mensen die hier al lang lezen weten misschien nog van vijf jaar geleden, dat ik ook aankondigde dat ik een nieuwe baan had. Dat werd niet zo’n succes. Dat is zwak uitgedrukt. Ze lokten me binnen met een goed salaris, mooie praatjes en met een vriendelijke glimlach. Binnen drie dagen zat ik in een Duits-Zwitsers-Oostenrijkse tang en ze hadden me klemvast. In het weekend knepen ze iets minder, maar ik zat nog steeds vast. Foute boel dus. 27 dagen later, op de valreep, de laatste dag van mijn proeftijd tekende ik bij mijn huidige werkgever en wist ik te ontsnappen aan de Duitsers, waarvan ik nu weet dat ze zich heel anders voor kunnen doen dan dat ze zijn. Het zijn vleesetende planten en jij bent de vlieg.
Nu zijn het Zweden, waarvoor ik ga werken. Dat wil zeggen, een Nederlandse dochter van een Zweedse moeder. Het betreft een klant van ons kantoor waarvoor ik al ruim vier jaar de maandrapportages en de jaarrekeningen maak. Vorige week ben ik in Zweden geweest voor de sollicitatie. HR manager/vice president, CFO/vice president en controller. Drie Zweden tegenover je. Vooral mevrouw de HR manager deed aan kritische ondervraging. Ik was blij toen ik weer thuis was. Sommige mensen zien in alles een uitdaging, ik ben altijd opgelucht als het weer goed gegaan is.
De afgelopen vijf jaar waren weer uiterst leerzaam. En ik wens mijzelf meer succes dan bij de Duitsers. De studie die ik doe maak ik af, tenminste, daar ga ik vanuit. Ik heb onlangs het vijfde certificaat binnengehengeld, nog twee te gaan. Daarna ben ik Fiscaal Adviseur. Met een titel die ik waarschijnlijk nooit ga gebruiken, en met fiscale kennis die veel verder reikt dan die ik in mijn nieuwe baan nodig heb. Tja, het kan verkeren. Ik doe ook maar wat.
How to pronounce th
Vanaf het eerste moment dat de leraar Engels, Nas, zo heette hij, uitlegde hoe je de th in het Engels uitspreekt heb ik er al moeite mee. Een onmogelijk geluid. Het is nog makkelijker voor een Japanner om Schiermonnikoog uit te spreken. Je moet het puntje van je tong tegen je boventanden aanhouden en dan blazen. Niet te doen. Gisteren oefende ik nog eens op youtube. Black Sabath and the Smiths zijn voor mij niet uit te spreken. Ik ben blij dat ik gewoon Elvisfan ben. De th aan het begin van een woord gaat nog, maar als-ie op het eind komt en ik spreek hem uit dan moet u een zakdoekje bij de hand houden.
Maar mij viel iets op. De mevrouw in het filmpje doet de S voor. En dan van de S naar de th. En plotseling zag ik waar het fout ging. Als zij de S uitspreekt heeft ze haar tanden op elkaar. Ik niet! Ik heb dan mijn tong al tussen mijn tanden. Ik ging verhaal halen bij Linda. “Spreek de S eens uit?” En zij deed het met haar tanden op elkaar. Heel anders dan ik. Vorig jaar zei iemand die slechthorend was dat mijn S niet erg duidelijk was. En Hans had met logopedie ook de meeste moeite met de S. Ik vroeg Hans de S uit te spreken. Hij doet het precies als ik, met z’n tong tussen z’n voortanden.
Nu slith ik. Nu moet ik voortaan in het geheim Elvith aanbidden.
Breach
Naar aanleiding van een film die wij keken, zat ik eens te zoeken op internet naar het waarheidsgehalte van de betreffende film. Het ging over een FBI-agent die verdacht werd van spionnage voor de Russen. En ja, hoor, ik vond het hele verhaal terug op Wikipedia-engels. Robbert Hanssen, zo heette de spion, zit een levenslange gevangenisstraf zonder kans op vrijlating uit, waarbij hij 23 uur per dag in de isoleercel zit. Door medewerking te verlenen aan het onderzoek tegen hem heeft hij de doodstraf kunnen ontlopen. Gelukkig is hij al bijna 70, dus hoeft hij niet meer zo lang. Maar je vraagt je toch af of dit een goede onderhandeling was.
Wat ik jammer vond was dat de spion het uitsluitend voor geld deed. Dat maakt het verhaal toch weer een tikkeltje minder romantisch. Er zijn ook weinig mensen meer die zich geroepen voelen tot een ambt. Zelfs de agent die hem ontmaskerde werd daarna advocaat. Zogenaamd omdat hij zijn vrouw niet het leven wilde geven van vrouw van een FBI-agent. Dus werd hij advocaat.
Mijn gedachten dwaalden af naar mijn dode en reeds lang overleden buurman, die piloot was. Hij vloog eerst F-16’s en later Boeings, maar dat vond hij weinig anders dan de bus besturen. Hij was arbeidsongeschikt geworden, verslaafd geraakt aan de jenever en leefde compleet langs zijn gezin door zich vaak op een kamer op te sluiten om urenlang de BBC op de radio te horen. De man wist verschrikkelijk veel, en als hij niet teveel op had, zei hij vaak aansprekende dingen.
Ik zat indertijd op het MEAO, dat natuurlijk best iets voorstelde als je alles snapte, maar als je zoals ik, ging voor de voldoende, dan stelde het weinig voor. Maar hij zag het als een uitgelezen mogelijkheid om accountant te worden. Om me vervolgens vast te bijten in de mafia. Mijn bezwaar dat dat levensgevaarlijk was, vond hij niet zwaarwegend. Wat dan nog als je geliquideerd wordt? Dan heb je in elk geval bijgedragen aan de bestrijding van het onrecht.
Ik las daarna wel eens verhalen over in olievaten ingemetselde mensen, maar mij leek het leven op de zeebodem weinig aantrekkelijk. Anders was ik zeker bij de Fiod gegaan.
We’ve only just begun
Gisteren keken wij de film 1408. Dat is horror van de bovenste plank, dat is zo klaar als dat 1+4+0+8, dertien is. Het gaat over een middelmatig schrijver die recenseert over hotelkamers waar het zou spoken. In Amerika schijnt dat goed te zijn voor de bezetting. Uiteraard spookt het nergens, totdat de schrijver, na ernstige waarschuwingen van de hoteleigenaar in de wind te hebben geslagen, zijn intrek neemt in kamer 1408 van het Dolphin Hotel. Vier eerdere gasten zijn er onder verdachte omstandigheden om het leven gekomen, maar wat de krant niet heeft gehaald, is dat er nog 56 mensen een natuurlijke dood zijn gestorven in de kamer. De schrijver is vastbesloten dat spoken niet bestaan en boekt de hotelkamer. Het begint allemaal met een klokradio die steeds ongevraagd het lied “we’ve only just begun” van The Carpenters speelt, zelfs nadat de stekker eruit is getrokken. Uiteraard komt de schrijver er nooit meer uit en ook met hem loopt het niet goed af. Hij was eigenwijs en moest dat bekopen. Typisch Stephen King.
Stel nu dat er echt een hotel was waar het volgens de eigenaar in een bepaalde kamer zou spoken, zou u daar dan durven te overnachten? Ik niet, en dus kan ik niet volhouden dat ik niet in spoken geloof.

