Ik vind het altijd maar een vreemd verschijnsel dat een topsporter van 28 jaar al re-de-lijk op leeftijd is, om niet te zeggen, oud. Voor een niet-topsportende man ligt zijn hoogtepunt wat verder weg, zo rond zijn 35e. Daarna komen de kwaaltjes en blessures wat vaker. Ik ben nu 38 en ik merk nog helemaal niks. Ik word niet kaal, (tenminste niet vanuit mijn gezichtspunt) niet grijs, ben niet eerder moe, spierpijn ken ik niet en stijve spieren ontken ik. Sterker nog, ik word nog steeds elke week beter. Vooral mijn hersenen worden steeds beter. Ik denk helderder, onthou beter en om een of andere rare reden denken mensen altijd dat ik heel erg veel verstand van voetbal heb. Ik zou het zelf gewoon een scherp inzicht willen noemen.
Zo zag ik vier jaar geleden al dat Raphaël van der Vaart homofiel is, maar tot op de dag van vandaag is-ie nog niet uit de kast gekomen. Om elke verdenking uit te sluiten trouwde hij met Sylvie, maar ik verzeker u, de dag komt een keer dat hij het gaat onthullen. Nou en verder is de truc met voetbal dat je niet vooruit denkt zoals bij schaken, maar achteruit. Je moet hoogtepunten uit het verleden dus goed in je hoofd hebben en verder moet je een paar wat minder bekende voetballers kennen en voila, men houdt je voor een voetbalkenner. Soms sta ik er zelf wel eens verbaasd van dat mensen die het voetbal elke week volgen, er nog met mij over in discussie willen.
Ach, ik sta nog zo vaak verbaasd van mezelf. Mijn baas doet samen met z'n vrouw een trainingsprogramma hardlopen. U kent het wel, je begint met een minuut en dan bouw je het langzaam op totdat je na een halfjaar een half uur aan een stuk kunt lopen. Ik lachte hem uit en zei dat ik altijd ongetraind begon met een half uur. Ik werd uitgelachen door een stuk of zes collega's.
Ook hier geldt: geloof in jezelf en wees overtuigend. Overdrijf desnoods een beetje. Eerst wilden ze een weddenschap. Ik nam hem uiteraard aan en vroeg of ik aan het eind moest zweten of niet. En of ik eerst vier kilometer mocht inlopen omdat het anders toch wat zwaarder voor me werd. En geloof het of niet, niemand, behalve ik durfde de weddenschap serieus aan. Ja, een flesje wijn erop zetten dat durfden ze, stelletje waaghalzen.
En bescheiden en nederig zijn, da's ook belangrijk, net als vrouwen en oude mensen voor laten gaan in een winkel. Het is een gave.