Zeg dames…

Ik vind het allemaal prima dat jullie hier allemaal meelezen, maar zojuist is de postbode geweest en hoeveel rode enveloppen denken jullie dat er voor mij berzorgd zijn? Nul, nakkes, nada.
Daar schrijf ik al die romantiek niet voor hoor! Ik ga er vanuit dat jullie allemaal een heel ernstig en goed excuus hebben, anders verwacht ik begin volgende week gewoon nog een kaartje.

Sjonge jonge zeg, de arrogantie!

Vijf jaar.

Mijn alter-ego Mack bestaat over een paar nachtjes slapen vijf jaar. Ik ben destijds geïnspireerd door Bjorn van Tiepvoud, op wiens weblog ik door een toeval terecht kwam zonder dat ik wist wat een weblog was. En dat ik het volhou komt doordat ik een persoon ben die graag communiceert, discussiëert en becommentariëert. En slap ouwehoert. Ik lees nog regelmatig mijn eigen archieven. Soms schiet ik in de lach over iets wat ik zelf geschreven heb. Meestal herinner ik me nog wel in welke staat ik was toen ik het logje schreef. En, ik moet eerlijk zijn, ik zie mijn eigen logniveau stijgen. In het begin was het helemaal niks, toen kopieerde ik nog andere stijlen, na een paar maanden begon het vorm te krijgen, en pas een jaar of drie later zie ik een acceptabel niveau verschijnen.

In de afgelopen vijf jaar ben ik getrouwd, heb twee kinderen gekregen, drie werkgevers gehad, Mack de echte verloren, mijn opa is overleden, ik ben 10 kilo zwaarder geworden, gestopt met sporten, gestopt met roken, twee Fiat's en één Alfa Romeo gereden, en vrijwel uitsluitend naar Frankrijk op vakantie geweest. Als ik de eerste 15 niet meetel, waren dit de beste vijf jaar uit mijn leven.

Close encounter

Mijn dag was vanochtend om een uur of half elf reeds verpest. Ik had een close encounter met een drol. En ik krijg het beeld niet meer uit mijn hoofd. Ook al trok ik binnen twee seconden door toen ik de wc op liep, ik blijf hem zien, die vieze bruine langwerpige pijp oud eten, onder de oppervlakte zwemmend in donkergele urine.
Gadverdamme! En het ergste van alles was, dat er op dat moment maar twee mannen op kantoor waren dus dat ik ook precies weet van wie hij was. Dat maakt het tien keer zo erg dan dat je dit op een camping-wc gebeurt, waar je gewoon rekening houdt met dit soort onfrisse verrassingen. Nu verlies je in één klap alle respect voor de dader.

Tijdloos

Een bedrijfje dat in ons pand gevestigd is importeert onder andere horloges uit China. Van die Friese staartklokken voor om je pols. Enorme afmetingen. Ik liet mijn ogen gaan over de collectie en concludeerde toen dat ik een wat kleiner model mooier vond. "Ja," zegt de mevrouw van dat bedrijfje, "ik ook. Dat hele grote gaat er straks weer af. Ik heb ook liever een tijdloos model."

Dus dan weet u wat de mode wordt in horlogeland: tijdloze modellen.

Culinair

Op mijn werk, want vrienden kies je zelf uit, kwam en kom ik wel eens in aanraking met mensen die culinair wat verder ontwikkeld zijn dan ik. Ze eten tapas, amuses en dat ligt altijd in een bedje. En dressing erbij. Gemarineerd met onvoorstelbare combinaties als paling en zoethout. Het zal allemaal best, maar mij interesseert dat weinig. Toch voelt een aantal van die mensen de behoefte om mij te gaan uitleggen hoe het allemaal werkt in een restaurant met Michelinsterren, en zij hebben dan natuurlijk de kans om zich verheven te voelen boven een boer. Want een boer, dat ben ik. Tenminste, vroeger niet, toen at ik netjes met mes en vork, we mochten niet prakken, smakken, boeren of slurpen en ik eet ik nog precies zo, alleen als je niet met je tijd meegaat, wordt je vanzelf ingehaald door allerlei culinair experts. "Ja, je moet wel van lekker eten houden, anders kun je beter bij McDonald's gaan eten.", hoor ik dan wel eens. En dat steekt mij. Niet dat ik een McFan ben, maar alsof er mensen zijn die van smerig eten houden, zeg!

Lekker eten kun je bij de Librije, maar ook thuis of in een restaurant zonder Michelinster.
Ik heb gewoon een beetje moeite met mensen die vergeten zijn dat ze vroeger met het hele gezin uit een grote pan zaten te spaaien, en daarom nu in een pak rondlopen en in dure restaurants dineren. Of eigenlijk heb ik daar geen moeite mee, maar meer met hun gecamoufleerde behoefte om anderen duidelijk te maken dat ze boer zijn. Kijk, als ik er nu naar vraag, dan wil ik best wat uitgelegd krijgen over een drie-sterrenrestaurant, maar dat is maar zelden, dat ik daar naar vraag.

Don en Foppe.

Gisteren was er al een min of meer bekende Nederlander aanwezig tijdens het afscheid van mijn opa, vandaag waren er twee! (Als ik mezelf even niet meereken.) Want behalve eerstgenoemde zat nu ook deze tussen de belangstellenden. Ik dacht nog: "wat moet die nu hier?" en ik zei tegen mevrouw Mack: "kijk eens wie daar zit?", maar ze had het ook al gezien. Die eerste kon ik verklaren, want dat is familie, maar Foppe's naam had ik nog nooit horen vallen in de familie. Na de crematieplechtigheid kwam hij langs en gaf me een hand. Hij stelde zich voor met een andere naam en hij had ineens geen Fries accent. Hij vertelde me wel dat hij dagelijks verward werd met Foppe en dat hij wel in de voetballerij zat, iets met jeugdtraining bij FC-Utrecht. Maar ik laat me natuurlijk niet foppen door Foppe, hij kan me nog meer wijsmaken.

Ome Don heb ik verder niet meer gesproken, wel zijn broers, Ron Mercedes en Ton Mercedes. Maar die zijn wat minder bekend geworden. http://www.youtube.com/watch?v=ztRDriMXGKo

Gelegenheid tot afscheid….

Waarom lijken de doden in een kist nooit meer op wie ze in werkelijkheid waren? Mijn opa leek wel een pop, zeker een halve meter kleiner dan hij in werkelijkheid was. Sommigen hebben er behoefte aan maar ik vind het niks. Alle doden die ik tot nu toe heb gezien, en die zijn gelukkig nog op de vingers van een hand te tellen, leken niet meer op zichzelf. Morgen is de crematie, en dan is hij weg, zijn lichaam van de aardbodem verdwenen, alleen mijn arme oma is nog over, die niet alleen durft te zijn 's nachts.

Oma die hartverscheurend huilde en riep "dag liefie" tegen haar man met wie ze 67 jaar getrouwd was. Het is bijna mensonterend dat je na zoveel jaar nog wordt gescheiden van je man. En of ze de kist wilde sluiten. "Nee, ik ga hem niet opsluiten, dat doe ik niet", zei ze.
Tyvens, wat lijkt het leven toch hard op sommige momenten. En nu treur ik over iemand die oud is geworden en een gelukkig en gezond leven achter de rug heeft, het is ook nooit goed.

Niet scherp.

Het groeit me momenteel allemaal even boven het hoofd. Vooral het werk wordt een probleem. Ik kreeg vanochtend te horen dat ik aankomende maand helemaal volgepland ben, inclusief pauzes en avonden. Nu ben ik wel een avondmens (er verschijnt zelden 's ochtends een logje) maar vanavond begon het mij ook te duizelen. Ik ging om 22:00 van mijn werk weg, een leeg industrieterrein smeekt om wat extra gas, en reed net iets anders dan ik normaal deed. Het was donker en ik nam op volle snelheid (nou ja…60 km/u ofzo) een heuveltje dat ik niet gezien had. Dat zijn van die zeldzame momenten dat je liever Subaru of Volvo zou rijden in plaats van Alfa. Met een klap kwam ik neer en vreesde dat al mijn wielen er horizontaal onder zouden staan maar dat viel gelukkig mee. Geen schade, en ook geen rare trillingen toen ik daarna even de 170 aantipte op de snelweg om de boel te checken. Voortaan rustig aan in het donker op wegen die je niet goed kent.

Thuisgekomen, (iedereen lag al op het achterhoofd want zo slapen ze hier, behalve Hans en ik, wij slapen op één oor.) gaf ik Tammar nog een flesje en dacht daarna: ach laat ik mijn brood smeren, dan hoeft dat morgenochtend niet meer. Dat is altijd nog een hele klus voor een luiwammes als ik want je moet naar de vriezer, en daar kun je alleen komen als je jezelf in een ongemakkelijke houding dwingt, en moet je proberen van een bevroren en in plastic verpakt brood zes sneetjes af te halen. Kutwerk. Ik zeg het maar ronduit. Nou ja, tien minuten verder was ik klaar, ik wil het in de koelkast leggen, wat ziet mijn oog? Mevrouw Mack had ook al mijn brood gesmeerd! Bloody hell.

Het klopt wat ze zeggen over kinderen.

Thuisgekomen uit mijn werk zag ik de rouwkaart van mijn opa, en sloeg hem open. Binnenin een mooie foto van hoe hij was. Hans kwam naast mij zitten, wees naar de foto en zei: "Da's jouw opa hè?" Voordat ik kon antwoorden zei hij: "Die is dood." Linda keek mij met een licht schuldige blik aan. "Wat is dat, dood?" vroeg Hans toen. Ik had al een brok in mijn keel en toen ik het wilde gaan uitleggen zei hij: "Weet je papa, vanochtend was Koekeloere op televisie!"

Lief, eens zullen wij sterven, wij beiden
wij samen of ieder alleen
Het graf ligt diep en de hemel zo hoog en of
GOD leeft weet geen
En 'k heb niets dan de stem van mijn hart,
die mij 't eeuwig leven belooft,
En de heilige onsterfelijke sterren
hoog boven mijn sterfelijk hoofd

Hélène Swarth

Herinneringen

De laatste tijd heb ik nogal veel met herinneringen. Ik ben zomaar nieuwsgierig hoeveel herinneringen ik eigenlijk aan iemand heb. Ik ben ruim een maand geleden begonnen met alle herrinneringen aan mijn vader op te schrijven en in de computer te zetten. Jaartallen erbij, tenminste ongeveer. Het valt nog niet mee. Ben er nog lang niet mee klaar. Ik zit sinds die tijd ook te wachten tot mij dingen binnenvallen die ik totaal was vergeten, want de meeste herinneringen worden door mij nog regelmatig herinnerd.

Met het overlijden van mijn opa gaan mijn herinneringen terug naar toen ik zelf klein was. De dierbaarste herinneringen in elk geval wel. Opa en oma gingen elk jaar met ons mij op vakantie naar Zuid-Frankrijk, en opa was een beetje een showmannetje die 's ochtends ging borstcrawlen in Lac de Pareloup, en overdag over de camping liep, onderwijl mensen groetend met: Messieursdames. Of dat we bij hem in de auto zaten en dat hij altijd even demonstreerde dat hij 'zonder gas' kon rijden. (berg af) "Kijk jongens, zonder gas!" en dan haalde hij zijn voet van het gaspedaal. Een enorm knappe prestatie vonden wij dat, al denk ik nu dat ik het ook wel zou kunnen.

Maar zoals iemand het al heel mooi in de reacties zei: is je vader een beetje meer dood door het overlijden van je opa? Ik weet het niet. Ik denk het eigenlijk niet. Het is meer dat mijn eigen jeugd weer een beetje verder weg is komen te liggen. Mijn jeugd is mij heel dierbaar. Ik moet alleen niet vergeten dat het nu nu is, en dat Hans nu en Tammar straks in dit nu hun jeugdherinneringen gaan opbouwen. Het geluk nu is anders dan vroeger. Vroeger was het onbezorgd, nu is het kwetsbaar.