Het eerste recht van het theezakje.

Mijn baas wilde gisteren even met mij praten. Hij moest eerst nog een telefoontje plegen en of ik dan even bij hem kon komen. Hij vroeg het op een manier dat ik dacht dat hij wat schunnigs uit mijn verleden ontdekt had. En ik dacht na over al mijn schunnigheden. Nee, dat zal hij toch niet weten, of dat? Wat gaat hem dat eigenlijk aan? Maar nee, niets van dit alles. Hij had iemand ontmoet die voldeed aan het profiel van de nieuwe werknemer die we zochten. Hij had ervaring en opleiding, leek betrouwbaar, was achter in de twintig en hij was op korte termijn beschikbaar. Er was alleen één probleempje en wat of ik daar nou wel niet van vond. De beste man bleek lid te zijn van de Gereformeerde Bond. Dat is serious business hoor, de Gereformeerde Bond. Dat betekent streng kijken, bidden voor het eten, en vooral géén televisie in huis. Of ik problemen verwachtte.

Nou niet met mij! Zolang hij maar weet dat het enige ware geloof het Katholieke geloof is en de rest ketterij, heb ik geen probleem. En dat ik soms over voetbal praat. Een ééns in de twee weken een gvdtje laat ontsnappen als ik geïrriteerd ben. Hij is dezelfde avond nog uitgenodigd en het is hem allemaal voorgelegd. Maar hij heeft er nogal laconiek op gereageerd. Mijn baas merkte op dat hij een VW Golf rijdt en dat één van zijn medewerkers daar nogal allergisch voor is. Geen idee wie hij daarmee bedoelt. En om hem definitief af te schrikken hebben we hem verteld over een recht wat bij ons geldt zolang de crisis voortduurt: Het eerste recht van het theezakje. Dat betekent dat we in de pauze allemaal een beker heet water krijgen, met slechts één theezakje voor het hele gezelschap. En dat als je het hoogst in de hiërarchie staat, zoals ik, dat je dan het eerste recht van het theezakje hebt. Zodat jouw beker heet water de beste kans krijgt om zich te ontwikkelen in een kop smaakvolle, geurige thee. En heb je het laatste recht dan heb je tussen de middag een beker heet, lichtbruin verkleurd water. Ja, zo werkt dat in crisistijd.

Het heeft hem allemaal niet afgeschrokken en nu komt hij ons dynamische jonge team, met korte communicatielijnen, waar alle neuzen dezelfde kant op wijzen, en waar wij streven naar win-win situaties, en waar een no-nonsense cultuur heerst, versterken. Help is on it's way!

Mini-serie Engeland, slot

Op de laatste dag van onze korte vakantie reden we weer richting oostkust, maar omdat de boot pas in de avond zou vertrekken deden we eerst nog de stad Ipswich aan. Ipswich leek me wel cool, want daar kwam tenslotte die beroemde voetbalclub Ipswich Town vandaan. Maar Ipswich is helemaal niks. On-Engels! Een armoedige stad vol chagrijnig kijkende mensen. Veel te dikke vrouwen in te strakke gebleekte spijkerbroeken. Mannen die hun bierbuik onder een uitgelubberd t-shirt verborgen. De stad was erger dan Luik, want Luik heeft nog sfeer. De stad deed me zelfs denken aan Apeldoorn begin jaren '80 op een zaterdagmiddag. Wir mussen weg hier, raus aus dem wald, verstehst du nicht?

We tuften door richting Harwich, de plaats waar de boot aankomt en vertrekt, en ondanks dat daar ook helemaal niks te beleven viel, is dat wel een stadje met een Engelse sfeer. Hier zag je als je in winkeltjes kwam een ongeorganiseerde troep, en bloemetjesbehang wat in Nederland niet eens ooit in de mode is geweest. Een cafetaria in Harwich deed doods aan. Een grote lege ruimte met gele tegels aan de muur en zwart-witte op de grond, en helemaal achterin een vitrine en de toonbank. Slechts één tafeltje om aan te zitten. En fish and chips in de aanbieding. Een man zwom een stukje in de Noordzee (oktober) maar trok daar behalve ons geen bekijks mee. Linda scoorde op de valreep nog een paar schoenen in Harwich en toen moesten we echt richting boot.

's Avonds op de boot zaten wij bij de dansvloer te kijken hoe Nederlanders aan het dansen waren op de muziek en de videoclips die op een grote wand werden vertoond. Eén van de clips was Paradise by the dashboardlight, en toen wij twee jaar later met dezelfde boot naar Ierland gingen, werd deze clip weer vertoond! Minpuntje. Ik heb hier een klacht over ingediend en niet veel later maakte de HSS zijn laatste vaart.

Weer terug in Nederland moesten wij erg lachen om een grappenmaker die onder een waarschuwingsbord met "slecht wegdek" de tekst "maak 'm dan!" had toegevoegd. Engelsen hebben verfijnde humor, Nederlanders directe. Toen wij terugreden naar mijn Huisvesting Alleenstaanden of Tweepersoonshuishoudens-woning dachten wij nog eens goed na over wat het voor verschil zou maken als wij nu een relatie zouden krijgen ten opzichte van de ontkenningsfase waar deze serie mee begon. Het antwoord was dat alles precies hetzelfde zou blijven. Wij gingen maar eens wat mensen vertellen wat ze allang wisten. Verdere ontkenning zou belachelijk zijn.

Mini-serie Engeland, deel 4.

In Londen hebben we de duurste busreis ooit gemaakt. 15 pond per persoon en je kon de hele dag met de bus door de stad reizen. Omgerekend was dat voor ons tweeën f 100,- Na een kilometer in de bus, stapten we uit, en de rest van de dag hebben we niet meer in de bus gezeten. Schandalig duur dus, honderd gulden voor slechts één kilometer. De buschauffeur begroette ons gelijk in het Nederlands, en als ik ergens een hekel aan heb, is het wel herkend worden in het buitenland. Dus ik groette hem in het Frans terug.
De meest bekende bezienswaardigheden hebben we die dag wel gezien. Zelfs een rondje in London Eye gemaakt. Het was vlak na de aanslagen van 11 september, dus wij werden met een metaaldetector onderzocht. Toen ik uitgelegd had dat het ding waarschijnlijk af zou gaan door mijn stalen zenuwen, geloofde Linda me niet. En inderdaad, hij ging af door de FIM-92A Stinger raketwerper die ik toen nog altijd bij me had. Nou ja, toen ik beloofde hem niet te gebruiken mocht ik erin.

De Big Ben is leuk, Westminster Palace is mooi, de Towerbridge is indrukwekkend, de subway is een belevenis, Buckingham Palace en Harrods hebben we gemist, maar de meeste indruk maakten op mij de Londenaren, die je gewoon iets kunt vragen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Amsterdammers. De Londenaar neemt gewoon even de moeite om je te vertellen waar je precies heen moet. Dit vond ik heel indrukwekkend maar het viel in het niet vergeleken bij twee jaar later, toen wij naar Ierland gingen, en er een gevecht tussen acht Ieren ontstond over wie ons de weg mocht wijzen. En, wat ook indruk maakte waren de Duitsers in een restaurant die aan de ober in onvervalst Duits vroegen: "Wir möchten gerne etwas zum trinken." What? Zwei Bier, bitte.

Aan het eind van de dag, na de hele dag "look right" op de grond te hebben gelezen, moesten we maar weer eens terug naar de auto. Maar die kon overal staan. Dus namen wij een London Cab. De chauffeur zorgde voor ons vermaak. "…..street! For Christ sake, that's on the bloody other end of the town!!" "Nou ja," zeg ik nog tegen Linda, "het andere end van de tuin, daar hoeft-ie toch niet zo overstuur van te raken?"
De chauffeur reed ons naar een gedeelte waarvan ik zeker wist dat mijn auto daar nog nooit geweest was en wij legde hem uit dat dit niet goed was. For Christ Sake, Bloody Hell, en weet ik wat hij allemaal steeds riep, maar op een gegeven moment had hij door waar we moesten zijn. "Oooh cock! …….lane, not street!"

Na een taxirit van dertig kilometer stond de meter op 45 pond, maar hij gaf ons een korting van 15 pond voor de vergissing, en wij gaven hem weer 10 pond fooi voor de vermakelijke rit. Met Linda als navigator en mij als kundig bestuurder zijn we Londen weer uitgekomen, er werd nog slechts één keer naar mij getoeterd omdat ik iets fout deed volgens een medeweggebruiker, maar dat was een motorrijder en die snappen sowieso niks van voorrangsregels.

Wordt vervolgd

Mini-serie Engeland, deel 3.

Op donderdag was ons plan om naar Londen te rijden. We stonden al vroeg op doordat het brandalarm in het hotel om zeven uur 's ochtends afging en niet veel later stond iedereen buiten in zijn pyjama. Nóg niet veel later kwamen wij ook buiten, aangekleed en wel. Wij dachten: dit is Engeland, hier moet je je ook in noodsituaties als een lady en een gentleman gedragen, dus je gaat niet in je blote kont buiten staan. Brand of geen brand. Maar dat betreft een zelfde soort legende als dat in Nederland iedereen klompen draagt. Het brandje bleek een klein keukenbrandje dat al uit was toen de brandweer kwam.

Wat later begaven we ons in de auto richting de miljoenenstad Londen. Wij, nietige Nederlanders in een linksgestuurde Mazda 323, helemaal naar Londen. Gelukkig hadden wij een goeie ervaring opgedaan in Cambridge, met Park and Ride. Je parkeert je auto aan de rand van de stad, en rijdt met de bus richting centrum. Dus toen wij de stadsgrenzen naderden zochten wij een P&R. En toen we over de Towerbridge reden, beseften we dat onze zoekpoging mislukt was. Maar de voorkant van de medaille was: ik had zelf in het centrum van Londen gereden! Op het moment dat ik een parkeergarage zag stuurde ik de auto, God zegene de greep, richting ingang. Dit kwam me nog op een getoeter van een Engelsman te staan, die ik over het hoofd zag omdat ik instinctief de verkeerde kant op keek. Maar, het ging goed.

Toen de auto geparkeerd stond, en wij geen idee hadden waar we zaten, hebben we wel allebei de straatnaam van die parkeergarage uit ons hoofd geleerd, en elkaar regelmatig overhoord. Een 323 is dan weliswaar geen Alfa Romeo, maar ik was er toch aan gehecht. Tegenover de parkeergarage zagen wij een gele M waar behalve de manager uitsluitend Namibiërs werkten die het appelgebak much too bloody hot maakten. Ik heb er een half uur over gedaan om het op te krijgen. Daarna zijn we te voet richting stad getrokken. We zouden vanzelf iets bekends zien.

Na even gelopen te hebben door het Financial Centre (ik was toen ook al boekhouder) zagen we iets bekends. Het was een grote toren met een enorme klok erin, die ons wel enigszins bekend voorkwam, maar die toch niet echt een bel deed rinkelen. Maar toen de klok sloeg wist ik het ineens. Dit moest de Notre Dame zijn!

Wordt vervolgd.

Mini-serie Engeland, deel 2.

De sfeer die in Engeland hangt is anders. Anders dan wat, Mack? Nou, anders dan in andere landen maar eigenlijk wel hetzelfde als ik me had voorgesteld. Traditioneel, trots, vriendelijk, mooi, mystiek. Neem nu gewoon een dom plaatsje als Brandon. Haast geen informatie over te vinden, het regent er altijd maar je voelt je er thuis omdat je dit dorpje van televisie kent. Nu ja, niet specifiek dit dorpje, maar gewoon een Engels dorpje. Er is geen reet te doen, en toch is alles daar interessant. Zelfs de pinautomaat. Brandon werd ons pindorpje.

Het links rijden begon aardig te wennen. Ik heb eigenlijk maar één keer een ernstig bijna-ongeluk gehad en dat was toen ik op een lange dubbelbaans weg rechtsaf wilde slaan richting ons park. Ik keek of er tegemoetkomend verkeer aankwam, en dat kwam er, maar van de andere kant dan die ik op keek. Dat werkte hier net andersom. Gelukkig was Linda wel alert en behoedde ons voor een levensgevaarlijke situatie.
Het Park zelf was mooi, zoals eigenlijk alle Center-Parcs dat wel zijn, en de Plaza was best wel gezellig. 's Ochtens ontbeten wij er een Engels ontbijtje, en 's avonds dineerden wij er een Engels dineetje. En daarna dronken wij er een pint en een cola. En nog een pint en een cola. Tot we alletwee hartstikke lazarus waren. Bloody hell. Hips.

Een van onze dagtripjes ging naar Cambridge. Brug over de rivier Cam. Bekend van de plaatselijke universiteit die natuurlijk weer bekend is van de man met de rolstoel en de spraakcomputer: the universe is expanding, Stephen Hawking. Nu herinner ik me dat het een schitterende oude stad was, met allemaal prachtige historie, maar als je met Linda mee bent, is dat niet je reisdoel. Nee, dat is een enorme supermarkt, zoals je die overal ter wereld hebt, behalve in Nederland en Bangladesh. Dus ik mocht best wel even de universiteit bestuderen (ehm, ik heb ooit nog in Cambridge gestudeerd) maar niet te lang, want de winkelstad wacht. En ik heb nog vrienden gemaakt daar. Twee jonge zwervers die mij om een trekje van mijn sigaret vroegen. Die heb ik er uit eigen belang zelf maar allebei eentje gegeven. Ik rookte toen nog, Barclay, mietjessigaretten, dat zullen de heren zwervers ook wel gevonden hebben maar a given horse look je not in the back. Bovendien, ik heb ze er allebei nog drie gegeven, voor de rest van de dag. Aan mij zal het nooit liggen dat Nederlanders een slecht imago hebben in het buitenland.

Wordt vervolgd.

Mini-serie Engeland, deel 1.

Toen Linda en ik elkaar nog niet zo lang kenden, en nog in de ontkenningsfase zaten zijn we met z'n tweeën een week naar Engeland geweest. In oktober 2001 hadden wij een hotel geboekt op een CenterParcs park, Elveden Forest, Suffolk. Engeland, daar waren wij beiden nog nooit geweest.
Met de catamaran vanuit Hoek van Holland naar Harwich was al een avontuur op zich. (voor ons tenminste wel.) Ik zit niet vaak op boten en zeker niet op boten met vier bioscoopzaaltjes, een McDonalds, bars, winkeltjes en een dansvloer aan boord. Dus die bootreis van een paar uur was geen enkel probleem.

Het eerste probleem ontstond pas toen we de boot afreden en wij ineens aan de verkeerde kant van de weg moesten gaan rijden. Dat was even zweten maar na de eerste rotonde begon het te wennen. Na een poosje ging ik zelfs rechts inhalen op de snelweg, alsof ik een gevorderde Engelsman was. Wat opviel was het aantal dode dieren langs de weg. Die laten ze daar wat langer liggen dan in Nederland. Tenminste, dat mammoetskelet dat we zagen zag er niet uit alsof het beest vanochtend was aangereden. Ik denk allemaal een gevolg van het links rijden. Zelfs de beesten rekenen er bij het oversteken op dat verkeer van links komt, zoals in een normaal land.

Na een lange reis door het land van Robin Hood, kwamen wij aan bij Elveden Forest, waar we moesten zijn. We waren afgepeigerd door de lange reis en ik was eigenlijk te moe om nog wat te gaan eten en ik wilde eigenlijk op een zak Engelse drop proberen te leven. Gelukkig was Linda het er niet mee eens, zodat we een half uur later toch aan een tafeltje van een restaurant zaten. Ik heb daar iets Mexicaans gegeten, en het zal wel door de honger zijn gekomen, maar die maaltijd herinner ik me als de lekkerste ooit. In Engeland!

Ik kan me niet precies meer van dag tot dag herinneren wat we hebben gedaan, maar we zijn in elk geval een dag naar Cambridge en naar Londen geweest.

Wordt vervolgd.

Fiets, helm, droom.

Ik heb vandaag voor het eerst gefietst met Hans op zijn fietsje naast mij. Ik had hem goed geïnstrueerd; hij moest aan mijn rechterzijde blijven fietsen en als ik zei dat hij moest stoppen, dat hij dan ook stopte. Zo niet, mocht hij nooooit meer mee fietsen. Mama vond het niet zo'n goed plan en wilde dat ik hem gewoon achterop zou vervoeren, maar een vader neemt natuurlijk beslissingen in het belang van het kind. Fietsen dus, want jong geleerd is oud gedaan. In tegenstelling tot al het andere wat er bestaat, is hij er met fietsen vroeg bij. Hij was zo vroeg dat wij niet eens tijd hadden zo'n helmpje voor hem te kopen, en nu fietst hij al te goed voor zo'n helmpje. Ja komop, als hij een helmpje moet dan moet ik ook een helmpje hoor. We hebben het hier wel over een toekomstig tourwinnaar.

In elk geval, hij luisterde braaf naar de instructies en gaf aan dat hij ze begreep. Hij was veel te trots dat hij nu op zijn eigen fiets met mij mee naar het dorp mocht fietsen, dus hij luisterde als een getrainde politiehond. Maar toch, hij rijdt ineens wel op dezelfde weg waar de auto's ook rijden en dat is toch een tikje spannend. Maar ik heb vertrouwen in Hans én in de automobilist zodat als Hans een fout zou maken dat dat nog niet gelijk ernstige gevolgen hoeft te hebben. Ik heb zelf ook wel eens een Renault 16 in het pré ABS tijdperk met rokende banden tot stilstand laten komen omdat ik al overstak terwijl mijn vader nog stond te wachten. "Goeie remmen", zei mijn vader nog. Kon allemaal in de jaren '70.

Over mijn vader gesproken, ik heb vannacht van hem gedroomd. Dat we op vakantie waren en dat hij weer zoveel beter Frans sprak dan ik, dat ik het af en toe helemaal niet kon volgen. Terwijl ik toch een Franse naam heb. Maar het mooie van deze droom was, dat Hans jr. en Hans sr. voor het eerst verenigd waren in mijn droom. En ze gingen met elkaar om als opa en kleinzoon. Alsof ze elkaar al jaren kenden.

Mack goes Bob Geldof

Vandaag hoorde ik de nieuwslezeres zeggen dat wereldwijd 1 miljard mensen honger lijden. Dat is één op de zes mensen. Terwijl ik niet ééns ooit iemand heb gezien die honger leed. (zwervers hebben geen honger maar dorst) Een probleem wat wij hier amper snappen denk ik. Op mijn werk eet ik om een uur of tien meestal een appel omdat ik anders een beetje flauw word. De nieuwslezeres las verder en zei dat het toegenomen aantal mensen dat honger lijdt mede wordt veroorzaakt door de economische crisis. Als gevolg van de crisis verminderen rijke landen de ontwikkelingshulp. Je zal toch maar een ex-directeur van een omgevallen Amerikaanse bank zijn, dan heb je dit indirect toch maar op je geweten. Maar ja, het kan gewoon niet anders. Als wij de ontwikkelingshulp niet verminderen dan moeten volgend jaar de lonen weer bevroren worden en dat zou toch uiterst irritant zijn.

Gelukkig streven de V.N. ernaar dat er in 2015 nog maar maximaal 400 miljoen hongerenden in de wereld mogen zijn. Ik vind dat wel een fijn idee, nog maar vierhonderd miljoen knorrende maagjes. Dat slaapt wel zo lekker. Eigenlijk maakt het me gevoelsmatig niks uit of het er een miljard zijn of een miljoen. Het is sowieso niet eerlijk dat er überhaupt mensen met honger naar bed moeten, of dat moeders hun kind niet genoeg kunnen geven.

Ik ben vanavond uit 'wokken' geweest. Drie keer opgeschept. En daarna nog ijs. Pfff, wat een vol gevoel heb je dan. Ook niet prettig. Sorry voor dit misplaatste grapje maar de honger in de wereld ga ik niet oplossen. Als ik het kon, zou ik het doen. Helaas is voedsel geen water of lucht. Dat gewoon stroomt van de plek waar teveel is, naar de plek waar te weinig is. En het is mooi hoor, even stilstaan bij de honger in de wereld, maar ook wel schijnheilig. Want ik wil er natuurlijk niet constant mee lastig worden gevallen, want dan valt er nog zo weinig te lachen hier. Trouwens, de oplossing voor de honger vindt u bij Wok Loolaan in Apeldoorn. Onbepelkt eten en dlinken vool zesentwintig eulo vijftig.

Waterpokken-zeer besmettelijk! (deel 2)

Tammar heeft de waterpokken. Dat vermoedden zowel Linda als de huisarts. Niet dat Linda hypochonder is maar ze moest toevallig toch bij de dokter zijn voor een waterknie en dus heeft ze het gelijk maar even aangestipt, die waterpokken. Misschien weten sommige die-hards nog dat Hans de waterpokken had, toen hij 317 dagen oud was. Tammar heeft ze op 294-dagige leeftijd reeds. Nu gaat hier in Vaassen het gerucht dat baby's die vóór hun eerste levensjaar de waterpokken krijgen, ze op latere leeftijd nog een keer kunnen krijgen. Linda vroeg aan de dokter of dat waar was, maar volgens de dokter was het een fabeltje want hij had het nog nooit meegemaakt. Maar ja, als je toch niet naar de dokter gaat met waterpokken, hoe kan zo'n dokter daar dan iets over zeggen? Het enige zinnige wat hij erover zei was: "Soa's, die kun je wel twee keer krijgen."

Geprhomoveerd.

Volgens Amerikaanse onderzoekers heeft homosexualiteit in de dierenwereld een functie. Het zou namelijk helpen de soort te laten overleven want homosexualiteit was waargenomen bij meer dan 1000 diersoorten.

Als voorbeeld komen de onderzoekers met twee lesbische albatrossen die samen een nest met jongen groot brengen. De onderzoeker concludeert dat de functie hiervan is, dat in geval van een tekort aan mannetjes, de jonkies toch worden grootgebracht zodat de soort niet in gevaar komt. Juist, maar wat heeft dat met homosexualiteit te maken, vraag ik mij af?
Ander voorbeeld, de functie van homosexualiteit bij sprinkhanen. Vooral de zwakkere mannetjes zouden homo-koppels vormen zodat de zwakke genen niet worden doorgegeven en de sprinkhaan als soort sterker blijft. Briljante conclusie. Ze zouden natuurlijk ook gewoon op de treinrails kunnen gaan zitten, die zwakkere sprinkhanen, dan worden de zwakke genen ook niet doorgegeven. Of ze masturberen gewoon achter een paardebloem als ze sexueel opgewonden raken. Wij leerden vroeger op school dat zwakkere sprinkhanen eerder het slachtoffer werden van een sterke vogel. Wat verandert alles toch waar je bij staat.
Laatste voorbeeld, dolfijnen. Dolfijnen (Joehoe, het is hier dolfijn) zouden homofiele gedragingen vertonen om zo het onderlinge groepsgevoel te versterken. God verhoede dat er niet ooit eens een mislukte manager (die dus van geluk mag spreken dat hij niet als sprinkhaan is geboren) op het idee komt dat hij op zijn afdeling het groepsgevoel op één of andere manier wil gaan versterken.

Tot slot helpen de onderzoekers hun eigen conclusies om zeep door te stellen dat een mannetje dat besluit zich op het pad der herenliefde te begeven, niet meer beschikbaar is om zich voort te planten en zo de soort in gevaar brengt. Dat leer je dan toch allemaal weer even gratis bij op een woensdagavond.